Museum Boijmans van Beuningen krijgt nieuwe inrichting door kunsthistoricus Carel Blotkamp

De mensen die vanaf morgen Museum Boijmans bezoeken, zullen even fronsen bij de nieuwe opstelling van de vaste collectie De inrichting door kunsthistoricus Carel Blotkamp springt door de tijd om bezoekers fris te houden.

Museum BoijmansBeeld anp

Een ouverture! In het trappenhuis van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam zijn de wanden van plint tot plafond gevuld met schilderijen: Picasso, Steen, de pas in bruikleen gekregen Guercino. Het is een salonachtig ensemble, dat dwars door perioden en stromingen heen en een vooruitwijzing vormt naar de nieuwe collectieopstelling: De collectie als tijdmachine. Zij werd niet bedacht door Boijmans' eigen conservatoren. Dit is de keuze van emeritus hoogleraar moderne kunst Carel Blotkamp (1945). Hij is de aangewezen man om zo'n klus te klaren. Als er in Nederland iemand in staat is kunsthistorische vergezichten op te trekken, is het Blotkamp. Hij schreef gezaghebbende monografieën over Pyke Koch en Peter Struycken; zijn monografie over Piet Mondriaan behoort nog altijd tot het beste wat over de kunstenaar is gepubliceerd. Met het herinrichten van een compleet museum had Blotkamp nog geen ervaring. Hij was gevraagd door de directeur van Boijmans Van Beuningen, Sjarel Ex - zijn oud-student - een frisse blik te werpen op de collectieopstelling, waarvan tot dan toe het accent lag op oude kunst.

De nieuwe inrichting, die te zien zal zijn tot zeker 2019, was een flinke operatie, zegt de kunsthistoricus. Maar het liep gesmeerd. Met de hulp van een maquette en een computeranimatieprogramma stond de indeling al voordat er überhaupt een schilderij van de muur was gehaald. Alleen in de zaal met latejarenvijftigkunst, waar én een Bacon én een Tàpies én een Rothko acte de présence geven, liet hij de werken aan haken ophangen om ermee te schuiven. 'Dat was visueel zo indringend dat de impact zich op een animatie niet liet voelen.'

U bent een dik jaar geleden begonnen. Moest u zich laten bijspijkeren?

'Dat viel mee. Ik kom hier al 55 jaar, hè. De afdeling schilder- en beeldhouwkunst, die een paar duizend werken telt, bleek ik behoorlijk goed te kennen. Enkele obscure stukken daargelaten kende zij voor mij weinig verrassingen. De afdeling prenten en tekeningen, die 85 duizend stukken beslaat, kende ik daarentegen minder goed. Zij was te groot om er vrij in te gaan grasduinen, en daarom ben ik afgegaan op namenlijsten. Ik heb een stuk of tweehonderd kunstenaars geselecteerd en ben hun oeuvres op papier gaan bekijken.'

Hoe bent u tot uw uiteindelijke selectie gekomen?

'Een van de eerste knopen die ik moest doorhakken was: ga ik naast kunst ook kunstnijverheid en vormgeving tonen? Al vrij snel heb ik besloten dat niet te doen. Ik ben geen kenner op het gebied van vormgeving en de objecten zelf zijn vaak ongeschikt om te tonen in de kleine kabinetten waar het museum grotendeels uit bestaat. Bovendien is de designafdeling twee jaar geleden vernieuwd; die opstelling wilde ik niet nu al in de war schoppen door eruit te roven. Wel heb ik bij wijze van tijdsbeeld hier en daar een tafel of bureau tussen de schilderijen gezet.

'De tweede grote vraag was: hoe oud en nieuw te mengen? Er zijn duizend-en-een manieren om dat te doen. Een manier is om op individuele smaak te kiezen. Daar heb ik al snel van afgezien. Het is een aardige manier van presenteren, maar niet 39 zalen lang. Ruim vierhonderd keer verteld krijgen waarom ik vind dat dingetje A zo leuk naast dingetje B hangt: de bezoekers zouden er gek van worden.

'Ik heb gekozen voor een kunsthistorische opstelling aan de hand van acht tijdvakken, waarvan vier voor en vier na 1945. Relatief veel naoorlogse kunst dus. Deze tijdvakken zijn weer opgedeeld in subthema's als 'Noorden en Zuiden', 'Devotie in de kerk en thuis', 'Cobra en omgeving'. Ook bevat elk blok een kleine, tijdelijke tentoonstelling, zoals die over Dürer en tijdgenoten in tekeningen. De tijdvakken zijn niet chronologisch. Zij springen vooruit en terug in de tijd, als in een tijdmachine. Na 1600 belandt men in de jaren vijftig.'

Wat is aantrekkelijk aan zo'n springerige presentatie?

'Een chronologische opstelling kan vermoeiend zijn. Je begint in de Middeleeuwen en tegen de tijd dat je bij de modernen bent heb je weinig puf meer. Sprongen in de tijd houden de kijker alert en fris. Telkens als er een onverwachte overgang is, word je even wakker geschud.'

Is zo'n achronologische opstelling voor de niet- ingevoerde bezoeker wel te volgen?

'Ik hoop het. Je kunt natuurlijk niet voor ieder type bezoeker een aparte opstelling maken. Ik heb geprobeerd de collectie zo te structureren dat ze zowel voor iemand die al veertig jaar Boijmans bezoekt als voor die toerist die voor het eerst in Rotterdam komt, goed te volgen is.'

En het inrichten van de zalen zelf: in hoeverre is dat anders bij oude dan bij nieuwere kunst?

'Het wordt moeilijker naarmate men dichter bij het heden komt. Dat komt doordat kunstwerken van na 1945 minder op elkaar lijken dan kunstwerken uit, om een voorbeeld te noemen, de 19de eeuw. Haagse Scholers en Barbizon-schilders vormen haast automatisch een eenheid, maar bij die grote Duitse en Amerikaanse machokunst uit de jaren tachtig is die vanzelfsprekendheid weg. Hoe dichter bij het nu, hoe eigener en meer versplinterd. De contemporaine kunst was het aller-lastigst.'

De Collectie als tijdmachine
Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam
vanaf 24/6

Deze klus zit er bijna op. Welke collecties zou u nog meer willen herinrichten?

'Geen enkele. Dit was leuk voor een keer.'

U wilt niet open solliciteren bij het Frans Hals Museum, dat binnenkort gaat verbouwen?

Hij lacht. 'Hou alsjeblieft op.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden