De beste boeken van 2019 MeToo-boeken

MeToo op de boekenplank: Is er hoop na Harvey?

Drie indrukwekkende boeken geven een akelig goed inzicht in de mechanismen van seksuele terreur en intimidatie. 

Beeld Deborah van der Schaaf

‘Uiteindelijk is mijn boek over het onderzoek naar Harvey Weinstein best een optimistisch verhaal’, zei Ronan Farrow onlangs tegen de Volkskrant. Onderzoeksjournalist Jodi Kantor had woorden van gelijke strekking. Het boek dat zij met Megan Twohey schreef over het seksuele machtsmisbruik van de filmmagnaat is, zo zei zij in een interview, in de basis een hoopvol boek. En zelfs Chanel Miller, die op 21-jarige leeftijd werd aangerand terwijl ze bewusteloos was en een boek schreef over de nasleep, ziet lichtpuntjes.

Dit jaar was het jaar van MeToo op de boekenplank. Er kwamen drie essentiële boeken uit over het onderwerp. Kantor en Twohey schreven twee jaar geleden in The New York Times als eerste over de seksuele terreur van Weinstein en diens systematische intimidatie om dat te verbergen. In She Said ontrafelen ze hoe hun onthulling tot stand kwam.

Farrow publiceerde zijn verhaal over Weinstein vijf dagen later, in het weekblad The New Yorker (hij had ook vrouwen gesproken die zeiden door de filmmagnaat te zijn verkracht). Zijn Catch and Kill is eveneens een reconstructie, niet alleen van zijn journalistieke zoektocht, maar ook van hoe hij daarbij werd dwarsgezeten: door geheim agenten en zijn eigen opdrachtgever.

Chanel Miller: Know My Name – A Memoir. ★★★☆☆ Viking; € 19,99.

Ronan Farrow: Catch and Kill – Lies, Spies and a Conspiracy to Protect Predators. ★★★★☆ Fleet; € 17,99.

Jodi Kantor, Megan Twohey: She Said – Breaking the Sexual Harassment Story that Helped Ignite a Movement. ★★★★★ Penguin Press; € 24,00.

Zowel Kantor en Twohey als Farrow, die met hun onvoorstelbare onthullingen de MeToo-beweging in gang zetten, kregen daarvoor een Pulitzer Prize.

En dan is er nog Miller, die in 2015 werd aangerand door Brock Turner, student aan de elite-universiteit Stanford. De topzwemmer die aan de Olympische Spelen hoopte deel te nemen werd door de rechter weliswaar schuldig bevonden, maar kreeg slechts zes maanden gevangenisstraf. Miller, die toen nog anoniem wenste te blijven, richtte zich in de rechtszaal tot haar aanvaller met een indrukwekkende slachtofferverklaring, die over de hele wereld tientallen miljoenen keren werd gelezen – en zo de weg vrijmaakte voor de historische MeToo-beweging.

Beeld Penguis Press

Nu heeft ze onder haar eigen naam Know My Name geschreven, over de verwoestende uitwerking van de aanranding en de rechtsgang op haar leven.

Maar er is dus hoop, ergens, aldus de auteurs. Niet alleen die vrouwen waren zo moedig zich publiekelijk uit te spreken, ondanks de repercussies die dat zou kunnen hebben. Andere mensen waren eveneens bereid tegen de stroom in te getuigen – ook mannen. De deep throat in Kantors en Twoheys onderzoek is een man: Irwin Reiter, de accountant die jarenlang voor The Weinstein Company werkte. De geheim agent die uiteindelijk naar Farrows kant overstapt, is een man. De twee getuigen die Brock Turner van de bewegingloze Chanel Miller aftrokken, waren twee jongemannen.

‘Er zijn’, vatte Farrow in de Volkskrant samen, ‘mensen die principes boven hun eigenbelang stellen.’

Dat is bemoedigend. Maar is het genoeg? Is er hoop na Harvey? Wie bovengenoemde boeken achter elkaar leest (moet je ook niet doen, natuurlijk; my bad) zakt de moed eerder in de schoenen. Alle drie de boeken, en dat maakt ze ook zo sterk, wijzen niet alleen naar de dader, maar ook naar de grote groep medeplichtigen die er – doelbewust – voor zorgden dat seksueel misbruik, geweld en machtsmisbruik konden blijven voortduren. En naar instituties die, na de ontmaskering, het slachtoffer tegenwerken.

Langdurig seksueel geweld is, zoals She Said – het beste boek van de drie – terecht stelt, bijna altijd teamwerk.

Beeld Viking

Hoezeer je als slachtoffer in de steek kan worden gelaten, beschrijft Chanel Miller pijnlijk nauwkeurig. Opnieuw bewijst ze in Know My Name dat ze kan schrijven: glashelder, chirurgisch precies en met zwarte humor. Het boek is een uitgebreide variant op haar slachtofferverklaring, maar stijgt daarboven uit op de momenten dat Miller inzoomt op het falende systeem. Op de klassenjustitie die ze ondervindt, als half-Chinees middenklassemeisje tegenover een veelbelovende Stanford-corpsstudent. En op de trage rechtsgang – hoe vaak kan een getraumatiseerd slachtoffer dat haar privacy wil beschermen tegenover haar werkgever liegen dat ze naar de tandarts moet, als de rechtszittingen steeds op het laatste moment worden uitgesteld? Miller moet uiteindelijk haar baan opzeggen.

Het meest schrijnend is de houding van de universiteit Stanford, die ruim twee jaar na de aanranding op de campus pas contact opneemt met Miller – niet toevallig nadat haar verklaring viral is gegaan.

‘Institutional betrayal’, noemt de Amerikaanse hoogleraar psychologie Jennifer J. Freyd dergelijke praktijken. Institutioneel verraad: wanneer je als individu onheus wordt behandeld door een instelling waarvan je afhankelijk bent, en die je vertrouwt. Het blijkt een rode draad te zijn in de MeToo-boeken.

The Weinstein Company was een goed geoliede meewerkmachine, waarbij een deel van het personeel als voornaamste taak had het faciliteren van Harveys perverse verlangens. De slachtoffers van Weinstein die de moed hadden zijn gedrag bij het bedrijf aan te kaarten, werden geïntimideerd, monddood gemaakt (met geheimhoudingscontracten), of als onbetrouwbaar weggezet. De bedrijfstop koos er lange tijd voor de boel te bagatelliseren – uit angst voor reputatieschade. En ging zich pas op het eind zorgen maken – uit angst voor reputatieschade.

Maar ook andere instituties plegen verraad. ‘Leugens, spionnen en het complot om seksueel misbruik te verzwijgen’ is de ondertitel van Farrows boek, en niet voor niks. In zijn als een spannende thriller geschreven Catch and Kill ontmaskert Ronan Farrow niet alleen Weinstein, maar ook (een deel van) de Amerikaanse journalistiek. Hij maakt aannemelijk dat het roddelblad National Enquirer niet alleen lasterlijke artikelen schreef over mensen die Weinstein beschuldigden, maar ook negatieve artikelen (over Weinstein, maar bijvoorbeeld ook over Donald Trump) opkocht om ze vervolgens in de doofpot te stoppen (catch and kill).

Schokkender nog is Farrows beschuldiging dat de omroepbazen bij tv-zender NBC hem maandenlang tegenwerkten, en hem uiteindelijk zelfs verboden door te gaan – ondanks getuigenissen van vijf slachtoffers van Weinstein en een geluidsopname die een van die slachtoffers voor de politie had opgenomen – omdat ze lijntjes zouden hebben met Weinstein of omdat ze zelf nogal wat seksuele misstanden te verbergen hadden. Farrow publiceert zijn prijswinnende verhaal uiteindelijk bij weekblad The New Yorker.

Farrow dwingt respect af, met zijn doorzettingsvermogen (ondanks onwillige bazen en door Weinstein ingehuurde spionnen, nepjournalisten en advocaten toch zo’n onvoorstelbaar verhaal afleveren, daar waar Kantor en Twohey een heel krantenteam om zich heen hadden) en zijn geestige zelfspot (Farrow, zoon van Mia Farrow en Woody Allen of Frank Sinatra, schrijft geregeld ironisch over zijn afkomst en zijn manier van handelen).

Beeld Fleet

Farrows boek lijkt op de korte termijn de meeste impact te hebben in Amerika. Toch zijn het Kantor en Twohey die met She Said de onbetwiste klassieker hebben afgeleverd, een grandioos handboek journalistiek waar je over tien jaar nog naar teruggrijpt. She Said is helderder, zorgvuldiger, analytischer, zakelijker, en net wat spannender ook.

Kantor en Twohey nemen ons mee op hun speurtocht die Weinstein ten val zou brengen: we zitten met hen aan de telefoon, kloppen onaangekondigd aan bij mogelijke bronnen, luisteren mee terwijl ze nadenken over formuleringen en strategieën om slachtoffers on the record aan het praten te krijgen. Gedetailleerd lezen we van wie en wanneer ze doorslaggevende informatie krijgen. Ook zij zijn achtervolgd door de spionnen en nepagenten van Weinstein, maar daar maken ze niet te veel woorden aan vuil.

Wel gaat She Said diep in op de mechanismen die seksueel misbruik stutten. Op de in Amerika wijdverbreide praktijk van geheimhoudingscontracten, die – hoe begrijpelijk ook dat ze door vrouwen ondertekend worden – precies het voortbestaan van seksueel geweld garanderen. Op de medeplichtigheid van de werkvloer: accountant Irwin Reiter krijgt alle eer die hem toekomt voor zijn aandeel in de val van Weinstein, maar moet ook uitleggen waarom hij jarenlang niks deed. Op de aantrekkingskracht van macht en fortuin; ondanks de jarenlange hardnekkige geruchten over Weinstein bleef bijvoorbeeld Hillary Clinton om hem heen cirkelen.

Daarbij werpt het boek een fel licht op het perverse opportunisme van hen die seksuele intimidatie, geweld en machtsmisbruik doelbewust in stand hielden, puur uit eigen gewin. Op advocaten als Gloria Allred, haar dochter Lisa Bloom of David Boies – die voor de buitenwereld lijken te strijden voor goede zaken als rechten voor vrouwen en homo’s, maar zich binnenskamers voor het karretje van Weinstein laten spannen, in ruil voor geld of zicht op een filmrolletje.

Daar hadden Kantor en Twohey het bij kunnen laten. Dan was She Said ook al een indrukwekkend boek geweest. Maar in het laatste deel van hun boek vragen ze zich af wat de MeToo-beweging, die hun artikel mede heeft aangewakkerd nu eigenlijk heeft opgeleverd. Worden mannen te makkelijk publiek veroordeeld? Worden vrouwen te weinig geloofd? Aan de hand van de zaak van Blasey Ford, de hoogleraar die opperrechter-in-spe Brett Kavanaugh betichtte van aanranding, analyseren Kantor en Twohey wat er in de regel bij dit soort zaken fout gaat, en welke vragen de maatschappij – burgers, werkgevers, wetgevers – zich moet stellen.

Als wij lezers antwoorden gaan eisen van hen die institutioneel verraad plegen, dan is er misschien nog hoop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden