Mummies met kleine schoffeltjes

Je kon in het oude Egypte wel dood zijn, maar het werk moest gewoon doorgaan. Sommige graven van hooggeplaatsten bevatten dan ook honderden dienaren: 365 bijvoorbeeld, één voor elke dag van het jaar, plus 36 opzichters, voor elke ploeg van 10 man één....

Dat waren geen echte knechten, maar poppetjes, sjabti's genaamd, die de voorname dode een ontspannen leven in het hiernamaals mogelijk moesten maken. Daartoe waren de sjabti's uitgerust met piepkleine landbouwwerktuigjes, zoals schoffeltjes en mandjes.

Van alles kregen de doden in hun graf mee om aan gene zijde in hun dagelijkse behoeften te voorzien. Meubels bijvoorbeeld, maar ook voedsel, wapens, spelletjes en cosmetica. En om al die objecten heen waren er op de muren in het graf taferelen uit het leven geschilderd. Want de Egyptenaren onder de farao's geloofden niet zozeer in een leven na de dood als wel in de dood als voortzetting van het leven met andere middelen. Na het overlijden had je een eeuwig, volmaakt bestaan, maar dan moest je lichaam wel in stand gehouden worden - vandaar het mummificeren. En om het dagelijks leven te kunnen voortzetten, moest dat voor de dode zichtbaar blijven.

In de praktijk leidde dit alles tot een uitgebreide grafcultuur, met de piramides als spectaculair hoogtepunt. Het merendeel van wat van in het oude Egypte is teruggevonden, heeft direct (graven) of indirect met de doodscultuur te maken en het is geen wonder dat die vaak wonderlijke gebruiken een voornaam onderdeel zijn van archeologische studies over de meer dan drieduizend jaar lange oud-Egyptische geschiedenis.

Maar wat hield die doodscultuur precies in en hoe veranderde die in tijd en plaats? De archeologe Salima Ikram, hoogleraar aan de Amerikaanse universiteit in Caïro, geeft op deze vragen antwoorden in haar boek Dood en begrafenisrituelen in het oude Egypte (Pearson Education).

Het is nuttig om al die gebruiken en rituelen in hun ontwikkeling eens bij elkaar geveegd te zien. Bij het mummificeren bijvoorbeeld, werden organen niet altijd via een snee in de zij verwijderd, maar ook wel via de endeldarm, nadat door deze opening oliën in het lichaam waren gespoten. Het drogen en inwikkelen van de overledene kon op verschillende manieren en de doodskisten waren lang niet altijd mensvormig.

Zo toert Ikram langs tal van aspecten: ook bijvoorbeeld van de goden in de dodenwereld, de constructie van de graven en de rol van de levenden. Ze geeft zoveel details dat veel daarvan verloren dreigen te gaan als je het boek achter elkaar uit leest. Maar de liefhebber heeft er wel een bruikbare wegwijzer aan.

Eric Hendriks

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden