Musée Maillol in Parijs toont naakten van Félix Vallotton Ontzagwekkende ordeverstoorders in de leegte

Er is iets eigenaardigs met de naakte vrouwen die de Zwitsers-Franse schilder Félix Vallotton geschilderd heeft. Dames zijn het, zelfs als zijn modellen onmiskenbaar nog slechts de leeftijd van een jonge vrouw hadden toen hij hun vleselijke verschijningsvormen in al hun ontzagwekkendheid portretteerde....

MICHAEL ZEEMAN

Van onze verslaggever

Michaël Zeeman

PARIJS

Ze bevinden zich op zijn schilderijen - monumentaal, bloot en monumentaal bloot - in veelal lege omgevingen. Je moet er niet aan denken dat je ooit gedwongen zou worden een van hen aan te spreken.

Vallotton heeft vanaf het begin van zijn schildersloopbaan naakten geschilderd en hij is er nooit mee opgehouden. Op de tentoonstelling ervan in het Musée Maillol in Parijs, die exclusief aan zijn naakten is gewijd, is het vroegste werk een net niet voltooide studie van een zittende blote vrouw, gemaakt in 1885, toen Vallotton bijna twintig was en op de Parijse Académie Julian zat, terwijl het laatste naakt er eentje is uit 1924, het jaar voor zijn dood.

Uit vrijwel alle tussenliggende jaren zijn er naakten van zijn hand bewaard gebleven en veel daarvan zijn voor deze gelegenheid bij elkaar gebracht. Voor het eerst, zodat we nu kunnen proberen te achterhalen wat hij precies gedaan heeft.

Op het schilderij dat als beeldmerk voor de tentoonstelling wordt gebruikt, Femme accroupie offrant du lait à un chat uit 1919, is zijn aanpak in alle hevigheid te bestuderen. We zien een grote vrouw, bleek van teint en met de vormen van de klankkast van een contrabas - de suggestie die van het begrip 'vioolvorming' uitgaat is bij deze proporties al te verzachtend, zelfs als het om een altviool zou gaan - een vrouw, kortom, geschilderd naar de schoonheidsidealen van de late negentiende eeuw.

Ze zit op haar hurken en houdt een muisgrijze kat een kommetje melk voor. Ze is daar toegewijd en geconcentreerd mee bezig, op geen enkele manier betrapt of enigszins gegeneerd omdat zij naakt is.

Die vrouw is op het eerste gezicht een toonbeeld van wellust en overgave. Maar wiens wellust is het, de hare of die van de schilder, en gaat het schilderij eigenlijk wel over wellust en naaktheid, ja, gaat het schilderij eigenlijk wel over haar?

Haar gestalte neemt weliswaar het grootste deel van het doek in beslag, maar dat zegt niet alles. In de twee kleuren die haar omgeving uitmaken, het groen van de wand en het rood van de vloerbedekking, zit zoveel kracht dat de toch al bleke huidskleur van de vrouw er alleen nog maar bleker van wordt.

Ze wordt als het ware door de haar omringende ruimte opgeslokt of ze wordt, omgekeerd, daarin gebruikt om die ruimte nader te bepalen. Haar aanwezigheid heeft iets onrustbarends.

Vallotton werkte graag met kleurtegenstellingen in de omgeving en de achtergrond van zijn naakten. Rood en groen domineren ook al op Femme nue assise dans un fauteuil uit 1897 en tien jaar later, op Petite figure nue de dos, gaat het om blauw en geel.

Ook als het om genuanceerdere kleurcombinaties gaat, twee kleuren blauw bij een pootjebadende vrouw of twee bruinen bij een vrouw op het strand, is de dominante aanwezigheid van de twee of drie monochrome vlakken onontkoombaar.

Vallotton schilderde in de eerste plaats ruimtes, zo fors als de vrouwen die hij daarin plaatste ook mogen zijn. Vermoedelijk heeft die forsheid een nog veel groter belang dan dat ze een inmiddels in diskrediet geraakt schoonheidsideaal benadrukt: Vallottons vrouwen interrumperen zijn ruimtes.

Ze staan, zitten of liggen erin, meestal nadrukkelijk centraal in het vlak en vanuit een oogpunt van de verdeling van dat vlak op een allereenvoudigste manier, namelijk horizontaal, verticaal of diagonaal. Ze zijn die ruimtes, die vlakken, binnengetreden om ze te verstoren.

Zelfde argument, maar dan via een andere route. Het kan niemand ontgaan dat Vallotton vrij veel vrouwen in de omgeving van water plaatste: een vrouw die met een voet in het water stapt, een vrouw die er al tot haar enkels en elders zelfs al tot vlak onder haar knieën in staat, een vrouw op het strand.

Maar dat water is op zijn schilderijen geen zee in de gebruikelijke zin; die vrouwen zijn niet lekker wat gaan zonnebaden aan het strand. Want waar je ook kijkt, om hen heen is overal leegte. Maar die is ongearticuleerd, ongenuanceerd. Alleen die vrouwen brengen er diepte in.

Het lijkt de wereld van de eerste scheppingsdag wel; de scheiding tussen het water en het land moet nog serieus worden aangebracht. Die indruk wordt versterkt door de aanwezigheid op de tentoonstelling van enkele doeken met een suggestieve of openlijk mythologische inslag, Baigneuse entrant dans la mer of Orphée dépecé par les Ménades.

Van al was het maar de sfeer van een scheppingsscène of een mythologische voorstelling is het maar een stap naar een interpretatie waarbij dat water de oersoep is, de bron waaruit alle leven is voortgekomen. Dan wordt de erin aanwezige vrouw van een individu moeiteloos een symbolische gestalte, een moedergodin.

De zee en de vrouw als de bronnen voor het leven, telkens opnieuw, een schildersleven lang. Het zijn die vrouwen, die inbreuk maken op de op zichzelf wezenloze ruimte, op de kleuren. Zij brengen leven in de brouwerij.

Daar zit niet de onrust in als het woord 'inbreuk' suggereert. Want die vrouwen zijn vrijwel nergens individuen, dat wil zeggen, expliciete persoonlijkheden, wezens met een adres, een telefoon- en een gironummer, mensen van vlees en bloed die je eventueel zou kunnen aanspreken.

Daardoor dringt de vraag zich op wat we eigenlijk zien op Vallottons schilderijen: vrouwen zo getrouw mogelijk naar de werkelijkheid geschilderd of vrouwen uit zijn hoofd, vrouwen die alleen maar een aanleiding vonden in de werkelijkheid maar die overigens uit zijn fantasie, zijn projecties, zijn angsten en zijn verlangens ontsproten.

Zijn het, om maar eens wat te noemen, opwindende vrouwen die we zien? Iedereen weet hoe stimulerend de aanwezigheid van waterdruppels op een bloot lijf kan zijn, het zweet der opwinding, of, als de besprenkelde huid die is van borsten, heupen, buik of dijen, verglaasde druppels zaad. Aan de prikkeling die daarvan uitgaat valt niet te ontkomen. Maar wie Vallottons baadsters gadeslaat blijft onaangedaan; erotiek speelt bij hen geen rol.

De vrouw die op het affiche en op het omslag van de catalogus staat afgebeeld, hurkt. Je hoeft werkelijk geen maniak te zijn om vast te stellen hoe je gedachten bij het zien van haar gestalte onwillekeurig afdwalen naar de gevolgen die haar houding heeft voor haar geslacht; dat staat nu een beetje open, weet je, licht gulzig gapend in die onvolprezen arcade tussen haar benen - een aanlokkelijk verlangend mondje.

Dat ze, met die weelderige borsten die zo groot zijn dat ze haar armen zowat in de weg zitten, bovendien een kat melk voorhoudt is op zichzelf een al even prikkelend signaal.

Bovendien een kat - terwijl ook in het Frans la chatte in dezelfde dubbelzinnige betekenis voorkomt als 'de poes' bij ons en Vallotton op een ander schilderij, Femmes nues aux chats, twee vrouwen schilderde die geheel ontkleed met een drietal poesjes zitten te spelen.

Zo hitsig als het maar kan, lijkt het - en toch is dat niet het geval. Die vrouwen zijn daar niet afgebeeld om hun individuele seksuele aantrekkelijkheid, om de mate waarin ze de kijker kunnen opwinden, nee, ze zitten er als symbolen bij.

Zij wekken geen geilheid op, bij de schilder al evenmin als bij de bezoeker van de tentoonstelling van zijn schilderijen. Die zit slechts in het hoofd van de schilder. De ware lust is het denken, de afbeelding is er de manifestatie van. Daarmee is Vallotton, zeker in zijn naakten, een markante negentiende-eeuwer, die zijn vrouwen als ordeverstoorders zag.

Félix Vallotton; Les Nus. Musée Maillol, Parijs, tot en met 10 maart. Catalogus; FF 240,-.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden