Met Dada begon alles

Parijs had deze winter twee grootse tentoonstellingen. In het Grand Palais kreeg de Melancholie gestalte - uit zo veel zwaarmoedige kennis is nooit eerder zo iets moois te voorschijn gekomen - en in het Centre Pompidou werd Dada, de belangrijkste kunststroming (die geen kunststroming wilde zijn) van de 20ste eeuw...

Ik denk dat er geen stad is die gelijktijdig twee zulke rianteexposities organiseert. Ik heb geen van beide gezien, ik schaam mij en ikbeklaag mij; ik heb er veel over gehoord, ook, voor Dada, een enkeltegengeluid. Ik vergeef mijzelf mijn afwezigheid niet. Maar detentoonstellingen leverden twee boeken op en die kunnen mij de rest van dewinter doorhelpen, al komt het met mijn geweten nooit meer goed.

Zwaarder dan het melancholische hoofd, dat buigt onder zijn gewicht,is het boek Mélancolie. De grote studies erin zijn niet minder zwaar;iedere Fransman wil als een filosoof schrijven. Ik heb het nu voorlopigterzijde gelegd en laat de weemoed in mij verdrijven door de vitaliteit vanhet dadaïsme, zoals die in het boek Dada op haast elke bladzijde en inbijna alle illustraties zichtbaar wordt. Als je de kunst definitief aan degevestigde orde wilt onttrekken, moet je dat niet te zwaarwichtig doen; danschep je weer een nieuwe orde. Het boek is zo'n duizend bladzijden dik,maar het weegt heel licht. Het lijkt gedrukt op fraai krantenpapier,waardoor het het karakter van een nieuwsblad krijgt, nieuwsblad over hetverleden, een mooiere en beter passende vorm van geschiedschrijving is hierniet mogelijk.

Dada is geen catalogus; het boek is een alfabetisch geordendegeschiedschrijving, een encyclopedie van het dadaïsme. Na een reeksportretfoto's van de hoofdfiguren (zonder glans afgedrukt, op dit papierlijken ze net ontwikkeld te zijn, we komen de figuren heel dichtbij) isdaar het eerste trefwoord: 'L'amiral cherche une maison a louer', eensimultaan-gedicht in maart 1916 opgevoerd in het cabaret Voltaire inZürich, waar alles begon. (Het is natuurlijk te mooi, te systematisch wantrondlopend, dat het laatste trefwoord van het boek 'Zürich' is). Na'L'amiral' volgt 'Amsterdam', van waaruit zich in 1920 twee geestverwantenbekend maakten: Erwin Blumenfeld en Paul Citroen. De tekst lijkt mijhistorisch uitstekend. Alle trefwoorden krijgen documentaire illustraties.Bij 'Amsterdam' zijn dat er zes: twee dadaïstische werken van Blumenfelden een brief van hem geschreven uit Zandvoort aan Tristan Tzara in maart1921. Van Citroen is een prachtig opgemaakte brief aan Francis Picabiagereproduceerd.

Na Amsterdam - het geluk kan niet op - komt de grote dichterApolliniaire, een vereerde voorloper eerder dan een deelgenoot. Nog eenNederlandse plaatsnaam is een trefwoord: Drachten. Daar woonden de door K.Schippers in zijn Holland Dada beroemd geworden schoenmakers Thijs en EvertRinsema. In Drachten zal Kurt Schwitters zijn Ursonate komen uitvoeren,voor een zeer aandachtig publiek! Van Doesburg is natuurlijk een trefwoord(prachtige illustraties) evenals Adya en Otto van Rees, een Nederlandsschildersechtpaar, dat in Parijs in alle grote ontwikkelingen deelde enlater in traditioneler werk zal verdwijnen.

Marcel Duchamp krijgt binnen het boek een klein boek voor zichzelf;voor Schwitters geldt hetzelfde. Het trefwoord 'Dadapolis' wordtgeïllustreerd met onder andere een schilderij van George Grosz en tweehallucinerende stadsschilderijen van Paul Citroen, uit 1923; ze doen denkenaan het latere werk van Willem Genk.

Het boek is onuitputtelijk. Door de teksten die bijna altijd heel goeden uiterst informatief zijn, en door de ontelbare documenten die allemaalvragen om bekeken en gelezen te worden. Volgens Sandberg is twee uur demaximale bezoektijd van een museum of tentoonstelling. In twee uur had iknooit alles, tenzij heel oppervlakkig, in het Centre Pompidou kunnen zien.Nu ben ik al uren bezig en het gaat nog vele uren kosten. Maar het vraagtgeen enkele inspanning. Per bladzijde word je vitaler. Jonger voor mijnpart. Drie jaar voor mijn geboorte is alles voorbij. Het surrealisme gaatde tijd in beweging zetten en voorlopig houden. De jaren twintig van de20ste eeuw: toen is alles gebeurd. Veel van de rest is herhaling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden