Oprecht last van het onrecht in de wereld

Karel Glastra van Loon, vrijdag op 42-jarige leeftijd overleden, dacht en schreef graag tegen de tijdgeest in. Hij was een van die mensen die oprecht last hadden van de ellende en het onrecht in de wereld...

Ironie, daar hield hij niet van. En van cynisme nog minder. Hij vond zo'n negatieve, wegwerpende levenshouding 'de ziekte van onze tijd'. Karel Glastra van Loon dacht en schreef graag tegen de tijdgeest in. Dus toen eind jaren negentig het neo-liberale marktdenken in de mode was, schreef hij vlammende stukken over wat hij als betonrot in de samenleving beschouwde: de verwaarlozing van zorg en onderwijs, de biotechnologie, de macht van de multinationals, de steun aan de 'illegale' oorlog tegen Irak.

Hij was een van die mensen die oprecht last hadden van de ellende en het onrecht in de wereld. En hij voegde daar zelf graag aan toe: 'Daar zouden meer mensen last van moeten hebben.'

Ook in zijn literaire werk is cynisme ver te zoeken. De personages in Vannacht is de wereld gek geworden (1997), De passievrucht (1999), Lisa's adem (2001) en De onzichtbaren (2003) overkomt een hoop ellende, maar verbitterd raken ze nooit. Ze hebben een rotsvast vertrouwen in de liefde. 'God is liefde, Bo', zegt de hoofdpersoon Armin in De passievrucht tegen zijn zoontje, 'en de liefde, dat is God. Daar zijn veel misverstanden over. Want het eerste, dat wordt wel geloofd, maar het tweede, dat geloven maar weinigen.'

Niet dat Glastra van Loon veel ophad met de God van de kerken. Hij was er wel mee opgegroeid. Hij werd op 24 december 1962 in Amsterdam-West geboren als middelste in een gezin van vijf kinderen, en werd hervormd opgevoed. Thuis werd hem geleerd dat het niet paste te leven voor eigen materieel gewin. In zijn puberteit ruilde hij God in tegen het socialisme. Hij werd lid van de PSP, liep mee in demonstraties en voerde actie.

Maar de linkse intellectuelen keken verstoord op als hij in zijn kekke leren jekkie kwam binnenlopen. Hij hield niet van hun eindeloze getheoretiseer, hij wilde iets doen. Na korte tijd geschiedenis te hebben gestudeerd, werd hij bijstandsmedewerker bij de Sociale Dienst; zo kon hij meer betekenen voor de minderbedeelden.

En hij bleek zich thuis te voelen bij het 'volkse' socialisme van de SP. Hij werd geen lid, maar schreef in 1993 een boek over de SP'er Remi Poppe, trad in 1994 toe in een brainstormgroep die adviseert hoe de SP het beste naar buiten kon treden. Na zijn literaire debuut in 1997 bleef hij actief als journalist, en voor de SP.

In 2000 publiceerde hij samen met Jan Marijnissen De laatste oorlog, over de vraag wat er te leren valt uit van de oorlog in voormalig Joegoslavië. Zijn laatste boek, geschreven met Kees Slager, dat begin dit jaar uitkwam, is het verslag van een serie gesprekken met Jan Marijnissen, getiteld Hoe dan, Jan?

Glastra van Loon koos partij, als schrijver en als journalist. Populisme schuwde hij niet; via de media voor �de gewone man� kon hij een groot publiek bereiken. Hij begon zijn journalistieke carriÿre bij Libelle, waar hij het bruidspaar van de week portretteerde. Begin jaren negentig was hij redacteur van Nieuwe Revu, dat onder hoofdredacteur Derk Sauer in de jaren tachtig een groot links publieksblad was geworden, met als adagium 'Seks, socialisme, sensatie'. Hij reisde veel en schreef reportages op plaatsen waar het gistte. Hij stond in Peking op het Plein van de Hemelse Vrede toen daar de tanks kwamen aanrollen.

Zijn eerste verhalenbundel werd nauwelijks opgemerkt. Dat lot leek ook zijn eerste roman, De passievrucht beschoren. Het boek werd aanvankelijk nauwelijks in de pers besproken. Maar het kreeg de Generale Bankprijs 1999 en werd daarna ineens een verpletterend verkoopsucces. Het werd een favoriet 'lijstboek' voor middelbare scholieren. Inmiddels is het boek verfilmd (2002) en vertaald in dertig talen - waarmee het de meest vertaalde Nederlandse roman aller tijden is geworden.

Het succes moet Glastra van Loon overdonderd hebben. Ineens was hij, die niet maalde om geld en glamour, rijk en beroemd. Het was hem gelukt om zonder concessies te doen aan zijn overtuigingen een enorm publiek te bereiken.

Succes is niet te voorspellen, maar De passievrucht had wel alles in zich om geliefd te worden. Het is een gedreven verteld, met medisch-genetische wetenswaardigheden doorspekt verhaal over een man die ontdekt dat hij niet de natuurlijke vader kan zijn van zijn 13-jarige zoon. Maar wie dan wel? De moeder van het kind is overleden. De man gaat op zoek naar de 'dader', wat de roman de vaart geeft van een whodunit. Maar de romantische touch ontbreekt niet: de waarheid lost niets op; alleen liefde is in staat de wrok over het verleden te overwinnen.

Karel Glastra van Loon zal misschien de geschiedenis ingaan als de schrijver van ��n zeer succesvol boek. Toch schreef hij nog twee romans, Lisa's adem en De onzichtbaren. Ook dat werden verkoopsuccessen, maar de kritieken op het boek waren niet onverdeeld positief.

Beide zouden gebukt gaan onder een zwaar aangezet goed- kwaad-schema. Lisa's adem is ook te lezen als een zoektocht, door onprettige regionen van de samenleving, naar een geheim dat een verdwenen geliefde met zich meenam. Voor het schrijven van De onzichtbaren verbleef de schrijver enkele maanden in Thailand, op verzoek van de Stichting Vluchteling. Hij sprak er met Birmese vluchtelingen, verjaagd door het dictatoriale regime in Birma.

Met zijn roman, een verzonnen, geromantiseerd verhaal op basis van feiten, wilde hij aandacht vragen voor de werkelijke nood van deze vergeten groep � een opzet die hier en daar wrong. Het tekent Glastra van Loon, gedreven door woede �n romantiek, dat hij fictie een beter middel vond om wantoestanden onder de aandacht te brengen dan non-fictie: het bereik van zijn romans is immers vele malen groter.

Vijf jaar geleden werd hem door Het Parool gevraagd als welk personage hij na zijn dood wilde terugkeren. 'Als Jody uit Jody en het hertejong', antwoordde hij. 'Zo'n paradijselijke jeugd, midden in de wildernis met overal beren en gevaar - geweldig toch?'

In januari 2004 vertrok hij naar Amerika, als gastdocent in Ann Arbor. Terwijl hij aan het sleeën was met zijn kinderen, werd hij onwel. Het bleek een hersentumor.

Anderhalf jaar lang deed hij er alles aan om te genezen, met groot optimisme. 'Ik ben nog steeds van plan om 93 te worden', zei hij in juni 2004 tegen Bram Bakker tijdens een openbaar optreden. Maar de ziekte won. Hij stierf, 42 jaar oud, vader van drie jonge kinderen en nog maar aan het begin van een tegendraadse, wonderlijke literaire loopbaan - dat is de wereld op zijn alleronrechtvaardigst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden