Miljoenen aan leergeld

Fred Kappetijn, pionier op het vlak van nieuwe media, was in dienst van uitgevers als PCM en VNU, maar erg lang duurde dat niet....

0N OG steeds constateer ik grote onzekerheid. Ik loop al lang mee en het is als een rollercoaster ride. Op het moment dat er een nieuwe techniek op de markt komt, rent iedereen erachteraan. Er ontstaat een hyperig gevoel en iedereen wil erbij horen. Totdat de terugslag komt. Op dit moment vragen de meeste ondernemers zich af waarom ze al dat geld aan een site op Internet hebben uitgegeven. Niemand kijkt er naar.'

Fred Kappetijn is achtenveertig. Hij behoorde in de jaren zeventig tot de eerste lichting studenten die zich op automatisering stortten en later van adviseurschap naar directeurschap hobbelden om onzekere bestuurders bij te staan, die de klok over nieuwe media hadden horen luiden. In de jaren tachtig begon hij als wetenschapsjournalist voor Elsevier, wierp zich op verschijnselen als Videotex en andere elektronische diensten, zoals interactieve Teletekst. Vervolgens werd hij door grote uitgevers als PCM en VNU binnengehaald als directeur elektronische media. Zonder veel succes.

'Men neemt een stap en begint meteen te twijfelen', zo omschrijft Kappetijn de houding in het bedrijfsleven over nieuwe media. 'Over het algemeen geldt dat we te veel bezig zijn met wat technisch mogelijk is. Internet is daar een voorbeeld van. Niet veel mensen vragen zich af wat de consument eigenlijk wil. Dit kan! Dat kan! Maar of de consument ermee gediend is... Als je roept dat je van alles kunt bestellen via Internet en met je tante in Australië kunt e-mailen, dan haalt de gemiddelde Nederlander zijn schouders op. Wie koopt daarvoor nou een multimedia-pc van drieduizend gulden?'

Kappetijn is weer terug bij af. Ook in de jaren tachtig stortten grote uitgeverijen zich in projecten die met nieuwe media te maken hadden. 'Het is één grote deja-vu. Zo was er een paar jaar geleden het Telekado-project. Een idee van KPN. Zij dachten dat er behoefte was aan een soort Fleurop voor allerlei goederen die binnen 24 uur geleverd konden worden. Voor wanneer je een verjaardag was vergeten. Maar het gebaar was onpersoonlijk en kostte 17,50 gulden extra. Het was helemaal mis. Van dat soort initiatieven zijn er nog veel.'

Volgens Kappetijn was Videotex, een interactieve tekstdienst, ook zo'n hype. 'Ik geloofde er heilig in en kreeg veel mensen mee. Ik heb miljoenen aan leergeld uitgegeven.' Hij denkt dat uitgevers in deze periode argwanend zijn geraakt. Dat dreigt zich nu te herhalen, omdat bij meerdere projecten ondoordacht geld wordt gespendeerd.

Zo heeft KPN via KPN Multimedia al een fortuin weggegooid, op zoek naar lucratievere diensten dan het verkopen van telefoontikken. Tientallen miljoenen stak het bedrijf in elektronische diensten die tot dusver niet aan de verwachtingen hebben voldaan. Voorbeelden: TeleSelect, een poging tot introductie van betaaltelevisie, dat door KPN inmiddels is verkocht; Planet Internet, dat is ondergebracht bij World Access. En TeleWorld, exploitant van Teletekstdiensten, is te koop gezet.

Philips Media is van hetzelfde laken een pak. De multinational wierp zich ook op kabelnetten, maar heeft de boel begin dit jaar alweer verkocht. De investeringen in cd-i en in TeleWorld, het is allemaal niet geworden wat men ervan had verwacht.

0 APPETIJN: 'Het vertrouwen in nieuwe media bij uitgevers is laag. Er hoeft maar even iets niet te lukken en de reactie is: ''Oh god, het is weer niks.'''

Het verklaart volgens Kappetijn waarom Nederlandse uitgevers zo weinig zichtbaar zijn op Internet. Hij merkt dat de grote spelers om begrijpelijke redenen denken vanuit te verdedigen posities. 'Men hoedt zich voor kannibalisme. Pas als een ander dreigt te gaan eten, komen de bestuurders in actie.'

Kappetijn begrijpt niet dat minister Wijers van Economische Zaken roept dat het allemaal sneller moet. 'Het gaat hard genoeg. De enige reden dat Nederland achterloopt op de Verenigde Staten heeft te maken met schaalgrootte en het daarbij horende mentaliteitsverschil. Als een Amerikaan ergens in gelooft, dan gaat hij ervoor. De New York Times zette meteen zestig man op de on line-editie. Terwijl we bij de Volkskrant moesten beginnen met een enthousiasteling.'

Bij VNU is het volgens hem niet anders.

Daar staat tegenover dat Amerikanen projecten sneller afkappen als het niet bevalt. In Nederland wordt er doordachter gehandeld. 'Ik heb zowel tegen PCM (uitgever van onder meer de Volkskrant en NRC Handelsblad) als tegen VNU gezegd dat Internet in de komende vier jaar nog geen massamedium zal worden. Nieuwe diensten worden in de eerste plaats ontwikkeld in het verlengde van bestaande titels.'

Kappetijn trad in 1995 bij PCM in dienst om een impuls aan nieuwe media te geven. Net op dat moment bood Elsevier zijn kranten te koop aan en deed PCM een bod. Prompt was er geen geen geld meer voor nieuwe media. Binnen een jaar stapte Kappetijn over naar VNU.

Daar kreeg hij de leiding over het ambitieuze VNU On-Line- project. 'Binnen het bedrijf bleek er geen overeenstemming over de aanpak te zijn. Ik heb uitgelegd dat de basis van elektronisch uitgeven een gestandaardiseerde databank moet zijn. Maar VNU is een zeer decentraal georganisseerd bedrijf. Alle dochters hebben hun eigen Internetprojecten en hun eigen documentatiesystemen. Mijn taak was de traditionele scheidslijnen te overstijgen. Maar toen puntje bij paaltje kwam, kreeg ik onvoldoende steun van de raad van bestuur en van de divisievoorzitters.'

Het VNU On-Line-project werd sterk afgeslankt: de investeringen op centraal niveau werden beperkt. Kappetijn zag daardoor, na overleg met de raad van bestuur, geen rol van betekenis voor zichzelf weggelegd. 'Voorlopig zitten maar weinig gebruikers op Internet. Op Internet moet je altijd precies weten wat je wilt en dat is niet prettig. Het is nog te veel een pull-medium. Zelf gebruik ik het hoofdzakelijk om te e-mailen. En zelfs dat niet altijd. Ik heb een vriendin in Canada en daar wil ik in het weekend toch gewoon een uur mee bellen.'

Noël van Bemmel

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden