De Gids Bobby McFerrin

Muzikaal virtuoos Bobby McFerrin over het stillen van spirituele én lichamelijke honger

Beeld Els Zweerink

U kent hem van zijn megahit Don't Worry Be Happy, maar noem hem niet alleen zanger. Liever vocaal acrobaat. Bobby McFerrin kan bijna alles met zijn stem.

Toen ooit aan Bobby McFerrin werd gevraagd welk muziekinstrument hij bespeelde, antwoordde hij: ‘Het publiek.’ Het is waar. Iedereen die de zanger van Don’t Worry Be Happy – in 1988 wereldberoemd met dat kabbelend pleidooi voor positivisme – zag optreden, zal het beamen. McFerrin haalt op speelse wijze zijn fans over om mee te zingen en zo onderdeel te worden van zijn concerten. Dat gaat dus veel verder dan een uitgekauwd en nagebauwd ‘Say Hooooo-hoo’ én met een repertoire dat zo’n beetje alle muziekgenres omspant. Staat het Ave Maria op de setlist, dan zingt hij de begeleiding van Bach en het publiek de melodie van Gounod. Het verbindt. Waar McFerrin ook zingt, de ad-hocharmonie resulteert altijd in instant saamhorigheid.

En dat terwijl de vocale acrobaat, die tegelijk een melodie kan zingen en zichzelf in een lager register kan begeleiden, aan de start van zijn carrière, zijn sterkste wapen niet eens gebruikte. McFerrin begon als pianist. In een hotel in Den Haag vertelt hij nu dat hij toen al dingen wilde doen die niet op een piano, maar wel met de stem kunnen.

‘Een toon ombuigen, traploos van de ene naar de andere noot glijden. Daarbij had ik in het begin van mijn loopbaan al visioenen van mezelf op het podium met alleen mijn stem als instrument. En dan vroeg ik het publiek mijn band te zijn en overhandigde ik hun de partituren.’

De muur tussen artiest en toeschouwer moest wegvallen. De zanger wilde al zingend het gevoel hebben deel uit te maken van een gemeenschap.

‘Ik was ervan overtuigd dat het zou werken want ik weet dat er veel mensen in de zaal zitten die de wens koesteren om muzikant of zanger te worden. Die zijn behoorlijk gretig en ik nodig ze ook wel eens uit om op het podium te komen.’

‘Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik mijn spirituele honger stil met wat passages uit de Bijbel.’ Beeld Els Zweerink

Dat maakt McFerrin waarschijnlijke de enige zanger op de wereld die niet alleen het podium deelde met instituten als cellist Yo-Yo Ma, jazzpianist Chick Corea en het Wiener Philharmoniker, maar ook met je buurvrouw. De vocale vreugde moet zo breed mogelijk gedeeld. Al moet de 69-jarige McFerrin de laatste drie jaar zijn enthousiasme, vanwege gezondheidsredenen, temperen. Hij heeft de ziekte van Lyme waardoor zijn energie beperkt is. In het interview komen de antwoorden na lange vermoeide pauzes waardoor je je soms bezwaard voelt om verder te vragen. En tijdens het concert van die avond blijkt ook dat andere leden van zijn vocale ensemble nu en dan de publieksparticipatiekar trekken.

Beeld Els Zweerink

Dat is niet erg want het gaat niet allemaal om hem. ‘Ik ben van mening dat artiesten de verantwoordelijkheid hebben om met hun zang of muziek iets van verlossing of bevrijding te brengen aan de ontmoedigde harten van mensen.’ En hoe vaak is het niet gebeurd dat, na afloop van een show, iemand naar hem kwam en hem toevertrouwde dat hij de reden was dat hij/zij zich aan een muziekcarrière had gewijd. Ook in huize McFerrin deed het virus zijn werk. De vocale influencer heeft zijn kinderen besmet. McFerrin: ‘Madison, mijn oudste die jazz zingt, zong al vanaf haar vijfde. Taylor, de jongste, speelt vanaf zijn tienerjaren toetsen, schrijft muziek en produceert.’ En zijn middelste Jevon, mag dan wel voor een acteercarrière hebben gekozen, ‘hij heeft een prachtige zangstem’.

Trotse vader?

Zonder enige vermoeidheid of aarzeling: ‘Jazeker! Ze doen het alle drie zo goed.’

Beeld Els Zweerink

Geestelijk Voedsel: De Bijbel

Beeld Getty

‘Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik mijn spirituele honger stil met wat passages uit de Bijbel. Je weet nooit wat voor problemen en uitdagingen er dagelijks op je weg komen. Om die allemaal het hoofd te kunnen bieden, met de vereiste geestelijke kracht, moet je je ziel voeden. Ik doe dat met de Bijbel. Daarbij hanteer ik niet echt een bepaalde volgorde of een schema. Ik pik er gewoon uit waar ik op dat moment behoefte aan heb en lees wat. Door de jaren heen heb ik de Heilige Schrift zeker vijftien keer van kaft tot kaft gelezen.’

Musicus: Robert McFerrin senior

Bobby McFerrin senior Beeld getty

‘Mijn vader is voor mij een grote inspiratie geweest omdat hij als eerste Afro-Amerikaan zong bij de Metropolitan Opera in New York. Dat was in 1955. In 1953 had hij al een auditie gewonnen bij de Met, ook als de eerste Afro-Amerikaan en in 1956 zong hij zijn eerste titelrol in Verdi’s Rigoletto. Mijn moeder zong trouwens ook. Ik heb het aan beiden te danken dat ik op jonge leeftijd kennismaakte met allerlei soorten muziek. Van Verdi tot Count Basie, er klonk altijd wat in huis. Ik werd aan aan zo veel verschillende genres blootgesteld dat je het kunt vergelijken met de situatie van een kind in een meertalig huishouden. Moeder spreekt Engels, vader Italiaans en een inwonende oom Russisch. Op jonge leeftijd leer je dan als vanzelf al die talen, net zoals ik al die soorten muziek als een spons in me opzoog.’

Lichamelijk Voedsel: sint-jakobsschelpen

Beeld Getty

‘Ik ben dol op zeevruchten en sint-jakobsschelpen spannen de kroon. Daarbij ben ik ook gek op de kookkunst van mijn vrouw, de beste kok ter wereld. Nee, nu je het zegt, ze heeft in de 44 jaar dat we getrouwd zijn, gek genoeg nooit sint-jakobsschelpen voor me klaargemaakt. Ik denk dat het iets met tijd en tijdsdruk te maken heeft. Ze doet wel kippenvleugeltjes, en die zijn overheerlijk. Maar sint-jakobsschelpen… Ik zal het eens aan haar vragen.’

Bezigheid: Dirigeren

Bobby McFerrin met St. Luke-orkest in Carnegie Hall, 2008. Beeld Hiroyuki Ito / Getty

‘Ik dirigeer inmiddels aardig wat jaartjes naast het zingen. En als je me zou vragen te kiezen tussen die twee dan is de keus snel gemaakt. Ik kan oprecht zeggen dat ik met hart en ziel een zanger ben. Dirigeren is voor mij een verlengstuk van het zingen: Ik zing met mijn handen. De eerste keer dat ik als dirigent optrad, was toen ik veertig werd. Ik vroeg aan vrienden bij de San Francisco Symphony Orchestra of ik iets mocht komen dirigeren voor mijn verjaardag. Toen ze ja zeiden, heb ik eerst wel wat lessen genomen. Maar tot mijn verbazing werd ik daarna vaker als dirigent gevraagd. Zo is het voor een orkest staan steeds verder uitgegroeid. De eerste keren merkte ik dat een groot deel van het publiek wel van mij, maar nooit van Mozart had gehoord. Die mensen ervoeren voor het eerst van hun leven live klassieke muziek. Ik doe het niet zo vaak meer maar heb er wel van genoten dat ik een nieuw publiek kennis heb laten maken met het klassieke repertoire.’

Componist: Mozart

Beeld Getty

‘Briljant hoe hij een thema door een stuk verweeft, dat laat ontwikkelen en vervolgens een ander thema daaraan koppelt. Het is prachtig om te horen hoe een Mozart-stuk transformeert terwijl het voortgaat. Mozart heeft iets speels, iets vlinderachtigs. Vergelijk het bijvoorbeeld met Beethoven. Daar hoor je grandeur. Het heeft gewicht, het is volwassen. Mozart heeft de lichtvoetigheid van de adolescentie maar is nooit simplistisch. Altijd leuk om Mozart te dirigeren. Het zal die speelsheid wel zijn die me zo aanspreekt. Ik wil ook graag dat mensen met een zekere onbekommerdheid met muziek durven omgaan.’

Radiostation: KZAP

‘Een radiostation dat ik ken uit mijn studietijd. In de jaren 60 was radio zo anders. De top-40-hits van die tijd zaten in een veel breder spectrum van muziekgenres dan nu. En op KZAP hadden ze sowieso nooit van hokjes gehoord. In een uur kon je James Brown, The Carpenters, Stevie Wonder, dan weer iets van een filmsoundtrack, Jimi Hendrix of Janis Joplin voorbij horen komen. Tegenwoordig heeft elke muzikale niche zijn radiostation. Of het nou jazz of seventiespop is. Ik vind dat wel een beetje jammer. Het maakt de kans dat je verrast wordt door iets wat je helemaal niet kent zo veel kleiner.’

Jazzband: Yellowjackets

Felix Pastorius van de Yellowjackets in 2012. Beeld Anthony Pidgeon / Getty

‘Een van de beste jazzfusionbands die ik ken. Ik voel me op de een of andere manier altijd aangesproken door de songschrijverskwaliteiten van toetsenist Russell Ferrante en saxofonist Bob Mintzer. Ze zijn funky en hun geluid is laidback maar niet lui. Ze weten je als luisteraar telkens uit te dagen. Ik heb een paar keer zowel live als op de plaat met ze mogen meezingen. Maar ik zing net zo graag met ze mee als ik in de auto aan het cruisen ben. Gewoon een supersolide band.’

Dansers: Fred Astaire en Ginger Rogers

1936: Ginger Rogers en Fred Astaire. Beeld Getty

‘De manier waarop ze in harmonie met elkaar bewegen is perfecte elegantie. Ik zou er zelfs voor willen pleiten dat woordenboeken een foto van Fred en Ginger plaatsen bij het woord ‘elegantie’. En ook al was Astaire voornamelijk een danser, je kunt wel zeggen dat ik door hem ben beïnvloed. Ik ben ook altijd op zoek naar die lichte toets die je in de bewegingen van Astaire ziet. Gratie zonder enige inspanning is het streven.’

Inspiratie: Keith Jarrett

Keith Jarrett in Carnegie Hall, 2015. Beeld Hiroyuki Ito / Getty

‘Bijna al Jaretts soloalbums zijn improvisaties aan de piano. Zijn album opgenomen in Keulen van 1975, The Köln Concert, zijn bekendste en waarschijnlijk best verkochte, heeft me in de richting van vocale improvisatie geduwd. Onder invloed van Jarret heb ik mezelf een persoonlijke regel opgelegd: de eerste twee stukken van mijn liveshows moeten altijd improvisaties zijn. Het eerste stuk is nooit zo een probleem. Het tweede jaagt me altijd angst aan. Ik weet niet zo goed waarom. Het heeft er misschien mee te maken dat het zingen van het eerste stuk aanvoelt als gewoon mijn mond open doen, eruit zingen wat ik voel en proberen de lijn, de beweging vast te houden. Voor mij is improviseren niets anders dan het ter plekke uitdrukken van een emotie. Ik zing een geschikte noot, laat die volgen door een volgende, en een volgende, enzovoort en voilà je improviseert. Maar bij het tweede stuk, ook al gelden precies dezelfde regels, ben ik bang dat ik al mijn ideeën heb opgebruikt; dat ik al gezegd heb wat ik wilde zeggen en dat ik misschien meer risico’s zou moeten nemen. Het legt een zwaardere druk op me. Niet zozeer muzikaal als wel mentaal. Maar daar word ik alleen maar een betere zanger van.’

Huisdier: De Hond Mo

Een Bichon Frise. Beeld Oli Scarff / Getty

‘Hij is een bichon en Mo is een afkorting voor Mozart. Mijn dochter Madison heeft hem die naam gegeven maar iedereen noemt hem gewoon Mo. Als enige in ons huishouden is hij niet muzikaal en hij zingt nooit mee wanneer ik zing, haha. Hij blaft hoogstens en dan ook alleen maar als hij met andere honden speelt. Maar hij is een schatje en mijn maatje.’

Bobby McFerrin zingt met een trio op 14 november in Het Muziekgebouw Eindhoven nummers van zijn album Sprityouall.

CV Bobby Mcferrin

11 maart 1950 Geboren in New York.

Studeert muziektheorie aan de California State University in ­Sacramento.

1982 Debuutalbum Bobby McFerrin.

1984 Tweede album The Voice, jazzalbum voor ­solostem zonder ­instrumentale ­begeleiding.

1987 Zingt de herkenningstune van het vierde seizoen van The Cosby Show.

1988 Don’t Worry Be Happy.

1990 Dirigeert een symfonieorkest: The San Francisco Symphony ­Orchestra. The New York Philharmonic, The London Philharmonic en het Wiener Philharmoniker ­volgen.

Eind jaren 90 McFerrin toert met een orkestrale versie van Porgy and Bess.

2009 Maakt met ­psycholoog ­Daniel Levi­thin lange ­documentaire over hoe onze hersenen muziek ­ervaren.

2016 Gediag­nosticeerd met de ziekte van Lyme. Hij moet zijn Europese tournee afzeggen.

McFerrin is sinds 1975 ­getrouwd met ­Debbie Green. Ze hebben drie ­kinderen.

Bobby McFerrin zingt met een trio op 14 november in Het Muziekgebouw Eindhoven nummers van zijn album Spirityouall.

Van acterende koeien tot duurzame kleding en van betoverende fotografie tot levensgrote, kunstige drollen: wekelijks tipt onze V-vlogger Lisa een evenement dat het bezoeken waard is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden