Essay Daten

No Asians – Hoe erg is het eigenlijk, het uitsluiten van een bepaald type op een datingapp?

Pete Wu ziet eruit zoals zijn naam klinkt. Tot zijn verrassing blijkt dat er mensen zijn die alleen daarom niet met hem willen daten. 

Ik was 25 jaar, weer single, en ik installeerde voor het eerst een datingapp op mijn smartphone. Ik maakte eerst een anoniem profiel aan, zonder foto, om zo eens voorzichtig rond te kijken. Ik had van anderen gehoord dat je op Grindr gewoon kon kiezen in welke lekkernij je trek had op dat moment – een all-you-can-eatsnoepwinkel. Ook zag ik de app als een lantaarn in een duistere zoektocht: waar ontmoet je andere homo’s als je ze niet herkent en bovendien niet van de daken schreeuwt dat jij homo bent? Ik dacht in deze online wereld te worden omarmd door een geheim genootschap.  Ik zou eindelijk geaccepteerd worden om wie ik ben.

Dat viel tegen.

Vrijwel meteen ontdekte ik dat Nederlanders van Aziatische afkomst, zoals ik, helemaal niet zo populair zijn. Sterker, in de teksten van sommige profielen werden duidelijke voorkeuren aangeven – en ook meteen maar een paar no go’s. Wanneer ik door het digitale veld scrolde met foto’s van anonieme, ontblote en gespierde torso’s afgewisseld met hoofden van mannen bij mij in de buurt, vielen mij een paar dingen op, namelijk teksten die waarschuwden: ‘no blacks’ (geen zwarte mannen), ‘no femmes’ (geen vrouwelijke types in de traditionele zin van het woord), ‘no fats’ (geen dikke mannen) tot ‘no Asians’ (Aziatische mannen hoeven geen contact te zoeken). Dat laatste komt vaker voor dan ik had verwacht. Uit onderzoek blijkt dat 79 procent van de Aziatische homomannen weleens gediscrimineerd wordt in de homoscene.

Snoeihard vond ik het, maar is het erg als iemand duidelijk maakt bepaalde voor- of afkeuren te hebben? En gaat het er anders aan toe op andere datingapps? Het overkomt iedereen die op Tinder zit, op Happn of al die andere apps: wie een paar kilo te zwaar is, klein van stuk, al wat ouder of juist te jong, peervormig of kalend – iederéén die niet voldoet aan de torenhoge eisen die gesteld worden aan wat de ideale man of vrouw zou zijn, maakt grote kans met één vingerbeweging de vergetelheid in geswipet te worden. 

Nu was ik 25, ik had standaardmaten en een aardige kop haar. Dus toen ik op Grindr voor de zoveelste keer geen antwoord kreeg op de grappigste openingszinnen die ik kon verzinnen, wist ik: hier is iets anders aan de hand. Ik kan precies dun of dik genoeg zijn en exact binnen de juiste leeftijdsgrenzen van mijn potentiële partners vallen, ik blijf Chinees van buiten. Mijn vrienden met zwembandjes of kalende slapen kunnen nog een goede hoek kiezen voor hun foto’s, ik blijf, ook met mijn mooiste duckface, Chinees van uiterlijk. Daarmee pas ik niet in het hypermasculiene schoonheidsideaal van de westerse man, het plaatje dat veel mannen (én vrouwen) in hun hoofd hebben.

Het kwam hard aan om zwart op wit te lezen dat ik – net als iedereen van mijn afkomst – zomaar kon worden uitgesloten. No Asians – hoe lomp mag je zijn op zo’n app? Dat het zo open en bloot wordt gezegd komt doordat in onlinecontact andere normen gelden dan in het echte leven en dan vallen bepaalde sociale afspraken weg, legt journalist Chris Stokel-Walker in The Guardian uit: ‘In dit soort apps is er geen ruimte voor empathie of zelfregulering.’ Sinakhone Keodara, de Amerikaanse oprichter van Asian Entertainment Television, kan dat bevestigen: toen hij een Grindr-gesprek begon, zo vertelt hij in The Guardian, kreeg hij maar drie woorden terug: ‘Asian, ew gross.’

Waarom?

Waar komt de weerzin voor de Oost-Aziatische man vandaan? Sinds wanneer zijn Chinese mannen niet sexy? Ik moet meteen denken aan hoe Oost-Aziatische mannen in films en series ervan afkomen. In The Hangover, de Hollywoodkomedie uit 2009 waarin een vrijgezellenfeest vreselijk uit de hand loopt, zit de Koreaans-Amerikaanse Mr. Chow. Dat is een ietwat overdreven maniakale crimineel die met een hoog stemmetje gebrekkig Engels spreekt, zich potsierlijk kleedt en op dramatische en feminiene wijze veel met zijn handen praat. Nogal een contrast als je moet acteren tegenover Bradley Cooper, de ultieme Amerikaanse held met blauwe ogen, stoppelbaardje en brede behaarde borstkas.

Dan zijn er nog de aan zijn snor draaiende slechterik Dr. Fu Manchu met zijn klauwachtige handen, de overdreven beleefde en onderdanige Chinees-Amerikaanse detective Charlie Chan, en de nerdy uitwisselingsstudent in de Amerikaanse tienerklassieker Sixteen Candles, die maar tevergeefs blijft proberen aan te pappen met de hoofdrolspeelster. Recentelijk had je nog het stuk verdriet Han Lee in de Amerikaanse comedyserie 2 Broke Girls, een constant doelwit van stereotiepe grappen over nooit een vriendin kunnen krijgen en kleine pikken.

Op de Nederlandse televisie is het niet veel beter. Al acht seizoenen lang is meneer Cheung Hoi Chi te bewonderen in het amusementsprogramma Ik hou van Holland. Presentatrice Linda de Mol haalt hem soms uit de coulissen, een gerimpeld mannetje dat geen Nederlands spreekt en als een misplaatste hofnar een Nederlands liedje moet zingen op zijn geheel eigen manier.

En wat te denken van de zwijgzame rechterhand van Ushi (Wendy van Dijk verkleed als Japanse journalist) in het programma Ushi & Van Dijk, dat tussen 1999 en 2002 werd uitgezonden en door miljoenen mensen werd bekeken? Dit typetje, gespeeld door de Japans-Nederlandse acteur Hiromi Tojo, verbeeldde het cliché dat Aziaten geen Engels spreken en zich altijd dienstbaar opstellen.

Oké, dus even opgeteld: nerdy, feminien, onderdanig en anders, maar nooit sexy. Is dit waar mensen mij onbewust mee associëren wanneer ze mij zien?

Yes Asians 

Nee, dat is niet alles. Toen ik een tijdje langer op Grindr rondhing en uiteindelijk mijn masker afzette en een eigen profielfoto uploadde, kreeg ik met iets nieuws te maken: mannen die zogezegd juist een seksuele vóórkeur hebben voor mensen wiens roots liggen in China, Japan of Korea. Dat wordt ook wel een racial fetish als yellow fever of geelzucht genoemd. ‘Rice kings’ noemen we mannen die zeggen te vallen op Oost-Aziatische vrouwen, zo lees ik op blogs, terwijl homomannen met deze voorkeur ‘rice queens’ worden genoemd.

Wat een feestje: datgene wat mij buiten de norm deed vallen, was ineens weer wat me aantrekkelijk maakte. Inmiddels heb ik het zo vaak meegemaakt dat ik zelfs bij ex-liefjes met wie ik een goede klik had achterdochtig werd. Het meest frappante geval was met Dave, een donkerharige witte man met flaporen. ‘Amsterdam is my playground,’ zei hij meteen toen we elkaar ontmoetten op het Rembrandtplein in Amsterdam. Zijn vader was rechter, zijn moeder huisvrouw, en hijzelf een beroepsklootzak uit het zuiden van Amerika, zo bleek. In het door hem uitgekozen sushirestaurant bestelde hij mijn lunch – in het Japans met een Amerikaanse twang – terwijl hij breeduit vertelde over zijn baan (econoom) en hobby’s (judo en aikido).

Toen we even later – zijn arm al om mijn schouders – naar een museum wandelden, had ik nog steeds bijna niets over mezelf kunnen vertellen. Van drie uur ’s middags tot tien uur ’s avonds hadden we zijn hele leven doorgesproken. Dave wilde niet zomaar een date met mij, zo benadrukte hij even later, hij wilde per se op een date met de Aziatische mij.

Ongevraagd begon hij over zijn liefdesverleden: ‘Ik date vaker met Aziaten. Mijn ex is Thai. Het is gewoon mijn thang.’ Zijn omarming verstevigde; de beste man was al een tijdje geleden op de Pete-trein gesprongen, die ene die hard onderweg was naar Chinatown, en hij was niet meer van plan me los te laten.

Dave maakte seksuele toespelingen – ik ging er niet op in. Hij vertelde over zijn vakanties in Thailand – ik zei niets. Op een foto die hij liet zien van zijn huis zag ik rollen met Japanse karakters hangen – ik schoof nog een stukje verderop toen hij naast me wilde zitten. Uiteindelijk had hij door dat ik nooit met mijn tanden de riem uit zijn broek ging trekken en nam hij de benen.

Mijn Amerikaanse date bracht het als een compliment, zijn neiging om zijn witte piem te omgeven door een bij voorkeur Aziatische omgeving; ik moest maar blij zijn dat hij me zag als aantrekkelijk in een wereld waarin dat voor ‘mijn’ groep lang niet altijd geldt. Dave was natuurlijk een lijperik zo een waartegen iedereen (man, vrouw, homo of hetero) die een date zoekt wel eens aanloopt. En ik was overduidelijk zijn fetisj, een ingevuld plaatje gebaseerd op mijn voorkomen en dat wilde ik niet zijn: een incompleet mens.

Waardoor ik weer terugkom bij die eerdere vraag: hoe erg is dat eigenlijk, het aangeven of uitsluiten van een romantische of erotische voorkeur voor een bepaald type? En dan in mijn geval: het type ‘Aziatische man’?

Kwestie van smaak

Ik spreek er vaak met vrienden over: is het (niet) vallen op bijvoorbeeld latino-, Aziatische of zwarte mannen een biologische voorkeur, gebaseerd op onze genetische opmaak, of een aangeleerde voorkeur, gevormd door onze omgeving, onze opvoeding en onze mediaconsumptie? En is vallen op een bepaalde etniciteit of huidskleur heel anders dan een voorliefde voor (of afkeer van) bijvoorbeeld blonde vrouwen? Als mensen zeggen dat het geen discriminatie of racisme is maar gewoon een seksuele voorkeur wanneer ze een tekst als ‘no Asians’ in hun profiel zetten, dan gebruiken ze het ‘mere preference-argument’, zegt assistent-professor in de filosofie Robin Zheng, die verbonden is aan de Yale-NUS Universiteit in Singapore: het is alleen maar een kwestie van smaak. Niets mis mee, toch? Een klassieke denkfout volgens haar. Want, zegt Zheng, er is wél iets mis: want mensen hebben de neiging aan bepaalde uiterlijke kenmerken meteen ook maar allerlei karaktereigenschappen toe te voegen. Dus zoals bij mijn Amerikaanse date het geval was, gaat het om het verkeerd aanvullen van het plaatje. Enfin, daar hebben wel meer mensen last van, toch? Hoogblonde vrouwen bijvoorbeeld moeten nogal eens vechten tegen het vooroordeel dat ze minder intelligent dan gemiddeld zijn. Maar dit gaat verder dan een eigenschap gekoppeld aan je haarkleur. In mijn geval vullen mensen, in ieder geval op datingapps, het plaatje tot de nok vol aan met een compleet palet aan karaktertrekken: nerdy, feminien, onderdanig en anders, maar nooit sexy. Dat een zin als ‘no Asians’ daarmee discriminerend is, daar valt niet over te twisten.

Het wordt beter

Toch weet ik zeker dat het beter wordt. Het was in Hollywood in 2014 nog revolutionair dat de Koreaans-Amerikaanse acteur John Cho, vooral bekend van goofy rollen in American Pie (‘milf! milf! milf’) en Harold and Kumar go to white castle, werd gecast in de romantische hoofdrol van een serie, Selfie. Maar een paar jaar later, in 2018, was daar ineens Crazy Rich Asians, de wereldwijde Amerikaanse romantische-komediehit met een voornamelijk Oost-Aziatische cast. Veel Aziatische mannen in het Westen juichten: eindelijk een film waarin mannelijke hoofd- en bijrolspelers shirtloos en verleidelijk over het scherm paraderen én ook nog eens meer dan alleen stereotiepen verbeelden.

En in populaire hedendaagse Amerikaanse televisieseries als Unbreakable Kimmy Schmidt, Riverdale, The walking dead, The good place, Glee en Crazy ex-girlfriend verschijnen steeds meer niet-stereotype mannelijke personages van Aziatische afkomst, al dan niet met een romantische verhaallijn. Laatst zag ik de Amerikaanse actieserie Warrior uit 2019; volgens mij heb ik nog nooit zo veel seksscènes gezien met Aziatische mannelijke acteurs.

Het beeld van wat aantrekkelijk kan worden gevonden wordt goddank steeds diverser: voluptueuze jonge meiden hebben een rolmodel aan zangeres Lizzo, Grace and Frankie (actrices Jane Fonda en Lily Tomlin) geven een opgewekt stemmend beeld van de wat oudere vrouw. En dat is belangrijk: het kan wonderen betekenen voor het dateleven van al diegenen die te dik, te peervormig, te klein, te kaal, te harig, te oud, te nerdy, te feminien, te onderdanig en/of te Aziatisch worden gevonden. Ikzelf merk dat ik niet slecht in de markt lig zodra mensen verder kijken dan mijn steile zwarte haar en de vorm van mijn ogen. Ook ben ik steeds beter geworden in het opmerken en uit de weg gaan van de lijperds, degenen die uitsluiten – of juist fetisjeren – op basis van iets waar wij – iedereen die niet aan de norm voldoet – niks aan kunnen doen. Ze zijn er nu eenmaal, maar dat betekent niet dat we ze nodig hebben.

Na een tijd was ik dan ook klaar met Grindr, de plek waar ik ooit dacht me eindelijk openlijk te kunnen wentelen in al mijn Aziatische homoglorie. Ik liet er nog een laatste blik door glijden, sloot af en verwijderde de app uiteindelijk van mijn telefoon.

Wat een rust.

Te oud om (online) te daten? In deze videoserie bewijzen daters op latere leeftijd het tegendeel. ‘Kijk toch eens, wat een mooie mannen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden