Interview Ezra Koenig

Na zes jaar is Vampire Weekend terug met een prachtig popalbum: ‘Ik had alle tijd, niemand die meekeek’

Ezra Koenig, zanger en gitarist van Vampire Weekend. Beeld Monika Mogi

Het jeugdige enthousiasme van voorheen heeft plaatsgemaakt voor meer reflectie. Liedjes over kommagebruik zul je op hun nieuwe album niet aantreffen.

We hadden er na zes jaar afwezigheid niet meer op gerekend, maar Vampire Weekend is terug. Vandaag verschijnt dan eindelijk Father of the Bride, het vierde album van de band rond zanger en gitarist Ezra Koenig. En laten we er geen doekjes om winden, het is een prachtig, veelzijdig popalbum geworden. Achttien wonderschone liedjes, waarin naast de van eerdere platen bekende Afrikaans klinkende gitaarlijntjes en flirts met Caribische ritmen, ook ruimte is voor countryduetten (met de uit popgroep Haim afkomstige Danielle Haim) en cool jazz.

‘Het voordeel van zo lang uit beeld te zijn geweest’, stelt Ezra Koenig (35), die in Londen tekst en uitleg geeft, ‘is dat alle verwachtingen zijn teruggeschroefd. Eerst roept iedereen om je heen: waar blijft je nieuwe plaat? Maar toen raakte gitaarpop zoals de onze uit de mode, en raakte ik blijkbaar uit het vizier van de popvolgers.’

Koenig liet zich de luwte welgevallen, verkaste van New York naar Los Angeles, werd verliefd, kreeg een zoontje en schreef mee aan een nummer op Lemonade (2016) van Beyoncé.

‘Een paar jaar lang dacht ik niet meer aan Vampire Weekend en werd ik er ook niet naar gevraagd.’ Lekker rustig, maar ook wat vreemd dat er van de band die in 2008 als een soort redder van de indierock werd binnengehaald, nu blijkbaar niets meer werd verwacht.

‘Dat stak me ook, denk ik, dus ben ik in alle rust aan de slag gegaan met nieuw bandmateriaal. Ik had alle tijd, niemand die meekeek.

Fijn dat ze terug zijn, want van alle Brooklyn-bands die tien jaar geleden de indierock een flinke impuls gaven, was Vampire Weekend de leukste en opwindendste.

Drie gelauwerde albums bracht Vampire Weekend uit tussen 2008 en 2013. Naast stadgenoten The National, Grizzly Bear en Deerhunter was ook Vampire Weekend een band die durfde te experimenteren en te zoeken naar nieuwe songstructuren, en tegelijk hun vondsten wisten te verwerken tot pakkende, meeslepende songs.

‘We hadden geluk dat er in New York om ons heen zo veel gebeurde’, zegt Koenig nu. Al vond hij het vreemd dat de media er een Brooklyn-trend van maakte. ‘De meesten van ons kwamen daar niet eens vandaan. Maar Brooklyn was überhip. Daar hoorde een nieuwe, hippe trend in de popmuziek bij, vonden de media blijkbaar. Dus kregen alle rockbands die iets nieuws probeerden, dat Brooklyn-etiket.’

Maar waarom hoorden we dan zes jaar niets van Vampire Weekend? Het was na het derde album Modern Vampires of the City (2013) klaar en even op, zegt Koenig. Muziek maken is het leukste dat er is, maar als je het plezier verliest, kun je er maar beter mee ophouden. ‘Van de universiteit was ik rechtstreeks de rock-’n-roll ingedoken. Geweldig als je in de twintig bent, maar toen ik bijna 30 was, wilde ik toch zeker weten of Vampire Weekend mijn levensbestemming moest blijven.’

Daarvan raakte Koenig, naarmate het werken aan Father of the Bride vorderde, steeds meer overtuigd. Het resultaat is een zeer ambitieuze popplaat. De achttien songs die in een uur voorbij trekken zijn minutieus gearrangeerd en laten een band horen die met het grootste gemak van stijl verspringt.

De mix van country en synthpop in Married in a Gold Rush is adembenemend mooi. De stemmen van Danielle Haim en Koenig kleuren perfect bij elkaar. En het stukje cool jazz in My Mistake had een nagelaten werkje van Chet Baker kunnen zijn, zo knap weet Koenig de lijzige Baker-sound uit de jaren vijftig te imiteren. 

Ieder nummer heeft een eigen sfeer, bepaald door diverse gastmuzikanten. Gitarist Steve Lacy uit de r&b-band The Internet en zangeres Danielle Haim laten zich gelden. Lacy’s sierlijk knisperende spel is duidelijk van invloed op de heldere gitaarsound van Koenig, terwijl Haim de harmonische samenzang waarmee haar band een paar jaar geleden veel indruk maakte, zo kon meenemen naar Koenigs nieuwe nummers.

Nummers die hij vanwege het vertrek van gitarist, toetsenist en medesongschrijver Rostam Batmanglij alleen schreef. Maar de suggestie dat dit vierde Vampire Weekend-album misschien meer dan vorige platen vooral een Koenig-album is, wordt door de zanger ferm van de hand gewezen. ‘Ik geloof niet in democratie binnen een band, en heb toen we begonnen al gezegd dat ik zou bepalen welke nummers we zouden opnemen, en hoe. Jammer dat Rostam wegging, maar het was nu ook weer geen Lennon & McCartney die uit elkaar gingen. Ik ben dan wel in charge, maar ik kan het niet alleen. Ik heb een drummer nodig, een bassist en soms nog veel meer. Ik heb nog nooit zo veel gasten uitgenodigd als voor deze plaat, dan kun je het toch geen soloalbum meer noemen?’

Bernie Sanders

Zijn enthousiasme is wat minder groot dan vier jaar geleden, maar Ezra Koenig zal tijdens de komende Amerikaanse presidentsverkiezingen opnieuw zijn steun geven aan Bernie Sanders. Destijds speelde hij met Vampire Weekend op campagnebijeenkomsten van de Democratische kandidaat. ‘Vier jaar geleden geloofde ik echt dat Sanders het tij zou keren. Ik koesterde een groot wantrouwen tegen eigenlijk iedere politicus; allemaal sociopaten, van wie Sanders zich met oprecht betrokken speeches distantieerde. Maar uiteindelijk haalt zo iemand het toch niet, zo vrees ik ook nu weer. Toch wil ik hem niet opgeven. Dus ja, als ik met Vampire Weekend een steentje kan bijdragen door weer met hem op campagne te gaan, dan doe ik dat wellicht weer.’

Voor Ezra Koenig is dit gewoon het vierde Vampire Weekend-album, het eerste van wat hij beschouwt als een nieuwe fase in de bandgeschiedenis. ‘Onze eerste drie platen waren die van een stel jeugdige enthousiastelingen. Twintigers waren we, gretig en ambitieus. Daar hoort een wat manische sound bij. Nu zijn we oud en mag alles wat reflectiever klinken.’

Wat anders kon en vooral beter moest, waren zijn teksten. ‘Ik schreef altijd vanuit een zinsnede die me inviel of een bepaalde term die ik oppikte. Daar bouwde ik dan wat omheen. Maar je kunt toch niet je hele leven liedjes over Oxford-komma’s blijven schrijven’, zegt Koenig, verwijzend naar een van Vampire Weekends bekendste nummers, Oxford Comma. ‘Best leuk, de studie van de interpunctie, maar niet van levensbelang. Ik merkte dat ik uit gemakzucht om de hete brij heen draaide en al snel verviel in een beetje studentikoos spelen met woordjes. Ik zou nu ook geen liedje meer naar een bouwstijl van een dak noemen (Mansard Roof).’

Waarom zou hij niet wat meer in zichzelf proberen te kijken, op zoek naar ware, diepe gevoelens? Vroeger durfde hij daar misschien niet aan; maar wilde hij vooruit, zo realiseerde hij zich, dan zou hij zich daartoe moeten dwingen. ‘Ik ben me bij wijze van studie in allerlei songteksten gaan verdiepen. Van de grote jongens als Lou Reed en Leonard Cohen, maar ook van nummers die ik de hele dag om me heen hoor van Drake en Ariana Grande.

Vooral de zogeheten break-up song was een tijdlang object van onderzoek. ‘Waarom zijn er zo veel liedjes over het uit elkaar gaan van geliefden? Ik dacht altijd dat dit hoorde bij de jeugdigheid waarmee popliedjes vaak geassocieerd worden. Jonge mensen zijn nu eenmaal meer bezig met uit elkaar gaan dan ouderen.’

Maar Koenig kwam tot een heel ander inzicht. De break-up song is ook gewoon een ideale metafoor voor al het pijnlijke dat mensen in hun leven meemaken. ‘Het uitmaken van een relatie is het heftigste dat je iemand kunt aandoen zonder de grens van het ethisch correcte te overschrijden. Dat maakt het zo interessant voor een tekstschrijver. Je doet iemand veel meer pijn door het uit te maken dan door hem een klap voor zijn hoofd te geven, maar het mag gewoon.’

Voor Koenig was dit zo’n inzicht waar hij meteen iets mee wilde in zijn nieuwe liedjes. ‘Spring Snow kwam eruit voort, maar eigenlijk gaan alle nummers over moeizame en ontsporende relaties tussen volwassenen.’ 

Nieuwe tekstuele inzichten leidden ook tot een andere muzikale aanpak. ‘Ik hoefde niet meer zo vast te houden aan het aloude indierock-keurslijf’, zegt Koenig. Heel bewust opent het album dan ook met het heel omfloerst gezongen Hold You Now, een duet met Danielle Haim. Dat had, zeker door de wat hese zangstijl, ook een nummer van Paul Simon kunnen zijn, vindt Koenig. ‘Met indierock heeft het in elk geval niets te maken – en gelukkig maar, want die is toch dood, toch?’

Met een besmuikt lachje vertelt Koenig hoe hij zich de afgelopen jaren heeft vermaakt over de diverse ‘sterfgevallen’ in de muziekwereld. ‘Eerst was er de dood van de rockgitaar; die was passé, waarna indierock een even harde dood stierf. Vervolgens werd het fenomeen ‘album’ uitgewuifd.’

Geen bloemen, geen toespraken. ‘Maar allemaal ook niet waar, er is niks dood. Het album is springlevend, als het aan mij ligt. Father of the Bride is echt een popalbum in de klassieke betekenis.’ Natuurlijk, er is veel veranderd. ‘Zes jaar geleden had niemand het over streamen. Maar stellen dat de gitaarrock dood is, is onzin. Sterker: gitaren werkten vroeger ook al het best als ze in de contramine gingen, tegen de mainstream in.’

Vampire Weekend, Father of the Bride. Sony Music.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden