Postuum

Menahem Golan was een onverbeterlijke doorzetter

Zaterdag overleed de Israëlische producent Menahem Golan (1929-2014). Hij scoorde vooral met campy actiefilms.

Menahem Golan in CannesBeeld Getty

Toen Menahem Golan - met looprek - afgelopen mei op het podium stond in Cannes, riep het hij publiek nog op in zijn nieuwe project te investeren. Honderd dollar was genoeg, tekende filmjournalist Jan Pieter Ekker op.

Dit typeerde hem: de Israëlische producent - én regisseur, én schrijver, én acteur - die zaterdag overleed tijdens een familiebezoek in Tel Aviv, was wars van 'wat hoort'. Hij had een neus voor zakelijke kansjes en was een onverbeterlijke doorzetter. Golan is 85 jaar geworden.

Golan (geboren Globus, hij veranderde zijn naam uit patriottisme in 1948) begon zijn filmcarrière als assistent van Roger Corman en maakte daarna in Israël furore als producent. Maar hij werd vooral bekend door het bedrijf Cannon, dat hij samen met zijn neef Yoram Globus vanaf 1979 bestierde, hij was de creatieve kracht.

Guilty pleasures
Cannon produceerde in de jaren tachtig vele guilty pleasures: actiefilms van het B-, C- en D-type, met acteurs als Chuck Norris, Sylvester Stallone en Charles Bronson in de hoofdrollen. Golan regisseerde ook. The Delta Force (1986), gebaseerd op de kaping van vlucht 847, waaraan hij begon voordat de werkelijke gijzelnemers waren vrijgelaten.

Golan ambieerde meer dan camp. Hij maakte ook films met regisseurs als Jean-Luc Godard (King Lear), John Cassavetes (Love Streams), Robert Altman (Fool for Love) en Barbet Schroeder (Barfly).

Cannons expansiedrift bracht Golan ook naar Nederland, waar het bedrijf eigenaar was van eerst de Tuschinski- en later ook de City-bioscopen. Een flamboyante man, met een grote liefde voor film, aldus producent Matthijs van Heijningen. Golan was betrokken bij de financiering van films zo divers als Dutch Treat (met de Dolly Dots) tot De Aanslag. Dat die laatste film een Oscar won, daar heeft Golan op de achtergrond een belangrijke rol bij gespeeld, daarvan zijn Van Heijningen en oud-criticus Peter van Bueren overtuigd.

Via Hollywood-bankier Frans Afman kregen de neven grote leningen bij de Crédit Lyonnais Bank Nederland. Het bedrijf domineerde het Cannes Film Festival in de jaren tachtig. Dat lag ook aan hun nieuwe manier van produceren: eerst de distributierechten verkopen - door aantrekkelijke titels en sterren op de filmposter te zetten - en daarmee de film financieren.

Hun grote ambities leidden uiteindelijk tot financiële problemen. Dure projecten als Superman IV: The Quest for Peace (1987) flopten fenomenaal. Golan ging alleen verder als producent. In totaal produceerde hij meer dan tweehonderd films.

Dit jaar gingen er twee documentaires over de carrière van de neven in première: The Go-Go Boys tijdens Cannes en vorige week Electric Boogaloo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden