Mysteriën

Een literaire komeet

Knut Hamsun (1859-1952) was naast een nazi-sympathisant ook een groot romanschrijver. Noorwegen herdenkt zijn 150ste geboortejaar, bij uitgeverij De Geus verschijnt een nieuwe vertaling van Mysteriën.

Totaal onverwacht sloeg de literaire komeet Knut Hamsun bij mij in. Zoiets had ik nog nooit gelezen. Nog nooit. Ook niet bij Dostojevski. Waar kwam ie vandaan? Hoe kom je aan een boek dat je hele nog niet eens begonnen schrijversleventje alweer helemaal ondersteboven keert?

Dat zal ik eens vertellen.

Ik had hem natuurlijk al vaak in antiquariaten zien staan, waar hij als onverkoopbare bulk stock de planken bezet stond te houden met ruggen die hoogstens opvielen omdat ze zo pijnlijk lelijk waren. Noorse streekromans, dacht ik. Scandinavische Blut-und-Boden-troep, met veel door de noordenwind gekromde naaldbossen en hoogblonde meisjes die nog nooit van het woord 'neuken' hebben gehoord. En verder was ik Hamsuns naam een keer tegengekomen bij Amerikaanse poseurs-bohémiens als Charles Bukowski en hoe heetten ze verder, die dan het masterpiece Hunger als hun voorbeeld noemden, maar op de een of andere manier was sociaal-realistisch gezeik over honger mijn dingetje niet; ik was meer een roker en een drinker.

In onze eigen letteren speelde deze Hamsun toen geen enkele rol. Nu nog steeds niet trouwens. De enige passage waar ik hem tegenkwam, staat in De pupil van Harry Mulisch. Daar gebruikt de auteur de dikke pil Ringen sluttet van ene Knut Hamsun om een verzakte rioolpijp te stutten. Als sprekend detail, weet je wel. En dat was nou precies de reden dat ik nieuwsgierig naar hem werd. Een schrijver die net goed genoeg was om voor Mulisch de stront op te vangen, dat kon wel eens iets zijn.

De ring gesloten heette het boek in de afzichtelijke Nederlandse uitgave. Het bleek het laatste te zijn dat de schrijver wilde publiceren, waarna hij op zijn oude dag alleen nog zijn huis uit wenste te komen om Hitler en Goebbels de hand te schudden en sterkte te wensen met hun werkzaamheden.

Aha. Dat was dus de reden dat hij voor Mulisch de stront mocht opvangen. Een collaborateur. Een nazi misschien wel. Die was fout, die hoefde je dus niet meer te lezen.

Zelf heb ik nooit begrepen waarom nazi's, moordenaars, kinderverkrachters etc. slechter zouden schrijven dan 'normale' mensen.

Integendeel, zou ik willen zeggen. Een beetje ervaring in het al te menselijke kan geen kwaad, dacht ik zo.

Maar voor de Nederlandse schrijvers, Mulisch natuurlijk voorop, was dit kennelijk reden om zich nooit meer met dit verderfelijke sujet in te laten.

Mij viel het nazisme eerlijk gezegd een beetje tegen, toen ik De ring gesloten las. Het is een roman over een eenling die nergens iets mee te maken wil hebben, die de mensen opzoekt om zich aan hen te verwonden. Iemand die uit zichzelf wil vallen, die zich in een vrije val, als een parachutist, van zichzelf wil bevrijden. Iemand dus die op een dag zomaar ergens landt. Als 'Ausländer des Daseins', zoals Duitsers dat zo mooi zeggen.

Heel mooi beleefde ik in deze roman het overbewustzijn van de hoofdpersoon, Abel, en diens verlangen naar zelfverlies, naar die mystieke tuimeling in het grenzenloze. Een mens als een vraagteken. Een vreemdeling die als een komeet met duizelingwekkende kracht op weg is naar de aarde.

Dit kamikaze-achtige heeft natuurlijk wel iets nazi-achtigs, maar in dat geval moeten we het hele nazisme gewoon zien als een romantische droom die helaas per ongeluk is uitgekomen. Ik zie het liever als de klassieke almacht-onmacht-patstelling waar elke gezonde (en ongezonde) jongen mee kampt.

De ring gesloten, die er bij mij al inging als koek, bleek een pendant te hebben in een vroeg werk van Knut Hamsun, te weten zijn roman Mysteriën.

Wederom moest ik eerst door de vormgeving zien heen te kijken. Ditmaal had de Nederlandse uitgever gekozen voor een 'filmeditie', als zodanig herkenbaar door een foto van Rutger Hauer en Sylvi

a Kristel die in speciaal genaaide, historisch volkomen correcte toneelkleren twee Nederlandse acteurs nadoen. Over deze 'film' ben ik ook later nooit iets te weten gekomen. Het zou mij niet verbazen dat het gewoon een losse foto voor de subsidie-aanvraag betreft en dat die hele verfilming verder niet bestaat.

Dat ik al zo'n grote mond over alles had, kwam doordat ik op dat moment al twee verhalen had gepubliceerd en mijn onvergetelijke debuut niet lang meer op zich kon laten wachten. Mijn hoogmoed had me al zo hoog opgetild dat ik de diepte al niet meer goed kon inschatten. Net als bij Hamsun, dacht ik trots.

En toen sloeg de komeet pas echt in.

Hoe zeg ik het? Ik zat nog gewoon in mijn stoel, met Mysteriën op mijn schoot, onder de oude, scheefgezakte schemerlamp. Maar alles was anders geworden. Nu had ik dat wel eens vaker, maar dat was de drank, dat telt niet in een cultureel referaat als het onderhavige. Of een slordig gerichte verliefdheid. Het gaat nu om een boek dat alles in een ander, onbekend licht stelde.

Er zijn inzichten waarbij alles op zijn plaats valt en er zijn inzichten waarbij alles juiste van zijn plek wordt losgerukt. Bij mij en Mysteriën was het laatste aan de hand.

Het heeft mij jaren gekost eer ik de impact van deze roman begreep. Ik had toen zelf inmiddels al een aantal boeken gepubliceerd.

Er zijn van die schrijvers die je heel goed kunt nadoen, en die dus heel vaak worden nagedaan. Ook ik ben begonnen met de schrijvers die het gemakkelijkst te imiteren zijn. Dat zijn de schrijvers met een 'sterke stijl'. De zogeheten schrijvers van zinnen. Denk aan Nietzsche, Reve, Céline, Nabokov, Salinger, Krol - schrijvers met een onmiskenbaar eigen stemgeluid. Ongelooflijk vaak geïmiteerd. Ongetwijfeld ook door mij.

Bij Mysteriën werkte het anders. Ik kwam er niet uit. Het boek greep me bij mijn kladden zonder dat ik wist te verklaren waarom juist dit boek mij zo diep raakte.

Ook hier zo'n hoofdpersoon met dat heerlijke verlangen 'naar de bliksem te gaan', zoals de flaptest luidde.

Maar de thematiek alleen was het niet. Het was - ook, vooral - iets in de manier van vertellen. Ik herkende het van Dostojevski: de introductie van een onvaste, onbetrouwbare verteller, zodat je als lezer niet weet waar je aan toe bent. In diens Herinneringen uit het ondergrondse valt de hoofdpersoon/verteller zichzelf op de eerste bladzijden al drie keer in de rede, zodat je al meteen niet meer weet wat hij meent en wat hij voorspiegelt.

Zo ook in Mysteriën, waarin de hoofdpersoon, ene Johan Nilsen Nagel, in het begin al een bepaald onbetrouwbare indruk maakt - door zijn tegenstrijdige gedrag vooral, maar ook door zijn drieste opinies.

Wat doet de man hier eigenlijk? Vraag je je meteen af. 'Hier' is het willekeurige Noorse kustplaatsje waar hij in de beginalinea aan land gaat - alsof hij een buitenaards wezen is dat op Aarde landt, zo gedraagt hij zich. Wat hij er te zoeken heeft, wordt niet duidelijk. Waar hij vandaan komt evenmin. De enige informatie die de schrijver verstrekt, is dat de vlaggen er uithangen, een feestelijke omstandigheid die kennelijk de interesse heeft gewekt van de merkwaardige hoofdpersoon.

Deze figuur, deze Nagel, trekt bij de plaatselijke burgerij meteen de aandacht met zijn opvallende gedrag. Zo heeft hij een knalgeel driedelig pak, alsmede een opzichtige vioolkist en een flesje blauwzuur, en smijt hij met geld. Een poseur dus, denk je. Maar voor een aandachttrekker is hij opvallend op zichzelf. Een loner die zijn eigen weg gaat.

Op dit punt was ik al helemaal verkocht. Een loner en een poseur in één gestalte. Prachtige vondst. Ik wist er alles van, realiseerde/geneerde ik me. Ook ik beoefende onder publieke belangstelling graag de pose der eenzaamheid. In zekere zin is het hele schrijven vanuit maatschappelijk oogpunt zo'n pose.

In een gewone, ik wou al schrijven Nederlandse, roman is een personage een figuur die door een doc

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden