Meer artist dan pompbediende

'Wij zijn géén popsterren, wij maken liedjes voor het theater.' Toch treedt het cabaretduo Thomas Acda en Paul de Munnik op in uitverkochte popzalen, vol dwepende vrouwelijke fans....

MARCO BORSATO trok zijn allerwitste coltrui aan en vloog, tot in de puntjes voorbereid, naar IJsland om een videoclip op te nemen. Thomas Acda en Paul de Munnik gingen naar New York en zouden daar wel zien.

In nauwelijks tweeënhalve dag maakte het duo filmshots voor Laat me slapen, de nieuwe single die sinds vrijdag in de platenzaken ligt. Met een beetje geluk levert dat nummer weer een gouden plaat op. Van cabaretier tot popster?

Acda: 'Laatst vroeg zo'n journalist me: hoe voelt het eigenlijk het om muziek te maken voor een groot publiek? Ik zeg: Weet ik veel! Stel die vraag maar aan Marco Borsato.'

De Munnik: 'Een popster moet niet de kleinkunstacademie doen. Daar word je opgeleid tot, euh, zelfstandig kunstenaar.'

Acda: 'Tot artist. Artisten zonder ''e''. Ja meneer, wij voelen ons artist. We zijn in ieder geval meer artisten dan pompbedienden. Dat gevoel heb ik wel, in ieder geval.'

Een gesprek met Thomas Acda (31) en Paul de Munnik (27) is een enerverende gebeurtenis. Het ene moment gaan ze in alle ernst in op een vraag, het volgende ogenblik antwoorden ze in de vorm van snelle een-tweetjes van jongens die uitstekend op elkaar zijn ingespeeld.

Een voorbeeld. Hoe komt het dat zoveel meisjes en vrouwen voor het duo wegsmelten?

Acda: 'Is dat zo?'

De Munnik: 'Nou je het zegt. Wij zijn de ideale mannen.'

Acda: 'Niet waar. Ik ben een rotzak, jíj bent de ideale man.'

De Munnik: 'Klopt. Ik ben de ideale schoonzoon.'

Acda: 'Dat is echt Paul: hij kan het leven rozer dan roze kleuren.'

De Munnik: 'Laat dát maar aan mij over.'

Laat me slapen, de nieuwe single die gisteren verscheen, komt van de cabaretvoorstelling Acda en De Munnik Deel II, met als ondertitel Life is what happens to you while you're busy making other plans - John Lennon.

'Het leven is wat je gebeurt, terwijl je andere plannen maakt' - het motto lijkt Acda en De Munnik op het lijf geschreven. Ze kregen gouden platen voor hun cd Acda en De Munnik en voor hun single Niet of nooit - nog steeds hoog in de hitlijsten.

Dus nogmaals de vraag: zo ben je cabaretier, zo ben je popster.

'Nee, wij zijn géén popsterren, wij maken liedjes voor het theater', reageert Thomas Acda na de soundcheck voor een 'miniconcert' in popzaal Tivoli aan de Utrechtse Oudegracht - uitverkocht uiteraard.

'Maar zo'n concert is natuurlijk wel leuk', zegt De Munnik. 'Als jochie van een jaar of acht speelde ik al ''rocksterretje'' voor de spiegel. Het rare is dat als het dan echt gebeurt, de euforie niet zo groot is als in je droom. Het publiek gaat natuurlijk meeklappen en juichen. Maar, en dit bedoel ik niet arrogant, het is logisch dat dat gebeurt. Dat hóórt bij een popconcert.'

Maar ze houden het puur, zowel bij een popconcert als in de schouwburgen: twee stemmen, een gitaar en een piano. Plus, niet te vergeten, David Middelhoff, die ook een aantal teksten van Acda en De Munnik op muziek heeft gezet. 'Hij is de beste componist van Nederland', zegt Acda.

Alleen op de cd worden ze begeleid door een grotere band: Kasper van Kooten op drums, Diederik van Vleuten op keyboards en Hammond-orgel. 'Live spelen we met z'n drieën, maar in de huiskamer heb je iets extra's nodig', zegt De Munnik.

Hun tweede cd, Naar Huis, ligt vanaf 7 september in de platenzaak. Anderhalve week geleden mochten vrienden en de bandleden het afgemixte album voor het eerst beluisteren. Acda en De Munnik luisterden geconcentreerd, spiedend naar reacties. 'In het vliegtuig uit New York had ik 'm al twee keer gehoord', zegt De Munnik. 'Ik was niet ontevreden, maar de twijfel blijft. Ik vond het spannend om bij de luistersessie te zien wat de anderen ervan vonden, nu de cd helemaal af was.'

De reacties waren - terecht - heel positief. Nog mooier dan het vorige album.

En dan weer de kwinkslag van Thomas Acda: 'Ik had graag gezegd dat de nieuwe cd slechter is dan het vorige album. We hadden deze cd Je moet de eerste kopen, die is veel beter willen noemen.'

Thomas Acda, geboren in Amsterdam, getogen in het Noord-Hollandse De Rijp, speelde op de middelbare school in popbandjes en wilde net als zijn vader het reclamevak in. Hij koos echter voor de lerarenopleiding, vond het niks, stapte over naar de toneelschool en vond het twee keer niks. Het werd de Akademie voor Kleinkunst.

Daar werd hij dikke maatjes met Paul de Munnik, de jongen uit Dronten die na een jaartje conservatorium tot de conclusie kwam dat een studie klassieke piano het niet was. 'Het was niet genóeg', preciseert hij.

Beiden kregen in september 1993 de Pisuisseprijs, voor de meestbelovende studenten van de Akademie. Hoewel ze op de Akademie veel samen deden, gingen ze vervolgens hun eigen weg. Paul de Munnik koos voor de jeugdtheatergroep Wederzijds, werd docent kleinkunst en was explicateur bij het Nederlands Filmmuseum.

Thomas Acda tourde door het land met zijn band Herman En Ik en speelde in de comedy In voor- en tegenspoed. Later, hij was alweer herenigd met De Munnik, speelde hij ook in de film All Stars en zat hij in het panel van het satirische tv-programma Dit was het nieuws.

De Munnik: 'We bleven goede vrienden, zagen elkaar geregeld in de kroeg. Na een jaar besloten we samen te gaan werken. Jij wilde stoppen met Herman En Ik.'

Acda: 'Die band was me te weinig. Ik wilde niet de rocker uithangen. Ik wilde méér. En ik wil dat je een liedtekst kan voordragen als een gedicht. Dan is het goed. Ik wilde weer vertellen. In het theater kun je een verhaal vertellen, dat lukt niet in een concertzaal.

'Ik ben een groot fan van Freek de Jonge. Zoals Freek een verhaal kan vertellen, dat vind ik prachtig. Of neem Helmert Woudenberg. Hij kan een monoloog brengen met acht personages, van wie ik de namen niet eens kan uitspreken. Hoe is het toch mogelijk dat ik al die figuren in levenden lijve voor me zie als hij vertelt?'

De Munnik: 'Toen we zelf teksten voor een voorstelling gingen maken, heeft het nog zeker twee jaar geduurd voor we eruit waren. Het kostte moeite om de juiste vorm en stijl te vinden, een mengeling van pop en cabaret. Dagenlang sloten we onszelf op in een hokje van een kraakpand, allebei met een typemachine voor onze neus. Gewoon proberen. Het was echt zoeken.

'Maar vanaf het begin was ik ervan overtuigd dat het ons zou lukken. Ik ben niet zo extravert, Thomas is daar veel uitgesprokener in, maar ik heb wel altijd al van het podium gedroomd. Het is geen ijdelheid, ik voelde dat ik dat móest doen. Piano spelen, zoals op het conservatorium, was me niet genoeg. Als ik zing, dan weet ik: dit is wat ik wil.

'Ik wist niet wannéér het Thomas en mij zou lukken om door te breken, als je dat zo moet noemen. Ik wist ook niet hóe groot ons succes zou worden. Je spreekt zoiets niet hardop uit en eigenlijk wil je het voor jezelf niet toegeven, uit bescheidenheid misschien. Maar ik voelde: dit komt goed.'

Acda: 'Dat gevoel heb ik helemaal nooit gehad. Na Herman En Ik was ik mijn zelfvertrouwen met zingen kwijt. Ik wist alleen: ophouden met Paul is zonde.'

Het gaat goed, maar het moet nog veel beter, vinden ze. Het tweede theaterprogramma ging in mei in première; de recensies waren zonder uitzondering zeer lovend.

Maar toen ze dit voorjaar met de try-outs van hun nieuwe cabaretvoorstelling begonnen, waren ze bang dat het publiek alleen voor de liedjes kwam en niet voor het cabaret. 'Het is natuurlijk niet de bedoeling dat het publiek naar huis gaat met het idee: leuke liedjes, en vergeten is waar onze verhalen over gaan', zegt De Munnik.

Acda: 'Daarom geven we nu een voorgift. Als de zaal volloopt, spelen we al een aantal liedjes. Paul zit met zijn rug naar het publiek, ik zit met mijn gezicht in zijn richting. Als het zaallicht dan dooft, kunnen we gewoon met het nieuwe programma beginnen.

'Maar het heeft ook weer veel moeite gekost om het programma voor elkaar te krijgen. Ik vertrouwde het niet, vond het lang te plat, ik zocht naar helderheid.'

De Munnik: 'We hebben een paar pijnlijke try-outs gehad voor het programma helemaal klaar was. Gooiden we het programma om, gingen we spelen, snapte het publiek niet wanneer het afgelopen was.'

De zoon van god was terug op aarde, mam

Zelfde boodschap, zelfde haar

En all you need is love, zo mooi

maar kennelijk niet waar

(Laat me slapen)

Acda: 'Laat me slapen, onze nieuwe single, gaat over een jongen van een jaar of dertien, die op de radio heeft gehoord dat John Lennon is vermoord. Zelf doet het hem niet zoveel, maar hij weet dat zijn moeder een grote fan van hem is.'

De Munnik: 'John Lennon is een interessante man.'

Acda: 'Een icoon.'

De Munnik: 'En dood. Dat helpt als je een held wil worden.'

Acda: 'Maar Paul McCartney is ook goed. Die is 33 jaar getrouwd geweest met Linda. Hij heeft in al die jaren maar één nacht alleen geslapen, zonder haar.'

De Munnik: 'Dat noem ik nog eens trouw.'

Acda: 'Triest dat Linda dood is. De arme man. Nee, ik zit niet grappig te doen, ik meen het oprecht.'

De Munnik: 'The Beatles zijn voor ons een grote inspiratiebron.'

Acda: 'Ze zijn heel goed. Schrijf maar op: The Beatles zijn de besten. Zze Best. Heb je dat? Er is geen enkel nummer van The Beatles waar ik me aan stoor. Hoewel ik niet alles van ze ken. Maar alleen Paul McCartney kon Flaming Pie maken. Geweldig.'

De Munnik: 'Maar John Lennon schreef Imagine.'

Acda: 'Dat valt niet te ontkennen.'

De Munnik: 'Frans van Erkel, die we als regisseur hebben gevraagd voor de videoclip, riep: voor Laat me slapen moeten we naar New York, waar Lennon is vermoord. Wij lachen, natuurlijk. Maar twee dagen later zaten we mooi in het vliegtuig.'

Acda: 'Zo gaat het altijd bij ons. Tijdens het WK werden we gevraagd om naar Villa BVD te komen. We zeiden ja, en een dag later zaten we in het vliegtuig.'

De Munnik: 'Een leuk avontuurtje.'

Acda: 'Eigenlijk ben ik helemaal niet zo'n wilde jongen. Laatst zei mijn vrouw: ''Je bent helemaal niet avontuurlijk.'' Ik antwoordde: jawel, als ik maar weet waar het begint en waar het eindigt.'

Het duo laat zich intussen niet gek maken door het succes. Uitnodigingen voor tv-optredens en interviews nemen ze slechts sporadisch aan.

Acda: 'Als we dan bij hoge uitzondering toch in een tv-programma optreden, dan is men dodelijk verbaasd dat we per se live willen spelen, en niet met een DAT-cassette. Sorry, Acda en De Munnik hebben geen DATje.'

De Munnik: 'Geen Jan Riet-band voor Acda en De Munnik.'

Acda: 'Ik vind Koffietijd fantastisch, ik bedoel: Mireille Bekooy heeft er geen flauw benul van hoe oud ze is en Hans van Willigenburg wéét waar hij mee bezig is, maar wij hebben in zo'n programma niks te zoeken.'

De Munnik: 'Zo, jullie zijn eigenlijk net over het hoogtepunt van je roem heen. Hoe voelt dat nu?'

Acda: 'Wat gaan jullie nu doen?'

De Munnik: 'Hoe kijk je erop terug?'

'We willen', zegt De Munnik, 'niet opgebrand raken, zoals met succesvolle cabaretiers wel gebeurt die onder te grote druk staan. Wij kijken meer naar Lebbis en Jansen, die hebben het goed in de klauwen en zijn aan hun achtste programma bezig.'

Aan het begin van het gesprek, in het halfdonkere kassahok van Tivoli, gluurt Thomas Acda door de luxaflex naar het publiek dat door de geel-paars verlichte gang naar binnen komt.

Acda: 'Hé, komen er ook jongens? Shiiiit, dát is niet de bedoeling! Volgende keer moeten we dat duidelijk in het contract laten vastleggen, Paul'

De Munnik: 'We moeten nog veel leren.'

Tegen tien uur blaast de rookmachine wolken over het podium. 'Oh mensenkinders, ik sta nog niet op het podium en ik zweet al liters', zucht Thomas Acda een kwartier voor hij op moet. In de overvolle zaal is de temperatuur nog een paar graden hoger. De eerste zes rijen tellen alleen maar meisjes. Acda en De Munnik mogen tevreden zijn.

Dan komt het tweetal op, gevolgd door (bas)gitarist David Middelhoff. Het publiek is uitzinnig, zoals het hoort (Acda: 'In de schouwburg gilt juist niemand door onze liedjes heen, dat is daar de afspraak'). De Munnik gaat achter de elektrische Yamaha-piano zitten, Acda hangt de gitaar om zijn nek.

Alle bekende nummers, voor een groot deel tweestemmig gezongen, worden vanaf de eerste lettergreep versterkt door honderden kelen. Onbekende liedjes van de nieuwe cd krijgen een luid applaus. Aanstekers worden omhoog gehouden.

Na het concert draait de dj Marco Borsato, De meeste dromen zijn bedrog. Paul de Munnik leunt moe tegen de muur van de kleedkamer, handdoek in de nek, Thomas Acda trekt zijn kletsnatte T-shirt uit. Heupwiegend draait hij het boven zijn hoofd. 'Het blijft toch jammer dat ik er het lijf niet voor heb, anders had ik m'n shirt de zaal in geslingerd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden