Meeslepende mysteries rond een heilige familie

Een echte Coetzee, zoals De schooldagen van Jezus, waarvan Nederland nu de primeur heeft, ontcijfer je niet zomaar.

Beeld Viviane Sassen

Een wereldpremière van een Nobelprijswinnaar moet je niet proberen in één enkele leeservaring te doorgronden, zelfs als die ondersteund wordt door een gesprek met vrienden die de tekst ook bestudeerd hebben. Dat geldt zeker als het een boek van Coetzee betreft. De vele hele en halve verwijzingen naar filosofie, religie en literatuur waar hij het patent op heeft, vragen erom in een geduldige herlezing ontcijferd en met elkaar verbonden te worden. Een snelle eerste gooi ernaar blijft een waagstuk.

De schooldagen van Jezus is een direct vervolg op De kinderjaren van Jezus dat in 2013, ook als wereldpremière, in Nederlandse vertaling verscheen. Daar beten de interpretatoren al hun tanden op stuk. Simon, een man van middelbare leeftijd, heeft zich ontfermd over een jongetje van 5 dat zijn ouders is kwijtgeraakt en dat de naam David krijgt. Zijn eigen naam mag dan wel direct naar Petrus, de discipel van Jezus, verwijzen, met de naam van de jongen wordt dat ingewikkelder. Natuurlijk verwijst David naar de voorvader van Jezus, maar diens naam zelf valt nergens in de twee boeken. Voeg daarbij dat David herhaaldelijk beweert dat dit niet zijn 'echte' naam is en het mysterie lijkt compleet. Hoe moet dit eigenzinnige, vroegwijze, verwende ventje geduid worden? Wat is zijn echte naam, die hij alleen maar voor de goede verstaander met dansen lijkt te kunnen onthullen? Ook Simon blijft als personage, zeker in het eerste boek, vooral een raadsel. Als vluchteling is hij met David over het water in 'een nieuw leven' aangekomen. Al hun herinneringen aan een vorig bestaan lijken door de golven te zijn weggewassen. Zo krijg je weinig greep op hem. Hij zegt geen herinneringen te hebben, maar waarop berusten dan zijn meningen en oordelen, die allesbehalve gratuit zijn?

In De schooldagen van Jezus krijgen we meer sleutels in handen om de personages te duiden. De filosofie van Plato, die in het eerste deel al een grote rol speelde, staat hierbij centraal. De zielen van Simon en David komen, net als die van de andere bewoners van het land waar ze zich gevestigd hebben, uit een eerder leven.

Fictie

J.M Coetzee
De schooldagen van Jezus
Uit het Engels vertaald door Peter Bergsma. Cossee, 314 pagina's. €19,95.

J.M. Coetzee Beeld afp

Als zielen hebben ze, zo stelt Plato in De Staat, een keuze gemaakt voor een bepaalde nieuwe levensloop, die weer in een reïncarnatiecyclus tot een nieuwe, voor mensen onvermijdelijke dood zal leiden. En net als bij Plato, zijn ze door het water van de Lethe (vergetelheid) 'alles' uit een vorige levensloop vergeten. Dat leidde tijdens het verblijf in Novilla uit De kinderjaren van Jezus tot wat vlakke personages die zonder grote emoties met elkaar omgingen. In Estrella, de sterrenstad waar het tweede deel zich afspeelt, krijg je meer zicht op hun motieven en handelingen. Hier komt ruimte voor vage herinneringen aan 'een vorig leven', wat gepaard gaat met de hartstochten en het geweld dat we uit veel boeken van Coetzee kennen. Net als in Plato's grot gaat het hier nog om 'schaduwherinneringen', die alleen met muziek en dans verwoord lijken te kunnen worden. Er is een uitgebreide opleiding voor nodig om ze te incarneren. David krijgt deze opleiding, waar de nuchtere pragmaticus Simon niets van begrijpt. De ziel moet hierdoor volgens Plato 'van het wordende naar het zijnde' worden getrokken. Net als bij de klassieke wijsgeer is dat bij Coetzee nauw verbonden met getallenmystiek. David moet leren de getallen net als de sterren uit de hemelse sferen naar beneden te dansen.

De filosofische lijnen vanuit vooral Plato worden steeds doorkruist met bijbelse verwijzingen. Met Inés, de door Simon uitgekozen moeder van David, die net als Maria maagd is, vormen de twee mannen duidelijk 'de heilige familie'. Aan het slot van De kinderjaren van Jezus zijn ze op de vlucht voor de wereldse autoriteiten die de jonge David willen arresteren en opsluiten. In Estrella hopen ze, zo zegt de slotzin, 'een nieuw leven te beginnen'.

'Zal er een nieuw leven in Estrella mogelijk zijn', luidt de vraag waarmee het vervolgdeel opent. Het antwoord lijkt positief uit te vallen, al vermoed ik dat we tot een volgend deel moeten wachten voor de volledige ontknoping. De vaak geuite wens van David om 'mensenredder' te worden, komt hier in elk geval nog niet tot vervulling. Daarvoor moet hij nog te veel, allereerst op de dansacademie, leren.

Raamvertelling

Coetzee zou zijn reputatie niet gestand doen zonder literaire verwijzingen. Als meest kostbare schat sleept David Don Quichot overal met zich mee. Realiteit en verbeelding buitelen hierbij over elkaar. De windmolens die de Spaanse edelman bestrijdt omdat hij ze voor reuzen aanziet, blijken voor David levensecht te zijn. Simon probeert hem terug te brengen naar een realistische visie, maar blijkt zelf nog meer door de fictie bevangen te zijn. Niet Cervantes is voor hem de auteur, maar het door de Spanjaard bedachte personage van Benengeli, een Arabisch historicus, die de tochten van Don Quichot beschreven zou hebben. Verschillende episodes uit de ridderroman passeren met commentaar de revue in De schooldagen van Jezus.

Daarnaast dient Don Quichot voor Coetzee duidelijk als voorbeeld van een raamvertelling. Want net als Cervantes vlecht hij min of meer zelfstandige losse verhalen door de hoofdlijn van zijn roman. De belangrijkste is ongetwijfeld de geschiedenis van de moord op Ana Magdalena, die hier net als in de christelijke traditie zowel heilige als hoer is. Met de Russisch klinkende naam van Dmitri, haar minnaar en moordenaar, belanden we helemaal in het universum van Coetzee dat we uit veel vorige boeken kennen - natuurlijk allereerst De meester van Petersburg waarin Dostojevski de hoofdpersoon is. Schuld en boete, berouw en vergeving zijn de grote thema's die hier aan de orde komen. In een opwelling van hartstocht die hij zelf niet begrijpt, doodt Dmitri zijn geheime geliefde. Net als Raskolnikov in Dostojevski's Schuld en boete wil hij naar de zoutmijnen om zijn straf te ondergaan. Maar in tegenstelling tot Raskolnikov schrikt hij hier uiteindelijk voor terug. Hij wil ook niet door David 'gered worden' en valt alleen de echtgenoot van Ana Magdalena lastig met een smeekbede om snelle en gemakkelijke vergeving.

Coetzee sleept je meestal zo door zijn verhaalkunst mee, dat je de vele symbolische verwijzingen pas bij herlezing ontdekt. In De schooldagen van Jezus is dit veel minder het geval is. De rode draad in het verhaal is daarvoor niet dwingend genoeg. Vandaar misschien de raamvertelling waarin de auteur veel verschillend materiaal kwijt kon.

De schooldagen van Jezus kun je een bildungsroman noemen; alleen wordt niet de jonge David, maar de volwassen Simon langzaam gevormd voor een nieuw leven. Het verrassende einde kondigt zich met veel voorbereidende stapjes aan. Simon onderwerpt zich aan een danstraining en wordt overspoeld door 'een gevoel van gelukzaligheid'. 'Met zijn armen uitgestoken, zijn ogen dicht, schuifelt hij traag in een kring rond. Boven de horizon komt de eerste ster op.'

'Wordt vervolgd', zou ik er onder zetten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden