REPORTAGENachtleven

Onzekerheid kwelt clubs in crisistijd: ‘We weten nóg niet of we begin september open mogen’

Beeld Maarten Huizing

De coronacrisis komt hard aan in het nacht- en clubleven. De sector staat achteraan in de rij voor een eventuele heropening en de frustratie bij clubeigenaren loopt op. Intussen jaagt de politie op verboden beats in de bossen.

Als iets de huidige crisis in het dance- en nachtleven moet typeren, dan toch maar deze scène van afgelopen weekend, opgetekend in een bos aan de rand van een grote stad in het midden van het land. Op een open plek aan een elegant beekje dansen honderd man, diep in de nacht, bij een paar aarzelende gloeilampen en een geïmproviseerde dj-set aan een zoemend aggregaat. Tot vanuit de stikdonkere bosrand zaklampen aan komen zweven, als geesten in de nacht. Politie.

Links en rechts schieten mensen het bos in. Geen zin in een diepgravend gesprek met een agent. Er komt versterking aan. Nog twee wagens met priemende koplampen. En boven het eens zo idyllische maar inderdaad zeer clandestiene dansparadijsje hangt ineens een helikopter. Als je geen hoop meer zou hebben op betere tijden, dan zou je zweren dat de dance-apocalyps is aangebroken.

Zeker: de coronacrisis raakt het culturele leven in de volle breedte, van theaters tot musea, bioscopen en concertpodia. Maar de dreun die de dance- en clubcultuur te verwerken krijgt, is misschien wel de zwaarste. Een knock-out hangt in de lucht. Wie een ronde maakt langs een aantal clubs voelt de moed ook bij zichzelf een beetje in de schoenen zakken – al is de ene clubeigenaar somberder dan de andere.

Geen zicht op verbetering

De deuren zijn gesloten, hoewel er hier en daar een op een kier staat. De toekomst is, zeker na de coronapersconferentie van afgelopen donderdag, ongewis, want er is geen zicht op verbetering. Tenten gaan omvallen of hebben de handdoek al in de ring gegooid, zoals de Amsterdamse club De School. Dj’s draaien niet of nauwelijks. En intussen steken in heel het land illegale feestjes de kop op en dwalen de zaklampen van de politie door de bossen, op zoek naar verboden vierkwartsmaten. Dancecultuur anno 2020. En wie weet hoe lang nog.

De allergrootste frustratie? Jorn Lukaszczyk, mede-eigenaar van de Utrechtse club Basis, somt graag een fikse rij ongerief op, maar het ergst is wat hem betreft de onzekerheid. Dat pijnlijke vraagteken dat nog steeds, ook na de laatste persconferentie van Mark Rutte en minister De Jonge, achter het clubleven staat. ‘Het is nu half augustus. En we weten nóg niet of we begin september open mogen. Dat begint onacceptabel te worden, voor de hele sector. Ik voel me vergeten en niet serieus genomen, en dat geldt voor veel collega’s.’

Toen half maart het complete Nederlandse cultuur- en uitgaansleven op pauze werd gezet, gingen de nachtclubs uiteraard ook op slot. ‘Met liefde en begrip’, zegt Lukaszczyk. ‘Natuurlijk wilden ook wij er alles aan doen om verspreiding van dat virus te voorkomen.’ Zijn club Basis, een house- en technotent aan de Utrechtse werfkelders met een capaciteit van zo’n 650 man, ging dicht. De aanstaande optredens van dj’s, die al een jaar op de agenda stonden, werden zoveel mogelijk verplaatst naar een later tijdstip. Maar welk tijdstip? 

Lukaszczyk keek net als zijn collega’s - en de rest van Nederland - naar de eerste persconferenties van de overheid, in afwachting van nieuws over zijn sector. Maar dat kwam niet. ‘We vielen tussen wal en schip. Het clubleven valt natuurlijk onder horeca. Maar het is ook cultuur. En ook een beetje evenement. Maar dat alles ook weer net niet.’ De verenigde horeca in Nederland ging zich na de eerste crisismaanden hard maken voor een geoliede heropenstelling van cafés, restaurants en terrassen. Maar Lukaszczyk had het idee dat de overheid het clubleven niet echt in het vizier had. 

Tot de persconferentie van 24 juni, waarin versoepelingen van de maatregelen werden aangekondigd, de nachtclubs plotseling apart werden genoemd, als categorie. In een niet-optimistisch stemmend rijtje. Terwijl cafés en restaurants, podia, theaters en musea weer honderd mensen binnen mochten halen, kregen de nachtclubs het volgende bericht te verwerken: ‘Discotheken en nachtclubs blijven dicht tot 1 september. Er komen nog regels voor zangkoren.’

Toen ging in het hoofd van Lukaszczyk een wekker af. ‘Ik dacht: we moeten dus met onszelf optrekken, voor onszelf opkomen.’ Met een aantal mede-clubeigenaren richtte hij de lobbygroep Nachtbelang op, waarmee hij voortvarend met de vuist op tafel ging slaan. Voornaamste doel: meepraten met de overheid, en samen met Koninklijke Horeca Nederland kijken hoe ook de nachtclubs konden ‘versoepelen’.

Nachtbelang kwam in juni met een ‘manifest’ en een aantal optimistische vooruitzichten voor de overheid. Lukaszczyk: ‘We stelden ook een eigen protocol op, een set regels waarmee het volgens ons haalbaar moest zijn om toch ook weer open te gaan, het liefst al op 1 augustus. We konden met een goed deurbeleid, goede ventilatie en eventuele leeftijdsgrenzen prima voldoen aan de voorwaarden die ook aan andere sectoren werden gesteld. Contactonderzoek kon ook prima worden gedaan want bij ons kopen bezoekers van tevoren een kaart, op naam. Dus die gegevens heb je al.’

Nachtclubs zijn al uitermate veilig, zegt Lukaszczyk, en daar lijkt volgens hem niet iedereen van doordrongen. ‘Ik heb het idee dat het beleid wordt gemaakt door mensen die al héél lang niet meer in een club zijn geweest. In alle clubs worden strenge regels gehanteerd, met datzelfde deurbeleid, met ventilatie, controle op drugsgebruik, EHBO, noem maar op. Dat is al jaren zo en dat probeerden we uit te leggen in dat manifest. Volgens ons konden de nachtclubs uitstekend, mét afspraken en dus soepel gereguleerd, opengaan.’

Nog altijd stil

Nachtbelang bood het manifest en het protocol aan in Den Haag. ‘En we kregen ook echt wel bijval van veel Kamerleden. Maar daarna bleef het stil. Heel frustrerend.’ En stil is het dus nog altijd: het nachtleven wacht op nadere instructies, maar het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat de clubs op 1 september, de datum die inclusief vraagteken erachter (zie kader) in het vooruitzicht was gesteld, ineens toch open kunnen. Vooral nu ook weer bij de laatste persconferentie is gewezen op risicogedrag van jongeren en besmettingen in horeca en ‘op feestjes’. 

Ergens snapt Leonardo Belloni, mede-eigenaar van de Amsterdamse club De Marktkantine, ook wel dat zijn sector helemaal achteraan staat als het gaat om heropening en versoepeling. ‘Het is erg wrang en soms voelt het zeer onrechtvaardig, maar iedereen snapt dat je nu niet met tweeduizend man opeengepakt in een club moet gaan staan. Dat is niet de formule om uit de coronacrisis te komen. Maar ook wij waren graag het gesprek aangegaan, om te laten zien dat we heel goed maatwerk kunnen leveren. Dat gesprek is er niet geweest, en dat frustreert behoorlijk. Juist omdat het nachtleven zo belangrijk is voor een stad, voor de hele jongerencultuur maar ook voor de dance, voor dj’s en artiesten. En natuurlijk al het personeel dat in deze sector werkt.’

Ook De Marktkantine, een zeer goed lopende nachtclub in Amsterdam-West met een capaciteit van rond de tweeduizend man, ging half maart in het slot. ‘We hadden een uitverkochte maand op het programma staan. Eerst dachten we: wat overkomt ons? Daarna gingen we aan de slag, probeerden realistisch te zijn: kijken wat er op je afkomt, en wat je kunt doen.’

Belloni en zijn managementteam van tien man voelden eerst vooral verantwoordelijkheid voor het personeel, van vaste medewerkers tot stagiairs, zzp’ers, beveiligers enzovoort. ‘We hebben op drukke avonden in totaal een man of veertig, vijftig op de vloer werken. Het was heel lastig, maar we hebben toch goede afspraken kunnen maken met iedereen, en hebben zeker nog niet drastisch hoeven reorganiseren.’ Ook dankzij de hulp van de overheid, en de tegemoetkoming in de loonkosten in de zogeheten NOW-regeling, waarvan ook nachtclubs gebruik kunnen maken. Belloni: ‘Wat dat betreft doet Nederland het niet slecht, vind ik, vergeleken met andere landen.’

Anderhalvemeterclubavond in De Marktkantine in Amsterdam.Beeld Maarten van der Kamp

Maar de maandelijkse rekensommen zijn voor alle circa honderdzeventig nachtclubs in Nederland uitermate pijnlijk, zegt ook Belloni. ‘De vaste lasten zijn hoog.’ Veel verhuurders in de cultuursector hebben de betaling de afgelopen maanden opgeschort, en ook De Marktkantine zegt goede afspraken te hebben gemaakt. Maar er zijn kostenposten waar je als niet-ingevoerde niet snel aan zou denken. ‘In De Marktkantine hebben we een geweldig licht- en geluidplan, er hangt hier echt een vermogen aan techniek. Daar betalen we maandelijks voor, aan verschillende leveranciers.’ Maar de club staat niet direct op omvallen’, zegt hij. ‘We zijn financieel redelijk gezond, hadden een buffer omdat we de afgelopen jaren gewoon stabiel hebben gedraaid. Maar ik kan me voorstellen dat het voor veel clubs heel moeilijk is, al kan ik natuurlijk niet in hun administratie kijken. Als je bijvoorbeeld net een grote investering hebt gedaan, wordt het lastig.’

Dat zegt ook Veronique Vesters, eigenaar van de grote Gemertse discotheek Time-Out. Haar club vervult een belangrijke rol in het uitgaansleven van jongeren in de hele regio, even ten noorden van Helmond. ‘Op een goede avond hebben we vijfduizend man over de vloer.’ Maar nu dus al vijf maanden niet. ‘En omdat wij zo groot zijn, zijn ook de problemen aanzienlijk. Denk alleen al aan onze maandelijkse energierekening’, zegt Vesters. ‘Die is wat betreft het gecontracteerde vermogen vastgesteld op een tent van vijfduizend man in vol bedrijf. ‘En wat dacht je van onze brandverzekering?’

De financiële situatie is penibel, dat geldt voor alle clubs. ‘Maar wat deze crisis vooral zo ernstig maakt, is de onzekerheid. We weten nu niet wat we moeten plannen, en onze sector hangt juist van een heel strakke planning aan elkaar. Je moet je dj’s bijna een jaar vooruit boeken. We hadden al onze afspraken van de afgelopen maanden uitgesteld tot dit najaar. Maar we weten nu niet of we die optredens wel door kunnen laten gaan, want er is geen enkele duidelijkheid over een nieuwe openstelling. De agentschappen van de dj’s willen straks wel een percentage van de artiesten op wie je een optie hebt, ook al kunnen die shows niet doorgaan. We weten nu totaal niet waar we aan toe zijn, en de artiesten ook niet.’

Ook Vesters zegt: we kúnnen opengaan. ‘We hebben een uitstekende ventilatie, we hebben de gegevens van de bezoekers, er is ruimte genoeg om afstandsregels te waarborgen als we bijvoorbeeld opengaan voor de helft van de normale capaciteit. Ik denk dat nachtclubs juist veel veiligheid kunnen bieden aan jongeren. Want nu staan die overal op illegale feestjes. Ik zie foto’s voorbijkomen van een paar honderd man in een schuur. Dan denk ik: laat ons dat feestje nou verzorgen, dan lopen die jongeren toch veel minder risico?’

Uitlaatklep

De illegale raves komen in alle gesprekken met clubeigenaren terug. Als mogelijk, dreigend besmettingsgevaar in het danceleven, maar ook als logisch gevolg van de crisis in de clubsector. ‘In het begin van deze crisis kwamen dj’s, clubs en festivals nog met livestreams’, zegt Jorn Lukaszczyk. ‘Dat was leuk voor een paar keer: thuis met vrienden een eigen feestje organiseren. Maar dat gaat nu niet meer op. Vooral omdat iedereen, overal, ieder weekend kan kiezen uit tientallen illegale feesten in de buurt, die soms ook best goed georganiseerd zijn.’

Dat blijkt ook wel uit de schimmige maar opgewekte samenkomst in dat donkere bos, aan de rand van die stad. Ingevoerden krijgen een paar uur vantevoren een locatie doorgestuurd via WhatsApp, plus een complete line-up met vier dj’s. Het is allemaal liefdewerk: gasten hoeven niets te betalen en kunnen hun eigen drinken meenemen. En naast de dj-tafel staan, in geval van nood, honderd flessen water. 

Goed geregeld. Maar afstandsregels? Nee. Om van een contactonderzoek bij een mogelijke besmetting nog maar te zwijgen. ‘Maar dit soort feestjes zijn onvermijdelijk’, zegt Lukaszczyk. ‘Jongeren gaan dit gewoon doen, punt. Het uitgaansleven is een uitlaatklep, zeker nu veel jonge mensen ontzettend gestresst zijn omdat in deze tijd al zo veel van ze is afgepakt. Nu krijgen ze naar mijn idee ook nog min of meer de schuld van nieuwe besmettingen en uitbraken. 

‘Ik denk dat de overheid een politiek onhandig besluit neemt als de clubs straks nog langer dicht moeten blijven. Dan duwen ze jongeren verder van zich af. Ik denk dan: geef ze verantwoordelijkheid, laat ze bewijzen dat ze het wel goed kunnen doen, dat ze zich in het nachtleven prima aan afspraken kunnen houden. Al zal er ongetwijfeld weleens wat mis gaan, maar dat kan nu met die illegale feesten ook gebeuren.’ Vesters: ‘En in de supermarkt op de hoek.’

In afwachting van nieuws over een eventuele hernieuwde openstelling, die nu dus nog altijd onzeker is, had De Marktkantine de afgelopen weken toch een alternatief bedacht. Via een creatieve vluchtroute uit de ellende. ‘In principe is een nachtclub natuurlijk toch horeca’, zegt Belloni. ‘Als je je houdt aan de regels die voor alle horeca gelden, dan kun je toch wat organiseren. Als je de dansvloer maar niet exploiteert als dansvloer, want dat is het duidelijke voorschrift.’ Sinds 1 juli viert de Amsterdamse club dus bescheiden feestjes: met gemiddeld honderdvijftig man publiek in de zaal, aan tafeltjes en in gezellige zithoekjes in strak afgemeten vierkanten.

En al lijkt dat misschien vreemd en zeer tegen de vrije dancecultuur indruisend: het is best gezellig, bij een dj-set van Dimitri op een mooie vrijdagavond. De speakers mogen dreunen, er is in ieder geval weer één dj die vanavond wat te doen heeft en het publiek kan tóch even dansen, naast dat tafeltje of bankstel natuurlijk. Als te veel mensen tegelijk de benen losgooien, loopt iemand voor het podium langs met een bordje: ‘Ga weer even zitten alsjeblieft.’

Anderhalvemeterclubavond in De Marktkantine in Amsterdam. Sinds 1 juli viert de Amsterdamse club bescheiden feestjes.Beeld Maarten van der Kamp

Het is absoluut niet de redding van het nachtleven, zegt Belloni. ‘We komen financieel, met nog geen tiende van het normale aantal bezoekers, natuurlijk niet uit. Dit is niet eindeloos vol te houden. Maar we doen dit ook om contact te houden met onze trouwe bezoekers. En voor het personeel en de artiesten, om de moed er in te houden.’ Dus kijkt hij enigszins tevreden de zaal in, waar het een klein beetje voelt als vanouds. ‘Die lichtshow doet het tenminste weer even.’

Hoe staat het ervoor?

Bij de aanpak van de coronacrisis geldt het clubleven als aparte categorie, en vallen nachtclubs en discotheken onder de horeca. In principe, en ook volgens de persconferentie van Mark Rutte en minister De Jonge van 24 juni, blijven nachtclubs gesloten tot 1 september. Maar inmiddels is ook aangegeven dat over een eventuele openstelling op die datum nog moet worden gesproken. Dus is een versoepeling in het clubleven allerminst zeker, ook na de oplopende besmettingen van de afgelopen weken.

Volgens lobbygroep Nachtbelang en Koninklijke Horeca Nederland staat zeker 70 procent van de clubs in Nederland op omvallen, al zijn er geen harde cijfers over. In Amsterdam is bijvoorbeeld de gevierde club De School definitief dicht, omdat het voor hen financieel niet meer vol te houden was.

Er zijn steunmaatregelen van de overheid op landelijk en gemeentelijk niveau. Nachtclubs kunnen bijvoorbeeld gebruik maken van de NOW-regeling: een tegemoetkoming in de loonkosten. En dan zijn er per nachtclub nog afspraken over opschorting van huur en andere vaste lasten.

Koninklijke Horeca Nederland en lobbygroep Nachtbelang hopen nog in gesprek te gaan met de overheid, om te praten over een openstelling op 1 september. Dat overleg staat nu nog niet op de agenda.

Amsterdam Dance Event

Ook een belangrijke aderlating voor de Nederlandse dance: het Amsterdam Dance Event, dat jaarlijks in oktober wordt gehouden, staat op losse schroeven. Hoe het festival, dat een belangrijke speler is voor nachtclubs in heel Amsterdam, er precies uit gaat zien, dat kan en wil de organisatie nog niet bekendmaken. Maar het is onwaarschijnlijk dat in het najaar honderden buitenlandse dj’s zullen aantreden in de clubs, als die al open mogen. Het bijbehorende congres zal dit jaar voornamelijk online plaatsvinden, liet de organisatie al weten.

Lees verder

Hoe moet het verder met de poppodia, na de desastreuze coronacrisis?

Dance-organisatoren en dj’s probeerden er de eerste maanden van de coronacrisis het beste van te maken. Met Joris Voorn op de Kinderdijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden