Om tv te maken heb je helemaal geen tv nodig

Tim, Jelte en Gwen doen het gewoon. Zonder overleg met tv-bazen zenden ze hun eigen programma's uit op YouTube. Jonge kijkers wisten hen snel te vinden.

Gwen van Poorten.

Half juni plaatste tv-presentator Tim Hofman (28) een oproep op YouTube. 'Ja hallo, mijn naam is Tim. Ik wil het allervrolijkste relprogramma ooit maken, en wel op de internet want even geen zin in langzaam televisiegedoe met zenderbazen en omroepmeneren. Heb je een probleem? Of ben je boos?' Dan moest je dus bij hem zijn voor een oplossing.

#BOOS is een webserie met een eenvoudig concept: iemand is ergens boos over en Hofman probeert diegene 'onboos' te maken. Kort geleden ontstond het idee, 'een online probleemloket voor jongeren', op de burelen van werkgever BNN-VARA. Daags nadat was besloten om #BOOS te gaan maken, stond de oproep online.

Hofman had dit keer geen zin om op goedkeuring van de netmanager en een plek op NPO3 te wachten. Het intekenen van een programma op een zender kan zomaar een jaar in beslag nemen, dus besloten Hofman en eindredacteur Hubert van der Want #BOOS voor BNN op YouTube te maken. Gewoon beginnen, dachten ze, en dan maar zien wat er gebeurt. Wat er gebeurde: het #BOOS-kanaal had binnen anderhalve maand meer dan 100 duizend abonnees en 2,5 miljoen views. Negen afleveringen van 10 minuten zijn er inmiddels, waarvan de populairste inmiddels 390 duizend keer is bekeken.

Meer tv-makers denken zoals Hofman. Wie vlug aan de slag wil, van experimenteren houdt en relevant probeert te zijn voor jeugdige kijkers, gaat tv maken op internet. Zo bezoekt presentatrice Gwen van Poorten (BNN-VARA) in de reeks Achter de Viral mensen die kort of langer geleden een internethit waren. De stunts en 'sociale experimenten' van Streetlab (KRO-NCRV) worden op YouTube vaak stukken beter bekeken dan op tv. Omroep PowNed wil binnen een paar jaar stoppen met radio en tv, om zich volledig op het internet te richten.

Ongeveer gelijktijdig met #BOOS lanceerde Jelte Sondij (34) zijn onlineprogramma Jelte's One Man Show. Toen hij een paar maanden geleden bij BNN-VARA een gesprek had over zijn televisietoekomst, sprak hij de ambitie uit om meer met interviewen te doen, misschien wel een eigen talkshow. Maar ja, wie wil dat niet in Hilversum? Met BNN en zijn vaste producent CCCP verzon Sondij, onder meer bekend van Rambam, het plan om een lowbudgettalkshow te maken voor BNN's digitale jongerenzender 101TV en YouTube. En als het budget toch zo beperkt was, kon hij net zo goed alles zelf doen: het camerawerk, de visagie, het voorgesprek, de belichting. Honderdduizenden kijkers zagen al hoe hij voormalig turnster en thans porno-actrice Verona van de Leur ontving, het gezicht van rapper en zanger Ronnie Flex poederde en aan een tweepersoonsnazit begon met ex-judoka Edith Bosch.

Tekst gaat verder onder de video.

Tim Hofman.

Andere wetten

Op internet zijn andere regels, stijlmiddelen en genrewetten van toepassing dan op tv, zeggen makers. Het is een ander ambacht, benadrukt Hofman. 'Een aflevering van #BOOS zou het waarschijnlijk niet goed doen op televisie.'

#BOOS is kort, er zitten gekke geluidseffecten en snelle knipjes in en shots worden op absurde momenten afgebroken. Hofman maakt voortdurend hyperbewuste grapjes om de ongemakkelijkheid van de confrontaties te benadrukken. En er staan telkens geestige teksten in beeld, zogenoemde captions. Ook maakt Hofman gebruik van running gags, zoals het confettikanon waarmee hij elke aflevering zo lullig mogelijk afsluit.

Hofman: 'Die dingen werken beter op internet.' Het is de rommelige en vluchtige esthetiek van doe-het-zelf-filmpjes die hij zich eigen heeft gemaakt, plus de metahumor die de onhandigheid van het tv-maken uitvergroot: kijk mij eens iets onnatuurlijks doen.

Dat de kentering juist nu lijkt door te zetten, heeft deels te maken met de zorgelijke staat van NPO 3, de zender die zich nadrukkelijk richt op jongeren. Het bereik van NPO 3 in de doelgroep 20 tot 34 jaar was vorig jaar 40 procent, bleek eind juli uit een rapport van het Commissariaat voor de Media. In 2014 lag het nog boven de 50 procent. De gemiddelde leeftijd van de NPO 3-kijker is 44 jaar.

3Lab

Jelte's One Man Show (BNN-VARA) werd gemaakt voor digitaal jongerenkanaal 101TV, maar drie afleveringen van het programma worden binnenkort ook uitgezonden op televisie. Dat gebeurt tijdens 3Lab, de jaarlijkse themaweek van NPO 3 die eerder TV Lab heette. Vanaf maandag 22/8 zijn vijf avonden lang programma's te zien die volgens 3Lab vernieuwend, verfrissend en experimenteel zijn. Naast de talkshow van Jelte Sondij waren ook de pilot van vluchtelingencomedy Bed, Bad, Brood (VPRO) en afleveringen van Puberdagboek (VPRO/NTR) al online te bekijken, op de website en het YouTube-kanaal van 3Lab.

Het mediagedrag van jongeren

(13 tot 19 jaar) en jongvolwassenen (20 tot 34 jaar) verandert, blijkt ook uit het grootschalige onderzoeksrapport Media: Tijd 2015 dat in maart werd gepresenteerd. Het lineaire kijken ('ouderwets' televisiekijken) neemt in die groepen af met respectievelijk 17 en 10 procent, ten gunste van het kijken naar gestreamde of gedownloade video's. Onder jongeren vormt het niet-lineaire kijken (zoals YouTube, Netflix en npo.nl) nu 46 procent van het kijkgedrag. In totaal kijkt deze groep twee uur en een kwartier per dag. Ter vergelijking: 65-plussers kijken bijna vier uur per dag, waarvan 94 procent lineair.

Jelte Sondij ontwaart een verandering in de kijkcijfers van Rambam, het ludieke undercoverprogramma waarin misstanden worden aangekaart. 'In het verleden trokken we nog wel eens meer dan een half miljoen kijkers op NPO3. Dan werd de aflevering online zo'n 50 duizend keer teruggekeken.' Nu is de verhouding anders. Rambam trekt tegenwoordig meestal tussen de 200 en 400 duizend kijkers. Online wordt Rambam nu geregeld 100 duizend keer bekeken. Op YouTube staat de geripte aflevering over het Dolfinarium: meer dan 392 duizend weergaven.

Sondij: 'Ik snap dat de NPO niet blij is met die geripte content, maar voor mij als maker is het mooi om zo veel kijkers te kunnen bereiken. Zo onbescheiden ben ik ook wel weer: hoe meer mensen je programma zien, hoe beter.'

Probleem voor jongerenzender NPO 3

Jongerenzender NPO 3 zit met een groot probleem: programma's die specifiek voor jongeren bedoeld zijn, worden lineair slecht bekeken, maar hoe minder jongerenprogramma's de zender intekent, hoe meer jeugdige kijkers zullen wegblijven. De vraag is of je de jeugd überhaupt nog terug naar de tv kan trekken, of dat je ze juist moet bedienen op de plekken waar ze zich al begeven.

'YouTube is de tv kapot aan het maken en niemand heeft het door', zei Arjen Lubach een week geleden in Zomergasten. Hij vertelde dat hij hard had moeten onderhandelen met de VPRO om af te dwingen dat items uit zijn programma Zondag met Lubach ook gratis op YouTube beschikbaar zijn. Hij weet dat hij daar een publiek kan trekken dat geen tv meer kijkt. Inmiddels ziet de VPRO de meerwaarde daar ook van in, zei hij.

In de toekomstplannen van de NPO stond een jaar geleden nog dat de publieke omroep de concurrentie met YouTube en Netflix moet aangaan: geen wildgroei aan NPO-sites, maar één sterk centraal platform. 'Inmiddels is men daar iets minder rigide in', zegt Gerard Timmer, algemeen directeur van BNN-VARA. 'Het is niet het een of het ander. Je moet op alle platforms aanwezig zijn. Inzetten op maar één platform is niet verstandig.'

Als geheel is de NPO nog behoorlijk lineair ingericht, zegt Timmer. 'Terwijl er onder makers een sterke drang is om online zo zichtbaar mogelijk te zijn.' De NPO ondersteunt non-lineaire initiatieven met een speciaal daarvoor gereserveerd budget. Maar omroepen kunnen ook hun eigen vermogen inzetten om - meestal in overleg met de NPO - onlineproducties te maken, zegt Timmer. 'Wij hebben een project dat we Failing Forward noemen, om innovatieve vormen te verkennen. Slagen is geen voorwaarde, leren is het belangrijkste. Met het kanaal van Gwen van Poorten verkennen we bijvoorbeeld wat werkt op YouTube.'

Een programma maken voor internet vindt Sondij niet minder eervol dan voor tv. Nadat hij een tijdje bij Veronica had gewerkt, ging hij bij GeenStijl aan de slag. 'Mensen vroegen waarom ik een stapje terug deed, maar ik zag dat helemaal niet zo. Internet werd gezien als armeluistelevisie. Nu pas wordt online-tv door de meeste makers als gelijkwaardig gezien, terwijl ik dat eigenlijk altijd al vond. Het zegt ook wel wat over het televisielandschap dat we nu pas deze discussie voeren. Veranderingen vindt men bij de tv eng.'

Tekst gaat verder onder de video.

Arjen Lubach (links).

Overgangsfase

'Lineaire televisie wordt nog steeds gezien als de heilige graal', zegt Nicolaas Veul (32), tv-maker van de VPRO, onder meer van Super Stream Me en Beestieboys. 'Mij spreekt de creativiteit en snelheid van internet juist aan. Ik vind dat omroepen per programma-idee zouden moeten bekijken bij welk medium - van YouTube tot tv - het idee het beste past.'

Het is te merken dat de omroepen in een overgangsfase zitten, volgens Veul. 'Er wordt veel gepraat over wat de rol van de publieke omroep op internet moet zijn.' Met hun kinderprogramma Beestieboys proberen Veul en Tim den Besten online zichtbaar te zijn. 'In het nieuwe seizoen gaan we op zoek naar het beste kattenvrouwtje van Nederland. Zo'n programmaonderdeel is bij uitstek geschikt om als kort fragment op YouTube te zetten. Daar kun je meer kijkers mee aanspreken, ook anderen dan de kinderen die zondagochtend voor de tv zitten.'

Vooral kinderen kijken meer naar vloggers, YouTubers en video's op internet dan naar tv, merkt Veul. 'Ze roepen Tim en mij op straat na met 'Hé, jullie van internet!'. Internet is voor hen al lang het nieuwe tv, ze zijn een stap verder.'

Jelte Sondij zegt dat hij wakker werd geschud door YouTubers en jongere collega's. 'Ik zei op een gegeven moment tegen mezelf: hallo Sondij, achter je staat een generatie te popelen die gewoon begint met maken en wel ziet waar het schip strandt. Die gasten vreten je op als je niet oppast. Mijn Rambam-collega Nesim el Ahmadi heeft 71 duizend abonnees op zijn YouTube-kanaal en doet alles zelf. Dat heeft me geinspireerd.'

Kenmerkend voor deze generatie is volgens hem dat ze niet alleen tv-presentatoren zijn, maar allround makers: ze kunnen filmen, monteren, photoshoppen, researchen en presenteren. Sondij: 'Vroeger moest je goed kunnen pitchen, pluggen en presenteren, nu moet je in alles een goede maker zijn.'

Voor Tim Hofman voelt het niet meer dan logisch om #BOOS voor YouTube te maken. 'Ik zat eerder op Twitter dan dat ik op tv was.' Hij is een product van het internet: hij schreef voor jongerensite Spunk en blogde op zijn eigen site debroervanroos.nl, voordat hij in 2011 aan opleidingstraject BNN University begon.

Voor BNN werd het hoog tijd om de stap naar YouTube te zetten, vond Hofman. 'Ik wilde dat de omroep online relevanter zou worden en een jonger publiek zou trekken dan op tv. Bovendien vond ik het belangrijk dat we een wederkige rol zouden krijgen: het oplossen van problemen is niet alleen leuk om naar te kijken, het versterkt ook de band met de doelgroep.'

Die opzet lijkt geslaagd. Kijkers kunnen op YouTube reageren met duimpjes omhoog en duimpjes omlaag of commentaar leveren onder de video in kwestie. Abonnee Isa de Man: 'Ik kijk echt de hele week naar #BOOS uit! Misschien leuk om 2x per week te doen?' Een andere gebruiker viel iets op: 'Volgens mij zijn mensen van tv op YouTube meer zichzelf.'

Jelte Sondij (rechts).
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden