Op mijn plekThomas Vermeer

Modestylist Thomas Vermeer: ‘Ik hou van geometrische interieurs’

Thomas Vermeer in het auditorium van de Kunsthal in Rotterdam. ‘Ik vind het een heel bijzondere plek. Het is heel ruim opgesteld en door de grafische lijnen doet het me denken aan hoe ik naar mijn eigen kleding kijk.’Beeld Jordi Huisman

Iemand met smaak, gefotografeerd in een zelfgekozen fraaie ruimte: dat is het idee achter deze nieuwe rubriek. Deze week: modestylist Thomas Vermeer. ‘Dit auditorium is één grote 3D-kaart’.

Wie: 

Thomas Vermeer (35)

Wat doet hij:

Freelancemodestylist bij onder meer Elle, Harper’s Bazaar en Linda.

Waar: 

Kunsthal in Rotterdam

Wat is dit voor zaal?

‘We zijn in het auditorium van de Kunsthal in Rotterdam. Het is een ruimtelijke, schuin oplopende zaal met een betonnen plafond en honderden Matrix Krueger-stoelen, als een regenboog. Het doet me denken aan de manier waarop ik outfits voor mezelf en voor opdrachtgevers samenstel, door voor frisse kleuren te kiezen en uitgesproken silhouetten en materialen te gebruiken. Ik word erg enthousiast van verrassende kleurcombinaties en zie dit auditorium als één grote 3D-kleurkaart. De Kunsthal is ontworpen door Rem Koolhaas, ik ben liefhebber van zijn werk. Knap dat zijn gebouwen zo herkenbaar zijn en tegelijk verrassen; functionaliteit en fantasie komen daarin altijd mooi samen.’

‘De gekleurde Matrix Krueger-stoelen lijken intuïtief te zijn neergezet. Het zijn veel verschillende kleuren zoals banaangeel, inktblauw en karmozijnrood met af en toe een zwarte stoel ertussen.’Beeld Jordi Huisman

Wat draag je?

‘Mijn trui is van Kenzo, die heb ik al jaren. De broek is van een studiocollectie van Muji, een soort Japanse Hema. Alles in die winkel is minimalistisch en neutraal. Eigenlijk het tegenovergestelde van mijn uitgesproken persoonlijke stijl, maar wel fijn voor de balans in m’n garderobe. Ik heb mooie herinneringen aan deze broek, ik kocht hem toen ik voor het eerst in Tokio was. Dat was mega inspirerend. Veel in Japan is goed doordacht, zelfs het doortrekken van de wc: je wast je handen boven de spoelbak en dat water wordt hergebruikt als spoelwater.’

‘Deze trui heb ik al een tijdje, ik kocht hem bij het Franse warenhuis Printemps toen ik in 2013 voor het eerst naar de Paris Fashion Week ging. Hij is van Kenzo, ontworpen door de toen net aangestelde ontwerpers Humberto Leon en Carol Lim. Ik ben gek op deze blauw-roze gemêleerde trui: hij is niet stuk te krijgen, pilt niet en is fel van kleur. Als ik hem aandoe, voel ik me meteen fris en wakker, bijna als tandpasta.’Beeld Jordi Huisman

Schoenen

‘Deze schoenen zijn mijn meest recente aankoop. Ik vind het leuk dat het archetypische gympen zijn zonder gedoe, schoenen die een stripfiguur ook zou kunnen dragen. Ze zijn van het Italiaanse merk Sunnei, op dit moment mijn favoriete modelabel. Ze ontwerpen met humor. Als ik zelf kleding mocht ontwerpen, zou het zoiets worden. Heel fijn dat zo’n collectie al bestaat, dan hoef ik het zelf niet meer te doen.’

Hoe heb je je stijl ontwikkeld?

‘Een paar van mijn stijlperioden hoeven niet uitgebreid in de krant, maar kleurrijk was het altijd al. In mijn tienerjaren droeg ik veel alternatieve, skater- en punkachtige kleding en had ik geblondeerd haar met roze plukjes. Een scherp contrast met waar ik ben opgegroeid, in Harderwijk was alles neutraal van kleur. Daar zette ik me maar al te graag tegen af. Een bepalend moment was toen ik zo’n tien jaar geleden voor het eerst in aanraking kwam met de schilderijen van David Hockney. Eigenlijk is mijn hele garderobe gebaseerd op zijn kleurgebruik.’

‘Alle accessoires voor onderweg zijn even kleurrijk als mijn kleding. Dit telefoonhoesje kocht ik op een markt in Vietnam. Naast mijn telefoon heb ik ook bijna altijd een notitieboekje bij me. Hierin maak ik to-dolijstjes en schetsen van ideeën voor fotoshoots.’Beeld Jordi Huisman

In wat voor interieurs voel je je het fijnst?

‘Ik hou van strakke, duidelijke vormen in speelse en kleurige opstellingen, zoals je die hier ook in het auditorium van de Kunsthal ziet. Om de hoek van de Kunsthal staat Huis Sonneveld, dat heeft ook een heel inspirerend interieur: uitgesproken kleuren en elegante, multifunctionele meubels. Vroeger zijn er zo veel fijne meubels gemaakt, zoals van Gispen en Vitra, die hebben een tijdloos ontwerp. Mijn eigen interieur bestaat, evenals mijn garderobe, uit sprekende, complimenterende kleuren. Zo heb ik een bank in Yves-Klein-blauw: dat is een sterk verzadigd, helder koningsblauw met daarboven een oranje Tomado-rek uit de jaren vijftig. Ik hou van geometrische interieurs, het liefst heb ik zelfs mijn planten in een grafische vorm.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden