Musicals voor puzzelfans

Bij de liedjes van Stephen Sondheim kun je niet even lekker achterover leunen. Zijn teksten zijn vaak ironisch en staan bol van onverwacht eindrijm....

Het was een grote gok voor Broadway in 1957: West Side Story. Investeerders staken hun geld het liefst in vrolijke, optimistisch musicals, met lekker in het gehoor liggende liedjes en een glimlachend showballet. In de New Yorkse versie van Romeo & Julia, met de Puertoricaanse Sharks tegenover de blanke Jets, viel niet veel te lachen en ook was het niet duidelijk of Broadway klaar was voor de agressieve jazzy score van Leonard Bernstein.

De relatief onbekende tekstdichter/componist Stephen Sondheim was gevraagd om Bernstein te assisteren bij het schrijven van de liedteksten. Na enige tijd nam Sondheim, die klaargestoomd was door zijn buurman en mentor Oscar Hammerstein, de tekstschrijvende helft van het befaamde musicalduo Rodgers & Hammerstein, de hele klus over. En de ontvangst mag aarzelend zijn geweest, West Side Story groeide uit tot een groot succes, vooral na het uitbrengen van de film in 1961.

Ondanks de lof was Sondheim achteraf niet tevreden met zijn bijdrage. Hij vond het onwaarachtig om eerste generatie Spaanstalige immigranten zulke intellectuele en ingenieus rijmende Engelse teksten te laten zingen. Maar het succes van West Side Story heeft hem wel gesterkt in de overtuiging dat je je nooit de wet moet laten voorschrijven door heersende theateropvattingen.

West Side Story was niet alleen vernieuwend vanwege onderwerp en muziek. Nieuw was ook de eenheid van verhaal, zang, dans en spel. Voorheen was het verhaal in de musical altijd ondergeschikt aan de dans en de zang. Deze nieuwe organische, conceptuele manier van musical maken paste perfect bij puzzelliefhebber Sondheim, die zowel tekstdichter als componist is. Bij hem zijn liedjes geen rustpunten, waarbij het publiek even achterover kan leunen, maar een manier om het verhaal inhoudelijk vooruit te helpen. Zijn liedteksten zijn vaak subtiel ironisch en staan bol van verfijnd binnenrijm en onverwacht eindrijm, zonder dat het geforceerd overkomt.

Omdat Sondheims liedjes niet losgeweekt kunnen worden uit de context is slechts een van de vele honderden liedjes die hij heeft geschreven, een hit geworden. Send in the clowns is massaal verkocht in uitvoeringen van onder meer Frank Sinatra en Judy Collins.

Ook muzikaal wijkt hij in zijn topwerken als Follies, Company en Sweeny Todd af van wat gebruikelijk was en is op Broadway. Niet zelden laat hij meerdere zangpartijen met hun eigen verhaal in hetzelfde nummer door elkaar lopen, met hoekige harmonieën die aan Bach doen denken. Aandachtige luisteraars horen bepaalde stukken later in spiegelbeeld terugkomen. Het is soms hogere muzikale wiskunde.

Sondheim heeft regelmatig van recensenten het verwijt te horen gekregen dat zijn muziek niet na te neuriën is. Dat heeft alles te maken met zijn afkeer om thema’s eindeloos te herhalen, de specialiteit van zijn Engelse succescollega Andrew Lloyd Webber. Voor de pauzefinale van A Litte Night Music heeft Sondheim dat ook een keer gedaan, als ironisch musical-statement. We horen wel dertig keer een deuntje met de tekst A weekend in the country. En ja hoor, iedereen verliet neuriënd de zaal.

Met zoveel speciale ingrediënten eist hij wel opperste concentratie van het publiek, dat zijn musicals daardoor ten onrechte nog wel eens als moeilijk ervaart. Daarnaast liggen zijn onderwerpen niet altijd voor de hand: moordaanslagen op Amerikaanse presidenten, het ontsluiten van Japan in de 19de eeuw, en de innerlijke strijd van kunstenaars.

Door deze dwarsigheid hoeft een producent niet op lange blockbuster-series te rekenen. Sondheim zal dan ook nooit in het Circustheater of het Beatrix Theater worden geprogrammeerd. Joop van den Ende heeft het een paar keer geprobeerd met reisproducties van Passion en Sweeny Todd om ‘zijn’ artiesten Simone Kleinsma en Stanley Burleson een plezier te doen, maar financiële klappers zijn het niet geworden. Dat wil niet zeggen dat Sondheim geen succes heeft gehad. Zijn werk wordt met grote regelmaat over de gehele wereld in korte series opnieuw uitgebracht en wordt ook door de grote operahuizen in de Verenigde Staten en Engeland gespeeld. Muziek met eeuwigheidswaarde dus.

Sondheim kan rekenen op de grenzeloze bewondering van musicalliefhebbers die enigszins neerkijken op de smaak van de musicalmassa, die geïmponeerd raakt door vallende kroonluchters, rondvliegende helikopters en kindermeisjes die door het Londense luchtruim zweven. Bij Sondheim geen decorspektakel, of het moet zijn dat hij vond dat De Kikkers (gebaseerd op de komedie van Aristofanes) in een zwembad moest worden opgevoerd.

De Sondheim-fans komen flink aan hun trekken in het Amsterdamse M-Lab, waar de komende maanden een groot festival wordt gehouden ter gelegenheid van de tachtigste verjaardag van de componist/tekstdichter.

In het festival zijn drie musicals te zien: een voorleesversie van de Romeinse komedie A funny thing happened on the way to the Forum, Sunday in the park with George, waarin het schilderij Een zondagmiddag op het eiland La Grande Jatte van Georges Seurat met pointillistische, staccato-muziek tot leven komt, en de sprookjesmelange Into the Woods. Daarnaast zijn er liedjesavonden en wordt een vertaalworkshop gehouden door Daniël Cohen en Koen van Dijk.

Cohen, die meerdere Sondheim-musicals heeft vertaald, is vooral onder de indruk van de taalkundige precisie van Sondheim, waardoor hij wel eens het label ‘kil en afstandelijk’ opgeplakt krijgt. En dat zou dan de weerslag zijn van een leven zonder al te veel warmte.

De welgestelde ouders, die werkzaam waren in de modewereld, hebben hun zoon emotioneel verwaarloosd. Zijn vader ging er met een andere vrouw vandoor, toen Stephen tien was. Hij werd daarna heel beklemmend door zijn moeder als haar nieuwe relatie geclaimd. Hij heeft haar daarvoor tot op het bot gehaat. Eens kreeg Sondheim van een vriend een schaal cadeau, waarna hij opmerkte: ‘Waar is het hoofd van mijn moeder?’

Ook in de liefde ging het tamelijk stroef. Toen Sondheim eindelijk aan zichzelf had toegegeven homoseksueel te zijn, duurde het tot zijn zestigste tot hij echt verliefd werd en ging samenwonen.

Cohen ziet geen kilte in het werk van Sondheim. Integendeel. ‘Door de taalzorgvuldigheid en structuur die hij aanbrengt, komt de enorme emotionaliteit juist sterker naar voren. Het is als een waterkraan, waar je je vinger opzet. Dat maakt het gaatje kleiner, maar de straal die eruit komt is veel harder.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden