InterviewMoniek Merkx

Moniek Merkx stopt als artistiek leider van Maas Theater en Dans: ‘Het werken voor jong publiek heeft een betere maker van mij gemaakt’

Dat je toneel voor jongeren maakt, betekent nog niet dat het ‘veilig’ moet zijn, vindt Moniek Merkx. Als scheidend artistiek leider van Maas Theater en Dans laat ze een reeks uitbundige, eigenwijze stukken na waarin kinderen hun angsten en dromen leerden herkennen.

Moniek Merkx, vertrekkend artistiek leider van Maas Theater en Dans. Beeld Hilde Harshagen
Moniek Merkx, vertrekkend artistiek leider van Maas Theater en Dans.Beeld Hilde Harshagen

En daar verdween ze, via het draaischijfdecor van haar eigen nieuwe voorstelling Ik ben er even niet (8+). Regisseur Moniek Merkx (64) verdronk bijna in de grote, zwarte ‘onzichtbaarheidsmantel’ die ze kreeg omgehangen ter afscheid, begin deze maand, bij het Rotterdamse Maas Theater en Dans. Acteur Freek Nieuwdorp omkranste op harmonium haar laatste minuten als artistiek leider met David Bowies woorden uit Heroes: ‘Ik, ik zal koning zijn. En jij, jij koningin (...) Hoewel niets ons samen kan houden (...) kunnen we helden zijn, voor eeuwig en altijd.’

En toen nestelde ‘de koningin van het beeldende, fysieke jeugdtheater’ zich op een klapstoeltje tegen een retrobehangetje en draaide het decor haar uit het zicht tijdens het onlineapplaus.

Merkx vertrekt na acht jaar als artistiek leider van Maas om plaats te maken voor opvolger René Geerlings (46), die ooit na zijn mimeopleiding bij haar begon als performer en net zo eigenzinnig is. Merkx blijft regisseren en jonge makers begeleiden, onder meer bij Maas. Komende Kerst tekent ze in Groningen voor de fysieke familievoorstelling Cinderella van Club Guy & Roni en NNT, over de veeleisende fixatie op uiterlijk en fysieke aantrekkelijkheid. Maar na een rijke carrière van ruim een kwart eeuw in het jeugd- en jongerentheater draagt ze de leiding over aan een nieuwe generatie.

Op 5 maart streamt Maas Theater en Dans de onlineversie van haar (uitgestelde) afscheidsvoorstelling Ik ben er even niet (8+), een ode aan introverte mensen en verlegen dromers. Merkx wil een vuist maken voor jongeren die over het hoofd worden gezien omdat ze zichzelf in weerwil van de druk van sociale media niet graag in het middelpunt plaatsen. Voor wie groepscontact energie kost. Zelf noemt ze zich ook gereserveerd en introvert. ‘Ik ben niet goed in smalltalk.’

En als regisseur op de voorgrond treden is ook nauwelijks aan haar besteed. Liever benadrukt ze hoe creatief acteurs worden in het gestalte geven van haar ideeën. ‘Ik begin altijd met het gebod dat het er raar, stom en slecht mag uitzien. Dan durven ze met verrassender acties te komen. Daaruit monteren we associatief en intuïtief iets nieuws.’ Het leverde haar bijna tien prijzen op, van de VSCD Mime Prijs tot de Gouden Krekel voor meest indrukwekkende jeugdtheaterproductie. En – het staat niet eens op haar cv – in 2003 won de Children’s Theatre Company in Minneapolis een heuse Tony Award voor (onder meer) de door haar gemaakte voorstelling Once Upon a Forest.

Ik ben er even niet (8+, 2021), afscheidsvoorstelling van Moniek Merkx bij Maas Theater en Dans. Beeld Kamerich Budwilowitz/EYES2
Ik ben er even niet (8+, 2021), afscheidsvoorstelling van Moniek Merkx bij Maas Theater en Dans.Beeld Kamerich Budwilowitz/EYES2

Toch streelt het haar, dat de interviewer Ik ben er even niet een ‘echte Merkx’ noemt. Zes acteurs spreken elkaar in dit stuk aan bij hun eigen voornaam en blikken – ouder geworden – terug op hun roerige jaren als muurbloem. Ze roepen emoties op door zich fysiek in wonderlijke bochten te wringen. Van de ene gekke uitdossing schieten ze in de andere. Soms verdwijnen ze op hun kop achter behang, gordijn of plant, dan weer duwen ze elkaar venijnig in een hoek. Woorden klinken er wel, maar vormen geen logisch verhaal. Livezang legt een fijne laag onder de licht-anarchistische acties. En een kekke beat drijft de ene woordeloze actie in handen van de volgende. Daarbij draait het decor ook nog lekker door.

Het is deze fysieke, beeldende theatertaal waarmee Merkx vanaf medio jaren negentig pionierde in het Nederlandse jeugdtheater. Tot dan domineerde hoofdzakelijk literair teksttoneel. ‘Taal’, zal Merkx meermaals benadrukken, ‘is niet altijd de ingang tot begrijpen.’ Zeker niet voor jong publiek. Ervaren, daar gaat het om. Associaties opwekken.

Gevoelens (h)erkennen, angsten, dromen, nachtmerries – het monster in de bek of in de spiegel zien. Ook in haar handboek Eerste hulp bij theater, geschreven met journalist Jowi Schmitz en dramaturg Dorien Folkers, adviseert ze scholen bij het maken van een groep-8-musical om eens niet te vertrekken vanuit een standaardtoneeltekst met hoofd- en bijrollen, maar vanuit de vraag: ‘Wat is het raarste dat hier op school kan gebeuren?’ – en dat vervolgens te laten verbeelden.

Ik ben er even niet Beeld Kamerich Budwilowitz/EYES2
Ik ben er even nietBeeld Kamerich Budwilowitz/EYES2

Jeugdtheatervoorstellingen mogen gerust gaan over taboes als heimelijke seksuele verlangens, spiritueel contact met dode moeders, wreedheden door lieftallige juffen en nare scheidingen; allemaal onderwerpen die Merkx heeft aangepakt. ‘Jeugdtheater’, zegt Merkx, ‘kan kinderen helpen te dealen met een complexe wereld.’ Daarom vindt ze dat makers de verwarrende werkelijkheid voor kinderen op toneel niet moeten versimpelen tot roze wolk of zoet sprookje.

Wel moet je die moeilijke kwesties transparant maken; soms lenen uitvergrote sprookjes zich daar prima voor, bijvoorbeeld om greep te krijgen op gevoelens als verlatingsangst, jaloezie of het haten van de rottige trekjes van je moeder. ‘Als je dit aansprekend op toneel brengt, helpt het kinderen na te denken over hoe mensen met elkaar omgaan.’ Daarbij moeten ze volgens Merkx altijd perspectief blijven voelen, ook in wrede situaties. ‘Ik kies graag voor magie, muziek, dans of een feestelijke uitsmijter.’

Twaalf jaar geleden haalde Merkx met haar toenmalige theatergroep Max. de voorpagina van de Volkskrant, toen scholen besloten haar tienerbewerking van Arthur Schnitzlers Reigen (1896) ongezien te weigeren. Ze vreesden hun leerlingen bloot te stellen aan seks, lust en overspel. Ze vonden de tieners te jong voor zo’n controversieel stuk over de hypocrisie van de liefde.

In haar multimediaversie (14+) liet Merkx jongeren meevoelen met pijnlijke leegten en dubbele agenda’s achter geflirt en mooi weer spelen. ‘Veilig theater bieden wij niet’, zo verdedigde Merkx zich. ‘Jongeren moet je niet tegen alles willen beschermen. Ze moeten zelf nuances in denken en voelen ontdekken.’ Ze weet nog dat een leerling na afloop zei: ‘Voor mijn ouders is dit niets, voor mij is dit zeker wat.’

Help (10+, 2009) door theatergroep Max., regie Moniek Merkx. Beeld Joep Lennarts
Help (10+, 2009) door theatergroep Max., regie Moniek Merkx.Beeld Joep Lennarts

Eén keer heeft Merkx toch een hand van een acteur (die een jeugdige John Lennon vertolkte) van een bil gehaald, onder druk van een dreigend verbod op de Amerikaanse première van haar Beatles-voorstelling Help, in Seattle. ‘Alles met seks blijft ingewikkeld, zeker in zo’n opportunistisch, politiek correct land als Amerika.’

Gelukkig merkt ze dat het een decennium later beter is gesteld wat dit risicomijdend gedrag in het jeugdtheater betreft. In ieder geval op de meeste scholen en in de kleine en middenzalen, haast Merkx daarbij te zeggen. In de grote zaal vaart de programmering voor jeugd, jongeren en families nog grotendeels een veilige koers. Daarbuiten zetten eigenzinnige theatergroepen het beeldend jeugdtheater verder op de kaart met spannende voorstellingen over taboedoorbrekende onderwerpen, groepen zoals Theater Artemis (onder leiding van Jetse Batelaan), Het Houten Huis (Elien van den Hoek en David van Giethuyzen), BonteHond (Judith Faas) en natuurlijk Maas Theater en Dans.

Wanneer het theaterbezoek straks weer mag, wil Merkx deze lefgozers graag aanbevelen. Want naast al die uren schermtijd op platforms als Snapchat en TikTok hebben kinderen en jongeren behoefte aan liveontmoetingen met werelden en perspectieven waar ze misschien nog niet concreet mee te maken hebben, maar wel nieuwsgierig naar kunnen worden gemaakt. En waarvan ze de diepe gevoelens wel degelijk herkennen. ‘Wij hebben allemaal emoties die we niet altijd begrijpen. Vraag daarom na afloop liever niet ‘Heb je het begrepen?’, maar ‘Wat heb je gezien? Wat is je opgevallen?’.’

Hallo familie (8+, 2018) door Maas Theater en Dans, regie Moniek Merkx. Beeld Kamerich en Budwilowitz/EYES2
Hallo familie (8+, 2018) door Maas Theater en Dans, regie Moniek Merkx.Beeld Kamerich en Budwilowitz/EYES2

Grote gevoelens moeten in het jeugdtheater wel helder worden verbeeld, zonder ruis of wolligheid, benadrukt Merkx. Volgens haar lopen jeugdtheatermakers voorop in het bewustzijn hoe je ingangen vindt bij een gemengde groep toeschouwers. Zelf studeerde ze eerst theaterwetenschap en maakte ze voorstellingen met mimegroep Suver Nuver (dertien stuks), acteur Henk van Ulsen (Dagboek van een gek), schrijver Tessa de Loo (De tweeling) en een poedelnaakte Barry Atsma (Hotel Sonja van Atelier D., 16+), alvorens ze via Theater Artemis aan haar opmars begon in het jeugdtheater. ‘Het werken voor jong publiek heeft een betere maker van mij gemaakt. Je wordt gedwongen to the point te zijn. Divers te denken, andere verhalen en perspectieven binnen te halen en kleurenblind te casten. Ik gun dat iedere regisseur.’

Ik ben er even niet (8+) door Maas Theater en Dans is 5/3 om 19.30 uur te zien via maastd.nl/livestreams. Op 6/3 wordt Wijzer (4+) van Remses Rafaela live gestreamd.

Het eigenwijze Merkx-dna

‘Mijn eigenwijsheid is aangeboren.’ Daarmee doelt regisseur Moniek Merkx op de vele discussies in haar ouderlijk huis tussen acht ‘langharige pubers’, een CDA-burgemeester als vader, een lerares nijverheid als moeder en een ‘katholieke vrijbuiter’ als tante (Wies Stael-Merkx, gezicht van de Acht Meibeweging). Zus Wies begon het Utrechtse jeugddansgezelschap Dansend Hart. Haar neven Guy en Camille Corneille maken furore met opwindende muziek, dans en circus. En zoon Willem Duijvelshoff, volgens haar net zo eigenwijs, innoveert systemen met apps voor duurzaam consumeren en eerlijke modemerken.

Hallo familie (8+, 2018). Beeld Kamerich en Budwilowitz/EYES2
Hallo familie (8+, 2018).Beeld Kamerich en Budwilowitz/EYES2

Succesvolle theatermakers over hun start bij Moniek Merkx

Jetse Batelaan (42):

‘Ik begon kneitereigengereid aan mijn eerste jeugdtheatervoorstelling bij haar gezelschap. Ik wilde een jong publiek laten zien hoe iets ogenschijnlijk saais toch spannend kan worden. Zij heeft mij geleerd hoe je vooraf de interactie met zo’n beweeglijk kinderpubliek al kunt beïnvloeden. We gaven eerst trainingsopdrachten onder het motto: voorkom dat je in slaap valt tijdens de voorstelling. Ze moesten bijvoorbeeld kijken naar een televisie met een zwart doek erover. Vervolgens kwamen ze tot de tanden toe gewapend naar de ‘saaie’ Voorstelling waarin hopelijk niets gebeurt. Het had volledig kunnen mislukken maar fonkelde van begin tot eind. Moniek durft dat toe te laten: zij staat voor autonomie, ook al verkocht de later bekroonde voorstelling eerst voor geen meter.’

Nastaran Razawi Khorasani (33):

‘Urenlang improviseren. De vloer op met al je kwaliteiten, verlangens en karaktertrekken. Je persoonlijkheid laten zien. Dat is ‘spelen’ bij Moniek. Met een goede tekstbehandeling kom je er zeker niet. In de laatste weken pakt zij haar kwast en begint te schilderen, lagen, kleuren, diepte, reliëf. En dan opeens is het er, bijna altijd nog goed ook. Toen ik zwanger werd, pakte ze me stevig vast, gaf mij een dikke kus en zei: ‘Als je maar niet je ambities verliest.’ Dát heb ik van haar geleerd.’

Suzan Boogaerdt (46):

‘Ik heb van haar geleerd om alles wat zich voordoet op de vloer te articuleren. Ze houdt van spelers die zichzelf meenemen, inclusief alle ongemakken en schaamte. We hadden het tijdens repetities vaak over ‘slecht acteren’, dan behandelden we een door haarzelf geschreven tekst bijvoorbeeld als ‘slecht’ toneelstuk. Daardoor vonden we juist vaak een vrije toon die bleek te kloppen. We censureerden daardoor het onbegrijpelijke niet. Dat soort humor was belangrijk als motor in het maakproces.’

Bianca van der Schoot (47):

‘Al tijdens de mime-opleiding leerde ik van Moniek te vertrekken vanuit spelplezier en ambities los te laten. Zij schetst losjes contouren en geeft daarbinnen spelers alle vrijheid. Alles mag. Dat werkt aanstekelijk. Je mag falen en iets volstrekt gênants doen. Het is haar talent hoe ze de kracht die daarin schuilt feilloos naar boven weet te halen. En voor jong publiek werkt het fantastisch dat spelers dicht bij zichzelf blijven. Daar herkennen ze zich in.’

Reigen (14+, 2009) door theatergroep Max., regie Moniek Merkx. Beeld Joep Lennarts
Reigen (14+, 2009) door theatergroep Max., regie Moniek Merkx.Beeld Joep Lennarts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden