Beschouwing De Nederlandse kinderfilm

‘Omdat er tegenwoordig zo veel films te zien zijn moet je meteen scoren, anders lig je eruit’

Mijn bijzonder rare week met Tess won maarliefst vijftien grote internationale prijzen.

De Nederlandse jeugdfilm heeft het moeilijk. Internationaal wordt de ene na de andere prijs binnengesleept, maar de bezoekcijfers nemen af. Hoe komt dat?

Vraag het de programmeurs en juryleden van internationale filmfestivals en die zullen je dit zeggen: de Nederlandse jeugdfilm doet het fantastisch. Kwalitatief hoogstaand, inhoudelijk en gelaagd, cinematografisch prachtig, wereldklasse. Neem bijvoorbeeld Mijn bijzonder rare week met Tess, die al vijftien grote internationale prijzen in de wacht sleepte. Of Kapsalon Romy, die momenteel een rondje maakt langs de meest prestigieuze (kinder)filmfestivals.

Er is alleen één probleempje: er worden steeds minder van dit soort films gemaakt (van 17 films in 2014 naar 9 in 2018) en het Nederlandse publiek gaat er steeds minder vaak naar toe. Het totale bezoek is de afgelopen acht jaar meer dan gehalveerd. Dat blijkt uit een rapport dat het Filmfonds afgelopen zomer heeft gepubliceerd.

Voor Erik Tijman, hoofd film & televisie van kinderfilmfestival Cinekid, bevestigen de cijfers waar hij zich al jaren zorgen om maakt. Minder publiek is minder inkomsten is minder van dit soort familiefilms is minder interesse is minder publiek, enzovoorts. Vooral de kleinere, kunstzinnige films zijn van die vicieuze cirkel de dupe. ‘Dat die gemaakt worden heeft vooral te maken met de passie van de makers, en omdat we een sterke kinderfilm-traditie hebben. Ik hoor producenten steeds vaker zeggen dat het eigenlijk niet rendabel meer is. Zo wordt het steeds moeilijker om bijzondere producties te realiseren.’

De familiefilm staat op een kantelpunt, benadrukt Tijman, vandaar dat Cinekid de noodklok luidt. De filmindustrie moet hier iets mee, vindt hij, maar ook de ouders. ‘Als je wilt dat je kind met dit soort films in aanraking komt, kun je niet thuis op de bank blijven zitten.’

Prima. Naar Kapsalon Romy dus, dit weekend, met de kinderen van 7 en 9. Met commentaar van Tijman, Kapsalon Romy-regisseur Mischa Kamp en producent Derk-Jan Warrink, die momenteel twee familiefilms in productie heeft: Vliegende vissen verdrinken niet en Captain Nova.

Kapsalon Romy

Zaterdagochtend. Wanneer gaan we? Amsterdam is het dichtstbij en daar draait de film vijf keer. Probleem: alleen aan het begin van de middag. Als we snel de boodschappen doen, redden we het alsnog niet met de schaatsles. Zondag dan. Maar dan is er dat partijtje. Goed, daarna. Half 6, Ketelhuis. Niet ideaal, maar anders lukt het niet.

Vooral als het vakantie is hebben gezinnen tijd om naar de film te gaan. Dus brengen de distributeurs hun familiefilms dan uit en is het vechten om de tijden in de bioscoop. Kapsalon Romy had afgelopen week, in aanloop naar de herfstvakantie, concurrentie van acht andere kinder- en jeugdfilms.

Warrink: ‘Omdat er tegenwoordig zo veel films te zien zijn, is het een kwestie van hit-and-run in de bioscoop. Je moet meteen scoren, anders lig je eruit.’

Kamp: ‘Als je film drie keer per week te zien is, kom je natuurlijk niet snel in de top-20, ook niet met uitverkochte zalen.’

Tijman: ‘Theaters zouden Nederlandse familiefilms iets meer tijd moeten geven. Zeker als distributeurs het aandurven om de film buiten die vakanties uit te brengen, moeten ze die niet direct schrappen als het geen instantknaller is.’

Warrink: ‘Bioscopen en distributeurs zijn natuurlijk ook gewoon commerciële bedrijven die winst willen maken. Natuurlijk zou het beter zijn als de releases beter op elkaar worden afgestemd, maar wie bepaalt dan wie er uit mag gaan in de vakanties?’

‘Naar welke film gaan we morgen eigenlijk? Frozen 2?’, wil de zevenjarige weten.

‘Nee, die draait nog niet eens. We gaan naar Kapsalon Romy.’

‘Wélke?’

Cinekid is het grootste kindermediafestival ter wereld, voor kinderen tussen de 3 en 14 jaar. Het festival vindt plaats in Amsterdam van 19 t/m 25/10 en Cinekid on Tour doet 35 Nederlandse steden aan.  

Kapsalon Romy is een levenslustige familiefilm over dementie ★★★★☆. Lees hier de recensie van de Volkskrant.

Welke Nederlandse familiefilms het beste doen in de bioscoop? Films die verbonden zijn aan ‘een merk’: boekverfilmingen bijvoorbeeld, of films van vloggers. De anderen moeten het hebben van pers en pr, en leggen het alleen al qua budgetten dan hopeloos af tegen de Amerikaanse reuzen.

Tijman: ‘Bij talkshows schuiven acteurs en regisseurs van volwassenfilms vaak aan, maar die van familiefilms eigenlijk nooit. Misschien omdat die niet op hun artistieke kwaliteiten worden beoordeeld. Terwijl we juist op dat gebied uitblinken en internationaal toonaangevend zijn. Dat besef mis ik weleens in de media.’

Kamp: ’Wij hebben relatief veel aandacht gehad dankzij Beppie Melissen, die een hoofdrol speelt, een van de beste actrices van Nederland. Nee, kinderen bereik je niet met een optreden in Beau, maar wel hun ouders en grootouders, en daar moeten we het van hebben.’

Zondagmiddag, 5 uur. De achterbank breekt bij de mededeling dat er, nee, geen popcorn in deze bioscoop is.

‘Komt die film niet gewoon op Netflix?’

Warrink: ‘Volgens mij moeten we ons niet blindstaren op de bioscoopcijfers. De markt heeft zich grotendeels naar online verplaatst. Daarom moet het bespreekbaar zijn om een film tegelijkertijd online en in de cinema uit te brengen. En je zou tegen superplatformen als HBO en Netflix moeten zeggen: prima, jullie willen een kanaal in Nederland? Investeer dan ook 5 of 10 procent van de inkomsten in onze producties. Nu vloeit ons geld naar Amerika, waar ze mooie dingen maken, maar onze uitgesproken, vrijzinnige manier van denken over thema’s als homoseksualiteit of godsdienst zie je daar niet terug.’

Tijman: ‘Volgens mij is Kapsalon Romy zien, met je ouders, in een filmhuis in Bussum, een wezenlijk andere ervaring dan een jaar later op Netflix. Maar kinderen zien dat verschil minder. Voor hen is het heel belangrijk als je iets extra’s biedt in de bioscoop, als je er een ‘event’ van maakt.’

Zondagmiddag 7 uur.

Naast me is gelachen toen de dementerende oma van Romy een boek in de ijskast bleek te hebben gelegd. Tijdens een brand werd het doodstil. Met rode wangen de bioscoop uit.

‘Mam? Krijg ik ook oldtimer?’

‘Alzheimer. Voorlopig nog lang niet.’

‘Maar later dus wel? En oma dan? Opa? En vergeet je dan alles?’

O jee. Opvoedkundig aan de bak. Als we naar die slecht gerecenseerde Amerikaanse animatiefilm waren gegaan, hadden ze misschien op tijd in bed gelegen, maar nu weten ze voortaan wat dementie inhoudt én hebben ze een mooie film gezien.

Warrink: ‘Vroeger hadden ouders volgens mij veel meer het idee dat hun kinderen ook iets van films konden leren, nu zoeken ze eerder entertainment. Eigenlijk is het gek: ouders proberen hun kinderen tegenwoordig op het hoogste niveau te laten presteren op school, niets mag in de weg staan van hun ontwikkeling, maar als het om cultuur gaat stellen ze die eisen niet meer. Terwijl dat volgens mij even belangrijk is voor de toekomst van je kind.’

Kamp: ‘Film kan zoiets moois zijn om samen te delen. Juist om over dit soort dingen te praten. Als ik zie wat voor feedback ik krijg op Kapsalon Romy, denk ik: dit soort films moeten we vooral blijven maken.’

Binti

Youtube biedt vrijheid aan Binti

De openingsfilm van Cinekid is een luchtige avonturenfilm over een meisje dat illegaal in België woont. Regisseur Frederike Migom: ‘Het moest niet te braaf worden.’

De grootvader van Migom werkte als militair in Congo. Haar vader werd er geboren. ‘Dat is een generatie geleden. Eén. Ik vind het zo’n zot idee dat mensen van daar nu in België niet welkom zijn.’

Haar debuutfilm Binti, die deze week kindermediafestival Cinekid opent, gaat over zo iemand. Binti is een meisje van 12, opgegroeid in Vlaanderen. Migom verpakt de maatschappelijke thematiek vrolijk, in een avonturenfilm waarin het meisje, dat droomt van een carrière als vlogger, zich grotendeels met een nieuw vriendje bezig houdt met filmpjes voor zijn ‘Red de Okapi’-club.

Was het lastig om een film over een illegaal meisje zo luchtig van toon te houden?
‘Voor een documentaire deed ik research op een school in Brussel. Toen viel het me op dat kinderen die opgroeien, zo zonder papieren, altijd gewoon kind blijven. Die onschuld wilde ik ook in mijn film. En humor. De meeste films over dit onderwerp zijn altijd zó zwaar en de maatschappij behandelt illegaliteit als iets crimineels. Daarom heb ik er vooral een administratief probleem van gemaakt. Maar de balans bleef moeilijk. Ik wilde voorkomen dat ik het onderwerp niet serieus zou nemen.’

Binti wil vlogger worden. Probeer je daarmee een brug te slaan naar een kinderpubliek van nu?
‘Wat ik vooral interessant vond aan YouTube is dat het grenzeloos is. Iedereen kan zich er uiten, ook zonder papieren of vaste verblijfplaats. Verder wilde Binti in een eerder scenario televisiepresentatrice worden. Nou, daar hebben kinderen van nu helemaal niets meer mee.’

Misschien maken die vlogs het kinderen ook wel makkelijk, omdat ze door YouTube gewend zijn geraakt aan een andere beeldtaal dan die van klassieke films.
‘Ja, en dat is natuurlijk ook wel een beetje sneu. Ik wil zeker geen vlogachtige films gaan maken omdat kinderen die anders niet meer kunnen zien. Het zou naast elkaar moeten kunnen bestaan.’

Het is een vrolijke film, maar er zitten ook politie-achtervolgingen in, en Binti dreigt uitgezet te worden. Hoe weet je hoe ver je kunt gaan in een kinderfilm?
‘Van mezelf kan ik me herinneren dat je best veel aan kunt als kind. Maar natuurlijk heb ik me dat afgevraagd, vooral op het gebied van politiegeweld. Maar ik wilde het zeker niet te braaf maken - dat zou ik een erger verwijt vinden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden