Moderne dandy's

Voor een dandy is zijn kleding geen bijzaak: shawls zijn handgeborduurd, een trui is van kasjmier en een pochet is essentieel. Vijf onvervalste dandy's over hun stijl.

Robert van Raffe Foto Erik Smits

Robert van Raffe (34) Illustrator en auteur

'Toen mijn vriendin me verliet, besloot ik: voortaan geen Nirvana T-shirts meer, alleen nog strakke pakken. Net als Oscar Wilde en Francis Bacon zou ik transformeren tot een kunstenaar die altijd zijn antwoord klaar had. 'Ga je naar een begrafenis', vroegen mijn klasgenoten op de kunstacademie. 'Nee, ik heb besloten om dandy te worden', zei ik. Ze lachten me uit. Ik schrok: waren dandy's dan alleen societyfiguren, nietsnutten zoals de eerste dandy Beau Brummell? Wat voor imago had ik mezelf aangemeten? Maar het was al te laat: voortaan was ik Dandy Raffe, tegen wil en dank.

Tenminste, zo staat het in mijn stripboek Zonder filter; maar een goed verhaal hoeft niet per se waar te zijn. In werkelijkheid komt mijn fascinatie voor de dandy vooral voort uit mijn verhuizing van een dorp naar de grote stad, denk ik. Ik wilde mezelf een beetje vormgeven, daar op de academie, en de dandy's spraken me aan, zeker toen ik ontdekte dat er ook kunstenaars bij zaten. Het dandyisme is de veruiterlijking van een aristocratische geest, schreef Baudelaire. Daarom tellen bij dandy's juist de kleinste details: een pochetje is niet triviaal, het is cruciaal. Maar hij zei ook: een dandy leeft en slaapt voor de spiegel, nooit ontspannen, altijd klaar voor een snedige opmerking - en zo vilein ben ik dan weer niet. Ik denk dat ik een aardige dandy ben, eentje die in publiek altijd een pak en nooit sokken draagt, maar thuis pantoffels en een geruite broek: een beetje zoals een landheer in zijn kasteel. Ja, maar Crocs en sportkleding zitten zo lekker, hoor je vaak - wat een onzin. Er zijn pakken en maatschoenen die net zo comfortabel zitten, en daar zie je het niet aan af.'

Robert draagt een pak en das van Suit Supply, een gilet van Suitable, een jas van Zara, schoenen van Brass en vintage manchetknopen van Dante.

Dany Diop ('leeftijd op aanvraag') Eigenaar van een salon voor haar- en huidbehandelingen

'Ik begin om 10 uur met werken, maar ik sta om half 7 op om zeker te weten dat het klopt. Mijn broek, colbert, schoenen, sieraden, parfum: alles. Voor ik naar bed ga, geef ik mijn gezicht een huidmassage van een half uur. 's Ochtends volgt, na de koffie, cleansing, een zelfgemaakt masker, crème en serum en tot slot werk ik mijn wenkbrauwen en wimpers bij. Ook op vakantie. Dat vind ik niet lastig, ik wíl ook niet binnen een kwartiertje weg kunnen, dan ben ik niet compleet. Ik ben alleen gelukkig als ik er perfect uitzie.

Zolang ik me kan herinneren, ben ik een dandy geweest. Mijn vader was diplomaat in Parijs, hij bezat prachtige pakken met debardeur en das - maar altijd zwart, grijs en donkerblauw. Zulke trieste kleuren. Droeg hij een pochetje, dan was het zó discreet dat je het bijna niet zag. Ik ben flamboyanter. Ik hoef niet veel pakken te bezitten, maar als ik iets koop, moet het wel van de allerbeste stof zijn. Met de hand geborduurde pashmina's uit India vind ik het summum van elegantie; kásten vol heb ik. Ga je de deur uit, vragen vrienden soms als ze onverwacht aanbellen. Nee, hoezo? Ik ben gewoon graag gekleed, ook thuis. Een joggingbroek is voor als je gaat sporten.

Je zult nooit van iemand houden omdat diegene zich zo goed kleedt, maar vóór je de binnenkant leert kennen, is de buitenkant belangrijk. Kleding hoeft echt niet duur te zijn, zolang het maar netjes en schoon is. En geen korte broek! Zelfs niet als het heel warm is: hoe elegant je ook bent, een korte broek doet afbreuk aan alles. Boers, dat is het. Erg ben ik, hè? Haha.'

Dany draagt een colbert van Gucci, een broek van Etro en een hemd van Dries Van Noten.

Dany Diop (locatie rijksmuseum) Foto Erik Smits

Arthur Vinkenoog (38) Eigenaar van een bedrijf dat zakelijke maatpakken maakt

'Ik zie mezelf niet direct als dandy. Lopen pronken, daar herken ik me niet in, en met een vlinderdasje voel ik me toch een beetje die gekke oom op een verjaardag. Ik denk dat ik inmiddels dertig pakken heb. Groen, rood, oranje, het enige wat ik niet bezit, is grijs. Dat doet niets voor me. Mijn vader, Simon Vinkenoog, hield zich meer bezig met het innerlijk. 'Je geestelijke groei is belangrijker dan wat dan ook', zei hij altijd. Ik kan goed relativeren en ik weet waar het echt om gaat. Mode trok me altijd wel, maar pas toen twee vrienden een bedrijf in maatkleding oprichtten en ik de zakelijke tak begon, is de liefde overgeslagen. Als je elke dag tussen de mooiste stoffen en pakken zit, raak je vanzelf een beetje besmet. Veel van mijn klanten hebben twee blauwe pakken en een grijs pak. 'Nee, je bent niet toe aan een tweede grijze', zeg ik dan, 'je bent toe aan een pak dat je stáát.' Stijl betekent voor mij dat je nadenkt over wat je draagt. En je bent echt niet zo snel over de top als je denkt, maar mannen die bij hun pak een paar kekke sokken met patroontjes aan willen - nee, dat vind ik zonde van het pak. Als je iets bijzonders wilt, waarom kies je dan niet voor een stijlvol groen ruitje? Omdat je bang bent dat je vrienden je boswachter noemen? Dat gaat er bij mij niet in. Ik vind dat je uitgesproken én stijlvol tegelijk kunt zijn. Misschien ben ik dan toch een dandy.'

Arthur draagt een pak en pochet van Pakkend Zakelijk. Het horloge is van Omega, de manchetknopen van Paul Smith.

Arthur Vinkenoog Foto Erik Smits

Ron Weil (54) Personal shopper

'Brideshead Revisited, die serie heb ik wel zeven keer gezien. Het was een eyeopener: niet alleen de kleding, ook dat je 's middags iets anders aantrekt dan 's avonds als er gasten komen. Etiquette is belangrijk, vind ik sindsdien. Als je je eraan houdt, voelt iedereen zich prettig omdat alles smooth verloopt. Je moet het wel afstemmen op waar en met wie je bent, dat geldt ook voor kleding. Ik ben altijd en overal met mijn uiterlijk bezig, op rommelmarkten haal ik sjaaltjes, strikken en hoeden, voor mijn baard heb ik speciaal een föhn gekocht. Een goed tenuetje geeft me rust. Dan klopt het. Met mijn oma en opa oefende ik thuis voor chique diners met de glazen en het bestek, zodat ik me op mijn gemak zou voelen als het eenmaal plaatsvond. Oma zag er altijd mooi uit, opa had niet één papegaai, maar twintig. Ze begrepen mijn droomwereld. Nadat ik een film over een Chinese keizer had gezien, lag ik een keer een heel weekend in bed, gehuld in zijden kimono's, terwijl zij buigend binnenkwamen met thee. Japanse merken en mensen op Instagram inspireren me nog steeds. Ik heb er geen moeite mee om zwaar over de top door de Koopgoot te lopen. Maar ik vind ook: mode moet je niet al te serieus nemen. Dure merken vind ik prachtig, maar met het budget van één stuk kan ik zó veel meer. Het bloemetje op mijn pak is een haarspeldje van H&M. Winkels waar alles 1 euro kost, vind ik ook leuk. Mijn vriend is minder flamboyant, hij gaat gewoon goed gekleed, maar ik heb veel contact met twintigers die mij als een soort vader in de mode zien.'

Ron draagt een pak van Sissy Boy, schoenen van Dr. Martens, een hoed van Brixton London en een vintage strikje uit Antwerpen.

Foto Erik Smits

Oscar Hammerstein (63) Advocaat

'IJdel is geen scheldwoord. Ieder mens heeft een kleine dosis narcisme nodig: als het je niets uitmaakt hoe je erbij loopt, dan geef je niets om jezelf.

Mijn moeder zei altijd: je wordt ontvangen zoals je eruitziet, maar mensen zijn tegenwoordig niet meer bereid zich voor de gelegenheid te kleden. Kom ik in het theater, dan zie ik mannen in spijkerbroek of een ontzettend duf pak met zo'n dun regenjasje erover, armoe troef. Vroeger gaf kleding aan tot welke klasse je behoorde en al is dat natuurlijk niet meer van deze tijd, het vervelende is wel dat iedereen zich nu conformeert aan het minste.

Dit pak komt van Herr von Eden, een winkel in Berlijn die ontwerpen uit de jaren dertig in moderne stoffen uitvoert. Bolhoeden, fluwelen kraagjes; ik ben dol op die combinatie van oud en nieuw, jammer dat ik met een vlinderdasje niet serieus wordt genomen bij een cliëntbespreking. In de advocatuur is het gebruikelijk er verschrikkelijk uit te zien, alsof ze in de stal hebben gestaan, snel een smerige toga eroverheen hebben getrokken en zich dan advocaat noemen. Respectloos. Maar wat ik uitgeef, valt reuze mee hoor, ik schat tussen de 15 en 20 duizend euro per jaar. Tijdenlang heb ik zó veel kleding gekocht dat ik er nu nog op kan teren. Een goede kasjmieren trui, er is nauwelijks iets mooiers te bedenken. Ik ben er heel zuinig op: als de winter voorbij is, was ik die trui zelf met olie uit Italië, daarna gaat-ie in een plastic zak de kast in. Schoenen poetsen, óók heel belangrijk. Als je ouder wordt en vanzelf een beetje te dik, valt er niet meer zoveel te dandy'en. Des te belangrijker om er dan verzorgd uit te zien.'

Oscar draagt een pak van Herr von Eden, schoenen van Paul Smith, de hoed komt uit Heidelberg en het strikje is van Hermès.

Foto Erik Smits
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.