Nederland leert New York sociaal bouwen

New York heeft veel, behalve betaalbare woningen. Dus halen ze er Nederlandse architecten bij. Slim bouwen op de vierkante meter is zó Dutch.

Gemeenschappelijke keuken in het Urby-complex van architectenbureau Concrete op Staten Island, New York. Beeld Concrete
Gemeenschappelijke keuken in het Urby-complex van architectenbureau Concrete op Staten Island, New York.Beeld Concrete

Het is de plek waar (Amerikaanse) dromen uitkomen, de populairste woonplaats onder jongeren wereldwijd, de stad waar elke stad op wil lijken: New York. Van Dubai alias 'het Manhattan van het Midden-Oosten' tot Sandton in Zuid-Afrika ('het Manhattan van Afrika') tot ons eigen Manhattan aan de Maas, Rotterdam.

New York heeft alles, zo lijkt het: het geld van Wall Street, cultuur op Broadway, het groen van Central Park. En toch is er iets dat mist in dit ideale plaatje en dat wij in Nederland wél hebben: betaalbare huisvesting. Vandaar dat ze nu uit New York naar Amsterdam bellen om hulp. Ze willen weten hoe Nederlandse architecten dat doen: goede, goedkope woningen bouwen waarmee je jonge, getalenteerde mensen in de stad houdt. In antwoord op die vraag ontwikkelde het Nederlandse architectenbureau Concrete een nieuw woonconcept: Urby. Eind juni opende op Staten Island de eerste vestiging.

Artist impression Urby-concept in Jersey city. Beeld Concrete
Artist impression Urby-concept in Jersey city.Beeld Concrete

Micro-units

Het is een modern, pakhuisachtig gebouwencomplex van 900 woningen groot en met huurprijzen vanaf 1.700 dollar per maand voor 45 vierkante meter. Omgerekend is dat 1.175 euro - een schijntje voor New York, met een gemiddelde huur van 3.000 euro voor een klein appartement.

'Onze opdrachtgever wilde een Europees of Japans bureau', vertelt architect Erikjan Vermeulen van Concrete. Waarom? 'Door de hoge bevolkingsdichtheid en beperkte hoeveelheid grond, zijn wij gewend creatief om te gaan met kleine ruimten.' Een goed voorbeeld is CitizenM, de hotelketen waarmee Concrete sinds de opening van de eerste vestiging op Schiphol in 2008 de wereld verovert. Met bedstee-achtige kamers (14 vierkante meter), voorzien van alle gemakken en een flitsend design. De vierkante meters die op de kamers worden bespaard, stopten de ontwerpers in een gemeenschappelijke 'huiskamer', met leestafels, flexwerkplekken en een bar - ook populair bij buurtbewoners.

Urby kent een vergelijkbare opzet. De zogenoemde micro-units zijn zo efficiënt mogelijk ingedeeld, met schuifdeuren tussen het woon- en slaapgedeelte, een ingebouwd bed en spiegelkasten, die de ruimte optisch vergroten. De gedeelde voorzieningen bestaan uit een urban farm op het dak, een keuken met inwonende kok, en een café waar je, zoals in de jarennegentighitserie Friends, met je vrienden kunt bankhangen.

null Beeld Rechtenvrij
Beeld Rechtenvrij

New York loves Dutch design

Naast Concrete zijn meer Nederlanders in New York actief, want Dutch design is er populair. Tuinarchitect Piet Oudolf ontwierp de Highline, een verwaarloosd spoorviaduct dat werd omgetoverd tot park. Landschapsbureau West8 maakte een masterplan voor Governors Island, Mecanoo renoveert de New York Public Library en de Rotterdamse bureaus ZUS en De Urbanisten werken aan een plan om de stad, in 2012 getroffen door orkaan Sandy, creatief te beschermen tegen het water.

Woningbouwrevolutie

Het woonconcept is juist het tegenovergestelde van Friends. 'Die serie draaide om het wonen met room-mates, want alleen zo kunnen New Yorkse starters de huur opbrengen. Gezellig ja, maar op den duur willen de bewoners een eigen plek. Probleem is dat ze te veel verdienen om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning en te weinig om een 'normaal' appartement te kunnen betalen. Daartussen is er niets in New York.' Met Urby willen Concrete en ontwikkelaar Ironstate in dat gat springen. Vermeulen: 'Hotels en auto's ontwikkelen zich volop. Het is raar dat op het gebied van woningbouw nauwelijks wordt gekeken naar behoeften van de markt.'

Het project staat niet op zichzelf. Op Manhattan is net de spectaculaire 'courtscraper' geopend van het Deense bureau BIG: een kruising van het klassieke Europese woonmodel - een blok huizen rond een binnentuin (courtyard block) - en de Amerikaanse wolkenkrabber. Ook dit is een uitgesproken sociaal gebouw, met een collectieve buitenruimte, fitness, kinderspeelkamer, bibliotheek en bioscoop.

Woongebouw Via 57 West (`court-scraper`) van BIG. Beeld Concrete
Woongebouw Via 57 West (`court-scraper`) van BIG.Beeld Concrete
Woongedeelte Urby-unit. Beeld Concrete
Woongedeelte Urby-unit.Beeld Concrete

Concrete en BIG zijn niet de eerste Europese architecten die woningbouw in New York realiseren. Eerder verrijkten Jean Nouvel (bekend van bijvoorbeeld de Philharmonie Parijs) en Herzog en de Meuron (Tate Modern in Londen) de skyline met appartementencomplexen. Het verschil is dat deze beroemde architecten werden aangetrokken om het leven van de superrijken nog mooier te maken, met luxe penthouses, die voor miljoenen van de hand gingen. BIG's nieuwe complex bestaat voor 20 procent uit sociale huurappartementen. Voor de kleinste eenkamerwoning betalen bewoners - subsidie meegerekend -565 dollar per maand.

Is dit het begin van een 'Europese' woningbouwrevolutie in New York? Een tweede Urby is in aanbouw: een woontoren in Jersey City, pal tegenover Manhattan, een derde en vierde project zijn in voorbereiding. Vermeulen denkt al na over de vervolgvraag: wat doe je als het eerste kind komt?

Slaapgedeelte van een Urby-wooneenheid. Beeld Concrete
Slaapgedeelte van een Urby-wooneenheid.Beeld Concrete

Wat Amerika van de Nederlandse woningbouwtraditie kan leren

1. Denk klein

Architect Erikjan Vermeulen: 'In Nederland zijn we gewend compact te bouwen, in Amerika is alles groot, zeker in de suburbs, waar aan ruimte geen gebrek is. Wij vinden 30 vierkante meter royaal, zij noemen dat een micro-unit.' De studio ofwel een-kamerwoning is op zichzelf niet nieuw voor New York. 'Wat wij inbrengen is het grootse gevoel, met veel daglicht - dat is gratis - en een slimmere indeling met inbouwmeubels. Amerikaanse regels maken het soms lastig. Zo moeten alle ruimten,ook in Urby, rolstoeltoegankelijk zijn. Dan krijg je een badkamer als een balzaal in zo'n studio. Er wordt wel geëxperimenteerd met prijsvragen waarbij regels worden losgelaten die de ontwikkeling van betaalbare huisvesting in de weg zitten.'

2. Vraag de beste architecten

In Nederland is sociale woningbouw van oudsher verbonden met architectuur. De woningbouw-verenigingen die in de tweede helft van de 19de eeuw werden opgericht, wilden meer dan degelijke huizen bouwen voor een betaalbare prijs: het was een culturele daad die de arbeiders moest 'verheffen'. Daartoe werden de beste architecten aangetrokken: Hendrik Berlage, Aldo van Eyck, Herman Hertzberger, Mecanoo, Rem Koolhaas - vrijwel alle grote namen realiseerden sociale woningbouw. Een groot contrast met Amerika, waar affordable housing gelijkstaat aan non-descripte flats met bruine gevels en kleine ramen, en waar bekende architecten pas worden ingehuurd als er grof geld kan worden verdiend.

3. Bouw prefab

'Prefab bouwen is relatief nieuw in New York', vertelt Vermeulen. 'Amerikanen denken meteen aan militaire barakken, het heeft geen architectonisch imago. Terwijl in Nederland talrijke voorbeelden bestaan van mooie prefab-studentenhuisvesting en -hotels. De winst zit 'm in de korte bouwtijd: takel een paar honderd woonunits op elkaar en je hebt een gebouw. Daarbij is de kwaliteit van de afwerking hoger, omdat je in een fabriek de productie beter kunt controleren . Onze ambitie is om ook prefab-Urby's te bouwen, maar de eerste twee projecten zijn op traditionele wijze uitgevoerd. Voor de nieuwe vestiging van CitizenM, die we in New York bouwen, worden wel prefab-hotelkamers gebruikt.'

4. Sociaal centraal

Gemeenschappelijkheid speelde al een hoofdrol in de vroegste vorm van sociale woningbouw in Nederland, zoals bij de bekende hofjes, waarbij huisjes rond een gemeenschappelijke binnentuin werden gebouwd. Vermeulen: 'In New Yorkse appartementencomplexen zie je soms wel een gemeenschappelijke woonkamer, maar dan weggestopt in een hoek en zonder actieve programmering. Wij zien dat door de digitalisering en de toegenomen mobiliteit de behoefte aan 'analoog' contact en een thuis-gevoel groeit. Daar willen wij aan tegemoet komen. Zo hebben we het café, gekoppeld aan de entree, tot het hart van het gebouw gemaakt. En naast een inwonende kok is er een tuinman die bewoners betrekt bij het telen van groente in de stadstuin.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden