'Mijn oom en tante zijn ereburgers van Honolulu geworden'

Als tiener vond acteur John Buijsman zijn beroemde oom en tante uit een Hawaii-band niet zo boeiend. Tot hij hun erfenis kreeg. Nu is er een voorstelling.

Acteur John Buijsman in een shirt van zijn oom Bill Buijsman van de in de jaren veertig en vijftig beroemde groep Kilima Hawaiians, waarover hij een voorstelling heeft geschreven.Beeld Els Zweerink

Ruim een jaar geleden kreeg acteur John Buijsman (63) een telefoontje van een medewerkster van restaurant Aloha. Restaurant Aloha, dat verzin je niet in deze geschiedenis. Hij moest maar eens komen kijken, daar in de kelders van het voormalige tropische zwemparadijs Tropicana aan de Maasboulevard in Rotterdam. Aloha zit op de plek waar vroeger de wildwaterbaan doorheen liep.

Tot zijn verbazing trof hij dozen vol aan kleding, ansichtkaarten, brieven, 8mm-films, 78-toerenplaten en een kist van de Holland-Amerika-lijn, die rechtop gezet ook als garderobe kon dienen. Het was een nalatenschap van zijn wijlen oom en tante, Bill (Aris) en Mary (Marie) Buijsman. Zij vormden het hart van de Kilima Hawaiians, het orkest dat in de jaren veertig en vijftig een miljoenenpubliek trok met tropisch getint vertier van geserreerde swing vol parelende glijpartijtjes op de steelguitar. En die erfenis lag nota bene op een plek waar ook is getracht een sfeer te creeëren van wuivend palmblad, krullende oceaanrollers en zuidelijke stranden.

Dicht bij Honolulu, waar 't woud begint

Woont een mooi Hawaiiaans meisje, dat mij mint

Halo wa-oei, halo wa-ooi

Zij is de roos van Honolulu

De eigenaar van Tropicana was een neef van Mary, vandaar. Toen zij rond de millenniumwissel de villa in Berkenwoude verruilde voor een verzorgingstehuis in Rotterdam, bood hij aan de overtollige spullen op te slaan in de catacomben. Bill was gestorven in 1991, zij zou in 2002 overlijden.

John Buijsman had al geregeld de vraag gekregen of hij als nazaat iets in het theater wilde doen met de Kilima Hawaiians. Hij voelde er niets voor. Je gaat niet rommelen in je familie. Hij miste ook wel wat drama in het leven van Bill en Mary en hij houdt nu eenmaal van schrijnende situaties. Maar nu, in de aanblik van die dozen vol herinneringen, kon hij er niet meer omheen. Het voelde als een plicht. Eerder dit jaar stond hij in de loods van het Theater Walhalla op Katendrecht met Hula Blues. Vanaf deze week gaat hij met de voorstelling het land in. Hier vertelt Buijsman het verhaal van de Kilima's op basis van de vondsten in Tropicana. Daarna gaan de attributen naar het Museum Rotterdam.

Hula Blues, John Buijsman, van 13/10 t/m 10/12.

Acteur, muzikant en theatermaker

John Buijsman (Rotterdam, 1953) is acteur, muzikant en theatermaker. Hij speelde in stukken van gezelschappen als Orkater, Toneelgroep Oostpool en het RO Theater, maar maakte ook eigen producties en solovoorstellingen. Hij had rollen in films, onder meer De marathon, Loenatik the Moevie en Skin, en in tv-series als Hoeksteen & Groenstrook, Flodder, Grijpstra & De Gier, Ibbeltje, Flikken Maastricht en Toen was geluk heel gewoon. Met Martin van Waardenberg vormde hij een duo in commercials voor de Gamma.

Kaart: 'Van de opbrengst een bungalow'

'Dit is een ansichtkaart die Bill schreef aan mevrouw Van Zon, zijn schoonmoeder. Ze zaten in Hamburg, het was 1954, op het toppunt van hun roem. Bill schrijft, lees maar mee, dat ze een plaat hebben gehad, in goud gedoopt, en de jongens - niet schrikken - een televisieapparaat. Die gouden plaat was voor Es hängt ein Pferdehalfter an der Wand, de vertaling van Er hangt een paardenhoofdstel aan de muur, dat al heel bekend was in Nederland.'

'Het origineel was een countryliedje - Bill en Marie speelden niet alleen maar Hawaiian. Vergis je niet: voor een gouden plaat moest je één miljoen exemplaren hebben verkocht. Van de opbrengst hebben ze die bungalow in Berkenwoude laten bouwen. Als je dit tegenkomt, besef je pas hoe groot ze zijn geweest. Ze zijn ereburgers van Honolulu geworden. In een lexicon over Hawaiiaanse muziek zijn er vier pagina's aan hen gewijd.

'Ik was verrast door het publiek op de eerste voorstellingen. Ik heb nog nooit zo veel looprekken in de zaal gezien. De fans van de Kilima's kwamen binnen. Ik moest met ze op de foto. Ze zongen mee. Dan begon ik voorzichtig Dicht bij Honolulu.

'En dan hoorde je meteen de zaal: waar 't het woud begint. Ik schrok me eerst wezenloos. Daarna dacht ik: kom maar op! Sommigen gaven al tijdens de voorstelling commentaar. 'Nee hoor, zo was het niet!' Prachtig was het. Ik zag tachtigers weer twintigers worden.

'In de jaren zestig begon hun populariteit af te nemen. Ik kwam een cassettebandje tegen met een interview voor een ziekenomroep waarin Bill zich beklaagt over de opkomende teenagermuziek, zoals hij het noemt. Veel rhythm, weinig melodie. Je hoort dat hij beseft dat ze terrein verliezen. Ik vind dat zo mooi. In teloorgang zit veel schoonheid.'

Kaart: 'Van de opbrengst een bungalow.'

Foto: 'Een gouden team'

'Dit moet uit de begintijd zijn, 1934, 1935. Moet je Marie zien, bloemen in het haar en toen al een tanktop; de buik vrij. Nog geen rieten rokje, dat kwam later. En let op de heren: witte schoenen, een hoge witte broek. Het ziet er heel stijlvol uit. Nee, ik weet niet wie hier de steelguitar speelt. Dat wisselde nogal.

'Bill was steward op de grote vaart en op een vrije avond ging hij naar een bioscoop in Vancouver. Daar draaide een stomme film, White Shadows in the South Seas. Een combootje - een gitaar, een ukelele en een steelguitar - speelde de begeleiding. Dat sloeg bij hem in als een bom. In interviews zei hij: ik ben daarna naar huis gegaan, met die muziek begonnen en nooit meer opgehouden. Eerst speelde hij met twee jongens van de Kaap, Katendrecht. Later kwam zijn verkering Marie. Ze speelde piano, maar Bill kreeg haar aan het zingen en het bespelen van de ukelele. Een gouden team waren ze, zei ze altijd. En: je hele leven op tournee met je eigen vrouw, wie zou er niet voor tekenen?'

Foto: 'Een gouden team.'

Brief Kultuurkamer

'Ze waren populair in de oorlog. Iedereen wilde wel een uurtje op Hawaii zitten. Ze hadden zich aangemeld bij de Nederlandsche Kultuurkamer. Die hield ze in de gaten. In deze brief worden ze gewaarschuwd. Ze spraken de r op on-Nederlandse wijze uit. Het publiek floot en klapte en stampte mee. Dat mocht allemaal niet. Dat leidde tot ontaarding. Je schrikt je kapot als je zoiets leest. Er kwam een verbod op zingen in het Engels. Bill verdedigde zich nog eens met de stelling dat ze Amerikaans zongen. De Kilima's gingen dan toch maar verder in het Nederlands. Dat zou het begin van de hits worden.'

De brief van de Kultuurkamer. De brief is in het beheer van uitgeverij Conserve, behorend bij het boek Onder wuivende palmen ¿ Bill Buysman's 50-jarige Kilima Hawaiians-story.Beeld uitgeverij Conserve

Gitaar: 'Hierin zit de geschiedenis van mijn familie'

'Deze gitaar, een Gibson, lag op een kast in het bejaardentehuis van mijn tante in Kralingen; ik denk uit 1954 of 1955. Ze heeft hem aan mijn vader gegeven, die was ook gitarist. In dit soort instrumenten zit voor mij de geschiedenis van mijn familie. Ik heb ook de eerste banjolele van Bill, uit 1932, een ukelele met een banjokast, en een oude banjo van mijn vader.

'Van de familie heeft alleen mijn vader ook bij de Kilima's gezeten, maar dat was pas eind jaren zestig Hij was zeventien jaar jonger dan Bill. Mijn vader speelde liever jazz, maar daar was geen moer in te verdienen. 'Het was wel iets, hoor, zulke beroemdheden in de familie. Ik herinner me nog dat op verjaardagen mijn tante Cor altijd vroeg: komen Bill en Mary ook? En als ze dan binnenkwamen, hoorde je meteen Bill al op de gang: Aloha! En dan stortte hij zich op de sherry en de stukjes kaas en begon meteen in mijn vaders platenkast te graaien.

'Ome Siem was de enige echte cowboy in de familie. Als de Kilima's Er hangt een paardenhoofdstel aan de muur speelden op een bruiloft, sidderden de aanwezigen. Het was wachten op Siem, die het podium op sprong voor een scabreuze versie. In de tekst redt een paard het leven van de hoofdpersoon toen hij werd belaagd door een kudde dieren. Siem maakte ervan dat dat kutpaard hem had laten slapen toen er kudden wilde wijven op hem afkwamen. Hij was ook de enige die Bill bij zijn echte naam aansprak. Dan zei hij: Aris, oprotten, de mensen willen mij horen. Ik denk dat Siem in de familie populairder was dan Bill met zijn miljoenen platen. Ik geloof dat Bill het wel kon hebben.

'Het laatst dat ik ze zag spelen, was in de Rozentuin in het Museumpark, eind jaren tachtig. Toen was Bill al aan het dementeren. Mary zei: weet u wat zo leuk is, dames en heren? Bill en ik hebben elkaar hier zestig jaar geleden ontmoet. En op dat moment hoorde ik ome Bill vragen: waar zijn we hier, in godsnaam? Maar als het orkest begon te spelen, dan kwam het hele repertoire er zo uit. Schitterend: niet weten waar je bent en toch lekker spelen. En er zaten nog 2.400 mensen in de tuin.'

'Het enige drama, als je dat zo kunt noemen, is dat ze nooit kinderen hebben gekregen. Maar Mary zei altijd: wij hadden de Kilima's.'

Gitaar: 'Hierin zit de geschiedenis van mijn familie.'Beeld Els Zweerink

Hemd

'Dit is het cowboyhemd van ome Bill. Zijn naam is geborduurd in de kraag, want er waren vier of vijf van die hemden in het orkest. Eerst had je de Kilima Hawaiians, daarna kleedden ze zich om en na de pauze kreeg je Bill Kilima & his Singing and Swinging Cowboys. In zijn pistoolholster zat zijn mondharmonica. Dat sprak me aan. Ik hou van cowboys. Een cowboy is alles wat je zelf niet bent.

'Met die Hawaiian-muziek zoals mijn oom en tante die maakten, had ik niet zoveel. Ze speelden op de bruiloften in de familie. Ze waren wereldberoemd en je had ze voor niks. Maar ik ging bijna nooit naar hun concerten. Wat wil je: ik was een tiener, ik was van The Who. Toen ik 15 was, ben ik een keer met een vriend naar De Doelen gegaan, waar ze het 35-jarig jubileum vierden. Ik droeg zo'n doorkomend snorretje en een Afghaanse stinkjas en was behoorlijk stoned. We liepen zo het podium op, waar Bill net een onderscheiding van de burgemeester van Berkenwoude kreeg opgespeld. Bill was niet zo blij met onze opkomst.

'De Kilima's maakten een Europese versie van het genre. Ik ben de echte Hawaiian gedurende de voorbereiding voor de voorstelling meer gaan waarderen. Het alfabet daar heeft maar twaalf letters, er zit veel lucht in als het wordt gezongen. De stemmen zijn wonderschoon. Het gaat meteen mijn hart in.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden