INTERVIEW

Melle de Boer versmelt tekeningen met muziek

Melle de Boer is tekenaar, kunstschilder, liedjes - schrijver en bovenal muzikant. Op zijn nieuwste album komt dat alles voor het eerst samen. Hoe ziet dat eruit en hoe klinkt dat?

Melle de BoerBeeld Daniel Cohen / de Volkskrant

Achter de rug van Melle de Boer (42), op de schoorsteenmantel van de kleine Haagse etage die hij als atelier gebruikt, staat een schilderij waarop, als een zwerm vogels, zwarte klompjes zijn getekend. Het zijn schoenen, zegt De Boer. Vliegende schoenen, maar sommige mensen zien er onderzeeërs in. Of bommen.

'Dat vind ik leuk', zegt De Boer, 'dat mensen soms dingen in mijn beeldende kunst zien die ik anders bedoelde.'

In elk geval denk je bij het teken- en schilderwerk van Melle de Boer meteen aan Smutfish en John Dear Mowing Club, de twee bandnamen waaronder hij sinds 2004 zijn muziek heeft uitgebracht: grofkorrelige 'country noir', met karakteristieke, knerpende zang van De Boer, die kunstschilder, tekenaar, songschrijver en muzikant is.

De tekeningen en schilderijen zien eruit zoals de muziek en de woorden klinken: ruw neergezet, grappig en tragisch tegelijk, met veel ruimte voor kleine mislukkingen en de 'schoonheid van lelijkheid'. De stijl van De Boers tekeningen doet soms aan het werk van Kamagurka of Gummbah denken.

De Boer (driedagenbaard, spijkerbroek, gympen, zwart overhemd) vertelt over het pas verschenen Smutfish-album Trouble. Dat hij een tekening maakte voor de hoes (een vlinder) is niets nieuws. Op alle Smutfish- en John Dear Mowing Club-albums stond er een. Wél nieuw zijn de tekeningenseries die hij bij elk liedje maakte. Viltstift op A4-papier. Het zijn ruwe beeldverhalen die het verhaal van de song vertellen. De tekeningen zijn gebundeld in het los van de plaat verkrijgbare boekje Melleville II.

Beeld Melle de Boer

'Voor het eerst zijn muziek en beeld één', zegt De Boer. Dat was niet altijd zo. Integendeel.

'De cirkel is rond', zegt hij. In meerdere opzichten. De naam Smutfish, in zwang tussen 2002 en 2006, is terug, nadat De Boers muziek jarenlang verscheen onder de naam John Dear Mowing Club. Het heeft alles te maken met zijn hereniging met Dick Zuilhof, de gitarist die kort na naamsverandering opstapte. Hun vriendschap was verzuurd, maar de tijd heelde de wonden. Toen ze elkaar na ruim vijf jaar weer spraken, gaf Zuilhof aan wel weer met De Boer te willen spelen. Onder de oude bandnaam, overigens met een nieuwe ritmesectie.

De Boer: 'In de John Dear Mowing Club-jaren heb ik van alles uitgeprobeerd, solo, met steeds ander muzikanten om me heen. Dat kan ik iedere singer-songwriter aanraden, maar ik ontdekte toch vooral wat de meerwaarde van een echt bandje is. Dick kan heel goed luisteren en voelt precies aan hoe hij mijn liedjes moet begeleiden. Die klik heb ik met niemand anders.'

Beeld Melle de Boer

Wie De Boers muzikale loopbaan observeert, ziet dat muziek en beeld gaandeweg naar elkaar toe groeiden, om nu - op Trouble - voor het eerst met elkaar te versmelten.

Niet voor niets gaat Smutfish optreden in filmhuizen, waar de muziek kan worden ondersteund door de tekeningen, waarvan hij een film maakte.Ze spelen niet in foyer of café, maar in de eigenlijke filmzaal: voor het doek, met het publiek op de klapstoelen of in het pluche en de Melleville II-animatie als levend decor.

De twee helften waarin de artistieke productie van Melle de Boer uiteenvalt hebben elkaar eindelijk volledig omhelsd en hebben het gesamtkunstwerk gevormd dat er vanaf het eerste moment in leek te zitten.

1. Smutfish

Koud van de kunstacademie richt beeldend kunstenaar De Boer een bandje op.

Als tiener stotterde Melle de Boer nog veel erger dan nu. Hij vond zichzelf een buitenstaander en dook vaak onder in het tuinhuisje van zijn ouders. Hij nam er zijn eigen liedjes op over zijn 'angstjes en probleempjes', zoals hij dat nu uitdrukt. De naam van zijn bandje moest 'boos en een beetje viezig' zijn.

'Ik wilde klinken als Leonard Cohen en Neil Young, al was het maar om mijn vader te plezieren. Mijn schilderijen en tekeningen hield ik strikt gescheiden: het moesten op zichzelf staande uitingen zijn. Een tekening voor de hoes, vooruit, maar verder ging het niet.'

Beeld Melle de Boer

De albums Lawnmower Mind (2004) en Through A Slightly Open Door (2006) kregen prachtige recensies, maar hij leefde toch vooral van zijn beeldend werk. Toch ging het ook zijn band voor de wind: het Duitse platenlabel Hazelwood Records bood Smutfish een contract aan. Het volgende album zou in Duitsland worden opgenomen, maar één ding beviel de baas van Hazelwood niet zo: die bandnaam.

'Smutfish deed hem aan schmutzig denken', zegt De Boer. 'Hij vond de bandnaam negatief en drong aan op een nieuwe. Die hebben we toen maar verzonnen.'

2. John Dear Mowing Club

De gitaarband wordt een solovehikel voor steeds persoonlijker liedjes, die ook raakvlakken krijgen met zijn tekeningen.

'Aanvankelijk was John Dear Mowing Club gewoon een nieuwe naam voor dezelfde band', zegt De Boer, 'en de verhouding tussen muziek en tekeningen veranderde aanvankelijk ook niet. Toch zou het al snel een heel andere band worden dan Smutfish.'

De totstandkoming van het titelloze eerste album, dat uiteindelijk in 2008 zou verschijnen, was een 'ellendige ervaring', zegt hij nu, die de band deed verbrokkelen.

'In Smutfish schreef ik de liedjes en liet ik de band vrij in de manier waarop ze die muzikaal inkleurden. Maar nu hadden we een Duitse producer die 's ochtends al aan de drank ging en steeds tegen onze gitarist Dick stond te schreeuwen dat hij het anders wilde hebben.' Gevolg: spanningen. 'Er ging iets stuk', zegt De Boer. Dick Zuilhof had er na de voltooiing van het album geen zin meer in, liet weten dat hij na de tournee zou stoppen, waarop De Boer hem te kennen gaf dat hij beter meteen kon vertrekken.

'We hebben elkaar jaren niet gesproken en gingen verder als trio, Dat ging een paar jaar goed, maar toen stapte onze bassist ook op en besloot ik dat ik solo verder wilde. Ik vond dat ik als songschrijver maar eens met de billen bloot moest: liedjes schrijven die echt alleen van mij afkomstig konden zijn. Net als mijn tekeningen.' Het tweede John Dear Mowing Club-album nam De Boer in zijn atelier op, alleen of met hulp van steeds andere muzikanten. 'Naarmate mijn liedjes persoonlijker werden, merkte ik dat ze gevoelsmatig dichter bij mijn schilderijen en tekeningen kwamen te liggen, al was er nog geen rechtstreeks verband.'

Het werd tijd ze voor het eerst samen te brengen. Er verscheen een single waarbij een zeefdruk hoorde. Het tweede John Dear Mowing Club-album (2010) was gestoken in een zwart boekje met schilderkunst en tekeningen, en droeg de naam van het fictieve stadje dat De Boer schiep toen hij vaststelde dat hij nu niet alleen als tekenaar en schilder, maar ook als tekstdichter zijn eigen stem had.

'Ik wil geen teksten schrijven met behulp van een Engels woordenboek. Ik wil geen native speaker naast me die woorden aanreikt. Mijn teksten komen voort uit de Engelse woorden die ík paraat heb en ik rangschik ze op mijn manier. Als dat taalfouten oplevert, dan horen die er blijkbaar bij.'

Gekje Kijken

Wie de aangrijpende documentaire The Devil And Daniel Johnston (2005) heeft gezien, begrijpt wat Melle de Boer overkwam toen zijn band vanaf 2006 driemaal als begeleidingsband op tournee ging met de labiele, opvliegende Amerikaanse cultzanger (de eerste keer nog als Smutfish, daarna tweemaal als John Dear Mowing Club). De Boer: 'Het was een geweldige ervaring, maar ook een pijnlijke. Daniel vindt optreden vreselijk. Hij was bang, soms boos, en vertelde elke avond dezelfde mop aan het publiek, als houvast. Een deel van het publiek kwam niet voor de muziek, maar om gekje te kijken. Wij respecteerden hem en stelden ons in dienst van zijn liedjes. Ik denk dat hij dat voelde.'

Beeld Melle de Boer

3. Melleville

Liedteksten, schilderijen en tekeningen van Melle de Boer komen uit één bron: de Melleville-stichting.

De Boer schreef eindelijk zoals hij al jaren tekende: in vriendschap met de imperfectie. Beeld en tekst waren nu afkomstig van één en dezelfde plek, een plek die hij in zijn hoofd de verschijningsvorm gaf van een fictief stadje: Melleville.

'Als kind las ik graag superheldenstrips. We willen allemaal wel zo'n superheld zijn, terwijl we toch heel goed weten dat ze nep zijn en helemaal niet bestaan. Dat gegeven fascineerde me. In Melleville wonen superhelden die zijn ontmaskerd en uitgerangeerd: tegen wil en dank weer gewone sterveling geworden. Melleville is een kolonie voor losers. De artistieke uitingen die werkelijk over mij gaan, komen uit Melleville. De gitaarakkoorden niet.'

Het was hem duidelijk dat tekst en tekeningen nog dichter naar elkaar konden groeien en elkaar verder konden versterken. De beslissende stap zette hij door 'simpel' te gaan tekenen: viltstift op A4'tjes.

'De tekeningen in het eerste Melleville-boekje waren nog bewerkelijke kunstwerken, gemaakt op grote vellen, met verschillende materialen. Daardoor bleef afstand tot de muziek bestaan.

'Toen ik de behoefte voelde om tekeningen te maken bij nieuwe liedjes, heb ik die afstand verkleind: één velletje A4, daarop moet het gebeuren, heel snel. Het is best lastig om jezelf dat achteloze op te leggen. Al mijn eerdere schilderijen en tekeningen zijn nodig geweest om voor Melleville II zulke mooie 'stomme' tekeningen te kunnen maken.'

Beeld Melle de Boer

4. Smutfish

Liedteksten en viltstifttekeningen worden één. Tijd om de kunst van Melleville naar de muzikale context van een band te brengen.

De tekeningen die Melle de Boer tien jaar geleden nog streng gescheiden wilde houden van de muziek van Smutfish, zijn bij de wedergeboorte van de groep één met de muziek.

'Achteraf is John Dear Mowing Club de naam geweest waaronder ik allerlei fouten kon maken en met wisselend succes dingen heb geprobeerd die ik mezelf heb opgelegd. Alleen zó kon Melleville ontstaan. Nu is er dan eindelijk een Smutfish-plaat uit Melleville.'

Hij werkt gelijktijdig aan liedjes en tekeningen. De grens tussen de disciplines lijkt voorgoed weggevallen.

'Vaak begint het met iets wat ik op straat zie, iets kleins, zoals een vogel die landt op de zijspiegel van een geparkeerde auto. Dat is een mooi beeld, een mooie zin ook, en dan ga ik ermee aan de slag. Meestal is er eerst een tekstregel voor een liedje. Daarna maak ik er dan een tekening van. Het mooie is: in die tekstregel is die vogel gewoon een vogel, maar dankzij de tekening wordt het míjn vogel. Als je dat te vaag vindt, moet je het maar zeggen.'

Smutfish: Trouble. Excelsior/V2. Live: Filmhuis De Keizer, Deventer, 6/3. Daarna tournee.

Beeld Melle de Boer
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden