Ook toneelwereld heeft ontdekt: vampiers zijn sexy, glamoureus en ultracool

Een ode aan de adel van de onderwereld

Dat vampiers glamoureus, sexy en ultracool zijn, wisten we al sinds de eerste Draculafilm. Nu heeft het toneel ze ook ontdekt. Vincent Kouters over zijn liefde voor de adel van de onderwereld.

David Bowie als vampier met psychische problemen in The Hunger (1983).

Vampiers zijn eng, sexy en, nou ja, vooral heel erg sexy. Of hij nou Lestat, Edward, Eli of Angel heet, voor iedereen met ook maar een romantisch bot in zijn lijf is de vampier een muze, een stijlicoon of zelfs een droombeeld. Wie ambieert er nou niet een oneindig lang en cool, bezonnebrild leven?

Officieel zijn vampiers natuurlijk monsters: ondoden, oftewel levende doden, die argeloze slachtoffers in de nek bijten om aan bloed, hun enige voedsel, te komen. Maar als we ze aan het werk zien in de talloze boeken, films, tv-series en nu dan ook op het toneel, dan zien we vaak geen monsters.

Apocalyptische glamour

Kijk naar de vampiers Adam en Eve (Tom Hiddleston en Tilda Swinton) uit Jim Jarmusch' film Only Lovers Left Alive (2013) en je ziet twee ultracoole rocksterren. Of naar de zwijmelvampiers uit de Twilight-reeks van Stephenie Meyer: lieve gothic tieners met superkrachten.

Of kijk naar de publiciteitsfoto's van Kinderen van Judas, de nieuwste theatervoorstelling van theatermaker Jeroen De Man bij Toneelgroep Oostpool en Het Nationale Theater. Jaloersmakende glamourfoto's zijn het, van vampieracteurs Vincent van der Valk en Majd Mardo: strak in het pak, met knalrode stropdassen en een blinkende grill over hun tanden.

Het is die apocalyptische glamour die de vampier écht onsterfelijk maakt. Er hangt een fascinerende zweem van begeerte, intelligentie, seks en dood om deze mythische wezens, die gedaan krijgt dat we geen genoeg van ze kunnen krijgen. Enkele jaren terug was er, mede dankzij de populaire Twilight-verfilmingen, een vampierhype en verschenen er aan de lopende band boeken, films en meer. Nu is eindelijk ook het theater gebeten door het virus. Het werd tijd.

Only Lovers Left Alive (2013).
Kinderen van Judas.

Zelf raakte ik twintig jaar geleden verslaafd aan de tv-serie Buffy the Vampire Slayer, met naast Buffy hoofdrollen voor de vampiers-met-een-ziel (en een gevoel voor humor) Angel en Spike. Het was het begin van mijn vampierfase, die zich voortzette in Vampire: The Masquerade. Dit is een Amerikaans rollenspel. Stelt u zich een groepje nerderige tieners voor die rond een tafel zitten, met een dobbelsteen rollen en doen alsof ze zich in de 'world of darkness' begeven, en u heeft een beeld.

Een vampierfase gaat nooit meer echt over.

Tekst gaat verder onder de foto.

Dracula (1992).

Onder ondoden staan vampiers bekend als de hoogste klasse, zeg maar de bovenste trede op de sociale ladder der monsters. Ver boven zombies en weerwolven. Niemand wil een zombie zijn, want: gadver. Weinigen willen een weerwolf zijn: te barbaars. Vampiers zijn daarentegen vaak intelligente, mooie, rijke wezens. Ze zijn de aristocraten onder de badguys. Wie onsterfelijk is, heeft alle tijd van de wereld om de schoonheid van de kunsten te bestuderen. Ze zijn belezen, erudiet en hebben oog voor esthetiek. Bovendien hebben ze flair. Een weergaloos voorbeeld hiervan is de uitbundige manier waarop acteur Gary Oldman Dracula speelt in Francis Ford Coppola's verfilming (1992) van het boek van Bram Stoker: de kostuums, de lach, de extatische manier waarop hij bloed van een mes likt. Smakelijke overacting, waarmee je normaal gesproken eigenlijk alleen op het toneel wegkomt.

Vampiers werden niet altijd afgebeeld als de adel van de onderwereld. Dat begon in de 19de eeuw, het tijdperk van de romantiek, toen gevoel en fantasie boven het verstand werden geplaatst. Daarvoor, in oudere volksverhalen, waren het vaak onooglijke monsters, zoals de vampier-achtige waterspuwers op de Notre-Dame in Parijs.

Een vampier met Kwade Vlekken

Vampierliefdes beginnen op jonge leeftijd. Kinderen houden van griezelen. Zelfs Sesamstraat heeft een huisvampier in de vorm van Graaf Tel. Het thema van de kinderboekenweek nu is: Gruwelijk eng. In dat kader is het griezelboek (8+) Een vampier met Kwade Vlekken van Daiënne Merkies uitgekomen. Het is na Een vampier van niks het tweede deel in de serie over de 10-jarige vampier Jonas. De familie van Jonas bestaat uit niet-doodbijtende vampiers. Jonas wil, zoals ieder kind, graag erbij horen, zonder dat zijn geheim aan het licht komt. Het is een verhaal over integratie en acceptatie.

Graaf Tel uit Sesamstraat.

Ongetemde lusten

De eerste verschijning van de moderne, 'beschaafde' vampier staat op naam van John William Polidori. In zijn roman The Vampyre (1819) treffen we de mysterieuze Lord Ruthven die naar Londen komt en daar vrouwen verleidt en vermoordt. Voor het eerst werd het onmens gecamoufleerd met een verleidelijk en beschaafd voorkomen. Polidori schreef een blauwdruk voor de vele, vele vampierverhalen erna. Van Bram Stokers Dracula uit 1897 tot en met de esthetisch verantwoorde vampiers van schrijfster Anne Rice uit de The Vampire Chronicles (1976-2016).

Vampiers zijn uiteraard ook geliefd om hun ongetemde lusten. In bijna alle verhalen speelt seks (of de onthouding daarvan) een grote rol. Ze drinken bloed, het liefst zuigen ze het rechtstreeks uit de mensen. De Engelse literatuurwetenschapper Christopher Frayling noemde vampiers niet voor niets 'haemosexual': hun verlangen naar bloed is zowel de basis van hun bestaan als een seksueel verlangen. Het seksuele motief heeft in de loop der tijd wel een andere betekenis gekregen. In de 19de eeuw waren vampiers vooral enge, vieze mannen, die onze ogenschijnlijk onschuldige vrouwen ophitsten.

Tekst gaat verder onder de foto.

Vampyr (1893) van Edvard Munch.

Later werd het seksisme omgedraaid en speelden ook vrouwen vampierhoofdrollen, bijvoorbeeld in Dracula's Daughter (1936). Mooier is het schilderij Vampyr (1893) van Edvard Munch, waarop een gepijnigd kijkende man in de armen van een vrouwelijke bloedzuiger ligt. Munch zelf noemde het werk Liefde en pijn. Volgens hem was het niets meer dan de afbeelding van een vrouw die een man in de nek kust. De één zegt kus, de ander zegt beet.

De jaren zeventig van de vorige eeuw voorzag ons van een dubieuze hausse aan lesbische vampiers in soft-erotische exploitatiefilms als Lust for a Vampire (1971) en Vampyros Lesbos (1971).

In de jaren negentig raakte de vampier geëmancipeerd. De mannelijke bloedzuigers troffen eindelijk sterke vrouwen tegenover zich. De gewelddadige vampier Angel ('Er gebeuren slechte dingen als ik seks heb') kreeg te maken met powervrouw Buffy (The Vampire Slayer) en wijdde prompt de rest van zijn bestaan aan het helpen van de hulpelozen.

Dracula's Daughter (1936).
Vampyros Lesbos (1971).

'Vegetarische' vampiers

Ook Sookie Stackhouse weet zich als sterveling in de tv-serie True Blood (2008-2014) zeven seizoenen staande te houden in een wereld waarin vampiers 'uit de kist' zijn gekomen, nadat een Japans bedrijf synthetisch bloed op de markt heeft gebracht. Bovendien overleeft ze een indrukwekkend aantal stomende seksscènes, waaronder eentje op het kerkhof met haar ondode vriend Bill, luttele seconden nadat ze hem heeft opgegraven.

En dan zijn er natuurlijk nog De Cullens uit Twilight. Zij noemen zichzelf 'vegetarische' vampiers, want ze drinken alleen dierenbloed. Adonis Edward Cullen (Robert Pattinson) eist van zichzelf zelfs totale abstinentie omwille van de veiligheid van zijn liefje Bella.

De vampiers van nu zijn eigenlijk nauwelijks nog slechteriken. Net als veel andere protagonisten van hedendaagse films, series en boeken zijn het vaak tragische helden, met hoogstens een duister randje. De tijd van acteur Klaus Kinski als oude kaalkop met konijnentanden in Werner Herzogs remake van Nosferatu (1979) is nu echt voorbij. Tegenwoordig hebben verhalen over vampirisme thema's als onthouding, verslaving of zelfs depressie.

True Blood (2008-2014).
Twilight.

Dat begon al in Tony Scotts film The Hunger (1983), waarin David Bowie een vampier speelt die psychische problemen krijgt wanneer hij na enkele eeuwen opeens weer begint te verouderen. Sowieso is die onsterfelijkheid een bron van veel problemen. Want het lijkt allemaal wel leuk in het begin, om eeuwen door te leven, maar na een tijdje slaat de existentiële verveling toe.

Hierover gaat Jim Jarmusch' Only Lovers Left Alive. Vampier Adam is suïcidaal. Waarvoor nog leven als je de complete wereldliteratuur al uit hebt, als iedereen om je heen sterft en als je ziet hoe de mensen de wereld aan gort helpen? Jarmusch zelf noemt zijn vampiers begripvol 'buitenstaanders'.

Tekst gaat verder onder de foto.

Béla Lugosi in Dracula, 1931. Foto getty

Jeroen De Man borduurt in zijn toneelvoorstelling Kinderen van Judas op dit gegeven voort. Hij voert Tristan ten tonele. Tristan zit al zeventig jaar tegen een burn-out aan. Alle bucketlists afgewerkt, zo goed als impotent, de mystiek is er voor Tristan wel een beetje af. Om hem te helpen organiseren Tristans vampiervrienden een spel, een rollenspel waarbij de vampiers 'gewone' sterfelijke mensen spelen, in de hoop zijn fantasie en levenslust te prikkelen. Vampire: The Masquerade, maar dan omgedraaid.

En daarmee lijken de afschuwelijke monsters van weleer zo goed als geïntegreerd in onze samenleving. Het zijn net mensen geworden. Met grotendeels dezelfde problemen en verlangens en af en toe een onfatsoenlijke uitspatting. Daarin schuilt nu juist de grote aantrekkingskracht: ze zijn net als wij. Maar dan altijd net iets cooler, spannender, geiler. Ja, wie ooit voor de vampiers is gevallen, komt nooit meer van die fascinatie af.

Bijt me.

Hoofd op hol

Hoe Jeroen De Man (regisseur Kinderen van Judas) Dracula bijna ontmoette.

De Man: 'Ik zag een schoolmusical genaamd Bloedgloed, gebaseerd op Dracula. Op het toneel stond een installatie met reageerbuizen en slangetjes waar bloed doorheen liep. Het was verbijsterend. Ik was 10. Mijn fantasie sloeg op hol. Ik las alles over vampiers. Mijn moeder nam me mee naar Coppola's Dracula. Ik begon te vermoeden dat ik misschien zelf ook een vampier was. Toen kreeg ik opeens een brief van Graaf Dracula. Hij vroeg of ik hem wilde ontmoeten. Dat kon, vlakbij ook nog, op landgoed Den Treek, bij die en die boom. Ik daarheen, doodeng, in mijn eentje. Tenminste, dat dacht ik. Mijn ouders, die alles hadden georganiseerd, stonden een boom verder verstopt. Maar goed, Dracula kon tóch niet komen. Wel lag er weer een brief, met daarin excuses. Ik ben altijd van vampiers blijven houden. Die liefde is ook het begin geweest van mijn latere liefde voor theater: de grootste gebaren, de effecten, de magie. Zonder Dracula was ik nu geen regisseur geweest.'

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.