Reportage

Online boekhandelaar Dirk Meuleman mist menselijk contact en gaat de thuiszorg in

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Boekhandelaar Dirk Meuleman vond het ideaal, een eigen webwinkel. Tot hij het contact met de fysieke mens toch wel erg begon te missen. De oplossing? Een baan als thuiszorgmedewerker. In de Volkskrant doet hij verslag van zijn ervaringen.

Dirk Meuleman

Voor het eerst in mijn veertig jaar omspannende carrière als boekverkoper ben ik niet gebonden aan openingstijden. Sinds een klein jaar heb ik namelijk een eigen webwinkel, met antiquarische boeken over kunst. Niets of niemand heeft nog invloed op mijn dagindeling. Bovendien heb ik een paar keer per week een work-out, in de vorm van een flinke fietstocht naar mijn opslag. Leve het web! Dacht ik… Tot ik na een poosje het contact met de veeleisende en soms onuitstaanbare fysieke mens begon te missen. Best saai wel, dat thuiswerken. Tijd om er iets naast te gaan doen, besloot ik voortvarend. En áls ik me dan weer onder de mensen zou gaan begeven, dan maar meteen iets nuttigs: mijn bescheiden bijdrage aan de maatschappij.

Tijdens een wandeling stuitte ik op de oproep ‘Medewerkers gezocht!’ van een thuiszorgorganisatie, redelijk bij mij in de buurt. De zorgsector kon inderdaad wel wat hulp gebruiken, meende ik, en schoonmaken doe ik graag en als de beste. Happiness is a dirty kitchen! Als kind al had ik de neiging mijn kamer tot een zwijnenstal te maken. Puur om de voldoening die het gaf de boel weer op orde te brengen.

In mijn eigen boekhandel, lang geleden, hanteerde ik zelf stofdoek en dweil. De ingehuurde schoonmakers zakten steevast voor mijn lakmoesproef: met de blote vinger langs de niet zo voor de hand liggende plekjes. Stof of vuil? Gezakt! Ongetwijfeld een genenkwestie. Van de spaarzame etentjes bij mijn broer herinner ik me dat de borden al afgewassen in het rek stonden, als ik nog met volle mond aan tafel zat.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Maar, toegegeven, ik was vooral erg nieuwsgierig. Hoe zou het voelen om zomaar binnen te stappen in een vreemd huishouden? Wat als het helemaal niet klikt met de cliënt? Zou het mij lukken om boodschappen te doen voor onbekenden? Nog steeds bel ik regelmatig vanuit de supermarkt met mijn vriendin voor nadere toelichting op het boodschappenlijstje. En hoe zat het met de schoonmaakspullen? Niets ergerlijker dan een haperende stofzuiger of een slechte mop.

Er volgden twee gesprekken. Of ik een voorkeur had voor invalbeurten of een vast adres, werd gevraagd. Ik koos voor vast. Zodat ik mijn cliënten beter zou kunnen leren kennen. Het takenpakket? Schoonmaken, huishouden en begeleiden. Dat laatste omdat ik in het verleden leiding had gegeven. Wat dat begeleiden precies inhield zou ik vooral zelf moeten gaan uitvinden. Ik regelde een Verklaring Omtrent Gedrag en tekende twee weken later voor zeven maanden. Mijn voorkeur voor vaste cliënten ten spijt werd ik invaller.

Ik kom bij mensen die sinds jaar en dag gewend zijn aan hun vertrouwde hulp. Dat vergt de nodige tact en flexibiliteit. Plus af en toe wat incasseringsvermogen.

Zoals bij meneer K. Om 13.00 uur stipt sta ik, een tikje nerveus, voor zijn deur. Dit wordt mijn eerste zorgbeurt. Het volledige pakket: boodschappen doen, schoonmaken en begeleiding. ‘Meneer woont in een tweekamerwoning, wat er opgeruimd uitziet’, zo was mij per mail toevertrouwd.

Ik bel aan en de deur gaat open. Een fragiele verschijning monstert mij van top tot teen. Ik stel mij voor. ‘U bent dus de invaller.’ Zijn toon is zakelijk en laat geen ruimte voor misverstanden: ik ben niet degene die hij graag ziet. We nemen plaats aan het keukentafeltje.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Om het ijs wat te breken informeer ik behoedzaam naar meneers omstandigheden. Hij blijkt hoog opgeleid en is zakelijk succesvol geweest. Zijn terughoudendheid voer ik terug op zijn Twentse afkomst. Dan wordt de kennismakingsronde abrupt afgebroken; ik krijg een boodschappenlijstje onder mijn neus geduwd. ‘Kunt u dit lezen?’ Dat kan ik niet. ‘U had huisarts moeten worden’, grap ik. Hij negeert mijn opmerking en begint op te sommen. ‘Vijf kant-en-klaarmaaltijden, zes biologische eieren…’ Ik onderbreek hem en leg uit dat ik iets meer informatie nodig heb omtrent die maaltijden. ‘O ja, u bent nieuw’, wrijft hij het er nogmaals in, terwijl hij wegkijkt. Het blijkt om een caesarsalade en twee pakken ‘Unilever’-tomatensoep te gaan.

Meneer leest verder. ‘Dat zijn er maar drie, meneer K.’, interrumpeer ik opnieuw. Hij kijkt op van zijn briefje. Op dat moment word ik mij pijnlijk bewust van mijn positie. In de kwetsbare wereld van meneer K., waarin alles draait om zekerheden, regelmaat en vertrouwen, ben ik een onruststoker. Een lastpak, met moeilijke vragen. En ook nog eens zo’n sukkel die niet eens in staat is twee maaltijden te bedenken. Dan volgt de allerlaatste boodschap: yoghurtjes van het merk A. Ik vraag naar meneer zijn voorkeur: ‘Wuivend graan.’ Het betreft een omschrijving van de verpakking. Ik kan op pad.

Bij het uitpakken van de boodschappen bespeur ik teleurstelling op het gezicht van meneer. Hij had harde puntjes bedoeld, en het wuivend graan is de verkeerde soort. Ik maak rechtsomkeert. Het is gaan regenen. Als ik terug ben is het tijd voor het tweede onderdeel: de schoonmaak. Op mijn vraag wat meneer in dit opzicht wenst is het antwoord: ‘Niks.’

Na wat aandringen weet ik hem over te halen tot een stofzuigbeurt. Dertig minuten later ben ik klaar. Uit mijn ooghoek zie ik dat meneer met de afstandsbediening in zijn hand de televisie controleert. ‘Hebt u met de snoeren zitten kloten?’ Het is de combinatie ‘u’ en ‘kloten’ die wrevel oproept. Ik bezweer hem dat ik heel behoedzaam om de kabels heen heb gezogen. Wat niet gelogen is. Tot mijn grote opluchting floept de tv even later alsnog aan.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Ik heb nog een half uur te gaan, maar besluit meneer K. niet langer te kwellen met mijn aanwezigheid. Dan vindt voor mijn ogen een transformatie plaats. Meneer oogt ineens ontspannen, glimlacht. Vriendelijk begeleidt hij me naar de kapstok. ‘Bizar, die Amerikaanse verkiezingen’, merkt hij op. Alsof we het overige wereldnieuws reeds tot in detail hebben besproken. Ik maak een grap over Trump. Hij lacht, en gebaart dwingend richting voordeur. Die begeleiding parkeer ik voorlopig nog even. Ik fiets naar huis met een hoofd vol indrukken. Over twee dagen mag ik het nog een keer proberen.

Inmiddels ben ik een aantal maanden invaller. Sinds kort heb ik zelfs mijn eerste vaste cliënt. De komende weken zal ik hier verslag doen van mijn verdere avonturen.

Nieuwe rubriek

Na de inleiding op deze pagina’s gaat Dirk Meuleman (63) voor V vanaf volgende week in een tiendelige reeks schrijven over zijn ervaringen als invalkracht in de thuiszorg. Meuleman, van huis uit boekverkoper en uitgever van kunstboeken, maakt sinds drieënhalve maand schoon bij mensen thuis, en doet hun boodschappen. Omwille van de privacy worden namen niet voluit worden geschreven en zijn enkele details aangepast.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden