reconstructie

Op deze foto van Hannie Schaft heette ze nog Jo en schoot ze nog geen nazi’s dood. Wie was zij?

Verzetstrijdster Hannie (Jo) Schaft in de Van Dortstraat aan het begin van de oorlog.  Beeld Noord-Hollands Archief
Verzetstrijdster Hannie (Jo) Schaft in de Van Dortstraat aan het begin van de oorlog.Beeld Noord-Hollands Archief

Het leven van verzetsstrijder Hannie Schaft speelde zich af in en rond de Van Dortstraat in Haarlem, net als dat van redacteur Paul Onkenhout. Hij onderzoekt haar drijfveren aan de hand van die ene foto.

Op een winterse dag in de oorlog, het zal 1940 of 1941 zijn, maakt leraar Pieter Schaft voor zijn huis in de Van Dortstraat in Haarlem een foto van zijn jongste dochter, Jo. Ze is student rechten aan de Gemeente Universiteit van Amsterdam, Jopie, wordt ze ook wel genoemd.

Ze heeft geen jas aan, ondanks de kou, en poseert onwennig met een flauw, wat uitdagend lachje. Ze ziet er netjes uit, en goed verzorgd. Haar kleding is donker, op een kraagje na, en ze draagt kousen. Achter haar liggen sneeuwresten op de grond. Verder weg zijn huizen te zien, een weiland en, links van haar, twee wieken van een molen.

De zon schijnt, haar schaduw is goed zichtbaar. Ze heeft haar schouders opgetrokken. De jonge vrouw schiet nog geen nazi’s dood en heeft haar naam nog niet veranderd in Hannie, een schuilnaam. Dat doet ze pas later, in 1944 als de Duitse Sicherheitsdienst de jacht op haar opent en ze haar rode haar zwart verft.

Dit verhaal gaat over de foto. De plek is bekend terrein. Net zoals verzetsheldin Hannie Schaft (1920-1945) woonde ik in de Van Dortstraat, zij op nummer 60, ik op nummer 20, zij van 1934 tot 1945, ik vanaf 1967. Mijn vader woont nog steeds in de straat die is vernoemd naar de Haarlemse schout tijdens het beleg door de Spanjaarden in de 16de eeuw, Adriaan van Dort.

Andere tijd, dezelfde ruimte

Waar Hannie Schaft was, kwam ik later, het scheelde maar een paar decennia. We groeiden op in andere tijden, maar deelden de ruimte. We zaten op dezelfde lagere school, de Tetterodeschool, en op dezelfde middelbare school, de Tweede HBS-B op het Santpoorterplein, in een latere tijd het Lorentzlyceum geheten.

We zwommen – dit is een aanname, van haar weet ik het niet zeker maar de kans is groot – in dezelfde ‘gemeentelijke zweminrichting’ aan de Kleverlaan, ‘Kleef’. Een kilometer verderop, in een ander zwembad, Stoop in Overveen, leerde ik zwemmen – en stal zij persoonsbewijzen en probeerde ze Duitse soldaten aan de praat te krijgen om inlichtingen te verkrijgen. Ze jatte er ook wapens, voor het verzet.

In het huis in de Van Dortstraat bracht ze twee vriendinnen onder, Philine Polak en Sonja Frenk, Joodse medestudenten met wie ze bevriend was. Heldhaftig was Hannie Schaft zonder twijfel en meedogenloos en roekeloos ook, vooral in het laatste jaar van de oorlog.

Het contrast met de foto in de Van Dortstraat is groot. Haar gewapende verzet moest nog beginnen, ze ziet er onschuldig uit, verlegen zelfs. Misschien is dat ook een reden dat de foto zo vaak wordt geplaatst bij verhalen over Hannie Schaft, het Meisje met het rode haar uit de roman van Theun de Vries uit 1956 en de gelijknamige film van Ben Verbong uit 1981, met Renée Soutendijk in de hoofdrol. Haar onschuld accentueert haar moed.

Over de foto in de Van Dortstraat is weinig bekend. Om te beginnen is de herkomst al onduidelijk. Het Noord-Hollands archief vermeldt de naam van Cees de Boer als maker, maar volgens zijn zoon Poppe, ook fotograaf, klopt dat niet. Het Haarlemse Fotopersbureau De Boer kreeg de foto in bezit en droeg de collectie van het familiebedrijf, zo’n twee miljoen foto’s, in 2013 over aan het Noord-Hollands archief.

Daar is Alexander de Bruin als conservator beeldcollecties een van de hoeders van de nalatenschap van Hannie Schaft. Eind vorig jaar kon hij een album met jeugd- en vakantiefoto’s van haar aan de collectie toevoegen, een onverwacht geschenk van een achternicht van de verzetsstrijdster. Uniek, noemt De Bruin het album, vooral omdat de eerste jaren van haar leven nauwelijks gedocumenteerd en beschreven waren.

Hannie (oorspronkelijke naam Jo) Schaft (rechts) met haar moeder Aafje en oudere zus Annie. Beeld  Noord-Hollands Archief
Hannie (oorspronkelijke naam Jo) Schaft (rechts) met haar moeder Aafje en oudere zus Annie.Beeld Noord-Hollands Archief

De dood van Anna

De foto’s tonen een liefdevol gezin. Het maakte de klap nog harder die de familie in 1927 trof. De oudste dochter, Anna, stierf in de armen van haar vader aan difterie, een ernstige besmettelijke ziekte. Ze was pas 12. De warmte en vrolijkheid in het gezin maakte plaats voor voortdurende ongerustheid en aanhoudende somberheid. De schaduw was inktzwart en zou nooit meer verdwijnen.

Op grond van oude topografische kaarten concludeert De Bruin dat de foto in een van de eerste jaren van de oorlog moet zijn gemaakt. Hij wijst op het weiland en de huizen op de achtergrond. De historicus twijfelt er niet aan dat Pieter Schaft de foto heeft gemaakt. ‘Wie zou het anders gedaan kunnen hebben?’

Het bewijs is opnieuw indirect. De Bruin pakt er vooroorlogse foto’s bij van een vakantie van het gezin Schaft. Omdat Pieter Schaft slechts op één foto staat concludeert De Bruin dat de andere foto’s door hem moeten zijn gemaakt. ‘Hij was dus amateurfotograaf.’ Ook een andere foto van Hannie Schaft, poserend in de Kleverlaan achter haar ouderlijk huis, schrijft hij aan haar vader toe.

In de Van Dortstraat is nauwelijks iets veranderd en aan de overzijde, de Heussensstraat met de molen, evenmin. Stadsarchitect Dumont had in 1919 plannen om het weiland te bebouwen en de molen te slopen. Haarlem leed onder ernstige woningnood en richtte de blik naar het noorden, maar Dumont werd net op tijd tegengehouden.

Wat Hannie Schaft zag, is nog steeds te zien. Het weiland achter haar is een restant van de ooit uitgestrekte Schoterveenpolder, een drassig veengebied. Tijdens het beleg van Haarlem (1572-1573) waren hier Spaanse soldaten en Duitse huurtroepen gelegerd. Hun aanvoerder was Don Frederik, zoon van de hertog van Alva.

Verzetsstrijder Hannie Schaft in de Van Dortstraat in Haarlem.  Beeld Noord-Hollands Archief
Verzetsstrijder Hannie Schaft in de Van Dortstraat in Haarlem.Beeld Noord-Hollands Archief

De poldermolen aan de voormalige Heussensvaart werd rond 1620 gebouwd en is een bekende Haarlemse blikvanger in het noordelijk deel van de stad, onderwerp op diverse ansichtkaarten. De molen en de leegte van de polder werden op 31 augustus 1911, Koninginnedag, vastgelegd door een fotograaf die was afgekomen op een grote gebeurtenis. Met zijn eerste vliegtuig, De Spin, vloog luchtvaartpionier Anthony Fokker die dag een rondje boven Haarlem.

Drieëntwintig jaar later, in 1934, verhuisde het gezin Schaft naar de Van Dortstraat, een straat in de vorm van een half gelukt hoefijzer tussen een gemeentelijk speelterrein en de Stadskweektuin. De forse ‘geschakelde middenstandswoningen’ met twee verdiepingen, ontworpen door architect Huib Tuninga, waren in 1932 en 1933 gebouwd. Pieter Schaft, zijn vrouw Aafje Vrijer en hun dochter namen hun intrek in het huis op nummer 60.

Eenzaam meisje

Hannie was toen 16, en eenzaam volgens getuigenissen. In Hannie Schaft - het levensverhaal van een vrouw in verzet tegen de nazi’s (1976) van journalist Ton Kors, beschrijven oud-klasgenoten en een nicht haar als een ambitieuze en leergierige eenling zonder vrienden die nauwelijks contact had met leeftijdsgenoten.

Ook tijdens de korte wandeling naar de HBS op het Santpoorterplein was ze altijd alleen. ‘Het was een klein meisje, dat altijd wat schuchter langs de huizen liep’, zegt de buurvrouw van nummer 58, R. Verwers, in het boek van Kors. ‘Ik heb haar nooit met een ander zien lopen.’

Haar ouders waren overbezorgd. Ze ging niet naar het Stedelijk Gymnasium in het centrum uit vrees voor een ongeluk op de fiets. Nicht Aaf Dil in Hannie Schaft: ‘Ze vormden met hun vieren een heel gelukkig gezin en toen dat. De dood van Annie heeft een enorme invloed gehad. De mensen kropen in hun schulp; ze waren ontzettend bang dat ze ook Jo zouden verliezen.’

Van haar ouders, socialisten met een groot rechtvaardigheidsgevoel en een internationale blik, kreeg ze haar engagement en politieke bewustzijn mee. ‘De wereld waarin we tegenwoordig leven, is een grote warboel’, schreef ze op de middelbare school in een opstel. Als kind maakte ze een tekening van een huis waarop ze in grote letters ‘vrede’ schreef.

Hannie Schaft Beeld Margot Holtman
Hannie SchaftBeeld Margot Holtman

In 2017 stelde ook de Haarlems historicus Peter Hammann een boek over Hannie Schaft samen, Hannie. Haar foto in de Van Dortstraat staat paginagroot in het boek en ook nog eens op de achterpagina. ‘Deze straat, vlakbij de Kleverlaan, ligt in een bijna polderachtige omgeving, met een weiland en een molen. Het uitzicht vanuit het ouderlijk huis is indrukwekkend’, schrijft hij.

Hammann kent de omgeving goed. Hij groeide op in de Heussensstraat, in het deel tegenover het in 1981 gesloopte zwembad Kleef. De aantrekkingskracht van de molen iets verderop was zo groot dat hij na een opleiding vrijwillig molenaar werd. In zijn boek tonen de makers op een bijzondere manier respect voor de verzetsstrijdster. Eric Coolen maakte een duistere tekening van de molen in de rouwstand, met kraaien en haar silhouet.

De molen

Kijkend naar de foto concludeert Hammann dat de molen in bedrijf was en de wieken draaiden toen Hannie poseerde. Hij wijst op de stand van de wieken. ‘Niet één molenaar zou zijn molen zo slordig in de ruststand zetten. De familie Schaft lijkt dit bijzondere moment te hebben aangegrepen om hun dochter op een speciale manier te vereeuwigen.’

Het ontbreken van zeil op de wieken zegt volgens Hammann niks. ‘Er was voldoende wind om zonder zeilen te kunnen draaien. De molen zal voor de show hebben gedraaid, niet voor het wegpompen van te veel water.’

Op twee andere foto’s die van Hannie Schaft zijn gemaakt in de Van Dortstraat, is op de achtergrond het ouderlijk huis van de historicus te zien. In zijn jeugd kreeg Hammann van zijn vader en een buurman vaak te horen dat verderop in de Van Dortstraat een jonge vrouw had gewoond die in de Tweede Wereldoorlog grote daden had verricht. ‘Hannie was daarna nooit ver weg.’

Hannie Schaft in de Van Dortstraat  Beeld Noord-Hollands Archief
Hannie Schaft in de Van DortstraatBeeld Noord-Hollands Archief

Toen haar naam vaak werd genoemd in een oorlogsdagboek uit 1945 van de Haarlemse Lizzy Krelage dat hij uitgaf, wist Hammann over wie zijn volgende boek zou gaan. Informatie over Hannie Schaft had de historicus in de loop der jaren al verzameld. Het boek moest worden geschreven, zegt hij.

Het boek van Ton Kors uit 1976 is volgens hem vooral waardevol vanwege de persoonlijke getuigenissen van mensen die haar goed hadden gekend, maar bevat veel fouten. ‘En archiefonderzoek heeft hij nauwelijks gedaan.’ Het tweede boek waarin het leven van Hannie Schaft wordt beschreven, Het meisje met het rode haar van Theun de Vries, is evenmin een goede bron, ‘want haar verhaal is zwaar geromantiseerd’.

Cruciale gebeurtenissen

Haar leven, zegt Hammann, is bepaald door drie cruciale gebeurtenissen. De dood van haar oudere zus Anna was bepalend voor de sfeer in het gezin. Haar studie rechten in Amsterdam stelde haar in staat de luiken te openen. Ze leefde op in Amsterdam, maar moest haar studie afbreken en het studentenleven beëindigen toen ze weigerde de door de Duitsers voorgeschreven loyaliteitsverklaring te ondertekenen.

In de zomer van 1943 keerde ze terug naar Haarlem. Sonja en Philine, de Joodse vriendinnen met wie ze samenwoonde in Amsterdam, gingen met haar mee. Ze doken onder in de Van Dortstraat, vanzelfsprekend. Haar ouders hoefden er niet eens over na te denken.

Hannie slaagde erin aansluiting te vinden bij de Raad van Verzet (RvV), waar ze twee vrouwen ontmoette met wie ze diverse aanslagen zou plegen, Truus en Freddie Oversteegen. De aanslag die ze samen met de communist Jan Bonekamp in juni 1944 pleegde op de Zaanse politiekapitein Willem Ragut, mislukte. Zij ontsnapte, maar haar vriend werd neergeschoten en opgepakt en noemde tijdens martelingen door SS’ers haar naam, en haar adres in Haarlem.

Ze dook onder. Haar ouders werden opgepakt en naar kamp Vught gebracht, om haar onder druk te zetten om zichzelf aan te geven. Na twee maanden werden ze vrijgelaten en keerden ze terug naar de Van Dortstraat.

Haar nicht Aaf Dil in het boek van Ton Kors: ‘Ik geloof dat ze op het laatst geen waarde meer aan het leven hechtte. Ze had al zoveel kameraden zien vallen.’ Hammann wijst op een opmerking die ze maakte tegen Freddie Oversteegen: ‘Ik word nog eens begraven in een mooie kist met de driekleur eroverheen en de koningin erbij.’ Zijn conclusie: ‘Ze zag geen toekomst meer.’

Begrafenis van Hannie Schaft, op 27 november 1945.  Tevens openstelling van de Erebegraafplaats voor 422 illegale strijders aan de Zeeweg in Overveen. Op de foto de rouwstoet op de Zijlweg.  Beeld Noord-Hollands Archief, Beeldencollectie van de gemeente Haarlem.
Begrafenis van Hannie Schaft, op 27 november 1945. Tevens openstelling van de Erebegraafplaats voor 422 illegale strijders aan de Zeeweg in Overveen. Op de foto de rouwstoet op de Zijlweg.Beeld Noord-Hollands Archief, Beeldencollectie van de gemeente Haarlem.

De vrouw die een paar jaar eerder door haar vader was vastgelegd in de Van Dortstraat, oogt blijmoediger. De eerste indruk van Hammann: ‘Ze is stoer, mooi en keurig netjes. En met wat fantasie lijken die wieken naast haar wel een gemankeerd engelenvleugeltje.’

Verborgen luik

In de Van Dortstraat is er niets dat aan Hannie Schaft herinnert. Het monument waarmee ze in Haarlem wordt geëerd, de Vrouw in het verzet, staat anderhalve kilometer verder aan de andere kant van het treinspoor, in het Kenaupark. Van Dortstraat 60 is wel het startpunt van een fietsroute die voert langs plekken van het verzet.

Het uitzicht vanuit de woonkamer op het weiland en de molen is formidabel. De huidige bewoner, Marco van Veen, vertelt dat er regelmatig wordt aangebeld door schoolkinderen die een spreekbeurt over Hannie Schaft houden. Ook bezoekers uit Amerika en Engeland komen langs.

‘Een verzetsman uit Engeland belde hier aan met de tranen in zijn ogen. En toen een lagere school een tocht had georganiseerd stond hier een juf voor de deur die was verkleed als Hannie Schaft, inclusief rode haren.’

Zijn vrouw en hij kochten het huis in 2004. De makelaar had niet vermeld dat het huis ooit werd bewoond door de familie Schaft, uit vrees voor ‘toeristische toestanden’, maar de geschiedenis was Van Veen bekend.

De buurvrouw op nummer 58, R. Verwers, leefde destijds nog. Van haar hoorden ze over een gebeurtenis die op de buurtgenoten destijds veel indruk maakte. Twee maanden na hun internering in kamp Vught waren Pieter en Aafje Schaft teruggekeerd in de Van Dortstraat. Ze waren komen lopen vanuit Vught.

Eén herinnering in het huis is tastbaar. Toen de familie Van Veen in 2004 aan een verbouwing begon en een kastenwand op de eerste verdieping werd weggehaald, stuitten ze op een luik; het luik dat de Joodse onderduikers in staat stelde om heimelijk te bewegen tussen de eerste en tweede verdieping. Van Veen laat foto’s zien. ‘We hebben het luik laten zitten, uit respect.’

Sonja Frenk probeerde in oktober 1943 te vluchten naar Zwitserland. Niemand vernam meer iets van haar, ook haar vriendin Hannie niet, tot na de oorlog toen bekend werd dat ze was opgepakt in Lyon en kort daarna door de Duitsers was vermoord in Auschwitz.

Philine Polak verliet het huis in de Van Dortstraat na de dood van Jan Bonekamp in juni 1944 en vond een nieuw onderduikadres in Amsterdam. Ze overleefde de oorlog.

De dood van Hannie Schaft

Jo Schaft, Hannie, werd op 21 maart 1945 opgepakt bij een wegversperring in Haarlem-Noord, de zogenaamde Mauer-muur op de hoek van de Jan Gijzenkade en de Rijksstraatweg. Ze was in bezit van illegale kranten, Vrij Nederland en De Waarheid, en een revolver. In de gevangenis werd ze herkend door Emil Rühl van de Sicherheitsdienst.

Pistool van Hannie Schaft. Beeld Noord-Hollands Archief
Pistool van Hannie Schaft.Beeld Noord-Hollands Archief

Op 17 april, minder dan drie weken voor de bevrijding, werd ze geëxecuteerd in de Kennemerduinen bij Bloemendaal. De Duitser Mattheus Schmitz en de Nederlander Maarten Kuiper schoten haar in het achterhoofd en begroeven haar haastig in het zand.

Wekenlang verkeerden Pieter en Aafje Schaft in onzekerheid over het lot van hun enige kind. Hun hoop dat ze zich in veiligheid had gebracht, werd op 21 mei de grond in geslagen. Officier van justitie Sikkel, een oud-verzetsman, bracht het echtpaar ervan op de hoogte dat Jo was vermoord.

Een dag later schreef Pieter Schaft in een brief aan zijn familie: ‘Beste allemaal, wat we vreesden is werkelijkheid gebleken: onze enige schat, onze lieve Joop, is door de Gestapobeulen op het allerlaatste ogenblik (17 april waarschijnlijk) om het leven gebracht. We zijn met ontzetting geslagen en ik kan dan ook niet meer schrijven.’

Op 1 juni werd haar stoffelijk overschot opgegraven in de duinen en naar het mausoleum van de Algemene Begraafplaats aan de Kleverlaan gebracht, op een paar honderd meter van het huis in de Van Dortstraat. Pas op 20 juli 1945 brengen Pieter en Aafje Schaft het nieuws over de dood van hun dochter met een rouwkaart in de openbaarheid.

‘Tot onze diepe smart bracht een ingesteld onderzoek de officiële bevestiging van het ontstellende bericht, dat ons enig kind, onze innig geliefde dochter J. Johanna Schaft, Jur. Candidate, oud 24 jaar, op 17 april door de Duitse SD van Amsterdam om het leven is gebracht.’

Onder het huisadres, Van Dortstraat 60 in Haarlem, hebben de ouders van Hannie Schaft een verzoek geschreven: ‘Liever geen bezoek.’

De rouwkaart voor Hannie Schaft.  Beeld Nationale Hannie Schaft Stichting
De rouwkaart voor Hannie Schaft.Beeld Nationale Hannie Schaft Stichting

Naar aanleiding van haar honderdste geboortedag maakte de NOS vorig jaar een programma over Hannie Schaft. In 100 jaar Hannie Schaft staat de herdenking in de Sint-Bavokerk in Haarlem centraal, maar worden ook beelden getoond van haar ouderlijk huis in de Van Dortstraat. Historicus Peter Hammann, schrijver van een boek over Hannie Schaft, wordt geïnterviewd.

Het Hannie Schaft-monument in het Haarlemse Kenaupark. Het beeld werd gemaakt door Truus Menger-Oversteegen die tussen 1943 en 1945 bevriend was met Hannie Schaft en ook actief was in het verzet.  Beeld Noord-Hollands Archief
Het Hannie Schaft-monument in het Haarlemse Kenaupark. Het beeld werd gemaakt door Truus Menger-Oversteegen die tussen 1943 en 1945 bevriend was met Hannie Schaft en ook actief was in het verzet.Beeld Noord-Hollands Archief
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden