Interview Alexander en Alexandra Ahndoril

Moordstel en schrijversduo Alexander en Alexandra Ahndoril: ‘Onze verhalen zijn authentiek, maar tegelijkertijd draaien we het volume vol open’

Alexander en Alexandra Ahndoril, bekend als de Zweedse thrillerschrijver Lars Kepler, eren met hun pseudoniem hun collega Stieg Larsson en zijn beïnvloed door Ingmar Bergman omdat heel Zweden is beïnvloed is door Ingmar Bergman.

Schrijversduo Lars Kepler. Beeld Els Zweerink

Aan het begin van dit interview, als Alexander Ahndoril (51) niet helemaal uit zijn woorden komt over zijn liefde voor het werk van de kunstschilder Caravaggio en zijn vrouw Alexandra (52) hem een handje helpt, niet voor de laatste keer, verklaart ze: ‘We zijn al heel lang getrouwd en we doen dit altijd’. Andersom zal het net zo vaak gebeuren. Zo schrijven ze ook hun boeken, zwijgend naast elkaar aan tafel, ­ieder op hun eigen laptop en dan steeds via e-mail stukjes tekst heen en weer sturen en aanpassen. Samen heten Alexandra en Alexander Lars Kepler. Hun thrillers over inspecteur Joona Linna verschijnen in tientallen talen en zijn ­wereldwijd miljoenen keren verkocht. Het nieuwste deel, Lazarus, verscheen in november.

De Ahndorils zijn schrijversechtpaar, geliefden en ouders tegelijk, in willekeurige volgorde, vaak allemaal tegelijk. En dit zijn hun keuzes.

1. Familie: Alexandra en Alexander

Alexandra: ‘Ik moet beginnen met Alexander. Hij inspireert mij heel erg. Onze kinderen doen dat trouwens ook. Sinds we thuis samen schrijven voel ik me erg verbonden met ons gezin. Ik denk ook de hele tijd aan onze kinderen. Ze hebben indirect invloed op mijn schrijven en creativiteit. We hebben drie dochters; van 18, 17 en 13. Toen we ons eerste kind kregen realiseerden we ons hoe gevaarlijk de wereld is en hoeveel angst er bij liefde komt kijken. Dat komt terug in onze verhalen; de angst om degene die je liefhebt te verliezen.’

2. Werkwijze: Research

Alexander: ‘De research die wij doen voor onze boeken vormt een belangrijke inspiratie. We steken daar veel tijd in. Je kunt bijvoorbeeld filmpjes op YouTube kijken over het afvuren van een ­pistool, maar wij gaan naar de schietbaan en proberen alle wapens daar. Zelf schieten is heel anders dan een filmpje er over kijken. De terugslag van het wapen, de kleine spetters olie die je in je gezicht voelt. We bezoeken ook gevangenissen en zien daar dingen die je zelf nooit kunt bedenken, zoals hoe mensen zich bewegen, gedicteerd door veiligheidsmaatregelen.’

3. Kunstschilder: Caravaggio

Toen Alexander jong was wilde hij kunstschilder worden. Hij maakte schilderijen geïnspireerd op het werk van Caravaggio. ‘Ik voelde me verbonden met hem. Zijn werk behelst meer dan realisme; het is filmisch, dramatisch. Die schilderijen blijven je ogen opzoeken. Het lijkt wel alsof ze je aanraken; het is heel intiem. En hij was natuurlijk een enorm vaardige schilder. Of hij invloed heeft op ons werk? In die zin dat wij een volledig authentieke toon proberen te hebben in onze boeken. Dus niet theatraal, maar realistisch. Onze verhalen zijn niet de archetypische verhalen over politiewerk; het zijn de bijzonderste zaken uit de geschiedenis. Dus we proberen authentiek te zijn, maar tegelijkertijd draaien we het volume vol open.’

4. Stad: Lissabon

Alexandra: ‘Ik kom uit een saai hoekje van Zweden. Klein dorpje. Dus ik vind het heerlijk om in een grote stad rond te lopen. Dat vind ik inspirerend, zeker als ik met Alexander ben. Een dag rondlopen, naar mensen kijken, de pols van de stad voelen. Mijn fantasie komt daardoor tot leven. Zo waren we een keer in New York en zagen we een heel dunne man lopen, met een raar koffertje, een soort doos. En we dachten: wat zit er in die doos? Hij zag er een beetje uit als een skelet en we begonnen een heel spookverhaal om hem heen te verzinnen. Uiteindelijk hebben we er nooit een verhaal over geschreven, maar fragmenten van hem komen terug in onze boeken.

‘We gaan drie of vier keer per jaar naar Lissabon. Het is zo’n interessante stad omdat het er rauw en tegelijkertijd zo mooi is. Er is een plek in de oude wijk Alfama waar we altijd naartoe gaan. Daar zit altijd een mannetje gitaar te spelen, omringd door de oude ruïnes. We noemen hem de beschermengel van de stad. We waren ooit in Lissabon voor de promotie van een van onze boeken. We hadden onze kinderen meegenomen en hadden er ook een reünie met de Portugese kant van onze familie. Toen kwamen we er achter hoe belangrijk het was voor onze kinderen om te zien waar ze voor een deel vandaan komen. Ze hebben daar familie, geschiedenis. Dus toen hebben we een appartementje gekocht in het oude centrum.’

‘We kwamen er achter hoe belangrijk het was voor onze kinderen om te zien waar ze voor een deel vandaan komen.’ Beeld Els Zweerink

5. Boek: Leïla Slimani: Een Zachte Hand

Slimani is een Frans-Marokkaans journalist en schrijver. Met haar boek Chanson Douce (Een Zachte Hand), dat het verhaal vertelt van een oppas die haar twee oppaskinderen vermoordt, won ze onder andere de belangrijke Franse ­literatuurprijs Prix Goncourt.

Alexandra: ‘Dat was een heel goed boek. De catastrofe gebeurt meteen op de eerste pagina en daarna vertelt ze de achtergrondverhalen en leer je al die personages kennen. Het is een boek over de klassenverschillen in onze maatschappij. Je werkt hard, gaat meer verdienen en uiteindelijk neem je een nanny voor je kinderen. En die vermoordt ze. Het is een goed ­verhaal over klassen en ras.’

6. Dichter: Fernando Pessoa

Alexandra: ‘Ik lees graag poëzie. Ook omdat je een bundel niet van voor naar achteren hoeft te lezen, maar hem gewoon ergens kan openslaan. Ik lees bijna nooit een boek twee keer, maar poëzie kan ik eindeloos opnieuw lezen. Ik schreef mijn scriptie over Fernando Pessoa. Die is nog steeds niet af, omdat we destijds begonnen met de Kepler-boeken. Pessoa was een briljante dichter met meerdere alter-ego’s, ieder met hun eigen verhaal, stijl en levens. Soms hadden ze zelfs ruzie met elkaar. Dan schreef hij een artikel waarin hij helemaal los ging op een van zijn eigen alter ego’s.

‘Dat klinkt misschien wat theatraal, maar iedere schrijver die hij bedacht was goed; die poëzie was van zulke hoge kwaliteit. Voor mij persoonlijk was het een manier om Portugees te leren. Mijn moeder is een Portugese die verhuisde naar Zweden. Wij moesten echt Zweedse kinderen zijn, mijn moeder weigerde Portugees met me te praten. Over Fernando Pessoa lezen en schrijven was voor mij een manier om dichterbij mijn andere thuisland te komen.’

7. Geluid: Muziek

Alexander: ‘Muziek is belangrijk voor ons. Thuis hebben we op een of andere manier altijd muziek op. Er is altijd wel iemand aan het zingen of gitaar, cello of piano aan het spelen. De laatste tijd luisteren we allemaal veel naar Queen, vanwege die film, Bohemian Rhapsody. Lana del Rey maakt fijne muziek om op de achtergrond op te hebben staan. Onze dochters houden erg van de muziek waar wij naar luisterden toen we jong waren: Led Zeppelin, ­Bowie, Dylan. Onlangs zijn we naar een concert van Eminem geweest, dat was fantastisch.

‘We luisteren ook veel naar sonates: cello-­sonates en piano-sonates; van Bach, Chopin of Satie. Natuurlijk, als je het over cello hebt, is er niemand beter dan Bach, die sonates zijn zo melancholisch.’

8. Geluid: Stilte

Alexandra: ‘Maar als we schrijven hebben we geen muziek opstaan. Het mooiste is als wij in stilte zitten te schrijven en er een magisch gevoel ontstaat omdat we helemaal in het verhaal zitten dat we aan het schrijven zijn. Perfecte stilte. We zitten in dezelfde kamer, naast elkaar aan een tafel met onze laptops. We schrijven en mailen elkaar steeds. En dan gaan we verder in elkaars teksten. Het is helemaal stil. Soms begint Alexander uit het niets te fluisteren.

(‘Jij vindt dat eng’, zegt Alexander tegen Alexandra). Als de personages praten, hoor ik ze en begin ik voor ze te fluisteren. Ik hoor mijn eigen gefluister niet, maar Alexandra wel. Dan zitten we daar en hoor je opeens ‘pss pss pss’.’

‘Het mooiste is als wij in stilte zitten te schrijven en er een magisch gevoel ontstaat omdat we helemaal in het verhaal zitten dat we aan het schrijven zijn.’ Beeld Els Zweerink

9. Film: Stalker (Andrei Tarkovsky, 1979)

In deze Russische film van bijna drie uur leidt een gids twee mannen door een gebied dat ‘De Zone’ wordt genoemd op zoek naar een kamer die wensen in vervulling brengt. Alexandra: ‘De film is poëzie in beweging. Alsof je door een driedimensionaal gedicht loopt. De stilte, het decor, de compositie, hoe Tarkovksy werkt met de lichtval in het water; prachtig. Hij duurt lang, het tempo is heel langzaam en er zit bijna geen dialoog in. Er is een of andere ramp geweest, maar het gaat om de reis van die mannen naar ‘De Zone’. Wat die zone precies is, daar kom je nooit achter. Maar het is een fascinerende film. Hij bestaat in mij, als een kamer waar ik altijd naar binnen kan.’

10. Film: Dekalog (Krzysztof Kieslowski, 1989)

Een tiendelige televisieserie van de Poolse regisseur Krzysztof Kieslowski over de Tien Geboden, maar vertaald naar hedendaagse morele en ethische thema’s. Alle verhalen spelen zich af in een Pools appartementencomplex waar de personages met of naast elkaar leven.

Alexander: ‘Het is een interessante film. Ook omdat het nu een oude film is en je kunt zien wat toen beschouwd werd als een dilemma. Het is een realistische film, met veel dialoog, dus wat dat betreft het tegenovergestelde van Stalker.’

11. Regisseur: Ingmar Bergman

Voordat hij onderdeel van Lars Kepler werd, schreef Alexander een roman over het leven van Ingmar Bergman, de beroemde Zweedse regisseur van onder andere Scènes uit een huwelijk, Fanny en Alexander en De grote stilte. Het boek, ‘De regisseur’, was een succes en werd in elf talen vertaald. ‘Toen ik jong was, was ik heel erg geïnteresseerd in Bergman. Hij was natuurlijk over de hele wereld beroemd, maar in Zweden was hij gigantisch. Wij zagen zijn films al toen we jong waren. Te jong, kan ik wel zeggen. Ik was nog een kleine jongen toen ik zijn film Het zevende zegel zag (over een ridder die in de periode van De Pest een wedstrijd schaakt tegen Magere Hein). Die is echt niet bedoeld voor kinderen en ik was vanaf toen bang voor de dood. Ik schreef mijn eerste academische verhandelingen over Bergman en toen kreeg ik het idee voor een verhaal over de periode in zijn leven toen hij op zijn creatiefst was en twee Oscars won. Ik probeerde die periode te reconstrueren, maar als in een roman.

‘Of hij mij geïnspireerd heeft als schrijver vind ik moeilijk te zeggen. Bergman is zo ontzettend aanwezig in de Zweedse cultuur, dus het is moeilijk om te zien in hoeverre je bewust of onbewust door hem beïnvloed wordt.

‘Als je in Zweden drama schrijft, dan kijkt Bergman over je schouders mee. Hij is er altijd. Zijn schaduw hangt nog steeds over alles. Hij heeft zo’n enorme impact gehad op het culturele leven van Zweden dat nieuwe generaties schrijvers en kunstenaars er bijna aan onderdoor gingen.’

12. Schrijver: Stieg Larsson

Larsson was een Zweedse journalist die in zijn vrije tijd werkte aan een romantrilogie. Hij stierf op 50-jarige leeftijd aan een hartinfarct en liet zijn drie voltooide, maar ongepubliceerde manuscripten na. Die zouden uiteindelijk de gigantisch succesvolle Millennium-trilogie worden, over journalist Mikael Blomkvist en Lisbeth Salander.

Alexandra: ‘Ons pseudoniem Lars Kepler is een hommage aan Stieg Larsson. Wij zijn opgegroeid met de Zweedse traditie van misdaad­fictie over politie en politiezaken, maar Larsson voegde daar op een bepaalde manier een thriller-element aan toe en creëerde heel goede, sterke personages en bijzondere verhalen. Het was echt een nieuwe wind die ging waaien. Hij bracht ons aan het denken: misschien moeten wij eens thrillers gaan proberen te schrijven.

‘Dus we zijn hem veel verschuldigd. Het is zo tragisch dat hij gestorven is voordat hij wist hoe succesvol hij was. Ons pseudoniem is een eerbetoon aan hem.’

CV

Alexandra Coelho Ahndoril

1966 geboren in ­Helsingborg, Zweden

2003 debuutroman Stjärneborg (Sterrenburcht, over astronoom Tycho Brahe)

2006 roman Birgitta och Katarina (over de heilige Birgitta van Zweden)

Alexander Ahndoril

1967 geboren in Stockholm, Zweden

1989 debuutroman Den äkta kvinnan (De ware vrouw)

2006 roman De regisseur, over ­Ingmar Bergman. Vertaald in 11 talen.

Lars Kepler

2009 Hypnose, eerste Joona Linna-boek ­(verfilmd in 2012)

2015 Playground, ­roman.

2018 Lazarus, zevende Joona Linna-boek

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.