NieuwsMeesterpianisten

Ondergang van een meesterlijke serie. Door corona

Naar ‘Meesterpianisten gaan’ was iets anders dan ‘naar het Concertgebouw gaan. De ongesubsidieerde concertserie van Marco Riaskoff bood decennia alleen de hoogst mogelijke kwaliteit op pianogebied. En nu gaat dit illustere instituut ten onder. Aan corona.

Marco RiaskoffBeeld Foto Joost van den Broek

33 jaar lang wist impresario Marco Riaskoff de beroemdste pianisten ter wereld naar het Amsterdamse Concertgebouw te lokken. Van Alfred Brendel tot Martha Argerich, Maurizio Pollini tot Lang Lang: ze kwamen allemaal naar Meesterpianisten. Maar nu ‘buigen wij het hoofd’, schreef Riaskoff donderdagochtend in een mail aan zijn publiek. Meesterpianisten stopt.

En daarmee houdt een van de meest illustere concertseries op te bestaan. ‘Naar Meesterpianisten’ gaan, was iets anders dan ‘naar het Concertgebouw’ gaan: Meesterpianisten was een instituut op zich, met een eigen, betrokken en welgesteld publiek. In de pauzes en na afloop kon je bezoekers, vaak zelf amateurpianisten, de uitvoering van de avond tot in de kleinste details horen vergelijken met een concert van vijftien jaar geleden.

Tempel

De sfeer? Als Meesterpianisten de Grote Zaal overnam, werden de lichten gedimd en waande je je in een tempel, waarin de pianist – nee: méésterpianist – als de verkondiger van het woord van God werd aanbeden. God kon zijn: Beethoven, Schubert, Chopin, Debussy, Rachmaninov of Skrjabin. De repertoirekeuze was aan de behoudende kant. Zelden klonk er naoorlogse muziek. Meesterpianisten ging niet over ‘nieuw’ of ‘anders’, maar over de hoogst mogelijke kwaliteit op pianogebied, het beste.

Meesterpianisten is het eerste grote instituut uit de Nederlandse klassieke muziek dat door de coronacrisis ten onder is gegaan. ‘Een maximum van 350 bezoekers, in een zaal die er onder normale omstandigheden op berekend is zo’n tweeduizend mensen te verwelkomen, werpt een probleem op waartegen niet valt op te boksen’, zegt Riaskoff.

Onafhankelijk

Kon de overheid niet ingrijpen dan? De gemeente Amsterdam misschien? Meesterpianisten was nou juist een onafhankelijke, ongesubsidieerde serie: de zaal werd gehuurd van het Concertgebouw. Riaskoff had twee man in dienst. Het afgelopen half jaar moest Meesterpianisten zes recitals annuleren. Voor het komende seizoen stonden dertien reguliere en vier inhaalconcerten gepland. Er waren 1.600 bezoekers per concert nodig om de kosten te dekken.

Totaal niet rendabel dus. ‘De laatste jaren, voor corona, had ik het al moeilijker’, zegt Riaskoff. ‘In mijn gloriejaren had ik tien sponsors. De laatste drie jaar had ik er maar één.’

Ook de bezoekers van zijn serie weten wie Marco Riaskoff is; een kleine, goed geklede man met priemende ogen die ieders naam lijkt te kennen. Bij programmawijzigingen sprak hij het publiek toe. Ook recensenten sprak hij graag toe: vermanend, woedend soms, als een criticus het had gewaagd minder dan vier sterren uit te delen. De volgende keer was alles weer goed.

Pianist Lang Lang in 2005 tijdens zijn debuut in de serie Meesterpianisten in het Amsterdamse Concertgebouw.Beeld Foto HH

Jeugd in Uruguay

Riaskoff werd in 1946 geboren in Zwitserland, als zoon van een Bulgaarse vader en een Spaans-Britse moeder. In het gezin was Frans de voertaal. Hij bracht zijn jeugd grotendeels door in Uruguay en kwam uiteindelijk in het Gooi terecht, waar hij piano- en blokfluitles kreeg. Vanaf zijn 24ste werkte hij bij een impresariaat. In 1985 begon hij voor zichzelf, en twee jaar later begon hij zijn serie.

Van de honderd pianisten die daarin langskwamen (velen, zoals Grigory Sokolov, kwamen bijna elk seizoen terug), waren er maar vier Nederlands: Ronald Brautigam, Lucas en Arthur Jussen en Hannes Minnaar. Des te bijzonderder was het voor Thomas Beijer dat hij dit seizoen tot dit exclusieve rijtje zou toetreden. Ook dat concert gaat niet door.

Levenswerk

‘Ik zag het al een tijdje aankomen, toch viel het wel rauw op mijn dak toen ik het las’, zegt Beijer (32). ‘Het is zo treurig. Ik kwam als 11-jarig jongetje al bij Meesterpianisten om te kijken hoe Brendel van de trap afdaalde.’ Op 21 maart 2021 zou Beijer op het podium hebben gezeten. ‘Dat had toch wel een soort doorbraakmoment kunnen zijn. We waren bezig om agenten uit alle uithoeken van het universum uit te nodigen. En ineens, zo, ploep, bestaat die serie niet meer.’

Maar, benadrukt Beijer, hij treurt vooral ‘met Marco’. ‘Dit is zijn levenswerk. Hij leeft voor die pianisten. Hij weet precies welke pianist welke bloemen op zijn kamer wil. Riaskoff wás die serie.’

Van talent naar wereldster

Gevraagd naar hoogtepunten, noemt Riaskoff het optreden van Maria Tipo, die in 1988 Bachs Goldbergvariaties speelde. ‘En het Chopin-programma van Krystian Zimerman, in het Chopin-herdenkingsjaar 2010. Het mooiste is dat we veel jonge talenten hebben gelanceerd die nu wereldsterren zijn. Ik heb Arcadi Volodos geboekt nadat ik een cassettebandje van hem had gehoord, niemand kende hem. Hij had niet eens een manager.’

Wat gaat Riaskoff nu doen? ‘Ik heb geen idee. Ik ben 73. Ik heb zelf corona gehad, en ik ben nog steeds zo moe. Het duurt nog wel even voordat ik de oude ben. Ik houd me vast aan de aardige reacties die ik krijg van goede vrienden, van mijn publiek, van sommige van de beste pianisten ter wereld.’

Fenomeen in de pianowereld

Hoe zag een avond bij Meesterpianisten eruit? Lees hier onze recensie over het debuut van Hannes Minnaar. 

De beste pianisten komen nog steeds uit Rusland. We keken mee in de keuken van de Russische leerschool – met duiding van Marco Riaskoff.

 En dit schreven we bij het 25-jarig bestaan van de serie Meesterpianisten.

En dit bij het 15-jarig bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden