Onzichtbaar, anoniem, almachtig

Hedendaagse boeken over China concentreren zich bijna altijd op de fabelachtige economische groei. Maar China’s enorme transformatie heeft de macht van de communistische partij geenszins gebroken, zegt Financial Times-journalist Richard McGregor....

Paul Brill

Laten we voor de aardigheid eens fantaseren dat er in Nederland een instantie is die gaat over de selectie en benoeming van het voltallige kabinet. Dat niet alleen, maar ook over de aanstelling van alle commissarissen van de koningin, de burgemeesters van steden met meer dan 100 duizend inwoners, de leden van de Hoge Raad, de president van de Nederlandsche Bank, de topmannen van ABN Amro en ING, de president-directeuren van de tien grootste ondernemingen, de rectores magnifici van alle universiteiten, het hoofd van de AIVD, alsmede de hoofdredacteuren van de Volkskrant, Trouw, NRC Handelsblad en De Telegraaf.

En om de opeenhoping van macht extra macaber te maken: deze instantie huist in een non-descript, naamloos kantoorgebouw. Wie het centrale telefoonnummer draait, krijgt een opgenomen boodschap te horen. Wordt er vanuit het kantoor naar een mobiele telefoon gebeld, dan ziet de ontvanger slechts een reeks nulletjes op zijn scherm.

Dit is geen geactualiseerde versie van George Orwells 1984, dit is China vandaag. De instantie met zo veel macht op zo’n breed terrein heet de Centrale Organisatie Afdeling en kan worden beschouwd als de afdeling personeelszaken van de communistische partij. Voor een Chinese partijleider is het van cruciaal belang dat de topposities van deze afdeling worden bezet door vertrouwelingen – pas dan heeft hij de partij werkelijk in zijn greep. De huidige partijleider (en tevens president) Hu Jintao is dat bijvoorbeeld pas gelukt aan het begin van zijn tweede ambtstermijn. Tot dan had zijn voorganger Jiang Zemin nog aanzienlijke invloed op de samenstelling van het partijapparaat.

De anonieme macht van de Centrale Organisatie Afdeling wordt uitvoerig en met veel saillante details beschreven in The Party – The Secret World of China’s Communist Rulers van Richard McGregor, van 2000 tot 2009 correspondent van de Financial Times in China. Het onderwerp van het boek is eigenlijk nogal ongewoon – zeker voor een journalist die is verbonden aan een krant waarin financieel-economisch nieuws de hoofdmoot vormt.

Hedendaagse boeken over China concentreren zich bijna altijd op de fabelachtige groei, belichten de opkomst van een nieuwe wereldmacht. De communistische identiteit wordt niet zelden als een relikwie afgedaan: op papier wordt in China nog steeds de communistische leer beleden, maar in de praktijk bloeit het kapitalisme. Al in de jaren negentig van de vorige eeuw liet mediatycoon Rupert Murdoch zich tijdens een officieel diner in Peking ontvallen dat hij op zijn reizen door China nooit een communist was tegengekomen.

Maar McGregor is juist gebiologeerd door het feit dat de enorme transformatie die China heeft doorgemaakt, de almacht van de communistische partij geenszins heeft gebroken. Ook niet in het economisch leven. Alle banken, alle grote ondernemingen worden geleid door lieden die aangesloten zijn bij en de zegen hebben van de partij. Allemaal beschikken ze over een beschermde hotline met de top van het Politbureau.

Als Murdoch geen communist is tegengekomen, komt dat doordat de partij erin is geslaagd tot op grote hoogte onzichtbaar te worden. Maar dit is geen goedkope verdwijntruc. ‘De Partij is net als God’, zegt een hoogleraar aan de Volksuniversiteit in Peking tegen McGregor. ‘Ze is overal, je kunt haar alleen niet zien.’ Maar zou Lenin uit het graf opstaan en China bezoeken, dan zou hij het communistische stelsel direct herkennen, want de de moderne Chinese staat ‘draait nog steeds op Sovjet-hardware’.

Kan deze hardware nog geruime tijd mee of loopt het systeem op afzienbare termijn toch spaak? Dat is de vraag der vragen over China. McGregor geeft er geen eenduidig antwoord op. Maar hij wijst er wel nadrukkelijk op dat China de systeemcrisis die sommigen al vele jaren jaren geleden voorspelden, tot nu toe met succes heeft weten af te wenden. De confrontatie met de kapitalistische wereldeconomie heeft het land niet kwetsbaarder, maar juist sterker gemaakt. Het is de economische crisis van 2008-2009 sneller en waarschijnlijk sterker te boven gekomen dan de Verenigde Staten en Europa.

De ontwikkelingsgang van landen als Zuid-Korea en Taiwan, waar de sterk gegroeide middenklasse geen genoegen meer nam met de politieke onmondigheid onder een autocratisch bestuur, heeft zich in China vooralsnog niet voorgedaan. Voor een deel doordat veel Chinezen, gedachtig de verschrikkingen van het maoïstische tijdperk, welhaast instinctmatig een rem zetten op hun emancipatiedrang en de boel niet op de spits drijven. Voor een ander deel doordat de partij geraffineerder is geworden in het onderdrukken van oppositionele krachten. Dissidenten en mensenrechtenactivisten worden resoluut aangepakt, maar uitingen van volksverzet worden vaak met omzichtigheid tegemoet getreden (of afgekocht).

Maar de legitimiteit van de communistische partij berust in hoge mate op voortgaande economische groei, die ook de levensstandaard blijft optillen. Op dat punt laten enkele onverkwikkelijke cijfers zich niet makkelijk wegpoetsen. Terwijl honderden miljoenen Chinezen nog steeds een armetierig bestaan leiden, wordt de binnenlandse consumptie kunstmatig laag gehouden en steunt de economie zwaar op export en buitenlandse investeringen. Daarmee zijn machtige financiële belangen gemoeid die zich tot diep in de communistische partij hebben genesteld. Tot de uitwassen hiervan behoren een gierende corruptie en een inkomensongelijkheid die van de communistische beginselen een lachertje maakt.

Deze ernstige anomalie is niet onherstelbaar. Daarvoor moet de partij dan wel bereid zijn diep in eigen vlees te snijden. Is dat voorstelbaar? Onderschat haar flexibiliteit niet, maant McGregor. Maar hij weet ook dat die flexibiliteit sterk afneemt als de alleenheerschappij in het geding komt.

Paul Brill

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden