Moslima zonder hoofddoek

Hind Fraihi had twee maanden de tijd om het moslim-extremisme in België van binnenuit te leren kennen. Deze week verscheen een boek over haar bevindingen....

In de week na de moord op Theo van Gogh zat Hind Fraihi met eenMarokkaanse vriendin in een café te praten over de heisa tegen moslims,en over hoe kotsbeu ze die waren. Niet alleen Nederlandse moslims moestenzich verantwoorden voor wat een radicale geloofsgenoot in Amsterdam hadgedaan, maar zelfs de Marokkanen in België.

Fraihi (29): 'Ook hier werd de sfeer agressiever. We werden continu opdie moord aangesproken. Mijn vriendin en ik zeiden: straks moeten we nogeen groene moslim-maan op onze kleren naaien. Een beetje lacherig wel, maarde ondertoon was ernstig.'

De Belgisch-Marokkaanse freelance journaliste besloot daarop te gaanonderzoeken wie toch die moslim-extremisten zijn die aanslagen plegen,moorden, en angst zaaien in de naam van Allah. Ze had al eerder met diegedachte gespeeld. 'Cliché, cliché, maar de eerste keer dat ik me datafvroeg, was na 11 september 2001. Ik heb het toen laten rusten. Ik dacht:het gaat wel weer over. Bovendien was het ver weg.'

Toen kwam 11 maart 2004: de aanslagen op de metro in Madrid. 'Ik zag diebeelden. Bloederig, treinen opengereten. Weer kreeg ik de behoefte uit tezoeken: wie zijn dat toch, die mensen die in naam van mijn godsdienst zulkevreselijke dingen doen? Wat is hun toekomstbeeld? Hoe denken ze overongelovigen, hoe denken ze over gematigde moslims? Het was allemaal zovreemd. Ook voor de meerderheid van de moslims.'

De moord op Van Gogh was voor Fraihi de katalysator. 'Ik wist: ik moetzelf op onderzoek uit. Ik ben journaliste, ik spreek Arabisch, ik benmoslima. Ik kan het zelf aan die radicalen gaan vragen.' Ze vatte het planop om undercover te gaan in een moslimwijk, omdat ze vermoedde datmoslim-extremisten tegenover een journaliste nooit het achterste van huntong zouden laten zien. Maar ze worstelde heftig met haar loyaliteit. Moestzij nou haar eigen moslimgemeenschap gaan stigmatiseren? Moest zij de vuilewas buiten gaan hangen? Zou ze extreem-rechts dan niet in de kaartspelen?

Ze dacht: Vlaamse journalisten schrijven over extreem-rechts. Dan moestzij toch ook over moslim-extremisme kunnen schrijven? Twee maanden kreegze van haar opdrachtgever, de Belgische krant Het Nieuwsblad, de tijd omdoor te dringen tot de wereld van de Belgische radicalen. Ze gingundercover in de Brusselse wijk Molenbeek. Ze deed zich voor als studentesociologie die de islambeleving wilde onderzoeken. Over haar ontdekkingenschreef ze vorig jaar reportages in Het Nieuwsblad. Begin deze week kwamhaar boek uit: Undercover in Klein-Marokko.

In het gebouw van de openbare omroep VRT in Brussel, waar ze net tweeradio-interviews (in het Vlaams en het Frans) achter de rug heeft, verteltFraihi over haar zoektocht in de wijk, die ze altijd had beschouwd als een'gezellige multiculti-wijk'. 'Ik ging er geregeld winkelen. Je kunt erhalal-vlees kopen, olijven. Mijn ouders gingen er wekelijks naartoe om ergrote inkopen te doen.'

Acht jaar geleden had ze daar als studente communicatie haarafstudeeropdracht afgerond. Ze maakte een promotiefilm over een jeugdhuisin hartje Molenbeek. Toen al had ze de eerste signalen opgevangen vanradicalisering. 'Ik zag enkele jonge meisjes in burqa. Dat was nog voor deAmerikaanse inval in Afghanistan; de burqa was hier nog geen begrip.Niemand lag daar toen wakker van. Ik ook niet.'

Nu ontdekte ze dat onder die toffe multiculti-wijk een 'geslotenmoslimenclave' schuilgaat. 'Het is een eiland in België, de moslims levener in afzondering. Ze willen niet integreren. Ze hebben geen idee van watzich afspeelt in de binnenlandse politiek. Het zijn schotelantenne-junkies.Ze houden zich vooral bezig met hun broeders in Irak, Palestina,Tsjetsjenië.'

En via de schotels komen ook de Arabische antiwesterse haatcampagnesbinnen. Schokkend vond Fraihi 'dat extreme lectuur en Taliban-achtigevrouwonvriendelijke folders voor het oprapen liggen. Daar is niet moeilijkaan te komen. Je hoeft maar een islamitische boekwinkel of moskee binnente stappen.'

Zelf kreeg ze, op de binnenplaats van een moskee, de Arabische folderAanbevelingen voor de Beschermde Parel in haar handen gedrukt. 'Pas op,mijn zus', begon de lijst met adviezen. 'Pas op voor telefoons waarlangswolven in menselijke gedaante binnensluipen, gehoorzaam je echtgenoot enwerk niet op zijn zenuwen, lak je nagels niet en besprenkel je niet metparfum, kijk niet naar internet, video en televisie, luister alleen naarreligieuze muziek.' Enzovoorts.

Ze ontdekte dat in de wijk achter grauwe deuren talloze'huiskamermoskeeën' verscholen liggen. Wat zich achter die deurenafspeelt, kan ze alleen maar vermoeden. Ze slaagde er niet in daar binnente komen. Dat circuit is ontoegankelijk voor vrouwen, denkt ze. Fraihi kwamin aanraking met groepjes criminele jongens die rond de ingang vanmetrostations hingen en haar vertelden dat ze zich wilden opblazen voor dejihad.

Maar het is haar niet gelukt echt tot de wereld van de moslimextremistendoor te dringen. Als 'sociologiestudente' mocht ze een paar vragen stellenaan de radicale Syrische sjeik Bassam Ayachi, die in 1997 het CentreIslamique Belge (CIB) oprichtte. Dat is een radicale moslimvereniging diedrie jaar geleden in opspraak kwam. CIB zou banden hebben met Al Qa'ida enparamilitaire padvinderskampen organiseren. Begin dit jaar deed deBelgische politie een inval bij de sjeik, die haatzaaiende enantisemitische propaganda zou verspreiden. Maar die was toen al naar Syriëgevlucht.

Haar ontmoeting met sjeik Ayachi blijft beperkt tot een oppervlakkiggesprek. 'Als vrouw kom je niet ver in die kringen, waar de seksen striktgescheiden worden', zegt Fraihi. Maar ook bij de vrouwenbranches stuit zeop argwaan en vijandigheid. 'De spookjes', zoals Fraihi de vrouwen in deallesverhullende zwarte gewaden noemt, weigeren met haar te praten omdatze van hun echtgenoten hiervoor geen toestemming krijgen. Alleen Hanane,'het vriendelijke spookje', lijkt toeschietelijk. Zij draagt een burqa,legt ze uit, omdat ze een 'maximum aan deugden' wil bereiken.

Had ze zich niet beter kunnen voordoen als potentiële radikalinski, inplaats van sociologiestudente? 'Wellicht was ik dan echt in contact gekomenmet de moslimextremisten', reageert Fraihi. Maar dan had ze zichzelf tezeer moeten verloochenen. 'Dan had ik heel diep die leer in moeten duiken,me allerlei filosofische en religieuze vragen moeten stellen. Het had zekereen jaar gekost voor ik tot de radicale kern was doorgedrongen. Die tijdhad ik niet.'

Bovendien was ze bang dat ze sowieso ontmaskerd zou worden. 'Zelfs ondereen burqa ruiken ze dat ik een anarcha-moslima ben.' Hoezo? 'Ze zien het.Je draagt de hoofddoek verkeerd, je nagels zijn te lang, je hebt deverkeerde schoenen aan. De regels luisteren nauw.' Een anarcha-moslima,legt Fraihi uit, is 'vrijgevochten, heel liberaal, bijna anarchistisch inde beleving van haar godsdienst. Ze maakt eigen keuzen. Ze kanook een goede moslima zijn zonder hoofddoek. En ze vindt dat ze de profeetniet in alles hoeft te volgen.'

De hoofddoek en de sluier vloeken zozeer met Fraihi's persoonlijkheid,dat ze - hoewel ze om veiligheidsredenen onherkenbaar op de foto wil -niet met die lappen stof in beeld wil worden gebracht. Voor de cover vanhaar boek heeft ze zich daartoe nog laten verleiden. 'Maar ik doe het nietmeer. Dat ben ik niet.'

Door haar onderzoek heeft Fraihi nog meer typen moslims lerenonderscheiden. Ze heeft de labels zelf bedacht. Zo zijn er perso-moslims:'Dat zijn moslims, zoals mijn ouders, die de islam heel intiem beleven, dielopen niet met hun religie te koop'. Islam-fashionista's zijn 'heelmodebewust. Ze dragen hoofddoeken in allerlei vormen, geven flair aan hunreligieuze uiterlijk. Het is ook wel een vorm van rebellie.' Ten slotteonderscheidt ze de moslim-punkers: 'Die willen provoceren. Ze meten zicheen nieuwe identiteit aan, dragen hoofddoeken of burqa's of djellaba's uitprotest. Door alle media-aandacht zijn ze hot, hot, hot. Ze zijn geenextremisten, ze zijn niet gevaarlijk. Voor hen gaat het eigenlijk alleenom de punkie-pret.'

Na publicatie van haar reportages in Het Nieuwsblad stak in België eenstorm van protest op. 'Ik kreeg veel, voorspelbare, kritiek uit demoslimgemeenschap. Ik was een verraadster, een nestbevuilster.' Toch weetFraihi dat ze veel steun heeft onder gematigde moslims. 'Maar die willenniet openlijk met mij geassocieerd worden. Ze willen vooral met rustgelaten worden. Ze willen niet voortdurend op de misstanden in demoslimgemeenschap worden aangesproken. Ze zeggen dat ten tijde van hetDutroux-schandaal toch ook niet alle blanke Belgen werden aangesproken alspedofielen.'

Pijnlijker vond ze de kritiek van de 'neokoloniale integratiesector'.De burgemeester van Molenbeek, Philippe Moureaux van de Parti Socialiste(PS), voorop. 'Ach dat jonge meisje, zei hij, die heeft zich laten inpakkendoor blufferige machopraat van islamitische jongeren. Hij vond dat ikoverdreef, dat de toon te sensationeel was. Maar ik heb het hier en daarzelfs afgezwakt. Sommige uitspraken waren zo karikaturaal, dat als ik zezou hebben opgeschreven, ik helemaal het verwijt zou hebben gekregenongeloofwaardig te zijn.' Fraihi laat zich niet verleiden alsnog van diekarikaturale voorbeelden te geven. Ze wil slechts kwijt dat het gaat om'felle, antiwesterse en heel denigrerende uitspraken'.

En wat de bluffende macho's betreft: 'Ik kan niet bewijzen dat diejongens ook echt van plan zijn zich op te blazen. Ik hoorde ze dat wel vaakzeggen. Ergerlijk is dat die jongens door niemand tot de orde wordengeroepen, ook niet door hun ouders. Stel je voor hoe verontrustend het zouzijn als blanke jongens roepen dat ze wel zin hebben in een 5-jarige en datniemand daar wat van zou zeggen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden