interview

Meindert Talma’s liedjes zijn als een groene oase op de dorre akker van de Nederlandse voetbalmuziek

Liedjesschrijver en muzikant Meindert Talma. Beeld Daniel Cohen
Liedjesschrijver en muzikant Meindert Talma.Beeld Daniel Cohen

De Volkskrant zocht de muzikant op in Noordhorn en vroeg hem: wat maakt een voetballer geschikt voor een portret in liedvorm?

Eigenlijk zou elke Nederlander nog voor de officiële start van Euro 2020 (vrijdag 11 juni) Meindert Talma’s vrolijke ode aan Frenkie de Jong uit het hoofd moeten leren. Dan is het meteen gedaan met het sluimerende chagrijn rond de voetballers van Oranje, met de nevel van pessimisme die aan de vooravond van het uitgestelde EK-toernooi rond het Nederlands elftal hangt.

Hee Frenkie de Jong zal je hoofd niet meer verlaten. Je interne transistorradio zal het afspelen zodra de middenvelder uit Arkel op het televisiescherm de bal beroert: ‘Daar is-ie, in z’n hoodie/ Hee Frenkie, hoe is-ie?/ Trainingssessie met Messi/ Hee Frenkie!’

Laten we het maar gewoon zeggen zoals het is: de komende weken zijn de voetballiedjes van Meindert Talma onmisbaar. Hee Frenkie de Jong staat op het onlangs verschenen Minna, alweer zijn derde album met voetballersportretten in liedvorm, na Eenmaal Oranje (2012) en Balsturig (2019).

Het begon min of meer toevallig, toen Karel Smouter en Remco den Boef hem vroegen om een paar liedjes te maken bij hun boek Eenmaal Oranje (2012), over voetballers die één interland hadden gespeeld. Het maakte iets in hem wakker. Hij bleef voetballiedjes schrijven en vond zo eigenhandig het genre van het biografische Nederlandstalige voetballied uit.

Talma (52) serveert koffie met een mergpijp, blootsvoets en in korte broek, thuis in het Groningse dorp Noordhorn. Met zijn gezin bewoont hij er een mooie hoeve, ergens tussen het dorp van zijn jeugd (het Friese Surhuisterveen) en de stad Groningen, waar hij een kwarteeuw en zestien albums geleden, als student, aan zijn onvergelijkbare muzikale loopbaan begon.

Hee Frenkie is een van de vrolijkste voetballiedjes die ik schreef’, zegt hij. ‘Niet het meest diepgravende. Het is geïnspireerd door de vrolijkheid van Frenkie, door zijn lach. Dat spelen met al die woorden die eindigen op een i-klank vond ik leuk.’

Terwijl hij inschenkt, somt hij zijn eigen voetbal-cv op. Daar is hij gauw mee klaar: nooit bij een vereniging gevoetbald (‘ik was korfballer, voetballen deed ik op straat, met vriendjes’) en geen regelmatige stadionbezoeker, ook al omdat zijn twee dochters meer met theater en muziek hebben. ‘Ze zijn geen sportmeisjes. Ikzelf kijk graag voetbal op tv. Het eerste toernooi dat ik me herinner was het WK van 1978, toen ik 9 jaar was. Nederland haalde de finale, ik mocht opblijven, maar na negentig minuten moest ik écht naar bed. Voor aanvang van de verlenging dus.’

Bond voor Talma

In april opgericht door Talma’s platenlabel Excelsior Recordings: de Bond voor Meindert Talma. Leden doneren minstens 100 euro per jaar en stellen Talma (‘uit vrijgevigheid’) in staat zijn bijzondere werk te blijven maken. Leden ontvangen de maandelijkse Meindert Bode in hun mailbox en een uitnodiging voor de jaarlijkse bondsdag. De bond heeft al 125 leden.

Hij schreef veel over zichzelf, een uniek autobiografisch oeuvre, op een reeks albums die vanaf 1999 vaak een tweeling vormden met een autobiografische roman met dezelfde titel: van Dammen met ome Hajo (1999), een even droogkomische als ontroerende en charmante vertelling over opgroeien in een christelijk Fries dorp, tot Kelderkoorts (2013) en Je denkt dat het komt (2017), de eerste twee delen van de cyclus ‘Nederlands Onbekendste Popster’.

‘Maar over jezelf raak je ook wel eens uitgepraat’, zegt hij. En ziedaar, het leidde tot de geboorte van een nieuwe Talma-niche: het muzikale levensverhaal. Het album Werkman (2015) gaat over de door de nazi’s gefusilleerde kunstenaar Hendrik Werkman, aanvoerder van het Groningse collectief De Ploeg. Jannes van der Wal (2016) verhaalt over de getroebleerde damkampioen. Op De Domela Passie (2019) bezingt Talma de socialist, anarchist en noordelijke volksheld Ferdinand Domela Nieuwenhuis. Markante, maar ook tragische figuren, geworteld in de noordelijke provincies.

En voetballiedjes dus, 33 inmiddels, als je een ouder lied als het absurdistische Rummenigge (2001) even niet meetelt. Hij speelde ze de voorbije jaren live in voetbalkantines, tijdens voetbalavonden in theaters en in zijn eigen Grote Meindert Talma Voetbalshow, waarmee hij dezer dagen eindelijk weer ‘coronaproof’ het land in mag.

‘Mijn voetballiedjes hebben me nieuw publiek opgeleverd’, zegt hij. ‘Ik ben ontdekt door voetballiefhebbers die mijn werk anders niet eens gekend zouden hebben. Maar er zijn ook mensen die wél openstaan voor mijn platen over Werkman, Jannes of Domela, maar niet voor mijn voetballiedjes, omdat ze voetbal stom vinden.’

Vreemd eigenlijk, want het is allemaal 24-karaats-Meindert: de stijl, de stem, de melodieuze signatuur, het scherpe oog voor menselijke tragiek in een meestal lineair en chronologisch verteld levensverhaal, vaak vanuit het perspectief van de hoofdfiguur.

Voorbeelden?

De Tröckener Kecks hadden een ‘algemeen’ voetballied (Naar de top), de Nits refereerden aan een amateurvereniging (J.O.S. Days) en rapper Fresku bracht een ode aan Eindhoven en PSV (Eind hoger), maar biografische liedjes over voetballers? Stille Willem misschien, van Pisa, geschreven door Henk Spaan, op wiens voetbalgedichten Talma, met toestemming, drie Minna-liedjes baseerde. Na diep nadenken merkt Talma op dat er een Franstalig, overigens niet erg biografisch liedje over Johnny Rep bestaat. Dat klopt: Johnny Rep van Mickey 3D (2003), over de jaren 1979-1983, toen Rep (met zijn cheveux blonds, blonde haren) bij Saint-Étienne speelde. De liedjes op de voetbalplaylist die Volkskrant-journalist Menno Pot bij verschijning van Minna samenstelde, waren Talma bijna allemaal onbekend.

Talma’s voetbaloeuvre is als een groene, bloemrijke oase midden op de dorre akker van de Nederlandse voetbalmuziek. In Engeland wil het nog weleens voorkomen dat een band als New Order of The Fall een voetballied maakt, of dat de nationale ploeg wordt uitgezwaaid met een lekker stuk ska, maar bij ons? ‘Hier heeft de meeste voetbalmuziek een hoog polonaisegehalte. Veel volkszangers, een goedkope feestbeat en teksten waaraan doorgaans weinig zorg is besteed.’

Dat is bij Talma anders. Op zijn eerste twee voetbalalbums stonden liedjes over het verdwijnen van profclub Veendam (De Langeleegte), de drankzuchtige culttrainer Fritz Korbach (die ten onder ging aan wat hij zelf ‘papegaaiensoep’ noemde) en markante niet-internationals als Abe van den Ban, Stijn Vreven en Veendammer Jan Blijham (‘de man die niet uit zijn woorden kwam’). Maar in veruit de meeste van zijn voetbalsongs bezingt Talma het leven van Oranje-internationals, beroemd en minder beroemd, zodat zijn voetbaloeuvre zich laat beluisteren als een alternatieve geschiedenis van het Nederlands elftal.

‘Ik kan niet precies zeggen waarom de ene speler wel een lied krijgt en de andere niet. Ik ken ook niet zo veel voetbalmuziek, ik heb op dat vlak geen voorbeelden. Er moet een verhaal aan zo’n voetballer kleven. Er moet een aspect zijn dat me intrigeert. Als ik op zo’n verhaal stuit, in een tijdschrift of op tv, ga ik research doen: internet, boeken, tijdschriften. Dat kan dan een liedje opleveren.’

Hij noemt Dick Nanninga als voorbeeld. ‘Nanninga is een van de twee Nederlanders die scoorden in een WK-finale: de gelijkmaker tegen Argentinië in 1978. Maar wat mij greep, was het feit dat hij een jongen uit de Groningse Oosterparkbuurt was die nooit voor FC Groningen heeft gespeeld, terwijl hij dat heel graag had gewild. De club wilde hem op verschillende momenten niet hebben. Dat vind ik dan een mooi gegeven.’

Het kan van alles zijn. Willem van Hanegem kreeg een liedje omdat de tranen bij hem zo hoog zitten. Doelman Theo Snelders omdat hij voor zijn tweede interland tegen de Duitsers door stress werd overmand en bleef steken op eenmaal Oranje. Johan Cruijff omdat hij na zijn vader Manus ook oom Henk verloor, zijn ‘tweede vader’.

Meindert Talma in zijn huis in Noordhorn. Beeld Daniel Cohen
Meindert Talma in zijn huis in Noordhorn.Beeld Daniel Cohen

Op Minna staan, behalve de vrolijkste en luchtigste (naast Frenkie ook het namenlied Oekie Hoekema) ook zijn aangrijpendste voetballiedjes. Minna was de bijnaam van Humphrey Mijnals, de eerste Surinaamse Oranje-international, die in het Nederland van de jaren vijftig met stuitend racisme te maken kreeg.

Baai van Ambon, over Simon Tahamata, gaat over het Molukse verdriet van de kleine dribbelaar die doorbrak in 1977, het jaar van de Molukse treinkapingen bij Wijster en De Punt. ‘In het tv-programma Avro’s Wie-kent-kwis van Fred Oster had je de caviarace/ Al die cavia’s hadden een BN’ernaam/ De bruine heette Simon Tahamata.’ Geen Nederlander begreep zijn pijn.

En dan is er nóg een liedje over een speler van nu, die we tijdens Euro 2020 in actie zullen zien. Leeuwenhart gaat over Memphis Depay, die een moeilijke en door pesterijen geteisterde jeugd kende, maar op de been bleef dankzij zijn diepe geloof in God: ‘Ik dank Hem óók voor alle pijn die ik heb geleden/ Dat heeft me gemaakt tot de persoon die ik nu ben.’

‘Er zijn veel voetballers die een kruisje slaan of een gebedje doen’, zegt Talma, ‘maar Depay gaat veel verder in het uitdragen van zijn geloof, ook op sociale media. Hij neemt het heel serieus. Dat vind ik bijzonder.’

Welke speler van de huidige Oranje-generatie zou in aanmerking kunnen komen voor een Talma-lied? Hij denkt even diep na.

‘Bij de meeste zie ik het verhaal nog niet. Misschien Daley Blind, omdat zijn vader óók een succesvolle voetballer was, die ook een tijd de trainer van zijn zoon was. Vader en zoon, dat is een mooi thema. De concurrentiestrijd: wie wint meer prijzen? Ik zal voetballiedjes blijven maken, maar na Minna wordt het eerst tijd voor andere dingen.’

Zoals, om te beginnen, deel 3 van ‘Nederlands Onbekendste Popster’. Nederlands Bekendste Muzikale Voetbalbiograaf werkt er al aan.

Meindert Talma: Minna. Excelsior/V2.

10/6, Vera, Groningen (Meindert, Igor, De Jonge Boschfazant, PePr & Kesanova Show); 13/6, TivoliVredenburg, Utrecht (De Grote Meindert Talma Voetbalshow).

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden