Niet alles is rijp op Springdance

Neem een toneeldecor (een hoek van een witte kamer), een film (opgenomen in een hoek van een witte kamer), een videocamera, een paar computers en twee performers....

Bozic liet zich inspireren door Michelangelo Antonioni’s filmklassieker Blow Up, waarin een man verstrikt raakt in de vraag of hij al fotograferend per ongeluk getuige is geweest van een moord. Hoe we de realiteit (menen te) zien is ook Bozics verhaal geworden.

Hij loopt klikkend op een denkbeeldige camera en springend over imaginaire hekjes (een knipoog naar Antonioni) over het toneel. Zij is een personage in de film. Maar al snel komen daar, als in een wiskundige som, allerlei variaties bij. Ook zij verkent het hier en nu, ook hij wordt een afbeelding van zichzelf. Samen bewegen ze in allerlei combinaties (film/film, film/toneel, toneel/toneel, live of niet live) maar nooit raken ze elkaar aan. Het is absurde poëzie met een tergende ongrijpbaarheid als kern.

Ook het gloednieuwe The Post Show Party Show van de Britse theatermaker Michael Pinchbeck gaat over vertelstructuren en heeft een klassieker als uitgangspunt. Samen met zijn (aandoenlijk bereidwillige) vader en zijn moeder achter de knoppen, reconstrueert Pinchbeck hoe zijn ouders elkaar, na een amateuruitvoering van The Sound Of Music waarin ze beiden een piepklein rolletjes speelden, ‘vonden’. In een reeks korte scènes halen vader en zoon herinneringen op, waarbij heden en verleden en zijzelf voortdurend van rol veranderen, gebruikmakend van een stel stoeltjes die personages, muzieknoten of een berg kunnen zijn. Het is uiterst spitsvondige en humoristische goochelarij met taal en concepten, uitgevoerd door performers met charisma.

De avond met Bozic en Pinchbeck was een zeer geslaagde van Springdance 2008, waarbij de reprise en de première een thematische link hadden. Dit jaar waren er opvallend veel (Nederlandse) reprises in Springdance. Op zich niet erg – bewezen kwaliteit op een bepaalde manier gecombineerd kan nieuwe inzichten opleveren – maar de nieuwswaarde van Springdance daalt er wel mee.

Ook anders was de combinatie van ‘gevestigde’ namen (Greco, Hay, Listopad, Sharifi, Schweigman) en onbekender talent, iets wat voorheen tot twee aparte edities (festival en preview) leidde. Een slimme zet, die inspirerend kan werken en publiek tot meer ‘risico’ kan verleiden. Maar dan nog, en dat blijft een heet hangijzer van Springdance, moet een bepaalde mate van ‘performancerijpheid’ het criterium zijn. Waarom Boukje Schweigmans (nog altijd fantastische) Wervel weer laten zien, maar dan iets anders aangekleed en als onderzoeksproces onder een nieuwe titel, Draai? Waarom een zaal vol mensen eindeloos en in het ongewisse laten wachten op een maker (Ion Dumitrescu) die ons één voor één wil ‘ontvangen’?

Deze editie, die volle zalen trok, was een overgangseditie; voor 2009 is de nieuwe artistiek directeur, Bettina Masuch, aan zet. Aan haar de lastige eer met een kritisch oog naar experiment te kijken. Een maker die in een voorfilmpje in de foyer haar eigen hand ‘ontdekt’ en daarvan bijna in extase raakt, is van een naïviteit die Springdance geen goed doet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.