Oorlog en geweld inspireren nieuwe zomercollecties

Vechten of vluchten? De oorlog in Syrië en de terroristische aanslagen inspireren tot mannenmode die vertrek-proof is.

Modellen presenteren de collectie van de Japanse ontwerper Yohji Yamamoto tijdens de Parijse mannenmodeweek. Beeld epa

Als Dries Van Noten na afloop van zijn show de pers te woord staat, maakt hij zich daar niet met een stuk of twee standaardzinnen vanaf. De Belgische ontwerper, die donderdagavond een show gaf in een sportcomplex in het 12de arrondissement van Parijs, neemt de tijd. Hij vertelt bevlogen over ambachtelijke handwerktechnieken en de prints uit de 16de, 17de en 18de eeuw die hij in de collectie heeft verwerkt. Hij pakt er in zijn enthousiasme zelfs een jas bij.

Krap een kwartier eerder was die jas - een grote patchwork parka tot net over de knie - nog op de catwalk te zien, op een schonkige jongeman met halflang haar. De betrokkenheid waarmee Van Noten wijst naar de verschillende stoffen die voor de jas zijn gebruikt - van alle stoffen uit de collectie is een klein stukje in deze jas verwerkt - is een zeldzaamheid aan het worden. Ontwerpers zijn tegenwoordig creative directors die verantwoordelijk zijn voor soms wel acht collecties per jaar.

Ze overzien het grote plaatje, zetten de lijnen uit en bemoeien zich tot en met de marketing en de inrichting van de winkels. Maar ondertussen kennen ze niet meer ieder kledingstuk van binnen en van buiten, zoals Van Noten. Hij laat in de bloedhete backstageruimte op zijn gemak zien hoe decoratief de gestikte strepen op de stof zijn, en hoe ze een gewatteerd effect geven.

De patchwork parka uit de collectie van Dries van Noten. Beeld Team Peter Stigter

Maison Martin Margiela en Louis Vuitton

'Ik haal het meeste plezier uit het maakproces van kleding: het zoeken naar de perfecte constructie van een jasje en de samenwerking met fabrikanten die mijn ontwerpen in elkaar kunnen zetten. Het is moeilijk dat allemaal te vinden in een bestaande job. Daarom ben ik voor mezelf begonnen', zegt de Nederlandse Paul Helbers een paar dagen later in zijn showroom in het Atelier Néerlandais.

De ontwerper presenteerde afgelopen week zijn tweede collectie onder eigen naam. Goed ingewijde modetypes kennen hem al langer: Helbers, die in 1994 afstudeerde aan de Gerrit Rietveld Academie en tijdens zijn studie voor Mac & Magggie werkte, is een van de grote Nederlandse successen in het buitenland. Hij was een paar jaar ontwerper van de mannenmode van Maison Martin Margiela en van 2005 tot 2011 was hij verantwoordelijk voor de mannenmode van Louis Vuitton.

Dankzij zijn ervaring draait zijn eigen merk op het hoogste niveau mee. Zijn kleding is vanaf juli te koop bij, onder meer, webwinkel mrporter.com, CorsoComo in Milaan en Barneys in New York. Helbers maakt geen spektakelstukken, maar klassieke mannenkleding met casual details. Het silhouet is los en relaxed. Zo is aan de binnenkant van zijn jasjes geitenhaar verwerkt in plaats van paardenhaar, zodat ze soepeler vallen.

Helbers gaf bewust geen show. 'Dan moet je overdrijven om een punt te maken. Ik vind dat de mannenmode al te veel gebaseerd is op hypes. Dat wil ik juist niet. Ik wil subtiele mode laten zien, kledingstukken die opvallen omdat ze zo mooi zijn gemaakt', aldus Helbers. De hang naar handwerk is een trend bij de Parijse mannenmodeweek en was ook te zien op de catwalk bij Walter Van Beirendonck, de Belgische ontwerper die dertig jaar geleden tegelijk met Van Noten zijn eerste show in Parijs gaf.

Handwerk

Hij liet woensdagmiddag in een leegstaande garage in de wijk Le Marais een kleurrijke collectie zien waarvoor hij had samengewerkt met diverse vaklieden. Zo had de Parijse breispecialist Cécile Feilchenfeldt kraaltjes verwerkt in transparante breisels en de Belgische kunstenares Jacqueline Lecarme maakte bijzondere plastic tops en haarstukken. Gerard van Oosten, afkomstig uit Staphorst, had op verschillende stoffen stippen gedrukt in een Van Beirendonck-achtig dessin van bloemen, smileys en W's - een geslaagde en eigentijdse interpretatie van de traditionele Staphorster stof met stippen.

Ook bij het bekende en invloedrijke Franse modehuis Louis Vuitton kwam handwerk voorbij, al zit creatief directeur Kim Jones allang niet meer zo dicht op zijn product als Van Noten, Helbers en Van Beirendonck. Maar Jones heeft een goed gevoel voor samenwerkingen: hij had het Britse kunstenaarsduo Jake en Dinos Chapman gevraagd om, in lijn met het safarithema van de collectie, illustraties van wilde dieren te maken. Die illustraties heeft hij zowel in zijden overhemden als tassen verwerkt - het moet raar lopen, willen die tassen geen hit worden.

Het Van Beirendonck-achtige dessin. Beeld Team Peter Stigter

Camouflage

Een andere belangrijke trend van komend seizoen is de camouflageprint. Die was onder meer te zien bij Van Noten, Valentino en Givenchy - vooral de laatste twee merken worden straks geheid gekopieerd. Bij Valentino hadden Maria Grazia Chiuri - die wordt genoemd als de opvolger van Raf Simons bij Dior - en Pierpaolo Piccolo de wollen jassen versierd met applicaties; de modellen droegen eigentijdse varianten op de klassieke legerjas. Bij Givenchy was de camouflageprint verwerkt in nylon jassen en rugzakken, die werden gedragen boven wijde broeken en grote sneakers.

Mode als spiegel van de tijdgeest: het is een bekende formule in de mode. Zo leveren de situatie in Syrië en de aanslagen in Parijs in het modecircuit een gemakkelijke verklaring voor de parade van op het soldatenleven geïnspireerde kleren op de catwalk. Bij die inspiratie op oorlog en geweld bleef het niet. Reizen - je zou ook kunnen zeggen: vluchten - is een van de belangrijkste thema's van de nieuwe zomercollecties.

Camouflageprint in de collectie van Dries van Noten.

Lekker praktisch

Hoe dat eruitziet? Zowel praktisch als sportief. Jassen verwijzen naar parka's en windjacks, veel kledingstukken hebben opvallend grote zakken en de modellen dragen veel laagjes, en veel tassen. Bij Givenchy werden zelfs opgerolde matjes op de rug gedragen, alsof de modellen gingen kamperen. Ook de mannen die zondagochtend te zien waren in de show van Lanvin zagen er dankzij de grote jassen en de gekleurde veters die als riem werden gedragen uit alsof ze zo de bergen in konden.

De grote gemene deler van de mannenmode van aankomende zomer is de casual mentaliteit. Zelfs bij het traditionele modehuis Hermès waren leren jasjes afgewerkt met details van het windjack en sleepten modellen met extreem grote tassen. Bij Lemaire droeg een van de modellen een mouwloze bodywarmer met flinke zakken over een klassiek colbert. Die praktische outfit is een treffende samenvatting van het nieuwe beeld: de modieuze man spiegelt zich niet meer aan een dandy, maar aan een nomade.


Anorak

Handig, nee, maar een nomade kan niet zonder.

Echt handig is het niet: een anorak is een jas met capuchon die je over je hoofd moet aantrekken. Maar wie volgend jaar zomer met de mode wil meedoen, ontkomt er niet aan. De anorak kwam in een heleboel shows voorbij. Die van Dries Van Noten heeft een 16de-eeuwse print, die van Kolor een etnisch printje en die van Dior Homme een grafische vlakverdeling en een vetersluiting. Het populaire Japanse merk Sacai liet zowel een bohemien anorak van oude dekens zien als een sportief nylon exemplaar. Waarom de anorak zo populair is? Het ontwerp past goed in de trend die uitgaat van de nomade als stijlicoon. Bovendien duiken sportieve elementen tegenwoordig overal in de mode op.

De anorak van Dior Homme. Beeld Team Peter Stigter

De wollen trui

Al is wol niet zomers, ergens ter wereld is vast wel koud.

Het klassieke modeseizoen, waarbij de winterkleren in september in de winkel hangen en de zomerkleren in maart, doet er steeds minder toe. Want hoewel afgelopen week de zomermode werd getoond, kwamen er volop wollen truien voorbij. Vooral de mohair truien met op Afrika geïnspireerde motieven van Louis Vuitton waren fraai. Dat zijn geen truien om in de zomer te dragen. Maar de meeste modemerken opereren wereldwijd en het is altijd wel ergens ter wereld koud genoeg voor een wollen trui. Daarnaast liggen de collecties steeds vroeger in de winkel: de eerste stuks van de zomercollectie zijn al in januari verkrijgbaar en de eerste stuks van de wintercollectie worden in juli geleverd.

De mohair trui uit de collectie van Louis Vuitton. Beeld Team Peter Stigter

Te korte broek

Een broek die net niet past, modieuzer kan haast niet.

Vooral in de show van Lanvin vielen de iets te korte broeken op. Veel broeken leken net niet te passen: ze waren vrij wijd van boven en liepen taps toe. Juist die misfit maakt de broeken zo modieus. Lucas Ossendrijver, de Nederlandse ontwerper die dit jaar tien jaar voor Lanvin werkt, is een kei in het maken van gewilde broeken. Hij is ook verantwoordelijk voor het model broek dat populair was onder bezoekers van de shows: een ruimvallende broek met lange, wijde en rechte pijpen. De voorlopers vervangen die in het voorjaar door een broek die net boven de enkels eindigt. Want ook bij Kenzo, Dior Homme en Haider Ackermann zijn de broeken aan de korte kant.

De iets te korte broek in de collectie van Lanvin. Beeld Team Peter Stigter

Vader en zoon

De opvallendste gast van dit seizoen was de 13-jarige Abe Chabon, zoon van de Amerikaanse schrijver en Pulitzerprijs-winnaar Michael Chabon. Abe is geobsedeerd door mode en geeft zijn zakgeld het liefste uit aan designerkleding. Zijn vader, die hem liefkozend Little Hypebeast noemt, begrijpt weinig van zijn zoons fascinatie. Om daar enig inzicht in te krijgen, ging hij met hem mee naar de shows. In de Amerikaanse GQ verschijnt later dit jaar een verslag van de ervaringen van vader en zoon.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden