AfscheidStefan Verwey

Na 47 jaar en duizenden cartoons neemt Stefan Verwey afscheid van de Volkskrant

Stefan Verwey, de satiricus van het boekenvak, houdt het voor gezien. Bijna een halve eeuw sierden zijn tobbende figuurtjes de Volkskrant.

Verwey in 2005: ‘Bij het thema vrede waren het altijd weer duiven. Ik kon er niet aan ontsnappen.’Beeld Stefan Verwey

Mannetjes en vrouwtjes op scherpe driehoekige pootjes, in 1973 komen ze de Volkskrant binnengedrenteld, eerst schoorvoetend op de pagina Dag in Dag uit, maar al snel ook op andere plekken in de krant. Met hun puntige voetjes, schoudertjes en neusjes stoten ze zich aan de wereld. Tekst hebben ze niet; hun schepper Stefan Verwey (1946) maakt in wrange, woordloze grappen duidelijk waar de pijn zit: gifbelten, olierampen, atoombommen, martelende junta’s en geestloze nieuwbouwwijken – het arsenaal aan wereldleed van de ‘kritiese’ krantenlezer van toen.

Bijna een halve eeuw lang zullen de tobbende mannetjes en vrouwtjes van tekenaar Stefan Verwey standhouden in de Volkskrant, waarbij ze een geleidelijke transformatie naar meer menselijke vormen ondergaan. De klaarheldere lijnen verliezen hun hoekigheid, de pootjes worden gewone voeten, de galgenhumor over misstanden hier en elders (in 1976: een volgevreten grootindustrieel braakt bankbiljetten) verandert in een ironische blik op het getob van alledag. En, niet onbelangrijk: de personages in Verweys tekeningen beginnen te praten.

Nieuw thema vanaf 1995: schrijvers, lezers en de ongerijmdheden van het literaire bedrijf.Beeld Stefan Verwey
Beeld Stefan Verwey

Dat gebeurt na een periode van ziekte en gedwongen zelfreflectie in de jaren tachtig, waarin de maker niet alleen zijn huiver voor tekst aflegt, maar ook besluit het al te nadrukkelijke engagement te laten varen. In 2005 vertelt Verwey in een terugblik in de Volkskrant hoe de tredmolen van politieke thema’s hem was gaan tegenstaan: ‘Bij het thema vrede waren het altijd weer duiven. Ik heb er tientallen van gemaakt en kon er niet aan ontsnappen.’

Cartoon uit Niks aan de hand (gebundelde cartoons, 1978).Beeld Stefan Verwey
Een vroege Verwey: geen tekst, veel engagement.Beeld Stefan Verwey

De generaalspetten en gifpijpen uit het vroege werk maken plaats voor een breder spectrum aan geestigheden (lokkende tekst op de boshut van de Boze Heks: ‘Gratis internet’), waarna zich een nieuw thema aandient: cartoons over schrijvers, lezers en de ongerijmdheden van het literaire bedrijf. Ze verschijnen vanaf 1995 elke week tussen de boekbesprekingen in het katern Cicero, dat later opgaat in Sir Edmund en vervolgens in Boeken & Wetenschap. Verwey dacht eerst zo’n drie jaar met het onderwerp vooruit te kunnen, maar het kleine literaire leed bleek groot genoeg om 25 jaar mee te vullen.

Klein lezersleed. Uit: Hoe open ik een boek (2014).Beeld Stefan Verwey

Lege boekwinkels, debutanten met een writer’s block, signeersessies zonder publiek, loze praatprogramma’s, uitgevers die niets uitgeven – het geheim van die nooit opdrogende stroom tragikomische cartoons is volgens de tekenaar dat ze in hun diepste wezen autobiografisch zijn.

Uit: Hoe open ik een boek.Beeld Stefan Verwey

‘Ik zet mezelf te kijk’, zegt hij in 2005, in hetzelfde interview waarin hij bekent zichzelf een ‘onbeholpen tekenaar’ te vinden, vergeleken met bewonderde vakgenoten als Yrrah, Peter van Straaten en Frits Müller. Maar Stefan Verwey heeft geen overmaat aan techniek nodig om geestig te zijn. Een voorbeeld uit de marge zijn de snelle krabbels op gele memoblaadjes die hij bij wijze van groet achterlaat voor de boekenredacteuren: rake zelfportretjes als potlood en boek.

Krabbel van Stefan Verwey voor de boekenredactie van de Volkskrant.Beeld Stefan Verwey

Zijn laatste zelfportret stond vorige week op deze pagina. Na 47 jaar en duizenden Volkskrant-cartoons houdt Stefan Verwey het voor gezien. De satiricus van het boekenvak neemt afscheid in stijl: ‘Eindelijk tijd om te lezen’, zegt zijn alter ego in een kamer vol boeken, comfortabel in zijn leesstoel naast een lege tekentafel. Het feest kan beginnen.

Krabbel voor de boekenredactie.Beeld Stefan Verwey
De laatste cartoon van Stefan Verwey in de Volkskrant, 1 februari 2020.Beeld Stefan Verwey

Gedebuteerd als 20-jarige

Stefan Verwey (1946) debuteerde als 20-jarige met de strip Broeder Gosewijn in weekblad De Katholieke Illustratie. Behalve in de Volkskrant publiceerde hij in onder andere De Gelderlander, de VPRO Gids, De Standaard, Onze Wereld en HP/De Tijd. De Kunsthal in Rotterdam (1999) en het Persmuseum (2005) wijdden overzichtstentoonstellingen aan zijn werk. Verwey werd bekroond met de Ton Smits-penning (1987) en de Inktspotprijs (1999 en 2000).

Bekijk hier een verzameling van de cartoons van Stefan Verwey over het literaire bedrijf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden