Beschouwing Poëzie

Niet alle engagement is geloofwaardig, ook niet in poëzie

Niet alle betrokkenheid is geloofwaardig, ziet Arjan Peters, als hij Koen Stassijns en Asmaa Azaizeh leest. 

Beeld Getty

Als een flaptekstschrijver het niet meer weet, meldt hij dat de auteur iets onderzoekt. Klinkt gewichtig, betekent niets. In Hemelingen  ‘onderzoekt’ Koen Stassijns (1953) ‘de macht en de onmacht van de woorden’, aldus Atlas Contact (€ 22,99). Welja. 

Zo begint ‘Bootvluchtelingen’:

‘De waarheid is een lekkende sloep die zinkt met
tweehonderd mensen aan boord die dan nog hopen
op een beter bestaan. Ze vertrekken, komen niet aan,
en daartussen ongestoord: de Middellandse Zee

uitrollend op verhitte stranden waar menigeen
de zonnebranden met zo weinig mogelijk olie
te lijf wil gaan. Tot we zo bruin zijn als diegenen
die zich zo graag bij ons hadden gevoegd maar die

in een geul van de geschiedenis zijn verdwenen.
Natuurlijk kennen wij hun namen niet, ze zijn
niet uit te spreken, en geen zee gaat ooit ten onder
aan welke vorm ook van verlies of van verdriet.’

En dan gaat hij nog door over hoe we cocktails drinken, en over de zee. Alweer weg zijn de bootvluchtelingen uit de titel, die zo bruin zijn als wij hopen te worden en wier namen moeilijk uit te spreken zijn. Bovendien kennen we ze niet.

Dit is engagement op zijn goedkoopst. De helse werkelijkheid in kalme regels vervat, alsof je pijn daarmee wegmasseert.

Onlangs was Asmaa Azaizeh (1985) in Amsterdam, de Palestijnse dichter uit Haifa die in haar bundel Geloof me niet als ik vertel over de oorlog (Jurgen Maas; € 19,99) afstand neemt van de retoriek over oorlog en verzet die per definitie van haar wordt verwacht. In de vertaling van Nisrine Mbarki:

‘Jullie moeten niet geloven wat ik vertelde over de oorlog.

Want ik praat over bloed terwijl ik koffie drink, over graven terwijl ik
madeliefjes pluk in Marj Ibn Amer, over de moorden terwijl ik opging in de
schaterlach van vrienden en over het afgebrande theater in Aleppo terwijl ik nu
voor jullie sta in dit theater met airco

Telkens als ik de straten van een stad in een gedicht bombardeer, gaat het
beton achteroverliggen, leunen de lampen ertegenaan en lopen de profeten
in vrede langs.’

Zolang ze zich schaamt om over de oorlog te schrijven, voelt Azaizeh die niet aan den lijve, of ten hoogste in haar angstdromen, die ze óók beschrijft. Haar woorden geloof je meteen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden