TV-RECENSIEHAROON ALI

Ondanks de versnippering straalde het alternatieve Eurovisie Songfestival toch eenheid uit

Ik kwelde mezelf door het overwinningsoptreden van Duncan Laurence op het Eurovisie Songfestival terug te kijken. Hij zit niet achter de piano, maar staat. Zijn stem trilt van alle emoties. Hij herpakt zich en bouwt op naar het refrein. ‘Oooooooh!’, haalt Laurence uit. ‘Sing it!’ De zanger spreidt zijn armen en sluit zijn ogen, terwijl het publiek mee buldert: ‘Oooooh, oooooh!’ Ik krijg er nog steeds kippenvel van. Dit is vast wat voetballiefhebbers voelen bij een magistraal doelpunt.

Hoe anders was het zaterdag, een jaar later, toen fans het moesten doen met Eurovision: Europe Shine a Light, een troostspecial omdat corona het muziekspektakel heeft vergald. In twee uur tijd werden álle 41 deelnemers geëerd. Sympathiek, maar intens. Slechts een halve minuut van de clip, wat gezapige peptalk van de kandidaat (het toverwoord was ‘together’) én weetjes van commentator Cornald Maas, die in zijn enthousiasme door de presentatoren heen praatte.

Het ging allemaal zo snel, dat er geen tijd was om te bedenken wat je van een liedje vond, de wijn bij te schenken of naar de wc te gaan bij Oost-Europese herrie. Maar er werden ook geen punten gegeven, dus de nummers van dit jaar deden er niet zoveel toe. Ik ben ze alweer vergeten. De Nederlandse producenten deden er goed aan om vooral terug te blikken, de nostalgie aan te wakkeren en de Europese saamhorigheid te benadrukken in de live-optredens. Die beklijfden wél.

Presentatoren Chantal Janzen, Edsilia Rombley en Jan Smit zongen What’s Another Year met drievoudig winnaar Johnny Logan. Måns Zelmerlöw (de winnaar van 2015) droeg een akoestische versie van Heroes op aan zorgmedewerkers, Netta Barzilai (winnaar van 2018) vroeg aandacht voor onze geestelijke gezondheid en Laurence speelde zijn breekbare nieuwe single Someone Else in een zee van lichtjes. Themanummer was Love Shine a Light van Katrina & The Waves (winnaar van 1997), dat door alle kandidaten werd meegezongen en tevens werd gespeeld door het Rotterdams Philharmonisch Orkest. 

Duncan Laurence tijdens Eurovision: Europe Shine a Light. Beeld EBU/Kris Pouw

De special was ingetogen, maar hier en daar sijpelde wat Eurovisie-joligheid door. De gesprekjes via straalverbinding waren net zo houterig en ongemakkelijk als vanouds. Halverwege de show schakelde ik naar de BBC, waar Graham Norton wat cynischer was dan Maas. ‘Het is een vreemde show’, zei hij tussen neus en lippen door. ‘Maar het heeft ook iets ontroerends – it’s lovely.’ Janzen belde later live met Norton, grapte over de vertraging op de lijn en scoorde zo wat punten.

De presentatie stond als een huis, Janzen sprak zelfs Frans en ook online-sidekick Nikkie de Jager straalde. Het was dus een goede generale repetitie voor volgend jaar, als Rotterdam het Songfestival weer mag hosten. De vraag is alleen in welke vorm. Mag er dan weer publiek aanwezig zijn? Net als al die mensen die met veel moeite een kaartje hadden bemachtigd, net als al die fans die wilden feesten in Rotterdam, blijf ik verlangen naar het oude normaal. What’s another year?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden