Recensie Boeken

Nachtouders heeft meer vaart en de personages voelen menselijker (vijf sterren)

Ergens aan het begin van hun relatie wil Juli Saskia iets ernstigs zeggen. Daar gaan we, denkt de dolverliefde Saskia, ze heeft vast een drankverslaving. ‘Maar het was vele malen erger.’

Juli wil een kind.

Saskia weet het een paar jaar voor zich uit te schuiven, maar uiteindelijk moet ze eraan geloven. Met dank aan donor Karl, een Canadese kunstenaar, raakt Juli zwanger. Wanneer de baby 1 jaar oud is, maakt het stel een lange reis naar het kleine, afgelegen hippie-eiland waar deze beer van een vent is opgegroeid. Waar Karls moeder Molly, die dertig identieke groene gewaden heeft, Saul vol zelfgebakken brood en boter stopt, en adelaars op kippen of kinderen duiken. Nachtouders, de nieuwe roman van de Vlaamse Saskia de Coster, is het (semi-)autobiografische verslag van deze wekenlange reis. Al klinkt ‘verslag’ veel te braaf; het boek is een kolkende mix van theaterdialogen, tobberige dagboekfragmenten, razende prozagedichten en scènes vol slapstick, ontaardend in een gothic novel compleet met afgezaagde vingerkootjes en familiegeheimen.

Op de heenweg doet een stewardess moeilijk; ze vindt het kind te groot voor de vliegtuigwieg. ‘Hij weegt exact tien kilo’, liegt Saskia. De stewardess negeert haar. Wanneer Juli haar woorden herhaalt, wil de stewardess wel luisteren. ‘Voor een echte moeder maakt ze een uitzondering. Die mag de feiten van de wereld zo verbuigen dat ze bij haar stevige kind passen.’

Nachtouders zit vol met dit soort pijnlijke momenten, waarin Saskia subtiel gepasseerd wordt omdat zij niet de biologische moeder is. Maar zichzelf ontziet de verteller evenmin. Ze beschrijft hoe bang ze is om voor een kind te zorgen, over hoe weinig zin ze er aanvankelijk in had, en hoe geïsoleerd ze zich soms van haar nieuwe gezin voelt omdat haar lichaam het kind niet mede heeft gemaakt. Haar angsten zoeken een uitweg in een affaire. Ook worstelt ze met de afwijzing van haar ouders, die principieel tegen het homo-ouderschap zijn en Saul dus niet als hun kleinzoon beschouwen.

Misschien is de vrijheid die De Coster in haar taal bereikt wel een vorm van verzet tegen die bekrompenheid, die ze overigens niet alleen bij haar ouders signaleert maar ook bij hen die zich het meest verdraagzaam achten. ‘Een kind heeft het recht om zijn donor te kennen, pleitte Saskia. In het achterste, donkerste kamertje van haar geest lichtte op dat zoiets nog heel erg nodig zou kunnen zijn, voor het geval ze ertussenuit kneep. Daar ging ze weer, de ik ik ik die zou stikken in het ritme van een kind.’ In paniek of niet, haar zinnen swingen altijd. De Coster is gul met haar taalparels, op elke bladzijde valt iets te onderstrepen: ‘En je zei: daar bestaat ook al geen woord voor. Wij groeien uit de taal. We doen het zelf wel, zonder de reddingsvestjes van woorden.’ Soms verstopt ze odes aan haar literaire helden als Clarice Lispector.

In haar eerdere romans als Wij en ik viel De Coster al op door haar uitbundige, soms mateloze stijl en de absurdistische verwikkelingen die even komisch zijn als dat ze schrijnen. Maar gelijk valt op dat De Coster dit keer net iets meer ingehouden schrijft, met de riem één gaatje strakker. Precies genoeg: Nachtouders heeft meer vaart en de personages voelen menselijker dan in haar eerdere werk, maar haar humor en lyrisch vuur zijn gebleven. Dit is dan ook haar meest aangrijpende roman tot nu toe geworden. Koortsig vecht De Coster met haar demonen, om uiteindelijk als herboren eruit te komen. Een boek van epische proporties.

Saskia de Coster: NachtoudersDas Mag; 376 pagina’s; € 24,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden