Nieuw: je muziek promoten met een pop-upstudio in het Centraal Station

Rockband St. Tropez (vroeger Go Back to the Zoo) deed het

Bij de ingang van het Centraal Station in Amsterdam is de NS-omroepstem nog goed te verstaan. Maar vanaf de roltrap van de zogeheten Amstelpassage wordt die overstemd door de stevige garagerock van St. Tropez (vroeger Go Back to the Zoo). Een maand lang verblijven de vier bandleden hier in een pop-upstudio ter promotie van hun tweede album. 

Pop-up optreden van de band St. Tropez in Centraal Station van Amsterdam. Voormalige bandleden van de band 'Go Back To The Zoo'. Foto Simon Lenskens

De opening dinsdagavond voelt een beetje als een krap bemeten huisfeest: de 70 vierkante meter zijn meer dan gevuld met zo’n honderd vrienden, familie, muzikale collega’s en fans van de band. Tijdens het optreden – de rockband speelt hun nieuwe album integraal – komen daar Duitse en Engelse passanten bij.

Deels door de kelderende verkoop van cd’s werd de pop-upstore de laatste jaren geregeld als promotietactiek voor nieuwe muziek ingezet. In Nederland hadden Kendrick Lamar, Justin Bieber en The Weeknd al pop-upstores in Rotterdam en Martin Garrix en Gorillaz in Amsterdam. Vaak ziet dat eruit als veredelde tafels met merchandise zoals je die bij concerten ziet, met een verkoop die zich richt op een kledinglijn van de artiest, tassen bedrukt met logo en luxe-uitgaven van de cd’s en platen.

Het nog slechts marginaal bekende St. Tropez (3.500 likes op Facebook) pakt het nu anders aan. De bandleden verhuisden hun studio van het KNSM-eiland in Amsterdam naar de ruimte in het treinstation en nodigden voor de komende maand bekende en onbekende artiesten uit. Zo speelt zaterdag een Talking Heads-coverband en komt rockband Mozes and the Firstborn er over twee weken een nieuwe single opnemen. 

De merchandise is beperkt tot vier verschillende St. Tropez-shirts en het nieuwe album op cd en vinyl. Een van de wanden is betegeld met platenhoezen van het album, achterin hangt een wit doek met de handgeschilderde naam van de band.

‘We wilden altijd al een café beginnen’, vertelt zanger Lars Kroon (32). ‘In Londen, Berlijn en Parijs heb je plekken die qua grootte tussen Paradiso en de minuscule zaaltjes inzitten, maar in Amsterdam niet.’ De band kwam via via in contact met Lil’ Amsterdam, dat op het Centraal Station pop-upstores- en galerieën verhuurt, en voor een maand konden ze terecht tussen de Heinekenbar en modeontwerper Enchellal. 

Kroon erkent dat de Amstelpassage, doorgaans bevolkt door grote aantallen forenzen en reizigers, wat klinisch is voor de zelfbenoemde yachtpunkband. 'Maar het gaat om wat we hier doen: experimenteren met andere muzikanten en vette dingen maken die iedereen kan horen.’

En oké, de bandleden zouden het niet erg vinden met hun tijdelijke aanwezigheid op het station iets van de naamsbekendheid terug te krijgen die ze als Go Back to the Zoo hadden. ‘We waren destijds best een groot succes in Nederland, maar zelf wilden we vooral dat het weer zo leuk werd als aan het begin’, legt Kroon uit. ‘Dus begonnen we een nieuwe band. Nu kent niemand ons, wat precies de bedoeling was. Maar we willen natuurlijk wel dat onze muziek gehoord wordt.’

Foto Simon Lenskens
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.