Boekrecensie Moord op de moestuin

Moord op de moestuin blijft een lichtvoetige detective waarin veel gewroet wordt in de aarde en onze aard (vier sterren)

Een paar scheutjes Agatha Christie en een heleboel scheutjes Nicolien Mizee: dat levert een spannende roman op met vileine humor en fijnzinnige psychologische analyses.

Beeld Max Kisman

Elke vijf jaar herleest Nicolien Mizee het gehele oeuvre van Agatha Christie, de suspensekoningin die begin twintigste eeuw dik zestig detectives en zes romans schreef. Vooral de gewoonte van Christie nooit te oordelen over haar personages, vindt Mizee (54) heerlijk. Na vijf veelgeprezen romans en twee bundels van haar beroemde ‘Faxen aan Ger’, waarin ze haar nimmer antwoordende docent scenarioschrijven Ger Beukenkamp vertelt over wat haar bezighoudt, vond ze het tijd voor een eigen, uiterst Mizee-esque detective, Moord op de moestuin.

Uit de gereedschapskist van Christie leende ze een moord, een gesloten, ogenschijnlijk braaf-burgerlijk biotoopje bewoond door een overzichtelijk aantal verdachten, met ieder hun moordzuchtige motieven, meerdere plotwendingen en een verteller die geen moreel oordeel velt over deze figuren. Daaraan voegde ze enkele typische Mizee-elementen toe: een onaangedane en haast laconieke toon, vileine humor, licht absurdisme en een wat naïeve hoofdpersoon die schrijver is en in alle opzichten op Mizee lijkt.

Volkstuinvereniging 

Sla de binnenflap open en zie daar een vrolijke geïllustreerde plattegrond van de plaats delict, landgoed Groenlust. Dankzij de socialistische inborst en een spirituele ontwaking van de voormalige landheer werd een deel van het land in erfpacht aan een volkstuinvereniging geschonken. Voor een symbolische gulden per jaar huren tuiniers er een lapje grond. De huidige eigenaren – zussen Fiep en Anne, wier vader Friso jaren geleden spoorloos is verdwenen – zien hen het liefst vertrekken, om de boel te kunnen verkopen.

Hoofdpersoon Judith belandt hier omdat haar man Thijs drie dagen na hun bruiloft een hartaanval kreeg en ‘hele dagen roerloos in een stoel’ zat. Om het herstel te bespoedigen, zoeken Thijs, Judith, haar zus en zwager de rust van een zomerhuisje op het landgoed van oude vriendinnen Fiep en Anne. De volkstuintjes op hun grond worden bestierd door excentrieke figuren die allerlei vetes uitvechten, wat Mizee de mogelijkheid geeft met veel vertelplezier de menselijke onhebbelijkheden te ontleden.

Onderling praten de personages veel over tuinieren, vogels en koken, maar wie niets met saffraanperen of groene spechten heeft, kan vertrouwen op een flinke dosis spanning, grappen en fijnzinnige psychologische analyses. Zo blijft het Judith verbazen ‘hoe zelfs intelligente mensen bleven steken in die éne groef: waarom moet mij dit overkomen?’. Over een man die vals zingt tijdens een uitvaart merkt ze op: ‘Ik was altijd diep onder de indruk van misplaatst zelfvertrouwen.’

Gave 

Stuk voor stuk vertellen de tuiniers hun levensverhaal aan de nieuwsgierige Judith, die zich ook in een tuintje heeft laten lullen. ‘Je mag het nooit in een boek zetten’, is een zinnetje dat in verschillende gedaantes terugkomt in, precies, het boek. Sinds ze gehuwd is, is Judith ‘haar gave’, het schrijven, verloren. Wel reflecteert ze geregeld op de personages en plotlijnen van het verhaal dat zich voor haar ogen voltrekt, een laag metafictie die net genoeg verwarring zaait om niet vermoeiend te zijn. Zo moet elk personage een ‘Grote Wil’ en een ‘Grote Angst’ hebben. Voor Judith: de angst uitgelachen te worden. Maar wat is haar wil?

Of het haar wil is, blijft onduidelijk, maar Judith fungeert in elk geval als katalysator en onderzoeker. Bij toeval vindt ze, ergens in het bamboebos verscholen, een schedel. Zelf herkent ze de doodskop niet, maar als ze hem – typisch Judith – plompverloren in de slaschaal legt na het eten, roept Anne verschrikt: ‘Pappie!’ Inderdaad, de verdwenen landheer, oom Friso. Niet snel daarna zijn er rechercheurs in het spel, die vragen stellen waardoor Judith telkens in de lach schiet. Een echte whodunit wil het boek niet worden, maar de vaart zit er na deze ontdekking in, en de spaarzaam gedoseerde beeldspraak en terloopse levenswijsheden zijn raak. ‘De natuur vorderde ons terug, overpeinsde ik. We bloeiden kort en dan verdorden we, gingen we rimpelen, kregen we last van schimmels en woekeringen; we begonnen te vergroeien en uiteindelijk dekte de aarde ons toe.’

Ondanks het ‘hoge mortaliteitscijfer’ op landgoed Groenlust, zoals Thijs op een gegeven moment nonchalant opmerkt, blijft Moord op de moestuin een lichtvoetige detective waarin veel gewroet wordt in de aarde en onze aard.

Beeld RV

Nicolien Mizee: Moord op de moestuin

Vier sterren

Nijgh & Van Ditmar; 240 pagina’s; € 20,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden