Op elke straathoek een botsing

Het smakelijk opdienen van het zwartste zwart gaat Aravind Adiga goed af in Tussen de aanslagen, zijn nieuwe roman na het met de Booker Prize bekroonde De witte tijger....

Al met zijn vorige roman De witte tijger toonde de Indiase auteur Aravind Adiga (1974) zich een vaardig en cynisch verteller. De roman werd bekroond met de Man Booker Prize 2008 en wereldwijd vertaald. Het vermogen lezers met personages te confronteren en in situaties te brengen die zij normaal graag vermijden, openbaart Adiga ook in zijn nieuwe roman Between the Assassinations (Tussen de aanslagen).

Met verve en een natuurlijk gevoel voor stijl trekt Adiga zijn lezers een op het eerste gezicht kleurrijk, maar bij nader inzien asgrauw universum binnen. Onaangedaan beschrijft hij een wereld waarin de leugen niet slechts regeert, maar ook wordt gecelebreerd. De enkelingen die daartegen in opstand komen hoeven bij hem op geen enkele compassie te rekenen. Het is hun lot in het goede te geloven, een misschien prijzenswaardige domheid die hen ketent aan de laagste maatschappelijke treden of tot waanzin brengt. Dit speciale register – het smakelijk opdissen van het zwart – beheerst Adiga als weinig anderen. Zelden kreeg ik met dergelijke overtuiging en vaart zoveel geknakte en mislukte levens opgediend die me ook nog bijblijven.

De auteur mag weinig compassie tonen, de lezer is er wel toe geneigd, juist geholpen door de objectiviteit van de auteur. Door verbeeldingskracht en stijl weet Adiga aannemelijk te maken dat zelfs het geringste leven uniek en onverwisselbaar is, om dat te doen beleven dwingt hij de lezer bijna letterlijk in het stof. Hij toont de onderkant van het bestaan, waar al het kwaad neerslaat en al het andere wordt vertrapt.

Tussen de aanslagen speelt zich af in de provinciestad Kittur in een periode dat althans het stedelijke India zich razendsnel begint aan te passen aan de moderne wereld, tussen de moord op Indira Ghandi in 1984 en de moord op haar zoon Rajiv in 1991.

Over die beide historische feiten bericht Adiga verder niet, wel geven ze aan de roman vanaf het begin een explosieve sfeer. De roman is een amalgaam van spanningen: politieke, sociale en religieuze. Spanningen tussen moslims en hindoes, tussen oude afspraken en structuren en de nieuwe dromen die uit het rijke Westen komen aangewaaid, tussen kasten en klassen.

Op elke straathoek, in elke fabriek, in elke riksja stuiten mensen met verschillende maatschappelijke achtergronden en ambities keihard op elkaar. Overlevingsdrang botst op hebzucht, idealen stuiten op het contract tussen machtigen en rijken. Integriteit en een oprecht verlangen het goede te doen blijken zwakke ambities tegenover meer algemene en eenvoudiger menselijke driften.

Als er iets overeind blijft in deze roman dan misschien de gedachte dat het om te slagen het beste is alle idealen overboord te gooien en mee te gaan met de grote golfbeweging uit het Westen. Er is maar één winnaar en dat is het kapitalistische systeem.

Adiga beschrijft een stad als een zee van verhalen, zoals Balzac in de negentiende eeuw. Uit die zee vist hij schijnbaar willekeurig een aantal verhalen op, die hij tezamen presenteert als een roman. Met elk van zijn personages zet hij verhalen in beweging die gezamenlijk aan de stad structuur geven. Zo ontstaat de illusie dat de stad als geheel is te overzien, en daarbij exemplarisch is voor andere steden, een samenballing van menselijke strevingen.

Op nog een ander punt dringt zich de vergelijking met Balzac op. Tussen de aanslagen treft door de illusions perdues, de verloren illusies, de schrijnende teleurstelling die mensen over elkaars (en het eigen) gedrag kunnen hebben. Zoals de leraar die ontdekt dat zijn lievelingsleerling, een beginnend dichter, behalve in poëzie ook in pornografie is geïnteresseerd, de journalist die ontdekt dat zijn krant en hoofdredacteur volkomen corrupt zijn, de tuinman van lagere kaste die ondanks de enorme erotische spanning op het verbod stuit zijn rijke werkgeefster te benaderen.

En de zuiveren van geest, de idealisten? Zijn zij ten prooi aan zinsbegoochelingen, vervreemd van de werkelijkheid? Daar waar zij met een klein gebaar iets ten goede keren, blijkt dat hun strevingen niet altijd illusoir zijn, de auteur heeft ook hen gezien.Henk Pröpper

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden