InterviewMichel Faber

Michel Faber schrijft een sprookje: ‘We leven met z’n allen in een bizarre, fantastische parabel’

In zijn deze week te verschijnen nieuwste roman – een sprookje – zoekt Michel Faber, vermaard om zijn vervreemding, de verbondenheid. Een gesprek in vier hoofdstukken vanuit het ‘heel andere sterrenstelsel’ waarin hij leeft.

Michel Faber: ‘Ik heb me altijd een buitenlander gevoeld, overal waar ik heb gewoond.’Beeld Carlotta Cardana

Michel Faber (60) schrikt niet terug voor een paar vragen en om dit te illustreren citeert hij een songtitel.

‘Zoals de grote filosoof Thijs van Leer ooit zei: Answers? Questions! Questions? Answers!’

O, wat leuk dat u Thijs van Leer citeert.

‘Nou, Focus is waarschijnlijk de enige Nederlandse band die de Britten kennen. In mijn wereld is Richard van Kruysdijk, de avant-garde componist, een grotere naam, maar mijn wereld ligt in een heel ander sterrenstelsel dan dat waarin de meeste mensen wonen.’

U woont, volgens internet, in Zuidoost-Engeland – en bent zowel Engels, Australisch, Schots als Nederlands.

‘Ik ben Nederlands. Geboren in Den Haag. Ik heb nooit een andere nationaliteit gehad. Vóór de Brexit was dat geen probleem, want Europeanen waren vrij om in Groot-Brittannië te wonen en te werken. Nu er een xenofobe regering aan de macht is, ben ik een buitenlander. Maar ik heb me altijd een buitenlander gevoeld, overal waar ik heb gewoond. Misschien zie je dat in het personage Dhikilo, die ook een vreemdeling is in een vreemd land.’

Dhikilo! Het hoofdpersonage van zijn nieuwe boek – straks meer over dat andere sterrenstelsel, over zijn vermeende wereldvreemdheid en over de vraag of hij ‘gek’ is.

Michel Faber

Michel Faber (1960) werd geboren in Den Haag, groeide op in Australië, woonde lang in Schotland en nu in Engeland. Hij schreef korte verhalen en wonderlijke romans met horrorelementen en buitenaardse wezens. Onderhuids, waarin een buitenaards wezen vermomd als mooie vrouw lifters verschalkt, werd verfilmd met Scarlett Johansson in de hoofdrol. In 2002 brak Faber door met de historische roman Lelieblank, scharlakenrood over de jonge Sugar die zich in het victoriaanse Londen van de vorige eeuw staande moet houden. Zijn voorlaatste boek Het boek van wonderlijke nieuwe dingen beschouwt hij als zijn laatste roman. Het nu volgende D – Een geschiedenis van twee werelden is een sprookje voor kinderen én een parabel voor volwassenen.

TRUMP

In 2002 veroverde Michel Faber een wereldwijd lezerspubliek met de historische roman Lelieblank, scharlakenrood, waarin de prostituee Sugar zich eind 19de eeuw staande moet houden in het grimmige victoriaanse Engeland. Zo levensgetrouw was de helletocht van heldin Sugar door de krochten van Londen dat de roman wel dickensiaans werd genoemd. Daarom lijkt het niet verrassend dat Faber werd gevraagd om een verhaal te schrijven ter gelegenheid van de 150ste sterfdag van Charles Dickens (1812-1870).

Maar hoe ziet een dickensiaanse geschiedenis eruit anno 2020? Uit Fabers pen vloeide een verhaal dat zowel een kostelijke parabel voor volwassenen is als een prachtig sprookje voor kinderen. In D – Een geschiedenis van twee werelden woont het Somalische adoptiekind Dhikilo tussen de witte mensen in een rustig Brits kustdorp. Haar adoptieouders houden op opgewekte maar ingetogen Britse wijze van haar. Op school zijn er de vervelende meiden, maar toch ook een paar vriendinnen. Het is allemaal net genoeg en in haar eentje bestudeert Dhikilo Somaliland, het land waar ze eigenlijk vandaan komt. De mensen begrijpen niet eens goed waar ze vandaan komt.

Het is Dhikilo, dé vreemdeling, die bemerkt hoe in haar omgeving warempel alle letters d verdwijnen. In de spreektaal, op straatnaambordjes: de d’s zijn er gewoon niet meer en Dhikilo lijkt de enige te zijn die het merkt, of: die erover durft te spreken... Hoe moet dat nou? Dhikilo gaat de strijd aan. Zij blijkt uitverkoren voor dit avontuur en moet als heldin in een ander land een gemene heerser overwinnen en de d’s terughalen. Weer een helletocht. D – Een geschiedenis van twee werelden vinkt de meeste van de 31 vakken af van de morfologie van het sprookje, zoals opgesteld in 1928 door Vladimir Propp. D is ook een kostelijke parabel voor gróte mensen, levend in een wereld waarin een vreemdeling geen verrijking maar een bedreiging is.

Gemene heerser The Gamp heeft een gele pruik, een eigen toren, doet denken aan Donald Trump…

‘The Gamp is gebaseerd op drie personages: mevrouw Gamp uit Dickens’ Martin Chuzzlewit, op Gary Glitter, de in ongenade gevallen Engelse popster, en, ja, op de president van de Verenigde Staten. Ik weet zeker dat ik niet de enige ben die het gevoel heeft dat we met z’n allen leven in een bizarre, fantastische parabel.’

Heeft een schrijver een bijzondere taak in de samenleving en wat kan de schrijver een lezer brengen?

‘Verschillende schrijvers hebben verschillende dingen te bieden. De Harry Potter-boeken doen voor mensen wat de toneelstukken van Samuel Beckett niet kunnen. En vice versa. De enige generalisatie die ik zou willen maken over de rol van serieuze literaire schrijvers in de maatschappij van vandaag, is dat we ons best moeten doen om mensen wat moed en troost te geven wanneer we kunnen, omdat het een enge wereld is. Humor helpt een hoop. Ik ben er niet van overtuigd dat wie dan ook op dit moment grimmige, deprimerende fictie nodig heeft.’

Kunt u uw schrijverschap in verband brengen met de geschiedenis van uw vader, die NSB’er was?

‘Ik kende mijn vader niet goed en ik weet niet veel over de Nederlandse geschiedenis. Ik neem aan dat tientallen Nederlandse schrijvers belangwekkende boeken over dit onderwerp hebben geschreven. Het zou waarschijnlijk beter zijn als Engelstalige uitgevers het risico namen om een aantal van die geweldige boeken te vertalen en publiceren, in plaats van te wachten tot Michel Faber een roman schrijft over zijn mysterieuze vader.’

Michel Faber: ‘Ik ben er niet van overtuigd dat wie dan ook op dit moment grimmige, deprimerende fictie nodig heeft.’Beeld Carlotta Cardana

Bent u nooit in zijn geschiedenis gedoken?

‘Ik weet niet waar ik zou moeten beginnen. Hij stierf in de jaren tachtig. We hebben maar één gesprek gehad waarin hij zijn oorlogservaringen opbiechtte. Ik was te jong om het te kunnen behappen. Ik vroeg hem of hij iemand had neergeschoten toen hij in het Duitse leger diende en hij zei: ‘Nee. Ik was te laf.’ Dat is vrijwel alles wat ik me herinner. Iedereen die hem goed kende, is dood.’

Als kind van een foute vader valt u, naar mijn indruk, in de categorie tweedegeneratieslachtoffer.

‘Ik stel me voor dat je gelijk hebt en dat ik ben getekend door de sfeer van schuld, geheimhouding en schaamte waarin ik opgroeide. Dit soort gevoelens had waarschijnlijk een grote invloed op Lelieblank, scharlakenrood of Onderhuids. Maar ik denk niet dat ze relevant zijn voor dit boek. Dhikilo is in wezen een gelukkige ziel. Ze is op aarde om plezier te hebben en grote dingen te bereiken.’

Geeft het vreemdeling-zijn haar extra kracht op haar avontuur?

‘Ik denk dat ze gewoon een geweldig persoon is. Dat ze uit Somaliland komt en opgroeit in zo’n heel wit Engels stadje geeft haar een zekere vervreemding, maar het maakt geen gedeprimeerd of erg getroebleerd mens van haar. Het gaat haar goed. Ze heeft een vuurtje branden. Sommige mensen hebben dat gewoon.’

NEDERLAND

Hoelang woonde u in Nederland?

‘Ik heb maar zeven jaar in Nederland gewoond. Mijn foute vader en mijn door de oorlog erg getraumatiseerde moeder hadden mislukte huwelijken en andere kinderen waaraan ze wilden ontsnappen. Dus emigreerden ze naar Australië met het enige product van hun verbintenis: mij. Ik heb in Melbourne en Sydney gewoond tot mijn 33ste en ben toen naar Schotland geëmigreerd, waar ik 23 jaar heb gewoond. In 2016 ben ik naar Engeland geëmigreerd.’

Kunt u Nederlands spreken?

‘Ik kan redelijk vloeiend in het Nederlands converseren, maar mijn woordenschat is niet groot genoeg om echt literatuur of cultuur te bediscussiëren. Mijn ouders lazen niet en waren nergens echt in geïnteresseerd. We spraken eigenlijk alleen over wat we gingen eten. Ik was waarschijnlijk 40 voordat ik, terwijl ik andere gezinnen observeerde, me realiseerde dat het mogelijk is dat ouders en kinderen diepe filosofische gesprekken voeren.’

Heeft u Nederlandse literatuur gelezen?

‘Mijn ouders hadden maar een stuk of acht boeken, dus ik ben als kind niet echt in aanraking gekomen met Nederlandse literatuur. Ze hadden een paar Engelse boeken, waaronder Buchenwald Hell, een trashy roman over nazi’s, die mijn vader moet hebben gekocht omdat hij nog worstelde met zijn schuld. Ik kwam pas echt met de Nederlandse literatuur in aanraking toen ik die aan de universiteit ging bestuderen. Toen was ik zo 18 jaar. Ik las Max Havelaar, wat ontzettend zware kost voor me was, en Hermans’ Het behouden huis, dat ik geweldig vond.’

Wilde u na de Brexit niet terug naar Nederland?

‘Ik heb na de Brexit-uitslag overwogen om naar Nederland te verhuizen. Maar ik heb geen herinneringen aan mijn jeugd. In die zin lijk ik op Dhikilo, die geen herinneringen heeft aan Somaliland. Ik voel me geenszins Brits, maar ik denk en schrijf in het Engels. Ik denk niet dat ik ooit terug naar Australië zou kunnen gaan; de hitte zou me te veel zijn. De enige plek op de wereld waar ik me meteen en intens thuis voelde, was Roemenië, toen ik daar in 1990 een week doorbracht. Maar dat zal nu onherkenbaar zijn veranderd. Ik zou nu graag willen blijven waar ik ben. Ik hoop alleen dat de xenofobie verdwijnt, als een slechtweerfront dat overwaait. Zoals de Drood in het boek zeggen: heersers komen, heersers gaan; het werkelijke probleem is het weer. We moeten het weer zien te veranderen.’

EVA

Waarom na uw laatste, Het boek van wonderlijke nieuwe dingen, nu dit sprookje?

‘Mijn romans kijken in het hart van de duisternis. Ze gaan over alle grote dingen: dood, verdriet, religie, de oorlog tussen de seksen, de zoektocht naar zingeving, het verval van beschavingen. Het zijn goede boeken en ik ben er trots op, maar het voelde alsof ik gezegd had wat ik zeggen wilde en ik wilde mezelf niet herhalen. Het boek van wonderlijke nieuwe dingen voelde – en voelt nog steeds – als een geschikte plek om die fase van mijn carrière af te sluiten.’

Waarom is Het boek van wonderlijke nieuwe dingen een passend einde?

‘Ik heb er de thema’s in samengebracht die ik in eerdere romans had aangepakt –het verlangen van mensen naar zingeving, de kwetsbaarheid van de wereld en onze korte mensenlevens, de leemten in de communicatie die ons het gevoel geven dat we op een andere planeet leven dan waarop onze medemensen leven, enzovoort – maar met meer compassie en humor dan eerder. Ik had het gevoel dat ik mijn best had gedaan en dat als ik op zoek zou gaan naar een ander verhaal en een andere set personages dat onvermijdelijk een minder kunstwerk zou opleveren. Ook viel het schrijven van dat boek samen met het voortschrijden van de kanker van mijn vrouw Eva en stierf ze toen ik het voltooide. Zo voelde het nog meer als een afscheid dan het in andere omstandigheden had gedaan.’

Zo klinkt schrijven niet als een ‘gewone’ baan.

‘Ik keur ze niet af, de schrijvers die elk jaar een trouwe lezersschare tevredenstellen door een boek te schrijven met telkens een variant van hetzelfde verhaal. Dat is een perfect helder en te respecteren arrangement. Het is alleen niet wat ik met mijn eigen leven wilde doen. Ik wilde dat elk boek uniek en anders werd, en ik wilde stoppen als het gevaar ontstond dat ik mezelf ga herhalen.’

Was het schrijven een roeping?

‘Ik verwachtte nooit de kost te verdienen met schrijven. Ik schreef voor mijn lol. Eva haalde me over serieus te proberen om gepubliceerd te worden. Ik was toen in de 30 en sinds mijn 11de schreef ik romans en verhalen. Allemaal met de hand geschreven, niet eens getypt.’

Michel Faber: ‘Mijn hele leven heb ik van dingen gehouden die de meeste mensen moeilijk kunnen hanteren.’Beeld Carlotta Cardana

Volgt u de hedendaagse fictie?

‘Ik lees helemaal geen fictie meer. Ik lees alleen artikelen over muziek, als onderzoek voor het non-fictieboek dat ik aan het schrijven ben. Ik hoop dat ik ooit weer fictie ga lezen, maar ik verwacht dat ik dat associeer met het praten over romans en korte verhalen met Eva, en die mogelijkheid is verdwenen toen ze stierf.’

E-MAIL

Waarom mailen we en spreken we niet via telefoon of Skype of Zoom?

‘Ik communiceer via e-mail. Schrijvend, ik ben een schrijver. Ik heb geen telefoon. Ook toen ik er vroeger wel een had, gebruikte ik die misschien vier of vijf keer per jaar voor noodgevallen. Ik heb in mijn leven drie Skype/Zoom-gesprekken gevoerd en vond dat flink stresserende ervaringen. Het is ook niet meer dan een telefoontje met wat schokkerig beeld erbij.’

Ik heb geluisterd naar de muzikant die u noemde – Richard van Kruysdijk. Behoorlijk intens is dat.

‘Mijn hele leven heb ik van dingen gehouden die de meeste mensen moeilijk kunnen hanteren. Het is een van die redenen waarom ik me vaak een buitenaards wezen van een andere planeet voel.’

Luistert u naar zulke muziek wanneer u schrijft?

‘Ik luister naar allerlei soorten muziek als ik schrijf. Elke dag verschillende dingen. Vandaag is het de Noorse zangeres Anneli Drecker. Gisteren was het Turkse funk uit de jaren zeventig.’

Sommige oude interviews en portretten lijken te cultiveren dat u ‘gek’ bent. Boven een Nederlands stuk uit 2000 stond: ‘Mijn inspiratiebron is dat ik gek ben.’

‘Het enige doel van citaten die boven aan het artikel worden geplaatst, is om lezers aan te trekken. Soms is een citaat niet eens iets wat ik zei. Toen Eva voor het eerst werd gediagnosticeerd met kanker, stond boven een interview in een Schotse krant: ‘Ik blijf ondanks de pijn doorschrijven’. Dat had ik zo echt niet gezegd. Het klonk alsof ik een medaille wilde omdat ik doorschreef toen mijn vrouw ziek was.’

U klinkt gezond. Uit uw mails stel ik me u slechts voor als iemand die een vorm van vervreemding ervaart, mede doordat u bent opgegroeid zonder gevoel van grote verbondenheid met een plek.

‘Dat kan best waar zijn. Ik heb ook een sterk vermoeden dat ik ergens in het Asperger-spectrum zit, wat die vervreemding nog directer zou maken. Maar ik denk dat ik genoeg boeken heb geschreven die benadrukken hoe losgekoppeld alle mensen van elkaar zijn. Je vervreemd voelen van de persoon naast je en van de bredere samenleving is waarschijnlijk een normaal onderdeel van de menselijke conditie. Met D wil ik mensen helpen zich meer verbonden te voelen. Dhikilo komt misschien uit Somaliland en is heel anders dan de meeste lezers van dit boek, maar je voelt meteen dat ze een vriend is.’

Hoofdgast

Michel Faber is de hoofdgast van het International Literature Festival Utrecht (ILFU) dat van 25 september tot en met 3 oktober in literatuurstad Utrecht plaatsheeft en waar meer dan honderd schrijvers aan deelnemen, onder wie David Mitchell, Raynor Winn, Lionel Shriver, Petina Gappah, Isabel Allende en Margaret Atwood, die op 1 oktober de Belle van Zuylenring krijgt. Het motto van het ILFU is dit jaar ‘We need stories’. Voor kaarten en informatie, zie ilfu.com

Michel Faber; D – Een geschiedenis van twee werelden. Uit het Engels vertaald door Harm Damsma en Niek Miedema. Podium; 336 pagina’s; € 20,99.

Beeld Podium Uitgeverij
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden