Mode uit het sprookjesbos Parijs

Mode..

den haag Modetentoonstellingen zijn in de mode in Nederland. Vorig jaar was naast de Mode Biënnale Arnhem in het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen het groots opgezette Gejaagd door de wind te zien, en op dit moment zijn er maar liefst vier mode-exposities tegelijk. Het Centraal Museum in Utrecht heeft Alexander van Slobbe, het Groninger museum Bernhard Willhelm en het Historisch Museum Rotterdam Cargelli.

Verreweg de meest ambitieuze van de vier is te vinden in het Gemeentemuseum in Den Haag. Haute Couture/ Voici Paris! is een groots opgezette, uitbundig vormgegeven, toegankelijke tentoonstelling, waaraan grote internationale modehuizen hun medewerking verleenden.

Na anderhalf jaar aandringen kreeg conservator Madelief Hohé modehuis Chanel zover dat het een serie witte jurkjes en pakjes uit de vorige zomercollectie uitleende. De grootste zaal is gevuld met recente, fantasierijke, sprookjesachtig mooie creaties van Dior, en ook Jean Paul Gaultier heeft een eigen ruimte. Andere huizen stelden een of twee stukken ter beschikking, zoals de Libanese Elie Saab, geliefd bij Hollywoodsterren, vrouwen uit het Midden-Oosten en Sylvie van der Vaart.

De Parijse haute couture is de exclusiefste vorm van mode. Er is een speciale modeweek voor de met de hand en op maat gemaakte vrouwenkleding, er zijn maar elf Franse modehuizen die haute couture maken volgens de officiële Parijse regels. Die luiden: een huis moet in Parijs zijn gevestigd en minstens twintig vaste medewerkers hebben. Een collectie dient te bestaan uit minimaal 25 ontwerpen, en een klant moet minstens drie keer komen passen. Tijdens de Parijse coutureweek showen ook huizen uit andere landen en (buiten het officiële programma om) jonge ontwerpers zoals de Nederlandse Jan Taminiau.

Er zijn maar een paar honderd vrouwen op de wereld die haute couture kopen. De shows zijn tegenwoordig vooral bedoeld als uithangbord voor vakmanschap en creativiteit. Hoewel ook die functie onder druk staat: de showstukken in de prêt-à-portershows (kleren die dus alleen voor de show zijn gemaakt, en niet in winkels terechtkomen) zijn vaak net zo bijzonder en bewerkelijk.

Vijftig jaar geleden was couture de enige echte vorm van mode. De stukken werden toen niet alleen gemaakt door de huizen zelf: couturemerken verkochten ook patronen van hun ontwerpen, waarbij precies werd voorschreven welke stof en fournituren moesten worden gebruikt. Via lokale modewinkels en coupeurs vonden die hun weg naar particulieren. Yves Saint Laurent was in 1998 de laatste die met deze praktijk stopte.

Naast authentieke historische stukken uit de eigen collectie van het Gemeentemuseum, van onder anderen Paul Poiret, Cristobal Balenciaga, Hubert de Givenchy en Jeanne Lanvin, zijn een aantal in Nederland in elkaar gezette ontwerpen te zien. Dat deze vorm van couture niet heel exclusief was, wordt meteen duidelijk. Van een middagjurk van Dior uit 1972 hangen drie identieke versies naast elkaar, nota bene allemaal verkocht door modehuis Kühne in Den Haag.

Originele Nederlandse couture – in feite geen haute couture, maar showstukken of maatkleding naar eigen ontwerp – is ook te vinden in Den Haag, zij het in beperkte mate.

Jan Taminiau en Iris van Herpen, een jonge ontwerpster die bewerkelijke creaties van leer maakt, hebben ieder een eigen kamertje. Voor ontwerpen van Frank Govers, Mart Visser, Frans Molenaar, Viktor & Rolf, Fong-Leng, Percy Irausquin en andere Nederlandse namen is een even geestige als passende opstelling bedacht.

Waar de stukken van Parijse couturehuizen worden gedragen door poppen en staan opgesteld in decors van sierbogen, bloemstukken, Parijse daken en een sprookjesbos, zijn in de Hollandse ruimte boven een zwarte snelweg twee elektriciteitsmasten opgetrokken. De kledingstukken zijn opgehangen aan de ‘elektriciteitsdraden’, op het eerste gezicht met een simpele kleerhanger.

De jurken en pakjes mogen van deze ontwerpers mogen dan weliswaar uitsteken boven de typisch Nederlandse nuchterheid, ze zijn daar tegelijkertijd, zo wordt gesuggereerd, onlosmakelijk mee verbonden.

Haute CoutureVoici Paris! Gemeente-museum Den Haag. T/m 6 juni 2010.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden