Literatuur Boeken

Ook interessant, en wel hierom

Er verscheen deze week nog veel meer. Hier onze keus uit boeken die we ook graag even noemen.

Literaire helden trekken Annelies Verbeke uit schrijversdip

Annelies Verbeke, Deserteren. Beeld rv

Wie ligt daar in een modderige kuil? Het is de schrijver Annelies Verbeke (1976) die zich daar heeft ingegraven. Ze legt haar schrijverschap te ruste, deserteert. Maar dan wordt ze uit haar graf gesleept door haar ‘schaduwzijden’: de goeiige Moeke Verbeke, die de auteur op het hart drukt toch vooral líéf voor zichzelf te zijn, en de barse Maarschalk Verbeke, die vooral vindt dat de auteur zich niet zo moet aanstellen. Schrijven moet ze!

Ze tronen haar mee naar een heuse groepstherapiesessie, waaraan niet de minsten meedoen. Goethe en Thomas Mann zijn van de partij, en natuurlijk de jonge Werther, ‘wellicht de bekendste Hoog Sensitieve Persoon uit de literatuurgeschiedenis’. Hoe ga je als schrijvende ‘HSP’ om met alle turmoil rondom het vak; de kritiek, de teleurstellingen, de kortzichtigheid van lezers, het gebrek aan erkenning?

Verbeke schept met citaten van haar literaire helden een levendige conversatie. De auteur is met de novelle Deserteren uit de dood herrezen en marcheert weer mee. (Bo van Houwelingen)

Perquins voorlopige totaalbeeld van het moederschap

Ester Naomi Perquin, wij zijn de menigte die moeder heet. Beeld rv

In het gelukkigste geval voelen we ons gezegend én beklemd, meent samensteller en dichter Ester Naomi Perquin in het voorwoord van de bloemlezing Wij zijn de ­menigte die moeder heet, die aansluit bij het Boekenweekthema van dit jaar, ‘De moeder de vrouw’.

Die conclusie trekt ze uit het lezen van vele Nederlandstalige gedichten over het moederschap, en die ‘een voorlopig totaalbeeld’ moeten geven van de veelsoortige aspecten die aan dit thema verbonden zijn: liefde, kinderen, verwijdering, aftakeling, en de onverwoestbare loyaliteit. Een paar klassiekers ­(Vasalis, Gerhardt, Annie M.G. Schmidt, ­Wilmink), maar toch vooral recent werk van collega’s onder wie Radna Fabias, Maud Vanhauwaert, Albertina Soepboer en Mieke van Zonneveld (die op 21 september de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs uitgereikt zal krijgen voor haar debuut Leger). Omdat Gerard Reve ontbreekt, vermoedelijk gaven de erven geen toestemming, hier als aanvulling de onvergetelijke regels waarmee diens ‘Droom’ aanvangt: ‘Vannacht verscheen mij in een droom­gezicht mijn oude moeder,/ eindelijk eens goed gekleed’. (Arjan Peters)

Zelfgenoegzame elite krijgt schop onder achterste

Ruben van Zwieten, Elite gezocht. Beeld rv

‘Staande in die economische elite van Nederland zijn we ons de laatste jaren kapot geschrokken. Het verschil met de rest wordt te groot en er heerst structurele geestelijke armoede.’

Dat ‘de elite’ heeft afgedaan bij ‘het volk’ is bekend. Maar bovenstaand vonnis uit Elite Gezocht komt uit de hoogste kringen zelf. De ene auteur – Sander Schimmelpenninck – is hoofdredacteur van het rijkenblad Quote, de ander – Ruben van Zwieten, oud-preses van het Leidse studentencorps Minerva – is predikant en bekend als de ‘Zuidas-dominee’.

Het duo beschrijft de economische elite die de laatste decennia leidend is geworden – adviseurs, ceo’s, oud geld, nieuw geld. Hoofdstuk na hoofdstuk gaat het over een duikende groep bevoorrechten, die denkt en praat in spreadsheets, die haar kroost aan de juiste scholen en aan pandjes helpt en die meer geïnteresseerd is in haar positie in de Quote 500 of Volkskrant Top 200 dan in zingeving en gelijke kansen. Soms karikaturaal, maar verder een welkome en welgemikte schop onder het achterste van de vaak zelfgenoegzame Nederlandse elite. (Wilco Dekker)

Een rare ‘Hooiberg’, van de eigenzinnige Van Zomeren

Koos van Zomeren, Hooiberg. Beeld rv

Is Hooiberg, een bundel notities rond ‘louter onvergetelijke bijzaken’ inderdaad een ‘essentieel boek in het oeuvre van Koos van Zomeren’, zoals de uitgever aankondigde? Zelf liet de schrijver weten dat hij intens tevreden zal zijn wanneer iemand het een ráár boek vindt. Hij kan gerust zijn: raar is het ook. Hooiberg, het alter ego van de auteur, verbaast en verwondert zich in korte en langere stukjes, gedachten en enkele gedichten (‘Alles bijeen een hoop teksten die uit het niets zijn ontstaan’) over de wereld om hem heen. Dat gaat van herinneringen aan klasgenoten, de jonge hond die in zijn leven kwam of een alledaagse belevenis. ‘In Vorden, na een smal bruggetje over de Vordense Beek, staat hij even in de routebeschrijving te kijken. Daar komt een vrouw aanfietsen en ze roept hem toe: ik denk dat u naar rechts moet hoor. Achterhoekse behulpzaamheid. Maar even afstappen om een verhouding te beginnen, mooi niet.’ In al zijn raarheid is Hooiberg vooral onmiskenbaar Van Zomeren, kijker, denker, schrijver. Eigenzinnig en humoristisch. (Jean-Pierre Geelen)

Thieme schrijft heel leesbaar over haar vrolijke protestpartij

Marianne Thieme, Groeiend verzet. Beeld rv

De laatste weken liet Marianne Thieme, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren, zich interviewen door diverse media. Het ging vooral over haar recente ziekte en haar liefdesleven, waarover ze weinig wilde zeggen. Over de aanleiding, een nieuw boek (en een film), wilden de interviewers weinig vragen. In Groeiend verzet, haar vierde boek, beschrijft ze de oprichting van haar partij, de denkbeelden, reacties en de successen – over tegenvallers gaat het niet. Zeer leesbaar (met onder meer een gevatte passage over het verhullende taalgebruik van de jagerslobby) beschrijft ze zichzelf als activist (en mede-oprichter) van een ‘afschaffingsbeweging’, die niet zozeer uit is op een plek op het pluche, maar op invloed in het denken.

De vaste achterban zal er weinig nieuws in aantreffen, maar nieuwelingen vinden er een uitgebreid partijpamflet in. Mogelijk dat zij verrast worden door dit nieuwe beeld, dat nogal contrasteert met de sombere praktijken die de partij bestrijdt: ‘De Partij voor de Dieren is een uitgesproken vrolijke partij, omdat we weten dat we een voorhoede zijn, dat niets ons kan stoppen en dat we uiteindelijk zullen ­winnen.’ (Jean-Pierre Geelen)

Indrukwekkende bespiegeling van Pater Frans, gedood in Homs

Frans van der Lugt s.j., Wie ben jij, o liefde. Beeld rv

Als ‘Pater Frans’ werd hij wereldberoemd, toen hij in 2014 in het belegerde, Syrische Homs een vrije aftocht weigerde. Want hij wilde de mensen met wie hij zijn leven deelde, moslims en christenen, niet in de steek laten. Dat werd hem fataal – hij werd in het jezuïtenhuis van Homs vermoord.

Veel minder bekend is dat Frans van der Lugt s.j. uit een bankiersfamilie kwam (zijn broer Godfried werd ING-topman) en dat hij behalve priester en theoloog ook psycholoog was. Van dat laatste geeft hij blijk in het postuum uitgebrachte Wie ben jij, o liefde. Daarin observeert hij scherp hoe het in liefdesrelaties kan mislopen, zowel tussen geliefden als in relaties tussen ouders en kinderen.

Indrukwekkend in het licht van zijn eigen dood is zijn bespiegeling over de liefde die ­Jezus toonde voor de mensen die hem zouden doden: ‘Met innerlijke vrijheid deelt hij met hen in de pijn die aanwezig is in de diepten van hun kwaad’.

Zelf lijkt Van der Lugt daartoe ook in staat te zijn geweest. (Fokke Obbema)

De ongelukkige schooljongen, zijn moeder en de huurder

Moedertje lief. Beeld rv

Het examen Grieks wacht, voor de gymnasiast Vanja (13). Bij thuiskomst gaat hij op bed liggen. Hoe ging het, vraagt zijn moeder. Vanja begint te huilen. Moeder slaat de handen ineen, en de korte broek die ze aan het verstellen was, valt uit haar handen. Gezakt. Een onvoldoende. Hij voelt zich ongelukkig. Maar zij is dat ook: ‘Door jou ben ik mager als een lat, bruut, kwelgeest, gemene bezoeking die je bent! Ik betaal voor je, waardeloos stuk ongeluk, ik werk me krom, beul me af en ik lijd, kan je wel zeggen, en wat heb jij voor me over? Hoe leer jij?’ Maar dan komt tante binnen, en die geeft moeder de schuld: ze had die jongen ook nooit op het gymnasium moeten doen. Moeder zou hem afranselen als ze de kracht had, en vraagt haar huurder om haar zoon te straffen. Die huurder is een vrijgezel, die Leer uzelf dansen zit te lezen. Prachtig detail, en wat een levendigheid: in de vier pagina’s van ‘De gymnasiast’ schetst Anton Tsjechov (1880-1904) een hele wereld. Aai Prins vertaalde het verhaal, opgenomen in Moedertjelief, een bloemlezing met Russische moederverhalen, gekozen uit de rijke Russische bibliotheek van Van Oorschot. (Arjan Peters)

Boeken als bruggen tussen het oude en nieuwe feminisme

De nieuwe feministische leeslijst, Marja Pruis. Beeld rv

Welke boeken moet de moderne ­feminist hebben gelezen? In de ­zomer van 2018 diende die vraag als uitgangspunt voor een serie essays in weekblad De Groene Amsterdammer, op initiatief van schrijver en literatuurcriticus Marja Pruis. Die stukken, aangevuld met tien andere, zijn nu gebundeld in De nieuwe feministische leeslijst. Vooral vrouwen (Franca Treur, Xandra Schutte, Clarice Gargard en Volkskrant-medewerker Persis Bekkering) en een enkele man buigen zich over klassiekers als Beloved van Toni Morrison, De mythe van de moederliefde van Élisabeth Badinter, Achter de sluier van Fatima Mernissi en Orlando van ­Virginia Woolf (die laatste roman is opnieuw in Nederlandse vertaling uitgebracht door de uitgeverij die haar naam aan dat boek heeft ontleend, Orlando dus). Tussen het feminisme van de jaren zestig en dat van nu gaapt een kloof, schrijft Pruis, die deels te maken heeft met de tijdgeest, maar deels ook met een eigenaardigheid van het feminisme: ‘Vrouwen blijven elkaar de maat nemen en de les voorschrijven, terwijl ook kenmerkend is voor het feminisme dat iedere generatie het opnieuw moet uitvinden.’ (Wilma de Rek)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.