Architectuur Nooit gebouwd Den Haag

Ooit ooit Den Haag: de stad die er niet is, maar had kunnen zijn

Het Haags Historisch Museum toont tientallen gesneuvelde plannen.

Impressie van Bijenkorf bij nacht in Den Haag van architect J.F. Staal. 1923. Beeld Collectie Het Nieuwe Instituut

‘Het spijt mij Den Haag ooit gezien te hebben: ik heb er vijf jaren van mijn scheppende arbeid verknoeid en denk er sterk aan de gouden medalje (sic) terug te zenden’, schreef  Willem Dudok in 1953. Den Haag had een streep gezet door een nieuw regeringscentrum dat hij had ontworpen. 

Wel meer (al dan niet visionaire) bouwplannen van architecten, stedenbouwkundigen, wethouders en zelfs koningen zijn in Den Haag gestorven in schoonheid, van stadsmuren (16de eeuw) tot het Volksplein van Berlage (1908), van een ‘te moderne’ Bijenkorf (1924) tot de 140 meter hoge ‘Toren van Nervi’ (1962). Ook ingrijpende stedenbouwkundige ingrepen zijn afgeblazen, zoals een dubbele ringweg rond het centrum (1946-1980), de bouw van veertien ‘Bijlmerflats’ in de Schilderswijk (1986) en het plan-Waterman (1980): een extra kuststrook tussen Hoek van Holland en Scheveningen.

De expositie Nooit gebouwd Den Haag, nu in het Haags Historisch Museum, toont aan de hand van kaarten en maquettes hoe Den Haag er óók had kunnen uitzien. ‘Wat die nooit gebouwde stad zo fascinerend maakt, is niet zozeer het feit dat hij er niet is, als wel het gegeven dat hij er had kunnen zijn’, schrijft historicus en conservator Lex van Tilborg in het bijbehorende, rijk geïllustreerde boek. ‘Toch is het bij bestudering van veel plannen niet zozeer de waardering voor de bestaande stad die verbaast, maar juist het gebrek daaraan.’

Nooit Gebouwd Den Haag, Haags Historisch Museum, t/m 22/3. 

Een paleis voor koning Willem II (1838)

Koning Willem II wilde in 1838 een neogotisch paleis bouwen op landgoed Zorgvliet. Hij vroeg hiervoor de Engelse architect Henry Ashton, die meewerkte aan de verbouwing van Windsor Castle. De arme man maakte talloze ontwerpen van ‘middeleeuwse’ allure, maar Willem wist het telkens beter. Hij verbrak het contact met Ashton en speelde zelf voor architect, tot afgrijzen van zijn aannemers. Wat hij uiteindelijk zelf bouwde stond al snel op instorten en werd na zijn dood gesloopt.

Ontwerp voor een koninklijk paleis op landgoed Zorgvliet, Den Haag, Henry Ashton, 1838. Beeld Collectie Koninklijke Verzamelingen, Den Haag

De ‘M’ van Rem Koolhaas (2002-2010)

Op het winderige plein voor het Centraal Station zou een 93 meter hoge kantoorkolos komen van OMA, het architectenbureau van Rem Koolhaas. Hij plande ook drie ‘poten’ op de Koekamp, maar dat park bij het Malieveld is heilige grond. OMA kapte vervolgens de Koekamp-poten af. Geen punt, de Venus van Milo is ook mooier zonder armen. Het M-gebouw (2002) kende veel weerstand, maar de gemeenteraad stemde in 2010 in. Nog dat jaar werd de bouw vanwege de crisis uitgesteld en later afgeblazen.

Ontwerp Koningin Julianaplein (beter bekend als de M), OMA Office for Metropolitan Architecture, 2008-2010. Beeld OMA

Wereldhoofdstad van het Internationalisme (1905)

De pacifistische arts Pieter Eikman en architect Karel de Bazel ontwierpen in 1905 een Wereldhoofdstad van het Internationalisme in de duinen richting Wassenaar: een achthoekige stad waar wetenschappelijke samenwerking moest leiden tot wereldwijde verbroedering. Ook het Vredespaleis moest in dit ‘Athene van de toekomst’ komen. Berlage tekende in 1915 nog een Pantheon der Menschheid, maar het plan kreeg nooit steun. Wel groeide Den Haag uit tot ‘Internationale Stad van Vrede en Recht’. Voor de expositie bouwde Daniël Ernst de wereldhoofdstad in virtual reality.

Virtual reality-beeld van Daniël Ernst: Wereldhoofdstad van het Internationalisme, Den Haag. Beeld Daniël Ernst

Een Paleis der Staten-Generaal (1865)

Anno 2019 is er grote heibel over de renovatie van het Binnenhof. Hoe ‘luxe’ en hoe duur mag het worden? Niets nieuws onder de zon. Tientallen plannen zijn er sinds midden 19de eeuw voor het politieke en bestuurlijke centrum van het land gemaakt en gesneuveld. Zo wilde de liberale staatsman Rudolf Thorbecke een ‘paleis voor de beide Kamers der Staten-Generaal’. Afbreken van bestaande gebouwen vond de liberale voorman geen punt. Er kwamen 27 ontwerpen binnen, waarbij soms zelfs de Ridderzaal moest sneuvelen. Het leidde alleen maar tot verdeeldheid.

Ontwerp voor een Paleis der Staten-Generaal op het Binnenhof (1865) van Ludwig Lange. Beeld Collectie Nationaal Archief.

Ontwerp Willem Kromhout voor het Vredespaleis (1906)

In 1905 werd er een internationale prijsvraag uitgeschreven voor het Vredespaleis. Dat leverde liefst 216 ontwerpen op, goed voor meer dan 3.000 tekeningen. Tot teleurstelling van veel deelnemers koos de jury voor een ‘ouderwets’ neorenaissance-ontwerp.  Misschien wel het meest extravagante voorstel kwam van Willem Kromhout (de architect van het Americain Hotel in Amsterdam). Een criticus noemde Kromhouts Vredespaleis ‘een blanke Oostersche droom’, maar de jury vond het te gewaagd. 

Ontwerp voor het Vredespaleis, Willem Kromhout, 1906. Beeld Collectie Het Nieuwe Instituut
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden