Met Papegaai vloog over de IJssel laat Kader Abdolah zich opnieuw kennen als een matig stilist

'Dille tussen de billen!', luidde het advies van Rosalien uut Drost. Begin jaren negentig vertolkte Kees van Kooten de rol van Rosalien. Zij was de gehaaide tegenvoeter van Berendien uut Wisp. Berendien op haar beurt was een persiflage van Wim de Bie op de bejaarde kruidenvrouw Klazien uut Zalk die destijds wekelijks haar geneeskrachtige tips presenteerde op televisie.


Opmerkelijk dat in de nieuwe roman van Kader Abdolah juist de woorden van Rosalien in de mond worden gelegd van Klazien uit Zalk. De kruidenvrouw, die in 1997 overleed, speelt een prominente bijrol in Papegaai vloog over de IJssel.


Abdolah, die in 1988 vanuit Iran naar Nederland vluchtte, beschrijft in zijn roman de wederwaardigheden van een groep asielzoekers. Afkomstig uit landen als Syrië, Egypte en Iran vestigen zij zich in een aantal dorpen aan de IJssel. Onder hen is Memed. Hij en zijn doodzieke dochtertje krijgen een woning toegewezen in Zalk, waar zij de buurtjes worden van Klazien.


Het zijn de late jaren tachtig. De houding van de Nederlanders ten opzichte van de nieuwkomers is welwillend. Memed wordt automonteur. Ook de andere vluchtelingen vinden hun weg al blijft het behelpen in die vreemde cultuur. Een enkeling leert Nederlands, sommigen vinden een baantje, en weer anderen merken dat ze eeuwig heimwee houden en klitten bijeen in een cafeetje vlak bij de rivier. De kastelein vreest dat z'n nering een theehuis zal worden. Maar zo'n vaart loopt het niet. Zo is de teneur binnen de hele roman; eventjes boezemt iets angst in, maar daarna kabbelt het weer voort, gemoedelijk, gelaten soms, maar zonder extreme beroering.

Om een voorbeeld te geven: een van de nieuwkomers, Pari, wordt door haar ex-echtgenoot neergestoken en belandt in een langdurig coma. Toch ontwaakt ze daaruit. Ze krabbelt op en neemt haar plaats weer in tussen de autochtonen. Naarmate de tijd vordert, er verstrijkt zeker twintig jaar, worden de problemen heftiger. De Twin Towers worden doorboord, Pim Fortuyn wordt neergeschoten, Theo van Gogh omgebracht, een Hirsi Ali-achtige trekt zich terug uit de politiek. Abdolah benoemt het allemaal, maar ondertussen stroomt het leven in het oosten des lands gelijk de IJssel kalmpjes verder. Het is alsof Abdolah zeggen wil dat er weinig aan de hand is. Problemen zijn er niet of ze worden opgelost. En gezien het enthousiasme waarmee allochtonen en autochtonen zich mengen is er maar een conclusie mogelijk: alle mensen zijn gelijk, alles ééne moerskont.

Daarmee heeft deze roman het hart ontegenzeglijk op de juiste plaats, maar is het niet ook wat naïef? En iets anders: ontdoet de schrijver zijn roman niet van slagkracht door alles zo glad te strijken? Een onderwerp als migratie en (gebrekkige) integratie mág het effect hebben van een mokerslag.

Tamelijk spanningloos gaat Abdolah verder. Van enig drama nauwelijks een spoor, om over het multiculturele drama maar te zwijgen. De ramp die Paul Scheffer in zijn roemruchte essay beschreef, ligt nagenoeg buiten ieders blikveld. De personages zeggen wel dat Nederland verandert, maar grote consequenties heeft het niet. Gemengde stelletjes fluisteren elkaar nog altijd zoete woorden toe, in Abdolahs houterige zinnen en dito vergelijkingen: 'Ik wil dat je voor me bent als een huis waarnaar ik steeds terug mag keren.' Het is zijn handelsmerk.

Met Papegaai vloog over de IJssel laat Kader Abdolah zich opnieuw kennen als een matig stilist, en als een weinig scherpe observator. Zijn (gewild) positieve kijk op de wereld zit het schrijverschap bovendien in de weg. Jammer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden