Misschien is het toen allemaal begonnen

Hoofdkantoor Nationale Nederlanden..

In een tijd dat er nog nauwelijks hoge gebouwen in Nederland waren, verrees in Rotterdam ineens het hoogste gebouw van het land. Het was verzekeringsmaatschappij Nationale Nederlanden die zomaar zijn kop ver boven het maaiveld uitstak. Hon-derd-vijf-tig meter!

Misschien dat het toen allemaal is begonnen.

Nederland was in de jaren tachtig van de vorige eeuw nog een land van nivellering, met de hoogste inkomstenbelastingtarieven ter wereld. Wie te veel geld had, moest van de laatstverdiende guldens 72 cent inleveren. Zo bouwde men ook. Rotterdam, nu één groot staafdiagram van kantoortorens, was een platte stad in een plat land.

Was het toeval dat de eerste paal voor De Delftse Poort, het nieuwe hoofdkantoor van Nationale Nederlanden, werd geslagen in het jaar dat Nederland voor het eerst Europees voetbalkampioen was geworden?

Kennelijk was het toch best leuk om verschil te maken.

Wie het gebouw nu bekijkt, ziet hoezeer het op een keerpunt in onze mentaliteitsgeschiedenis tot stand kwam. Hier ontpopte zich de eerzucht en de ambitie van de jaren negentig en daarna – maar nog met de reserves van de jaren tachtig.

Ja, er waren twee torens, maar daar zat ook een groot plat gebouw tussen, voor keuken, kantine en het centrale ontmoetingsplein. En ja, er lag graniet op de grond en er zat natuursteen op de muren, maar het was zwart en grijs en onopvallend. En de pilaren glansden, maar het was alsof ze van plastic waren.

Het kantoor was destijds precies geworden wat het volgens de opdrachtgevers moést worden: een gebouw van allure, maar zonder pracht en praal. Kolfje naar de hand van architect Abe Bonnema. Een Fries, een man die niet van tierelantijnen hield. Een man van eenvoudige vormen: een driehoekig daklicht boven de ingang, een ronde koepel boven het restaurant, twee rechthoekige dozen de lucht in, een kubus daartussen.

In dat blok zat de grootste ruimte van het complex: een volwaardige, maar ook heel gewone sporthal. Met een wirwar aan gekleurde lijnen op de vloer en de bekende lage bankjes langs de ene kant.

Een sporthal als centrum van het bedrijf, want werknemers moeten gezond blijven. Het was een exponent van het functionalisme dat het gebouw doordrenkte: alles moest nuttig zijn. Zelfs de glazen gevel had nut, en werd gebruikt als gigantisch uithangbord.

Maar op die manier sloop ook de pracht en praal erin – zonder dat het zo bedacht was. Ter ere van het EK 2000 werd een 150 meter hoge Edgar Davids op de ramen geplakt. In 2009 werd tijdens het filmfestival Rotterdam een film op het gebouw afgespeeld. Een kathedraal kon het niet alleen meer van zijn hoogte hebben.

En dan het uitzicht. Dichter bij God waren zelfs de bouwers van de Domtoren niet gekomen.

Michael Persson

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden