Interview Jon Hopkins

Muziek als een louterende meditatie: Jon Hopkins over zijn wonderlijk mooie elektronische muziek

Beeld Marie Wanders

De Britse geluidskunstenaar Jon Hopkins ( 38 ) heeft zijn nieuwe album Singularity gevuld met bezwerende ambient. Het is zijn muzikale pleidooi voor toewijding en bezinning.

Een hoog, glasachtig geluid dat vanuit een onmetelijk niets komt aangerold, als een signaal dat ooit vanuit een ver sterrenstelsel richting aarde is afgeschoten. Daarmee begint de plaat Singularity van Jon Hopkins en met exact dezelfde resonerende toon zwaait de componist ons ook weer uit, aan het einde van zijn elektronische meesterwerk.

Wie de ruim een uur durende trip tussen die twee langgerekte noten heeft gemaakt, blijft daarna in stilte en aangename verbijstering achter. Gelouterd zelfs, al klinkt dat misschien wat overdreven.

Maar dat vindt Jon Hopkins niet. Sterker nog: dat was nou net de bedoeling van zijn album, zegt hij. Dat jij er, als luisteraar, een reis mee zou maken. En gedurende die zweeftocht met gesloten ogen misschien wat inzichten zou opdoen.

Beeld Marie Wanders

De grote Britse geluidskunstenaar Jonathan Julian Hopkins (38), we noemen hem Jon, is op doorreis tussen een paar optredens en zit, volkomen sereen, met een kopje thee in een café pal naast het Amsterdamse Centraal Station. Op een van de drukste plekken van de stad dus, waar het menselijk leven een zich eeuwig herhalende botsing lijkt. Hij vindt het mooi, zegt hij weer, dat ik die plaat van hem als meditatie heb ervaren. ‘Het is zeker niet zo dat ik heel bewust mijn eigen leven in mijn muziek probeer te stoppen, maar kennelijk is er toch iets overgekomen.’

Hopkins mediteert, zeker twee keer per dag. Al jaren, en misschien maakt hij ook daarom zo’n afgewogen en uitgebalanceerde indruk. ‘Mediteren is helemaal niet ingewikkeld. Je schakelt wat impulsen van buitenaf uit en treedt toe tot jezelf. Je krijgt toegang tot diepere gedachtenlagen, die anders vrijwel nooit worden aangesproken.’ En tijdens zo’n kalme overpeinzing moet Hopkins tegen dat geluid zijn aangelopen. Die ene hoge noot die in slow-motion ontploft, uiteenvalt in miljoenen andere geluiden, en uiteindelijk weer samenkomt om dan weg te sterven.

Beeld Marie Wanders

Jawel: het universum. ‘Ik wist dat ik ooit iets moest doen met dat begrip singularity, enkelvoudigheid. Dat wonderlijke gegeven dat het hele universum voor de oerknal zat samengebald in één heet punt. En dat zelfs de hele mensheid dus, alle atomen waaruit wij zijn opgebouwd, ooit een eenheid was. Je kunt daar lang over nadenken en er mooie filosofieën uit optrekken.’

Of er een aangrijpend muzikaal verhaal mee vertellen. Als je die metafoor van de plaat als meditatie vasthoudt, dan wandel je met Hopkins ook echt even door de tuinen van een zen-klooster, langs de verschillende stadia van contemplatie. Bij de eerste tracks Singularity en Emerald Rush lijk je links en rechts nog te worden ingehaald door razend verkeer, gevormd door uit elkaar getrokken ritmen uit de drumcomputer en rafelig vervormde geluiden uit de synthesizers. De hectiek van onze krankzinnig gejaagde samenleving. 

Maar halverwege de plaat duwt Hopkins die drukte met zachte dwang zijn muziek uit, bij de dobberende pianogeluiden van het nummer Feel First Life bijvoorbeeld, waarin je ook echt even dat veilige baarmoedergevoel krijgt dat ieder ontluikend mensje ooit moet hebben ervaren. En bij het prachtige en euforische slotstuk Luminous Beings, waarin je voelt hoe je ooit, aan het einde van je leven, zou kunnen opgaan in een groot en helder licht.

Die strijd tussen rust en kalmte, die iedereen dagelijks moet uitvechten, is de drijvende kracht achter alle muziek van Hopkins. Hij werd geboren in Kingston upon Thames in het Britse graafschap Surrey, en groeide op in Wimbledon. Al op 12-jarige leeftijd studeerde Hopkins klassieke piano aan het Royal College of Music in Londen. Hij werd beschouwd als toptalent en de carrière van Hopkins als pianist in de grote concertgebouwen was al zo’n beetje uitgetekend. 

Beeld Marie Wanders

Maar Hopkins' persoonlijkheid – hij was als kind kennelijk al zo terughoudend – zat het solistenbestaan in de weg. Hij kon niet tegen de druk, al die ogen in een concertzaal die zijn gericht op jouw over de toetsen vliegende vingers. En dus zocht Hopkins de veiligheid van de thuisstudio – de baarmoeder van de muzikant. Waarin naast de piano een opstelling van elektronica werd gebouwd.

De Britse ambient-componist en producer Brian Eno diende Hopkins als lichtend voorbeeld. ‘Zijn plaat The Pearl uit 1984, met pianist Harold Budd, veranderde mijn leven. Ik probeerde te verklaren wat ik hoorde: die mijmerende, geïmproviseerde pianotonen van Harold Budd, waaronder heel vreemde bijklanken zweefden van Brian Eno. Ik kon maar niet begrijpen hoe hij dat had gedaan, en met welke instrumenten, maar ik vond het zo verschrikkelijk mooi.’

Jon Hopkins sloeg zelf aan het componeren en smeedde zijn piano aan elektronica en computer. In 2004 ontdekte nota bene Brain Eno zelve de muziek van Hopkins. De twee zochten elkaar op in studio’s en gingen samenwerken, onder meer als producers van de Britse popband Coldplay voor de plaat Viva la Vida uit 2008.

Hopkins kon toen Eno eindelijk die ene belangwekkende vraag stellen, over de kunst en technieken achter de zo bewonderde plaat The Pearl. ‘Hij vertelde dat al die geluiden áchter de piano voortkwamen uit effecten en dus uit een nabehandeling van het geluid. Het was voor mij een openbaring, want ik zag toen pas in dat een effect, een uit elkaar gerafelde echo van een geluid, zelf als instrument kan dienen. Die gedachte dat een vervormd signaal een eigen stem kan worden, heeft bepaald hoe ik muziek ben gaan maken.’

In het nummer Luminous Beings hoor je de manifestatie van dat eurekamoment van Hopkins, hoe lastig het voor niet-ingewijden misschien te begrijpen is. Vraag hem niet hoe hij het precies gedaan heeft, maar Hopkins weet elektronische geluiden uit een inloopkast vol synthesizers en software terug te brengen tot warme en organische klanken. Je hoort geluiden als kreetjes van nachtdieren in een regenwoud. En in je gedachtewereld wandel je dus ook echt even door het natte en weldadige groen van een rustgevend oerbos.

Beeld Marie Wanders

Het is de essentie van Hopkins’ kunst, zegt hij: heel veel ingewikkelde materie terugbrengen tot iets kleins en menselijks. Het zou de uitdaging moeten zijn voor iedere muzikant in de elektronische muziek. Je kunt je studio afladen met apparatuur, met de nieuwste technieken en complexe software. Maar in al die drukte en chaos zal jij rust moeten vinden, en de tijd om iets te vertellen. Een enkel geluid uit een oude synthesizer als de Korg MS20, die ik al mijn hele leven met me meedraag, kan de aanzet zijn voor een melodie en uiteindelijk een heel nummer. Rust geven kan een laboratorium van apparaten toch veel minder, omdat je daarmee alleen maar meer wil. Eindeloos geluiden stapelen tot niemand er meer iets moois in hoort behalve jij, de maker. Het is de kunst om met behulp van techniek terug te keren naar eenvoud, naar warmte en gevoel. Je moet voorkomen dat de techniek je de kunst gaat dicteren. Want waar ben je dan zelf als scheppend kunstenaar?’

De plaat Singularity moet volgens Hopkins zo worden gezien: als een eenheid, en een niet op te splitsen kunstwerk. Zijn smeekbede, tegen wil en dank: ‘Ik hoop zo dat mensen weer leren naar een album te luisteren, naar alle nummers van een plaat van begin tot eind. Ik weet dat bijna niemand dat meer doet in tijden van streaming; dat we in afspeellijsten van nummer naar nummer hopsen. Maar mijn plaat is echt gemaakt om in zijn geheel te beluisteren. En als de plaat goed werkt, zou je je na afloop moeten voelen als na een verkwikkende meditatie: opgeruimd, helder en fris.’

King Creosote

Jon Hopkins maakte een aantal zware elektronische platen, die balanceren tussen harde techno en dromerige, elektronische ambient. Maar op een van zijn mooiste albums Diamond Mine uit 2011 werkt hij samen met de Schotse folkzanger King Creosote. Hopkins kleurt de weemoedige volksliedjes met zachte elektronica en omgevingsgeluiden, en smeedt zo een wonderlijk verbond tussen Schotse folk en vooruitstrevende elektronische muziek.

Jon Hopkins speelt vrijdag 29/6 op festival Down The Rabbit Hole in Beuningen. De plaat Singularity is vorige maand verschenen bij Domino Records/ V2.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.