Ondergescheten onderdeurtjes

Waren het de laatste tijd vooral Britse auteurs die zich tot dit onderwerp aangetrokken voelden, in de persoon van Sebastian Barry heeft zich nu ook een Ier bij het gezelschap gevoegd. Een interessante aanvulling, gezien de volstrekt andere wijze waarop Ierse soldaten in de Great War verwikkeld raakten.

Ierland was gedurende de Eerste Wereldoorlog nog een onderdeel van het Britse Empire. Voor een deel van de bevolking (en niet alleen de protestantse Unionisten in Ulster) was dat een reden om vierkant achter de geallieerde zaak te gaan staan. De vijanden van Groot-Brittannië waren immers ook de vijanden van Ierland. Dus gaf menige jonge Ier gehoor aan de oproep van Lord Kitchener: 'Your country needs you.'

Andere Ieren zagen dienstname in het Britse leger als een opmaat tot de Home Rule, waarvoor de weg vrij zou zijn wanneer de boche eenmaal was teruggedreven in zijn hol. Een derde groep koos uit pure haat jegens de koloniale overheerser partij voor Duitsland.

Willie Dunne, de hoofdpersoon van Barry's roman A Long Long Way, behoort op het eerste gezicht tot de eerste categorie. Hij is de zoon van een koningsgezinde, pro-Britse politieman uit Dublin. Het is de liefste wens van vader Dunne dat Willie in zijn voetsporen treedt, en de teleurstelling bij zowel vader als zoon is dan ook groot als de laatste zich ontpopt als een onderdeurtje, dat nooit de lengte van 1 meter 80 haalt die de politiekeuring voorschrijft.

Hij wordt bouwvakker, een beroep dat hem onverwacht veel arbeidsvreugde schenkt, maar als de oorlog uitbreekt en het leger minder hoge eisen aan de lengte van zijn rekruten blijkt te stellen dan de Dublinse politie, besluit Willie plompverloren dienst te nemen. Schijnbaar omdat hij wil strijden voor een rechtvaardige zaak, en uit loyaliteit met Koning en Vaderland. Dat is althans wat hij zijn vader en anderen graag wil laten geloven. Maar eigenlijk weet Willie helemaal niet wat hij in de oorlog te zoeken heeft, en is zijn beslissing niet veel meer dan een halfhartige poging de teleurstelling van zijn eerdere afwijzing ongedaan te maken.

Als ze eenmaal deel uitmaken van het Britse leger, ontdekken Willie en zijn landgenoten al snel dat ze door hun Engelse superieuren nauwelijks voor vol worden aangezien. Een 'kleine Ierse dwerg met een ondergescheten kont', zo noemt een majoor Willie als hij verslag komt uitbrengen van een traumatische veldslag in de Vlaamse modder.

Zoals zoveel boeken over de Eerste Wereldoorlog (of welke oorlog ook) beschrijft A Long Long Way een proces van voortschrijdende desillusie. Als Willie voorjaar 1916 met verlof naar Dublin reist, krijgt hij ineens opdracht deel te nemen aan de belegering van het postkantoor. In de chaos van de gebeurtenissen meent hij aanvankelijk dat de Duitsers nu ook voet op Ierse bodem hebben gezet.

Pas later ontdekt hij dat zich in het gebouw Ierse vrijheidsstrijders bevinden. Hij heeft op zijn 'eigen mensen' geschoten en meegeholpen de Paasopstand te onderdrukken. Als Willie vervolgens weer naar het front in Vlaanderen afreist, heeft hij de bloedvlekken van een Ierse opstandeling op zijn uniform.

Of ze nu naïef en zonder duidelijke reden (zoals Willie) dan wel bevlogen en vol idealen (zoals zijn kameraad Jesse Kirwan) aan de oorlog zijn begonnen, tegen de zomer van 1916 hebben onschuld en blijmoedigheid bij bijna iedereen plaatsgemaakt voor een murw gevoel van afstomping.

Bij Jesse Kirwan is de desillusie zo groot dat hij weigert nog langer orders te gehoorzamen en willens en wetens afstuurt op de krijgsraad en executie. 'Ik kwam hier om te vechten voor een land dat niet bestaat. En nu Willie, let op mijn woorden, weet ik zeker dat het ook nooit zál bestaan.'

Voor Willie, die na anderhalf jaar loopgraven weliswaar veel kennis heeft van het fenomeen oorlog, maar nog altijd weinig inzicht en begrip in zijn achtergronden, is de kwestie verwarrender. Hij wordt heen en weer geslingerd tussen strijdige loyaliteitsgevoelens en ontdekt na een nieuw verlof, in 1918, dat hij zich alleen nog maar thuis voelt tussen zijn kameraden. 'Hij wist dat hij geen land meer had.'

A Long Long Way, dat zijn titel ontleent aan het oorlogsliedje It's A Long Way To Tipperary, is in zekere zin te beschouwen als een prequel van Barry's vorige roman, Annie Dunne, dat Willie's oudere zuster Annie als hoofdpersoon heeft, en van het toneelstuk The Stewart of Christendom, waarin vader Dunne (anno 1932 en dementerend) figureert.

Wie die roman of dat toneelstuk kent, weet hoe het afloopt met Willie Dunne, maar ook de lezer van A Long Long Way kan dat al na enkele hoofdstukken vermoeden. Willie is het kanonnenvoer waar generaals naar goeddunken over menen te kunnen beschikken. Hij is iemand die op het verkeerde moment op de verkeerde plaats werd geboren, lid van de generatie voor wie de beroemde Engelse war poet Wilfried Owen (die de oorlog evenmin overleefde) zijn Anthem for Doomed Youth schreef.

In The Stewart of Christendom verschijnt Willie als een geest die rondspookt in de verwarde gedachten van zijn vader. In Annie Dunne is hij een kortstondige herinnering. Ook in A Long Long Way waart hij rond in een fysiek en spiritueel niemandsland. Zelfs de grond waarin hij uiteindelijk wordt begraven, wordt directweer verlaten. De Duitse linies zijn eindelijk doorbroken en er moet worden opgetrokken.

Sebastian Barry: A Long Long Way. Faber & Faber, import Nilsson & Lamm; 292 pagina's; ¿ 21,95. ISBN 0 571 21800 8.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden