Reportage Politie op social media

Mee met de politievlogger: ‘Wauw, dat ik door jou word aangehouden’

Agent Jan-Willem Schut heeft zijn politieauto geparkeerd om een stukje voor zijn vlog op te nemen. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

De Utrechtse agent Jan-Willem Schut (34) zet sinds drie jaar filmpjes over zijn werk op internet. Als reactie op negatieve berichtgeving. De vlogs zijn een hit. Maar Schut voelt ook het spanningsveld waarin hij zich begeeft.

Agent Jan-Willem Schut drukt het rechter pedaal van zijn politieauto stevig in. Hij zet zijn blauwe zwaailicht aan, schiet voorbij de rode stoplichten. Ongeval prio 2. Schuts hand gaat naar het zwarte kastje op het raam. Er begint een rood lampje te branden. Achter hem hangt nog zo’n zwart doosje. ‘Voor de over shoulder shots’, legt Schut uit, ‘daar kun je lekker mee spelen in de montage.’

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

In een Houtense nieuwbouwwijk treft de politieagent het slachtoffer van het ongeval. Hij zit verslagen tegen de banner van de lokale Thai, zijn vader monstert ongerust de schade. De bezorgde frons maakt plaats voor een gulle glimlach zodra Schut uit de auto stapt. ‘Jan-Willem!’, roept de vader verbaasd, ‘ik heb gisteren nog naar je vlog zitten kijken.’

Politie en sociale media

Steeds meer politieagenten begeven zich op sociale media. Er zijn bijna drieduizend politie-accounts actief die per week meer dan 10 duizend berichten delen. Met acties als ‘u vraagt wij flitsen’ en Facebook-chatsessies probeert de politie digitaal de verbinding te zoeken met de burger en hem actief te betrekken bij de ­opsporing. De accounts hebben ook een duidelijk marketingdoel. De tweets, blogs en vlogs genereren dikwijls nieuws dat ook door media wordt overgenomen. Zo wist een politieagent uit de Zaanstreek onlangs menig krantenkop aan zich gewijd toen hij een blog publiceerde over de merkwaardige vondst van twee verwaarloosde jongetjes in een flat. De agent mocht zelfs aanschuiven bij het actualiteitenprogramma Pauw.

Dit ongeval zou nog weleens de inleiding kunnen worden van een nieuwe aflevering, mijmert Schut als hij even later weer in zijn auto zit. ‘Even een shot van de ambulance erbij en dan over naar wat verkeerscontroles met een muziekje eronder.’ Hij heeft ook nog materiaal op de plank liggen van een dienst vorige week in Lexmond. Toen vond hij ’s avonds laat een hond op de A2. ‘Als ik daar dan nog wat aanhoudinkjes bij doe dan ben ik er misschien wel.’

Met meer dan 200 duizend volgers op YouTube, 103 duizend op Instagram, en een eigen fan-account, is Schut – beter bekend als ‘Politievlogger Jan-Willem’ – een van de bekendste agenten van Nederland. In zijn wekelijkse vlogs is te zien hoe Schut en zijn collega’s hardrijders beboeten, overvallers achtervolgen en soms gewoon uitleggen hoe de rollerbank werkt.

Schut begon er drie jaar geleden mee toen hij nog agent was in Almere. Hij vond dat er een tegengeluid moest komen tegen de negatieve bericht­geving over de politie in de media en op interfora. Wat begon als een wat amateuristische hobby, via de reacties onder zijn eerste YouTube-video’s leerde Schut hoe hij zijn telefoon moest vasthouden en het geluid moest opnemen, is de afgelopen jaren sterk geprofessionaliseerd. Schut zetelt ­tegenwoordig op de communicatie­afdeling van de politie en rijdt op verzoek diensten mee met collega’s, zoals vandaag in de regio Utrecht.

‘Mag ik je handtekening?’

‘Nee joh, Jan-Willem!’ Een jonge scooterbestuurder zonder helm lacht een zilveren tand bloot als Schut hem op het fietspad in Nieuwegein staande houdt. De jongen stapt van zijn scooter en loopt enthousiast op Schut af. ‘Jan-Willem, ik zweer je, ik wilde altijd al een keer door jou aangehouden worden.’ Hij graait in zijn buideltasje, maar vindt alleen een pakje Marlboro. ­‘Baboe!’, schreeuwt hij naar zijn vriend. ‘Heb jij een blaadje?’ En dan weer tegen Schut: ‘Jan-Willem, mag ik alsjeblieft je handtekening?’

Schut zet hoofdschuddend een krabbel op het toegestoken papiertje. De jongen komt er met een waarschuwing van af. ‘Soms als ik jongeren een bekeuring geef, zeggen ze: dankjewel Jan-Willem’, lacht hij. ‘Voor een bekeuring.’ Volgens Schut werkt het vloggen de-escalerend. Jongeren hebben meer respect voor de politie omdat ze weten wie er achter het uniform zit. ‘Vroeger ging de wijkagent koffiedrinken met twintig buurtbewoners en nu bereik je met een filmpje meer dan honderdduizenden mensen.’

Een jongen is lichtgewond geraakt, nadat een automobilist hem heeft aangereden op zijn scooter. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Dat brengt wel wat druk met zich mee. Als Schut na drie saaie diensten niet genoeg ‘content’ heeft, draait hij gerust nog een dienst in zijn vrije tijd. En ook zijn privéleven is niet meer heilig. Mensen willen graag weten wat Jan-Willem doet in zijn vrije tijd, wat hij draagt en met wie hij omgaat, weet Schut. Dus speelt hij daarop in. ‘Tijdens de vakantie deelde ik elke dag een ­vakantiefoto op Instagram, die deden het supergoed.’ Ja, natuurlijk werken die sociale media wel verslavend, en het gaat ook nog eens zeven dagen in de week door. ‘Als politie ben je eigenlijk al nooit vrij, maar nu ben ik echt 24 uur per dag aan het werk. Maar ja, het is toch je passie.’

Die toegenomen zichtbaarheid heeft volgens Schut wel een keerzijde: een fout kan ineens sky high gaan. Dat ondervond Schut toen hij zijn eigen beelden terugzag bij De ­Monitor. Volgens het journalistieke televisieprogramma zouden de personen in zijn video’s herleidbaar zijn. Bijvoorbeeld doordat hun adres of auto zichtbaar was. ‘Ik schrok me dood’, zegt Schut. ‘Ik dacht: als ik een gezicht blur dan is iemand onherkenbaar, maar zij hadden een totaal andere kijk op herleidbaarheid.’

Uit verder onderzoek van het programma bleek dat meer agenten, zoals politievlogger Tess, zich schuldig maakten aan dergelijke privacyschendingen. Daarop stelde de politie vorig jaar regels op voor het gebruik van sociale media. Zo mag een agent behalve het gezicht ook geen herkenbare tattoos, sieraden, vervoersmiddelen en locaties in beeld brengen. In de berichten mogen alleen geslacht, leeftijd en woonplaats van verdachten worden vermeld of, in het geval van een dorp met minder dan duizend inwoners, alleen de gemeente.

Lachgas

Ondanks de nieuwe regels kopte het onderzoeksplatform Pointer begin april ‘Jan-Willem weer de fout in’. Volgens de redactie heeft Schut onder meer het horloge van een verdachte in beeld gebracht en is de naam van een partner van een verdachte niet weggepiept. De politievlogger zucht. Die herleidbaarheid is niet zo zwart-wit, vindt hij. Wat de één een herkenbaar T-shirt vindt, vindt de ander niet herleidbaar. Bovendien: ‘Sommige mensen springen letterlijk op mijn nek om maar in beeld te ­komen. Laatst hadden we een vuur­wapengevaarlijke man aangehouden. Terwijl hij zijn handboeien om kreeg, draaide hij zich om en vroeg hij: hé Jan-Willem, wanneer komt dit op YouTube?’

De camera op de borst. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant


Toch is niet iedereen even happig om in beeld te komen. Een jongen die Schut aan het eind van zijn dienst in Utrecht staande houdt omdat hij in zijn auto een dozijn lachgasballonnen naar binnen werkt, kijkt ongerust naar de actiecamera op Schuts borst. ‘Ik wil liever niet op de film, man. En mijn auto ook liever niet.’ Dat wordt dus een groffe blur en zijn stem moet vervormd, mompelt Schut als hij weer achter het stuur kruipt. Een flinke operatie in de montage. Toch zal de politievlogger het fragment waarschijnlijk wel gebruiken voor zijn nieuwe aflevering. Lachgas in de titel gaat het namelijk goed doen op YouTube, omdat het onderwerp erg leeft bij de jeugd, weet de vlogger. Dan houdt hij plots stil. ‘Shit, ik had nog even een shot moeten ­maken van die lachgaspatronen.’

Zit er een limiet aan het aantal mensen dat je kunt kennen? Wat bewijst de uitslag van een schriftelijke test eigenlijk? In onze Grote Vragen Podcast beantwoorden we ‘vragen waar je nooit over na hebt gedacht maar plotseling dolgraag een antwoord op wilt hebben’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden